Over zestig jaar zijn er geen betaalde kranten meer. Wat zeg ik: over twintig jaar zijn er geen betaalde kranten meer. Niet met oplages boven de 100.000 althans.
Nu PCM, Marcel Boekhoorn/Cornelis van den Berg, de FD Media Groep, een stel verdwaalde IJslanders en enkele anderen die bij Metro het vak hebben geleerd allemaal bezig zijn of lijken met het opzetten van een gratis (kwaliteits)dagblad in Nederland, voeren de traditionele dagbladen een achterhoedegevecht.
De Volkskrant, De Telegraaf en NRC Handelsblad maken nog winst, maar ook hun oplages dalen al (veel) meer dan tien jaar achtereen en sinds de komst van gratis kranten als Metro en Spits met gezwinder spoed.
NRC Next strooit de traditionals weer zand in de ogen. Zie je wel! Het kan wel, een betaalde krant! Ja, een betaald krantje. Dat redactioneel deels gevuld wordt door gratis (van PCM geleende) redacteuren, dat nauwelijks advertentie-inkomsten kent en dat –belangrijk!– slechts een oplage van 75.000 heeft, waarvan een groot deel dankzij handige marketingacties waarbij het prijsinstrument stevig is ingezet.
Krant is achterhaald fenomeen
Als oud-hoofdredacteur van een gratis krant(je) ben ik niet onverdacht. Maar ik werkte langer bij serieuze en door traditionele journalisten ooit goed gewaardeerde kranten als het Rotterdams Nieuwsblad en de Haagsche Courant, dus ik geef mezelf maar recht van spreken.
De stelling is: over twintig jaar zijn er geen grote betaalde kranten meer. Het bewijs: de geschiedenis.
Iedereen die traditionele dagbladen een warm hart toedraagt, benadrukt dat ze zich al eeuwen handhaven en dat ze cultureel en maatschappelijk van belang zijn. Dat zijn ze misschien (ik vind van niet, maar de discussie is niet belangrijk), maar dat waren ze niet voor ze ontstonden. En ze ontstonden toen van radio, televisie, laat staan internet, nog geen teken was vernomen.
De krant –an sich– is echt een achterhaald fenomeen, waaraan merkwaardig genoeg meer Nederlanders hechten dan ooit tevoren. Er worden, inclusief de gratis kranten, meer kranten gelezen dan ooit. Maar wat men over het hoofd ziet: bijna een kwart vooral op momenten van verveling – in trein, tram en bus. Bij gebrek aan beter. Dat beter is onderweg en het heet narrowcasting en mobile tv.
Die hard believers
Nog even een klein lesje in economie voor de die hard believers in betaalde massakranten als De Telegraaf, het AD, de Volkskrant en ook nog een beetje Het Parool: de komst van extra gratis kranten gaat jullie echt de kop kosten. Niet in 2006, niet in 2007, maar ruim voor 2027 (als jullie met pensioen zijn, zeg ik er dan vilein bij).
Waarom? Wel, stel dat De Telegraaf een BMW is, de Volkskrant een Saab en het AD een VW. En stel nu eens dat zes van die gratis-krantenboeren besluiten allemaal een een tikkeltje uitgeklede Opel te ontwikkelen die voor de berijder gratis is. Die Opel is natuurlijk niet zo mooi als die BMW, Saab of VW, maar hij rijdt, hij brengt je van A naar B, je kunt er eigenlijk wel mee leven (want luxe haal je wel van elders, mogelijkheden zat!) en je bespaart heel veel geld door ‘m te accepteren. En dan koop je dus geen BMW, Saab of VW meer. Het afscheid nemen duurt een tijdje (dat heb je met die automatische vervolgaankopen…) en doet een beetje pijn (je vader reed immers al BMW, en diens vader…), maar onvermijdelijk komt het moment dat je die gratis Opel bij de Opel-dealer gaat halen. Wat zeg ik? Die Opel (gratis krant) wordt binnenkort aan je deur afgeleverd.
Het enige wat traditionele kranten echt kan redden is: gratis worden. En dat betekent op korte termijn: 51 procent van de uitgaven (nu de bijdrage van lezers aan de begroting) schrappen. Da’s hard, dat doet pijn, da’s geen mooi verhaal. Dat is: inspelen op de vooruitgang. Want dat de gratisering van de krantenwereld (en die van de tijdschriftenwereld volgt spoedig) een vooruitgang is, staat wel vast. Voor 50-minners. Die zijn er immers al langzaam aan gewend geraakt dat niet de prijs de kwaliteit bepaalt, maar de waardering van de ontvanger. Dus als alle (dure) gedrukte media gratis worden, blijft er jaarlijks een mooie extra vakantie over. Dat heet een win-win-situatie.
25 reacties