Stel je bent een beginnend schrijver die net een boek heeft gepubliceerd bij een gerenommeerde uitgeverij. Dan ben je gelukkig toch? Niet helemaal. Want als het boek er eenmaal is, begint het pas. Het moet verkopen. En vooral: het moet gelezen worden. Want een ongelezen boek is net zo erg als een ongepubliceerd boek. Auteurs doen er alles aan om naamsbekendheid te krijgen en te zorgen dat hun boek verkocht en gelezen kan worden (en die twee dingen zijn niet hetzelfde) De Amerikaanse schrijver Meghann Marco (die grappig is en niet zuigt zoals ze zelf zegt) heeft al een website, haar boek is verkrijgbaar op Amazon.com, maar dat vindt Marco niet genoeg. Ze bedacht een strategie om wel gelezen te worden: ze stelde haar uitgever voor om haar boek op te nemen in Google Print, een experimentele dienst van Google waarmee je kunt zoeken in boeken. Haar gedachte: als mensen een stuk uit mijn boek kunnen lezen, zullen ze wellicht eerder naar de boekenwinkel gaan om het te kopen. Haar uitgever, Simon & Schuster, vond het een waardeloos idee. Sterker nog, het bedrijf heeft Google Print voor de rechter gedaagd. Op kottke.org wordt gediscussieerd over de vraag of Google Print nu goed of slecht voor een schrijver is. En interessanter: of het voor de uitgevers goed of slecht is.
Eén reactie