Leon de Wolff: journalistiek moet vraaggericht zijn

Leon de WolffAfgelopen donderdag (2 februari 2006) organiseerde de Universiteit van Amsterdam een symposium met de titel: Om de gunst van het publiek. Na afloop sprak ik met een van de sprekers, Leon de Wolff, auteur van het boek De krant was koning. In dat boek houdt de Wolff een pleidooi voor vraaggerichte journalistiek. Journalisten, vindt De Wolff, moeten zich bij het benaderen van hun onderwerpen verdiepen in het perspectief van de lezer, en zich afvragen wat die lezer nu precies zou willen weten. Vanuit dat perspectief, betoogt de Wolff, zouden nieuwsorganisaties ook hun websites moeten opbouwen.

Luister (ca. 10 min) Eerdere podcasts Abonneer

 


3 reacties:

Frederik
7 februari, 2006

Omdat ik op mijn werk zit, kan ik de mp3 niet downloaden. Kan iemand die dat wel kan en de mp3 beluisterd heeft een samenvatting geven van zijn betoog.

Guido
13 februari, 2006

Het interview met Leon de Wolff komt kort samengevat neer op het volgende:

Centraal in het interview met Leon de Wolff zijn een aantal belangrijke veranderingen binnen de journalistiek.
Grosso modo kom dat neer op een tendens van afname van de institutionele journalistiek (traditionele kranten, tv-journaals) ten gunste van meer gedifferentieerde vormen (internet!). Publieksgerichte journalistiek vormt hiervoor een belangrijke leidraad. Hierbij wordt door de journalist zo goed mogelijk voldaan aan de informatiebehoefte van een bepaalde doelgroep. De kunst is dan om als journalist zo goed mogelijk van te voren in te schatten om welke informatie een bepaalde doelgroep (veelal onbewust) zit te wachten. E.e.a. staat geheel los van het genre waarin de journalist werkzaam is, omdat de effectiviteit van een bepaald genre erg kan verschillen met het type informatie, de doelgroep of de combinatie van beide. Het internet biedt voor alle genres de mogelijkheden (i.e. artikel, informatieve database, geluids- en videofragmenten etc.), combineert ze en voldoet aan de algemeen veranderende behoefte aan korter, sneller, en meer commercieel gerichte informatie). Tenslotte zijn de traditionele doorgeefluiken van nieuws (kranten, tv-programma’s) niet meer noodzakelijk om nieuws wereldkundig te maken. Veel nieuwsbronnen zijn zelf toegankelijk via hun eigen site en brengen hun eigen nieuws en informatie. Het onderscheidend vermogen van traditionele journalistiek ligt nu en in de toekomst vooral in de duiding en de onafhankelijkheid van het nieuws.

Frederik
14 februari, 2006

Guido, dank je wel voor het samenvatten van het interview!!
Uit dit betoog haal ik een paar belangrijke zaken:”De kunst is dan om als journalist zo goed mogelijk van te voren in te schatten om welke informatie een bepaalde doelgroep (veelal onbewust) zit te wachten.” Vooral het stukje tussen haakjes is belangrijk. Waarop zit het publiek te wachten? Onbewuste behoeften kun je niet destilleren uit enquêtes of gesprekken; juist hier komt – wat ik noem – journalistieke intuïtie om de hoek kijken. Hiermee staat of valt een medium; wie niet de informatie biedt die (een deel van) het publiek wil weten, zal niet gehoord of gelezen worden.

“Veel nieuwsbronnen zijn zelf toegankelijk via hun eigen site en brengen hun eigen nieuws en informatie. Het onderscheidend vermogen van traditionele journalistiek ligt nu en in de toekomst vooral in de duiding en de onafhankelijkheid van het nieuws.”
De eerste zin geeft precies aan waar de traditionele media zichzelf overschatten. Ze blijven hangen in het paradigma de nieuwsbrenger te zijn, terwijl selectie en duiding ook m.i. veel belangrijker zijn.
Ook de tweede zin kan ik onderschrijven, en daar wil ik aan toevoegen dat het een communinity-sausje gaat krijgen (of misschien ook al heeft). Groepen in de samenleving hebben een gezamenlijke beleving van nieuws en willen hun media daarop afgestemd zien, in de zin van selectie en schrijfwijze.


Laat een reactie achter »