Goed-nieuws journalistiek: Broertjes vs. Balkenende

Column no. 3 van Charles Groenhuijsen

Wat is ‘goed nieuws’ eigenlijk? En is het wel nieuws? Of alleen maar fluffy onzin die niet in een serieuze krant thuis hoort?

Pieter Broertjes heeft de toespraken die hij hield als voorzitter van het Genootschap van Hoofdredacteuren gebundeld. Je leest over alle moedige pogingen van Pieter en zijn collega’s om voor onze kinderen en kleinkinderen het instituut krant te behouden. Ik hoop oprecht dat het ze lukt.

Broertjes bespreekt de opties om kranten aantrekkelijker te maken. De aanpak, waarbij ‘goed nieuws’ meer ruimte krijgt, wijst Broertjes subiet af. Premier Balkenende heeft daar ook al eens voor gepleit. Maar wij journalisten moeten daar een beetje om grinniken. Die JP toch! Je kunt merken dat hij geen journalist is.

Feel-good journalistiek
Pieter Broertjes zei er dit over: “Hoed je voor een soort feel-good journalistiek. In Amerika zijn er genoeg voorbeelden van kranten (The Miami Herald) die door zo’n koerswijziging alleen maar verder in de versukkeling raakten. Lezers bleken toch de voorkeur te geven aan serieuze en kritische berichtgeving.”

Oei, dat is een rare tegenstelling die de hoofdredacteur van de Volkskrant ons hier voorschotelt. Of goed nieuws (bah!). Of serieus en kritisch (hoera!). Volgens mij is er een tussenweg.

In verband met een boek dat ik aan het schrijven ben, volg ik met bovengemiddelde belangstelling de berichtgeving in en over Nederland. Bijvoorbeeld over allochtonen. De toon van de berichtgeving is meestal negatief.

Schrijnende achterstanden
Zo publiceerde het Sociaal Cultureel Planbureau (SCP) een rapport over allochtone vrouwen. Daar is nog veel mis mee (culturele achterstand met alle gevolgen van dien). Vrijwel overal zag je krantenkoppen over die schrijnende achterstanden.

Pieters eigen Volkskrant was een prettige uitzondering want zijn verslaggever Margreet Vermeulen ging – behalve het persbericht – het rapport zelf lezen. Daarin staat óók dat het met een groeiende groep allochtone vrouwen steeds beter gaat. Waarom horen we daar zo weinig over? Mag ik een reportage lezen over die vrouwen?

Nog een voorbeeld. Een rapport over allochtonen studenten op de PABO’s. Wist u dat de helft de studie niet afmaakt? ’t Is me toch wat! Maar ik denk: Hoeveel allochtone PABO-ers waren er tien jaar geleden? Hoeveel studeerden er toen af? Wat is de verwachting voor de komende jaren? Waar is het interview te lezen met een Turk of Marokkaan die wél afstudeerde?

Een laatste voorbeeld. Wist u dat er nog steeds bedroevend weinig allochtonen bij de politie werken? NOVA sprak er opgewonden schande van. De streefgetallen worden niet gehaald. Die agenten ondervinden discriminatie binnen het corps (“U hoort er nog niet bij”). En binnen de eigen allochtone groep (“Je hoort er niet meer bij”).

Ik heb bewondering voor elke buitenlander die toch een blauwe pet opzet. En hoeveel buitenlandse agenten waren er tien jaar geleden? En nu? En over vijf, tien jaar? Dan krijg je vast een beter beeld. Mag ik een reportage zien/lezen over een geslaagde allochtoon-met-pet?

Gouden Bruiloften
Ik ben met het met Pieter Broertjes eens dat ‘goed nieuws’ geen criterium mag zijn. Dat is de categorie Zilveren Jubilea en Gouden Bruiloften. Nieuws is alles wat sterk afwijkt van het gangbare. En alles wat afwijkt van wat lezers, kijkers en klikkers verwachten. Als je genoemde nieuwsfeiten langs die maatlat legt, had je tot hele andere berichten kunnen komen: De vooruitgang van vrouwen; de groei in allochtone PABO-leerlingen; de moed van allochtone agenten.

In de research voor het boek probeer ik dingen op te sporen die beter gaan dan de meeste Nederlanders denken. Centraal daarin staat het begrip ‘empowerment’. Ik ben heel erg tegen activistische journalistiek. Dat leidt tot malle, selectieve nieuwskeuzes. Maar ik ben heel erg voor journalistiek die mensen sterker maakt.

