Blognomics 2006 / Update: It’s the links stupid

Vanmiddag op Blognomics, in de Amsterdamse Rai, was Paul Molenaar zo vriendelijk een update te geven van de statistieken die hij vorig jaar presenteerde. Eerder deze week gebruikte ik die cijfers als argument bij mijn stelling dat mediaorganisaties op twee manieren naar weblogs (en andere vormen van Consumer Generated Media) moeten kijken. Weblogs zijn niet alleen plekken waar mensen zich uiten (zelf verhalen vertellen). Ze fungeren ook als filter op het informatielandschap (elkaar verhalen –elders op internet gevonden – aanraden). In zijn presentatie ging Molenaar onder meer kort in op de functie van CGM als filter. Later ging Hans Laroes (hoofdredacteur NOS-journaal) in op de manier waarop zijn organisatie omgaat met kijkers die ook zelf verhalen willen vertellen.

Eerst maar even de cijfers:

Molenaar turfde ook dit jaar weer het aantal verwijzingen op de weblogs van web-log naar verschillende Nederlandse media.

 

 

Ten opzichte van vorig jaar waren er een aantal veranderingen zichtbaar. Waar de traditionele media vorig jaar vrijwel onzichtbaar waren, zijn ze nu duidelijk met een inhaalslag bezig. Nu.nl is nog steeds veruit de populairste bron, maar de Telegraaf.nl mag er ook zijn. Toch is het gat nog erg groot. Opvallend vond ik wel het enorme verschil tussen NRC en de Volkskrant. (enige speculaties mijnerzijds: Zou dit te maken hebben met het feit dat de Volkskrant haar eigen weblogs is begonnen, en dat artikelen uit die krant vooral daar bediscussieerd worden? Of heeft de lancering van nrc.next wellicht extra stof (en verwijzingen) doen opwaaien in de blogosfeer? Of heeft het te maken met het registratiesysteem van de Volkskrant?)

Vraag is natuurlijk: waarom verwijzen webloggers zoveel meer naar nu.nl dan naar andere media. Vinden ze op die andere sites niets van hun gading? Waarschijnlijk is dat niet het geval, want wanneer je naar de favorietenlijstjes van lezers kijkt, blijken de verschillen minder groot:

 

 

Met andere woorden: webloggers waarderen de content van NOS en ook NRC en Volkskrant vermoedelijk wel degelijk. Alleen vinden ze minder aanleiding om op hun weblogs naar berichten uit de traditionele media te verwijzen. Dat kan zijn omdat ze inhoudelijk te weinig aanleiding tot discussie geven, of omdat het technisch te lastig is om naar deze media te linken (geen goede permalinks, content achter registratiehekken, veel artikelen (onder meer de opiniepagina) uit krant op internet vaak alleen voor abonnees toegankelijk, lastig hyperlinken naar video zoals fragmenten uit journaalbeelden). In ieder geval: webloggers filteren het internet voor elkaar, en verwijzen elkaar door naar andere sites. En volgens Molenaar spelen de traditionele media daar nog onvoldoende op in.

Hans Laroes – hoofdredacteur van het NOS Journaal – ging later die middag ook in op de opkomst van User Generated Media. Maar dan in de vorm van door de kijkers zelf gemaakte verhalen (op weblogs, youtube, flickr, etc.) die een alternatief zijn voor de verhalen van de traditionele media. Tussen veel relativerende woorden door (‘de meeste mensen kijken nog gewoon om 8 uur het journaal, en dat zal echt niet zo snel veranderen’), gaf hij aan dat vooral jongeren een andere houding hebben ten opzichte van het nieuws. Uit onderzoek van Irene Costera Meijer (zie deze en deze bespreking op DNR) bleek dat jongeren niet zo veel kunnen met de traditionele manier van nieuws brengen. Ze willen graag zelf ergens iets van vinden, hun mening geven. Daarom experimenteert de NOS nu ook met NOS Headlines, een site waar nieuws op een andere manier wordt gebracht. Er kan onder meer over het nieuws worden gediscussieerd en kijkers kunnen ook foto’s en videobijdragen uploaden. (zie ook dit verslag op DNR, en de verschillen in inzicht tussen de twee redacties die dit soms oplevert).

