Robin Miller: vijf regels voor een online discussieforum

Robin Miller, één van de drijvende krachten achter de succesvolle discussiesiesite Slashdot, geeft ‘oude’ media regelmatig gevraagd en ongevraagd advies over hoe om te gaan met nieuwe media. Zijn specialiteit: bijdragen en reacties van lezers. In een artikel voor Online Journalism Review verbaast hij zich over de in zijn ogen slechte online discussiefora van kranten en lokale media. Volgens Miller kan het allemaal een stuk beter. Hij heeft vijf regels opgesteld waaraan een goed discussieforum moet voldoen.

1. Your discussions must be threaded or nested, not just “flat.”
Het is een regel waar De Nieuwe Reporter zich al meteen niet aan houdt. Bij De Nieuwe Reporter verschijnen de reacties van lezers in chronologische volgorde onder elkaar. Net als op talloze andere sites overigens. Nadeel daarvan is volgens Miller dat het bij lange discussies vaak moeilijk te volgen is wie nou precies op wie reageert: het wordt een zoekplaatje. Bij een ‘threaded’ discussie verschijnt een reactie op een eerdere reactie direct onder de betreffende reactie (er staan dus geen andere reacties met andere onderwerpen tussen). In Nederland maakt onder meer Tweakers.net gebruik van deze methode.

2. You have readers who know more than you do about any given topic — and plenty of readers who don’t know nearly as much as they think they do.
Lezers kunnen nuttige tips en correcties aandragen. Als een lezer in de reacties wijst op een spelfout is het volgens Miller verstandig om de betreffende lezer daarvoor in een openbare reactie te bedanken. Reageren op (onterechte) inhoudelijke kritiek van lezers is volgens hem minder verstandig. Dat kan beter worden overgelaten aan andere lezers.

3. Let your readers judge each other so you don’t have to judge them yourself.
Scheldpartijen, ongefundeerde kritiek en persoonlijke aanvallen in de reacties: wie regelmatig op internet schrijft, heeft het ongetwijfeld wel eens meegemaakt. Om de overlast van dergelijke querulanten te beperken, schakelen sites als Slashdot, Groklaw, Kuro5hin en Tweakers hun lezers in. Zij kunnen reacties van anderen beoordelen (goede reacties krijgen een goede beoordeling, slechte reacties een slechte). Dankzij deze ‘sociale controle’ kunnen bezoekers ervoor kiezen om alleen de interessante reacties te bekijken.

Helemaal waterdicht is dit systeem niet. In de praktijk werkt dit systeem volgens mij alleen bij grote aantallen deelnemers: de bezoekers moeten immers bepalen welke reacties goed zijn en welke niet. Daarnaast vraag ik me af wat een dergelijk mechanisme betekent voor de reacties van iemand die alleen staat in zijn mening. Waarderen de andere bezoekers zijn bijdrage aan de discussie of wordt de reactie weggestemd? (Zie ook eerdere artikelen die op DNR zijn verschenen over het al dan niet modereren van reacties: Lezers, reacties en het modereren van comments op DNR, Lezersreacties: waardevolle bijdrage of bagger? en De querulant en de journalist)

4. All good things must come to an end.
Na verloop van tijd moet de beheerder van een site een punt zetten achter een discussie. Volgens Miller is het zinloos om bezoekers nog maanden na publicatie de mogelijkheid te bieden om een reactie te plaatsen. Na twee weken moet de reactiemogelijkheid ‘op slot’.

5. Why buy a cow when the software is free?
Waarom moeilijk doen met dure software? De software die Slashdot gebruikt, is gratis. Dat geldt ook voor de software van andere succesvolle online fora zoals Kuro5hin en Groklaw.

Wat vindt u? Heeft Miller gelijk met zijn adviezen of slaat hij de plank volledig mis? Uw mening graag in de reacties.

7 reacties

  1. Duns schreef op 6 september 2006 om 23:19

    Het klinkt allemaal verstandig; alleen die nested discussions vind ik juist niet inzichtelijk. Ik geef de voorkeur aan de ‘lineaire discussies’ ….

