Nieuw Rotterdam: ‘Blad voor slimme mensen die van lezen houden’

De markt voor opiniebladen mag dan in het slop zitten, het weerhoudt journalisten er niet van om nieuwe bladen op te richten. Afgelopen najaar was er Pitch, nu is het de beurt aan Nieuw Rotterdam, met ex-hoofdredacteur van het NOS Journaal Nico Haasbroek als een van de initiatiefnemers.

Eind april verschijnt de eerste editie van het nieuwe blad, dat in eerste instantie tienmaal per jaar uitkomt, in een oplage van vijfduizend. Haasbroek wil met zijn initiatief iets doen tegen de persverschraling die de regio Rotterdam teistert. Na het verdwijnen van het Rotterdams Dagblad afgelopen najaar telt de stad nog maar twee dagbladtitels. Dat waren er ooit zes.

Nieuw Rotterdam staat voor een verbetering van het opinieklimaat in de havenstad, dat volgens de redactie van het blad te weinig voeling heeft met de mensen die er wonen. Haasbroek: “De bevolkingssamenstelling van Rotterdam is in de loop der jaren enorm veranderd, maar dat zie je niet terug in de media,” zegt de ex-hoofdredacteur van het NOS Journaal.“Wij gaan verhalen maken over de landen en culturen waar de nieuwe inwoners van Rotterdam vandaan komen.” Die multi-etnische benadering komt in het eerste nummer bijvoorbeeld tot uitdrukking in een achtergrondstuk over de Europese islam.

Hoewel de naam anders doet vermoeden, richt het blad zich niet exclusief op Rotterdam, net zoals de Groene niet uitsluitend op een Amsterdams publiek mikt. Toch suggereert de titel al dat het blad zich tegen de Amsterdamse hegemonie in opinieland keert. Haasbroek: “Alle opiniebladen zitten in Amsterdam, zelfs HP/De Tijd. Het is toch vreemd dat een grote stad als Rotterdam geen eigen blad heeft?”

Nieuw Rotterdam lijkt dus in dezelfde vijver te vissen als Elsevier, de Groene, HP/De Tijd en Elsevier. Toch heeft Haasbroek geen uitgebreid marktonderzoek gedaan voor hij aan het project begon. Heeft het blad voldoende bestaansrecht in een moeilijke bladenmarkt?

Haasbroek gaat vooral af op gesprekken die hij en zijn mede-initiatiefnemers voerden met verschillende groepen mensen. Hij rekent graag af met de ‘cliché-opvatting’ dat je altijd een duidelijk omlijnde doelgroep voor ogen moet hebben om te kunnen slagen als blad. “Wij richten ons op slimme mensen die van lezen houden.” Die lezers denkt hij te kunnen vinden in alle leeftijdsgroepen. De fixatie die veel media hebben met jongeren deelt Haasbroek niet. “Je moet niet modieus willen zijn om jongeren te bereiken. Ik ga er vanuit dat jongeren best langere stukken willen lezen, als je het maar slim opschrijft.”

Lokaal en mondiaal
Nieuw Rotterdam krijgt een politiek karakter, maar zal niet over Den Haag gaan, benadrukt Haasbroek. “Ik erger me aan de gemakzucht waarmee veel journalisten politieke vraagstukken benaderen. Issues worden opgehangen aan personen, meestal politici in Den Haag. Dat kan interessant zijn, als ze echt iets te melden hebben, maar wij richten ons liever op buurt- en wijkniveau enerzijds en mondiale politiek anderzijds. Dat de Europese Unie een steeds grotere rol speelt in de besluitvorming lijkt in de media te worden ontkend.”

Een pleidooi voor burgerjournalistiek, vergelijkbaar met het nieuwe opiniemaandblad Pitch? Haasbroek meent van niet, al worden artikelen van lezers wel geplaatst ‘als ze goed en slim geschreven zijn’. Nieuw Rotterdam krijgt ook een rubriek voor ingezonden brieven, maar op een blad dat vol staat met meningen van lezers zit Haasbroek niet te wachten.

Een uitgebreide multimediale benadering, zoals Pitch, krijgt het blad ook niet. Internet leent zich volgens Haasbroek niet voor de langere stukken tekst van Nieuw Rotterdam. In het ontbreken van een duidelijke politieke kleur komt het tijdschrift wel overeen met Pitch. “We hebben goed in onze omgeving rondgekeken en geconstateerd dat mensen geen behoefte hebben aan een blad dat voorschrijft hoe ze moeten denken.” Diversiteit, botsende opinies en vormvariatie staan daarom centraal in het nieuwe blad.

Daarmee tekent zich een opvallende tegenstelling af in opiniebladenland. Emile Fallaux kondigde onlangs tijdens een debat over de toekomst van het opinieblad aan dat Vrij Nederland zijn lezers na jaren van relativisme weer gaat vertellen wat goed en slecht is. Ook de andere grote opiniebladen houden, al dan niet openlijk, vast aan hun politieke grondslagen. Pitch en Nieuw Rotterdam doen het tegenovergestelde.

Haasbroek houdt er serieus rekening mee dat zijn Nieuw Rotterdam slechts een kort leven beschoren is. Geld voor het blad moet vooral van abonnees en adverteerders komen. Met wat fondsen en particuliere geldschieters sprokkelde Haasbroek voldoende geld bij elkaar om op te starten. “Zolang het project geen verlies draait doen we het goed.”

Haasbroek: “Ik ben een moderne anarchist. Ik doe wat ik leuk vind en probeer dingen uit. Als het niet werkt, jammer, dan ga ik iets anders doen.”

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>