Het genre dat nu wordt aangeduid als ‘burgerjournalistiek’ kan beter worden omschreven als ‘publieke conversaties’. Dat schreef Dick van Eijk woensdag in Nrc.next dat zijn coververhaal wijdde aan burgerjournalistiek.
Onder de kop ‘Journalistiek is wel een echt vak’ betoogt Van Eijk dat de term ‘burgerjournalistiek’ vaak onterecht wordt gebruikt. “Teksten en foto’s die door burgers ter publicatie worden aangeboden, krijgen steeds vaker het etiket ‘burgerjournalistiek’ opgeplakt. Dat is verwarrend. Met journalistiek hebben hun bijdragen namelijk weinig te maken. Het zijn veelal anekdotes, verhalen, belevenissen of verzinsels – of opinies. Niets mis mee, maar dat zijn andere genres dan journalistiek.”
Van Eijk definieert journalistiek als ‘waarheidzoekend verhalen vertellen zonder wettelijke grondslag, primair ten dienste van burgers’. En aan die vereisten voldoet de meeste ‘burgerjournalistiek niet, stelt de NRC-journalist vast.
“Veel ‘burgerjournalistiek’ is eerder het digitale equivalent van een conversatie aan de dorpspomp. Waarnemingen, opinies, roddels en feiten gaan naadloos in elkaar over. Gezellig, prikkelend – ja. Maar waarheidszoekend? Feiten checkend? Hoor en wederhoor toepassend? Hooguit soms.”
“Een term als ‘publieke conversaties’ dekt de lading van het genre dat nu veelal als ‘burgerjournalistiek’ wordt aangeduid aanzienlijk beter. Noem bijdragen hieraan alleen journalistiek als ze journalistiek zijn, of de auteur nu professional is of niet.”
Reacties
Henk Blanken, adjunct van het Dagblad van het Noorden, is het niet met Van Eijk eens. Volgens Blanken schiet de definitie die Van Eijk voor journalistiek heeft geformuleerd, te kort. “Een definitie is zo goed als de mate waarin ze geaccepteerd wordt. En in de alledaagse praktijk is journalistiek wat in de krant staat, sterker nog: wat in de krant staat, is volgens de meeste lezers van die krant ook de waarheid (en volgens veel niet-lezers is dat al lang niet meer vanzelfsprekend).”
“Dat journalistiek de waarheid zoekt, is daarmee een definitie die zichzelf in de staart bijt. En dan heb je er niet zoveel aan. Je sluit andere genres uit, ook als die in de krant zelf worden bedreven. Voor de lezer behoren opiniestukken en columns en lijsten met uitslagen en beursberichten of de beschrijving van een wandeling ook tot het domein van de journalistiek, ook al hebben die met waarheidsvinding niet zoveel te maken.”
Ook DNR-medewerker Jaap Stronks is kritisch over het stuk van Van Eijk. “Eerst wordt het begrip ‘journalistiek’ gedefinieerd (met het plegen van hoor en wederhoor als belangrijk criterium) en vervolgens wordt gekeken of burgerjournalistiek aan de omschrijving voldoet. Nee, natuurlijk niet, maar nieuwe ontwikkelingen kun je ook niet begrijpen met een oud referentiekader. Webloggers bijvoorbeeld plegen veel minder hoor en wederhoor omdat iedereen toegang heeft tot het publieke debat, en het dus niet noodzakelijk is dat 1 persoon wordt aangewezen om alle meningen te verzamelen en ze samen in een coherent verhaaltje te gieten.”
Journalist en radiomaker Stan van Houcke wijst er in een reactie op zijn blog (ook gepubliceerd op De Nieuwe Reporter) op dat veel journalisten geen feiten checken – en (dus) niet aan waarheidsvinding doen. “Dat journalisten feiten zouden moeten controleren is juist, maar dat ze het altijd doen is geen feit, sterker nog: het is een leugen, een verdraaiing van de werkelijkheid. Maar er is nog iets anders. Het gaat niet alleen om het checken van de feiten, maar vooral ook om welke feiten de journalist presenteert en welke hij/zij verzwijgt.”
4 reacties