  2. Geneste, of geordende discussies worden pas handig als er erg veel reacties zijn, zoals bij bijvoorbeeld slashdot. Hoe groter de chaos, hoe meer behoefte aan ordening.

  3. Erick schreef op 7 september 2006 om 09:06

    Ben het met Duns eens; meestal wordt degene op wie gereageerd wordt met @ aangesproken of geciteerd; wat wel zou kunnen is reacties laten inspringen. Nu is vaak een extra klik nodig om reacties op reacties te kunnen laten zien.
    Reactiemogelijkheid is voor discussie; als je het idee hebt dat je moet reageren op inhoudelijke kritiek, doe dat vooral.

    Voor de rest trapt Miller met punt 5 natuurlijk een wagenwijd open deur in.

  4. Millers adviezen zijn heel bruikbaar, maar wel erg geredeneerd vanuit de cultuur van Slashdot en andere sites die een internet-savvy publiek trekken. Dat doet veel voor de toon en kwaliteit van discussies, zoals ook het gedrag van “reaguurders” op kleinere doelgroepensites (ouders van adhd-kids, vliegvisliefhebbers) minder last hebben van querulanten en andere idioten.

    Sites met algemeen nieuws, kranten en omroepen dus, hebben veel meer moeite een discussie een beetje beschaafd te houden. Hun wereldnieuws nodigt nu eenmaal uit tot heftige meningen. Bovendien zijn bezoekers van dagbladsites – is mijn indruk – gemiddeld wat ouder dan pakweg de reguliere gasten van nerdssites als Slashdot. En omdat ze wat ouder zijn, houden ze zich ook wat minder vanzelfsprekend aan wat ooit de netiquette heette (wie kent m nog).

    Tenslotte hebben oude media natuurlijk ook meer moeite met discussies op hun sites, omdat ze bang zijn dat ze op elke reactie – racistisch, blasfemisch, anderszins gestoord – worden aangekeken. En dat is natuurlijk ook zo: de helft van alle weblezers van mijn krant, Dagblad van het Noorden, vinden dat de krant verantwoordelijk is voor alles wat er op de site staat. Net als in de krant dus. Wat het moeilijk maakt is dat de andere helft van de online lezers precies het tegenovergestelde vindt.

  5. Het opmerkelijke is dat Miller aan het begin van zijn artikel nadrukkelijk krantensites en algemene (lokale) nieuwssites noemt. Blijkbaar denkt hij dat dergelijke sites wat kunnen leren van Slashdot.

    \\\”Millers adviezen zijn heel bruikbaar, maar wel erg geredeneerd vanuit de cultuur van Slashdot en andere sites die een internet-savvy publiek trekken. Dat doet veel voor de toon en kwaliteit van discussies (…) Sites met algemeen nieuws, kranten en omroepen dus, hebben veel meer moeite een discussie een beetje beschaafd te houden.\\\”

    Ik weet niet of dat waar is. Discussies over Microsoft/Apple/Linux kunnen vaak net zo hoog oplopen als discussies over Israel en de Palestijnen. En zo zijn er nog wel een paar gevoelige tech-onderwerpen.

    Volgens mij is het uiteindelijk heel belangrijk om een community (blijft een vreselijk woord) te hebben die zich betrokken voelt bij een site. Zo kan ik me van het SmallZine-forum herinneren dat daar een paar vaste \\\’stamgasten\\\’ waren die nieuwe gebruikers die zich niet gedroegen, tot de orde riepen. Een van de (twee) moderators maakte geen deel uit van de redactie, maar was een zeer actief forum-lid.

    Slashdot en Tweakers werken (op veel grotere schaal natuurlijk) met een vergelijkbare vorm van \\\’sociale controle\\\’ (o.m. door het gebruik van een rating-systeem). Uiteindelijk is dat misschien wel het grote probleem voor veel nieuws- en krantensites: reaguurders zijn voorbijgangers die niet het idee hebben dat ze onderdeel uitmaken van een gemeenschap.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>