De opmars van digitale media zal volgens Laroes leiden tot een verdere democratisering van het medialandschap, en daar moet een nieuwsorganisatie op inspelen. Laroes kiest daarvoor voor een meersporenaanpak. De journalist heeft verschillende taken. Enerzijds blijft hij – of misschien nog wel meer dan ooit – iemand die goed verhalen kan vertellen, die orde kan scheppen in de chaos van het almaar uitdijende informatielandschap. Daarom zal het Acht Uur Journaal ook blijven bestaan. ‘Een keer per dag vertellen wij ons verhaal, leggen wij uit wat er in de wereld is gebeurd’.

Maar op andere plekken en andere momenten (bijvoorbeeld op de website) zal een journalistieke organisatie een andere rol krijgen. Dan zijn journalisten eerder bemiddelaars, die discussies sturen of kijkers helpen hun verhaal te vertellen. Als voorbeeld gaf Laroes de rol van het NOS-journaal na de Tsunami. Op de website van de NOS konden mensen die op zoek waren naar vermiste familieleden in Thailand berichten met elkaar uitwisselen.

Het journaal, of de omroep, heeft op dat soort momenten een maatschappelijke rol, vindt Laroes. En die rol zal misschien nog wel verder toenemen. Nu zowel het medialandschap en de samenleving fragmenteren in allerlei nichemedia en kleine, ‘lichte gemeenschappen’, zijn het de grote nieuws- en sportevenementen die een samenleving meer dan ooit binden, aldus Laroes.

Martijn de Waal –

Martijn de Waal is universitair docent bij de MA-opleiding journalistiek aan de UvA en bestuurslid van het Mediafonds.. Hij is ook oprichter van onderzoeksbureau The Public Matters, dat onderzoek doet naar en advies geeft over de rol van digitale media in de samenleving. In 2009 was hij als 'visiting scholar' verbonden aan het Center for Future Civic Media aan het MIT in Cambridge, MA. Hij is een van de oprichters van De Nieuwe Reporter. In 2012 promoveerde hij met een proefschrift over 'nieuwe media en stedelijke cultuur' aan de Universiteit van Groningen. In een verder verleden werkte hij als journalist onder meer vanuit San Francisco voor de Volkskrant, VPRO Radio, Nieuwe Revu, Intermediair en een hele reeks inmiddels vergeten internetpublicaties.

Alle artikelen van Martijn de Waal op De Nieuwe Reporter.

  • “Vraag is natuurlijk: waarom verwijzen webloggers zoveel meer naar nu.nl dan naar andere media. Vinden ze op die andere sites niets van hun gading? Waarschijnlijk is dat niet het geval, want wanneer je naar de favorietenlijstjes van lezers kijkt, blijken de verschillen minder groot.”

    Ik snap dat wel. Persoonlijke ervaring (heb een jaar een studentenblog gedraaid): als ik iets interessants op de site van de Volkskrant vond, zocht ik vervolgens naar hetzelfde nieuwtje op NU.nl omdat dat zo makkelijk linkt. Wat ik ook vaak heb gedaan is screenshots gemaakt van artikelen van de Gelderlander, bijvoorbeeld, omdat je geregistreerd moest zijn om artikelen te kunnen lezen. Daarbij komt dat bloggers die geregistreerd zijn bij krantensites hun browser of die website zo hebben ingesteld dat ze automatisch inloggen. Je weet vaak niet goed of niet zeker of een artikel nu achter een registratiehek staat of niet. Bij krantensites weet je het nooit zeker, daar komt het op neer; een linkje naar NU.nl is dan wel zo makkelijk.

  • Pingback: Sjors Timmer - blog - » Blognomics 06()

  • Met je eens. Het verwijzen naar nu.nl is om een of andere reden gewoon het meest eenvoudig.

  • De reden dat nu.nl zo hoog scoort op de Nederlandse weblogs, heeft alles te maken met dat het een van de basisinstellingen is van web-log.nl. Dus erg gemakkelijk en eigenlijk niets te maken met technische zaken.