De spiegel van Nederland
Als Nederland veel op zichzelf moppert is dat immers ook onze schuld. Journalisten houden immers de spiegel op waar Nederland in kijkt.

We moeten ellende en onrecht niet onder het tapijt schoffelen. Ook moeten we machthebbers hinderlijk volgen en blijven betrappen op hun missers. Maar we moeten met evenveel energie op zoek naar al die landgenoten die – vaak tegen de verdrukking in – op bewonderenswaardige wijze iets moois van hun leven en dus van Nederland maken.

Dat is – als je het wilt zien – gewoon ‘nieuws’. Wie weet is het zelfs nieuws dat krantenlezers aanspreekt. Wat is er mis met een snippertje feel-good journalistiek temidden van die ontembare tsunami aan feel-lousy journalistiek?

Charles Groenhuijsen

PS. De echt oplettende lezer zal me voor de voeten gooien: “Waarom die ene opmerking van Pieter er uit lichten en niks zeggen over de vele verstandige dingen die hij in al die jaren zei..”.
Niks tegen in te brengen. Hij zei ook veel verstandigs…

4 reacties

  1. Jeroen schreef op 6 juni 2006 om 12:16

    Het interview met de wél geslaagde allochtone politieman, dat Charles had willen lezen, stond op 20 mei in de (volks)krant:

    ‘Altijd bijdehanter, altijd tandje harder werken dan de rest’
    Eerste zwarte korpschef over allochtonen bij politie: reëler zijn over kansen, erbij horen is belangrijker dan omhoog klimmen
    Van onze verslaggeefster
    Anja Sligter
    ARNHEM
    Keihard werken, alles aangrijpen om ervaring op te doen. Dat alles met de steun en het vertrouwen van je leidinggevende. De tips om hogerop te komen van Nederlands eerste zwarte politiekorpschef, Martin Sitalsing.
    Hij is de enige allochtoon in de politietop van Nederland, en voor zover hij weet zelfs de enige donkere politiechef van Europa op dit niveau. Plaatsvervangend korpschef Martin Sitalsing van de politieregio Friesland wil zich mengen in het debat over uitstroom van hoogopgeleide allochtonen bij de politie.
    Deze week kwam naar buiten dat het aantal allochtonen bij de politie gelijk is gebleven, namelijk 6,4 procent. In reactie daarop melden vakbonden en het Landelijk Expertisecentrum voor Diversiteit dat de politie er niet in slaagt allochtonen in de gelederen te houden. In de hogere politieregionen ontbreken de allochtonen helemaal, ondanks speciale wervingen in de jaren negentig.
    Noemt u zich allochtoon?
    ‘Met moeite. Ik schaamde me wild toen ik de eerste keer allochtoon werd genoemd. Ik was op eigen kracht bij de politie opgeklommen. Ik wilde niet geassocieerd worden met diegenen die er via voorkeursbeleid bij waren gekomen. Maar nu ik op deze positie zit en veel telefoontjes en mails krijg van mensen die mij als boegbeeld zien, wil ik niet te arrogant zijn voor die rol.’
    De enige twee inspecteurs van regio Gelderland Midden dienden een klacht in wegens discriminatie en intimidatie.
    ‘Hoogopgeleide allochtonen kregen de belofte dat ze na de politieacademie konden doorstromen naar de top. Maar de politie kun je niet vergelijken met het bedrijfsleven. Je kunt niet met tientallen tegelijk naar de positie van hoofdcommissaris rennen. De doorstroom verloopt aanmerkelijk langzamer dan in het bedrijfsleven, je moet het meer in de breedte zoeken. Als je denkt dat het snel gaat, raak je teleurgesteld.’
    De verticale oriëntatie van allochtonen is groot?
    ‘Ja, die ambitie wordt er bij migrantengezinnen ingestampt. Dat verwachtingspatroon legt een claim op de prestaties van de kinderen. Mijn ouders waren niet blij dat ik naar de politieschool ging en niet naar de politieacademie, maar ik wilde het uitvoerende werk in. Je gaat toch niet bij een organisatie werken waar wordt gediscrimineerd, zeiden ze.’
    Was dat niet zo?
    ‘Jawel, toen ik in 1985 als agent in Amsterdam begon, was de wachtkamercultuur vrij hard. Maar ik ben ook niet op mijn mondje gevallen en ik heb verbaal teruggemept. Ik heb altijd het idee gehad: als ik laat zien dat ik beter ben, snoer ik hen vanzelf de mond.’
    ‘Altijd bijdehanter, altijd dat tandje harder werken dan de rest. Altijd tegen de vooroordelen opboksen. Ik zal nooit te laat komen. Als hoofdcommissaris Welten te laat komt, denkt het gezelschap: hij zal het wel druk hebben. Als ik te laat kom, zie je ze denken: zie je wel, een Surinamer. Ik zeg dat ook die paar keer dat ik te laat ben. Dan heb ik de lachers op mijn hand.
    Humor helpt?
    ‘Ja, maar ook het blauwe gevoel, dat politiebloed. Er zijn mij andere banen aangeboden maar ik ben getrouwd met de politie. Wij zitten met onze neus op de thema’s als criminaliteit en veiligheid en kunnen een rol van betekenis spelen. Dat moeten we overbrengen bij onze werving: het is belangrijker erbij te horen dan omhoog te klimmen. Het gaat om de inhoud. We moeten reëler zijn over de kansen.’
    Want het kost een leven om de top de bereiken?
    ‘Het is keihard werken en alles aangrijpen om ervaring op te doen. Ik heb gezorgd dat ik commandant van de Mobiele Eenheid werd, ik heb veel recherche-ervaring opgedaan en gezorgd dat ze niet om mij heen konden.’
    Het kan toch niet alleen van de allochtoon zelf afhangen?
    ‘Nee, zonder het vertrouwen van een leidinggevende kom je er niet. Ik heb zelf een sponsor in de persoon van Bernard Welten. Zonder zijn steun zou ik hier niet zitten.’

