
Martin Bril heeft een dagelijkse column in de Volkskrant. Hij schrijft boeken, onlangs ging een op zijn Vrij Nederland-column Evelien geinspireerde televisie-serie van start, hij treedt op met Bart Chabot en Ronald Giphart – en dan vergeet ik ongetwijfeld nog een heleboel.
Sinds twee maanden heeft hij ook een weblog. De Wereld van Martin Bril is in een aantal opzichten een afwijkend weblog. Zo vind je hier nauwelijks links. Geen obligate blogroll, geen verwijzingen naar andere sites, geen stukjes over andere stukjes op het web. Op de Wereld van Martin Bril treed je inderdaad binnen in De Wereld van Martin Bril en niets anders.
Voorlopig bestaat Brils weblog nog voornamelijk uit zijn dagelijkse Volkskrantcolumns en gedichten die hij speciaal voor zijn site schrijft. Anders dan in de krant plaats hij zo nu en dan ook een foto bij zijn stukken. Bril, die inmiddels zo’n duizend bezoekers per dag krijgt, heeft zich bij de opzet van zijn weblog niet door andere blogs laten inspireren. “Ik volg andere weblogs nauwelijks. De meesten bevatten particuliere praat, en zijn dus amateuristisch”, meldt hij per e-mail. “Soms surf ik er langs een paar om te kijken wat de mensen bezighoudt.” Bril beschouwt zijn weblog vooral als een “opstap naar een site, en de site moet weer de opstap zijn naar een digitaal station waar filmpjes, geluidsfragmenten, teksten, muziek een integraal geheel vormen.”
Bril ziet niet veel verschil tussen het schrijven voor een weblog en het schrijven voor een krant. “Voor mij maakt het niet veel uit”, zegt hij. “Maar ik kan me voorstellen dat ik voor de log korter, scherper en sneller zou moeten schrijven. Dit vang ik nu op in de categorie gedichten.” Ook denkt hij niet dat de vorm van journalistiek die hij beoefent – literaire, korte, observerende columns – speciaal op een weblog tot zijn recht komt. “Wat ik doe past eigenlijk beter in de krant, maar ik zie dit zoals gezegd als een opstap naar de toekomst.”
Bril is een weinig typische blogger. Niet alleen linkt hij niet naar andere sites, ook aan commentaar van bezoekers heeft hij een broertje dood. Alhoewel lezers wel kunnen reageren, zijn die reacties voor bezoekers niet te zien. “Ik haat discussies en reacties; ze zijn meestal van het niveau ‘Lul, hou je bek dicht’. En daar reageert dan weer iemand anders op en die roept: ‘Wat nou! Respect man!’ Zichtbare reacties van lezers leiden af van wat er te lezen is, en leggen de nadruk van de log te veel op wat de mensen er van vinden. Dat zoeken ze maar uit op hun eigen logs.”
Maar is het leuke van een blog nu juist niet dat de schrijver in discussie kan met zijn lezers, en dat lezers met elkaar van gedachten kunnen wisselen over wat ze net gelezen hebben? Bril: “Ik schrijf niet om te discussiëren, ik schrijf om het schrijven. In mijn beleving heb je schrijvers en lezers. Daarin ben ik een professional. Het zal best zo zijn dat veel van die lezers ook schrijven, of willen schrijven, maar daar heb ik geen boodschap aan. Voor mij is het een manier om mijn werk te presenteren. Het theater is een andere manier. Daar zit ik ook niet op interactie met het publiek te wachten. Interactie is de dood in de pot, en je laat al snel je oren hangen naar wat de mensen het leukst vinden. Ik doe in communicatie, dat is veel geraffineerder. Ik schrijf om in de hoofden van mijn lezers iets tot stand te brengen, dat moet particulier blijven – daar heeft de lezer recht op. Kunst is niet democratisch. Afstand is gezond.”
Voor Bril is zijn weblog nog slechts een vingeroefening. Hij heeft grootse plannen. In samenwerking met de Volkskrant wil hij binnenkort bijvoorbeeld gaan pod- en vodcasten. Het uiteindelijke doel is “een eigen station”. Uiteindelijk zal voor dat alles betaald moeten gaan worden. “De toekomst op het internet is betalen. Wat gratis is, kan niets zijn – een oude wijsheid die nu langzaam (in Amerika bijvoorbeeld) ingang vindt. Ik wil een complete wereld ontwerpen op het net, en tegen betaling kan men daar toegang toe krijgen. Dan is nog het geen kwestie van deelnemen voor de lezer / gebruiker. Het is mijn product.”
9 reacties