    Persoonlijk heb ik het ook ingesteld staan en nu.nl geeft een mooi overzicht daardoor van het laatste nieuws. Als een andere nieuwsprovider in het systeem zat had ik wellicht die gekozen. Het verklaart meteen het mega-verschil. Simpel as that….

    Jammer dat een goed journalistiek artikel als deze, niet de moeite neemt om dat enigszins uit te zoeken. Gemiste kans;-)

  • Ronald, dank voor je aanvulling. Ik denk dat je helemaal gelijk hebt: de synergie tussen web-log en nu.nl zal ongetwijfeld een grote rol spelen. Dat is naar mijn idee ook iets waar andere (webuitgevers van kunnen leren: maak je content zo weblogbaar mogelijk, dus bouw niet alleen je eigen website, maar probeer op zoveel mogelijk platforms aanwezig (msn, hyves,etc.) te zijn

  • Volgens mij is en deel van het antwoord veel simpeler: nu.nl is by far de best bezochte nieuwssite van Nederland, dat zal voor Bloggers niet anders gelden, geen wonder dus dat ze die het meest als bron opvoeren.

  • @Robert: nou, kijk naar de verschillen tussen de twee grafieken. (Erg) ruwweg: Nu.nl wordt inderdaad tien keer zo veel gelezen als de Volkskrant, maar er wordt duizend keer zo vaak naar gelinkt als naar de Volkskrant. Populariteit van het medium is om die reden allesbehalve een afdoende verklaring.
    Ronald heeft een goed punt: veel webstreepjelogs hebben standaard een overzichtje met de laatste tien NU.nl-headlines in de sidebar. Tja, en als er grofweg vijftigduizend van die ontelbare webstreepjelogs dat niet hebben uitgeschakeld of hebben ingeschakeld (ik ben benieuwd of dat een default optie is), vind je opmerkelijk veel links naar NU.nl wanneer je al die weblogs doorlicht, maar dat zegt dus niets over de afzonderlijke beslissing van een weblogger om in een redactioneel stukje een link te plaatsen naar een nieuwsbericht. Als je opmerkign klopt, dan slaat dat grafiekje nergens op.

  • Pingback: FEITEN en CIJFERS()

  • Pingback: SQPN » Daily Breakfast #113()

  • Goed verslag, Martijn. Maar waarom voer je Willem Sijthoff (FD Media Groep) niet op? Die zei toch ook interessante dingen over de tegenstelling tussen weblogs en traditionele media.

  • Jeroen,
    klopt, maar tijdens het schrijven heb ik besloten deze bijdrage te focussen op de twee manieren van omgaan met consumer generated media: het weblog als filter en het weblog als alternatieve content/burgerjournalistiek.
     
    Misschien toch nog wel even interessant dan om Sijthoffs belangrijkste conclusies toe te voegen. Hij ging aan het eind van zijn presentatie in op de opkomst van weblogs als alternatief voor de traditionele journalistiek, en daar gelooft hij (net als ik zelf overigens, ik zie beide domeinen meer als complementair) niet zo in. Een redactie, zo luidde zijn argument, houdt idealiter overzicht over al het nieuws, en besteedt ook aandacht aan minder populaire onderwerpen. Als je alle nieuwsgaring over zou laten aan weliswaar gespecialiseerde webloggers zouden er gaten vallen in het totale nieuwsaanbod. (Overigens zou je dat kunnen betwisten, uit de State of the News Media bleek onlangs dat ook mainstream media steeds meer over dezelfde, in aantal beperkte onderwerpen schrijven).
     
    Ook hield Sijthoff een pleidooi voor het journalistieke ethos (van onder meer hoor en wederhoor) dat journalistieke instituties kenmerkt. In de blogosfeer zie je dat veel minder, daar wordt vaak de mogelijkheid tot reageren op een artikel gezien als een impliciete oproep tot wederhoor, of zelfs als een eeuwig durende eindredactie. Maar juist door die zorgvuldigheid kunnen de traditionele media zich in positief opzicht onderscheiden.

  • Pingback: Meeneemtentamen; Opdracht 1 User generated content « R604()

  • Pingback: Blognomics 06 - ‘Vlogging is een killer-applicatie’ :: Institute of Network Cultures Blog()