  2. Arne schreef op 9 juni 2006 om 09:22

    Nieuws en berichtgeving worden genunanceerder als er gereageerd wordt door lezers. Of berichten geplaatst door niet-journalisten. Nieuws is van iedereen. Veel mensen op werk, thuis en bijv. in trein lezen en praten graag over nieuws. Soms vanuit verwondering (is het dan echt zo erg gesteld bij de Nederlandse politie…), maar veelal uit nieuwsgierigheid en betrokkenheid. Beeld van allochtonen is in de media vaak negatief, maar zodra het over personen gaat, dan slaat beeld om. Denk aan kleermaker Gumus of scholiere Taida… Door hun reacties (uit hun context) te plaatsen wordt berichtgeving genunanceerder. Gelukkig zijn er steeds meer kranten die meningen van lezers een serieuze plek geven. Vaak worden momenteel alleen nog berichten geplaatst door (hoog-)opgeleide mensen, die sociaal wenselijke reacties plaatsen. Een grote groep blijft door negatieve beeldvorming een verkeerd beeld houden. Hoe krijg je de mening van de “gewone” Nederlander (autochtoon en allochtoon) nu beter voor het voetlicht? NRC.Next is nu eenmaal niet veelgelezen door de gewone nederlander…

  3. Bryan Marijn schreef op 15 augustus 2006 om 17:56

    Ben zelf allochtoon en heb meerdere jaren op het hoger nivo gewerkt binnen het bedrijfsleven.
    wat mij tot heden ten dage ontzettend stoort is de mentaliteit onder de allochtonen, dat je als allochtoon nik kunt bereiken omdat je een kleur hebt je minder snel in aanmaerking komt voor een hoger functie.

    Dit iets wat je kunt voorkomen door gewoon beter je best te doen dan een autochtoon!!!
    Als je de autochtonen voorblijft met kennis en kunde dan geef je ze geeen enkele reden om jou te passeren voor een hogere funcie. Ga alsjeblieft niet zielig doen dan brandmerk je jezelf alleen maar.
    En geloof me de autochtonen onderling maken zelf ook onderscheid.Wat denk je dat een Limburger in Noord Holland de functie eerder zal krijgen dan een Noor Hollander zelf??

    Twee keer zo hard denken en lopen dan geef je ze geen enkele reden om onderscheid te maken.

  4. Pingback: Bex*blog » Blog Archive » Printed media brengen meer positief nieuws dan consumenten denken

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>