Journalisten moeten bloggen of ze verliezen hun baan

Dames en heren journalisten, u slaapt. U mist of negeert de belangrijkste trend van dit decennium, maar voelt zich daar eigenlijk best tevreden over. Massaal schrijft u op dat Time Magazine de consument heeft verkozen tot Person of the Year 2006, maar tegelijkertijd schampert u dat user-generated content van te onbeduidend niveau is om iets aan uw vakwerk toe te voegen. U vergist zich. En daarom zullen velen van u de komende jaren hun baan verliezen. Gelukkig is er één remedie: u moet gaan bloggen. Niet alleen die ene internetfreak op de redactie, maar u allemaal. Anders bent u de eerste die eruit vliegt.

Dit verhaal heeft u vast wel eens op een internetcongres gehoord, of tijdens een interview met zo’n wereldvreemde trendwatcher. U lachte wat, schreef het op en leverde uw stukje in. Uw eindredactie lachte wat, haalde er een smeuïge quote uit om te gebruiken in de kop en stuurde het verhaal door naar de vormgever. De volgende ochtend (tijdschriftjournalisten moeten nog veel meer geduld hebben) lag de krant met uw verhaal in de brievenbus bij de lezer. Dat de trendwatcher in kwestie zijn gesprek met u al lang op zijn blog had gemeld – inclusief een omstandig betoog over uw schrijnende onwetendheid – was u even ontgaan. En zo ontgaat u wel meer.

Ditmaal komt de boodschap niet van Vincent Everts, Cor Molenaar, Marco Derksen of Stephan Fellinger (voor wie deze namen niets zegt: be afraid, be very afraid!), maar van een collega-journalist. Een bloggende collega-journalist, om precies te zijn.

Ik kom ze nog vaak tegen: journalisten die stellig beweren dat het journaille zich verre moet houden van de blogosfeer. Wie wil zich immers verlagen tot die narcistische, verkokerde dagboekschrijvers, potdomme! Als u dit maar vaak genoeg met uw schrijvende kroegvrienden constateert, gaat u het vanzelf heilig geloven. Toch is het een fundamentele misvatting.

Bloggen is niet alleen vorm, het is een nieuw communicatiemedium. Dat klinkt hoogdravend, maar dat is het juist niet. Omgangsvormen veranderen overal (in de politiek, op de werkvloer, in relaties), dus ook tussen journalist en lezer. Net zo min als Jan Peter Balkenende een onbereikbare, afstandelijke minister-president is, bent u voor de lezer nog die hooggeachte expert in zijn ivoren toren. De lezer wil het verhaal horen dat hem raakt, dat ingewikkelde kwesties voor hem inzichtelijk en tastbaar maakt. Journalisten moeten dichter op de huid van hun lezer kruipen, ja, met hen de dialoog aangaan. Niet alleen omdat die lezer vaak veel meer weet van een specifiek onderwerp dan u, maar ook om een band met uw lezer te smeden.

In de baas z’n tijd
Toen ik in 2005, vlak na mijn aantreden bij Adformatie, tegen de toenmalige hoofdredacteur Michael van Os zei dat we nu toch echt eens serieus moesten nadenken over een ‘Adfoblog’, luidde zijn met senioriteit doorspekte antwoord dat dat toch niet zo’n bijster goed idee was. Of zoals hij het later dat jaar verwoordde, nota bene in een voor hem toen nog uiterst zeldzame blogdiscussie op vakblog Marketingfacts.nl: ‘De baas denkt: goh, wat zitten ze weer lekker hard te werken. Anders is het altijd druk rond het koffieapparaat, deze tijd.’ Van bloggers die louter ANP-berichten op hun blog ‘pleuren’ zag hij – terecht – de meerwaarde niet, maar voor serieuze opinievorming wilde hij best eens langs komen surfen. ‘Maar daarop hebben blogs nog geen monopolie, nog heel lang niet. Laten we dan niet doen alsof.’

Het kan verkeren, want sinds zijn (vut-)vertrek bij Adformatie is Van Os fanatiek aan het bloggen geslagen. Op een eigen weblog over reclame, maar ook op het na zijn vertrek toch echt opgestarte Adfoblog. Onbezoldigd en in de baas z’n tijd. De tijden veranderen.

Respect, man!
Nu kranten, tijdschriften, radio en ook televisie steeds meer van hun nieuwsfunctie kwijtraken aan internet, moeten er nieuwe crossmediale constructies worden bedacht. Zet het nieuws dan maar online en de achtergronden in print, hoor je dan vaak. Toch kan ook opinievorming geen louter papieren aangelegenheid zijn. De diepgang van achtergronden en meningsvorming dient steeds nadrukkelijker volcontinu beschikbaar te zijn. Opinievorming betekent discussie, en discussie betekent interactie. Met de nieuwsconsument uiteraard. Waar kan dat beter en sneller dan op een blog? Het reactieveld staat altijd open, ook als we zelf op één oor liggen. En wat nog mooier is: alles wordt vastgelegd en is op trefwoord te doorzoeken.

Bloggen is passie. Wanneer een journalist dat zegt, klinkt het vaak wat laatdunkend. Fanatisme zonder feitenkennis, bedoelt men dan. Maar van een journalist mogen we toch ook juist passie voor zijn vak verwachten? Dat is dezelfde passie die van bloggers soms zulke geduchte concurrenten maken. Zolang journalisten echter blijven denken vanuit traditionele mediarollen, kunnen die fanatieke bloggers zich exclusief op hun eigen blogterrein ontwikkelen en dus op ons inlopen. De enige remedie is: join them. Ga ook bloggen. Gebruik die eigen expertise om ze zowel qua schrijfstijl, onderwerpen en snelheid naar de kroon te steken. Wie hun spel meespeelt, krijgt daar waardering voor. Respect, man!

Toch is er nog een veel belangrijkere reden waarom in feite iedere journalist zou moeten bloggen. Dat is de verschuiving van de mediabelangstelling. Kranten, tijdschriften en ook radio hebben het moeilijk. Zoals gezegd: hun rol (maar ook die van tv, al is dat fysiek te integreren) wordt steeds meer overgenomen door internet. Die verschuiving zal ook een banenswitch teweegbrengen van traditionele naar nieuwe media. Wie zich niet in die nieuwe media heeft verdiept, staat als eerste op straat. Alleen daarom al moet iedere journalist bloggen. In de baas z’n tijd, wel te verstaan.

Opnieuw leren schrijven
Bloggen vereist ook een mindshift. Vergeet alles wat u op die scholen voor journalistiek of die academische (kop)studies aan schrijfregeltjes heeft geleerd. Lees eens wat vaker GeenStijl, Sargasso of Frontaal Naakt. Niet omdat het per se uw favoriete opinieleiders zijn (mag natuurlijk altijd), maar vooral om opnieuw te leren schrijven. Want schrijven voor een blog is anders, heel anders. U mag bijvoorbeeld grapjes maken, overdrijven, sneren, zeuren en uzelf een beetje relativeren. Ja, zelfs die vermaledijde ik-vorm is geen enkel probleem. Het mag allemaal. En als het u niet bevalt, doet u het gewoon weer totaal anders dan alle anderen. Dat heet originaliteit; die was u in de loop der jaren vast een beetje kwijtgeraakt. En als u de plank eens een keertje faliekant misslaat, dan geeft u dat gewoon publiekelijk volmondig toe (in plaats van: “Die boze ingezonden brief van u? Nee, daar hadden we geen ruimte voor”). Echt, als u nu in de blogtrein stapt, wordt het misschien nog wel iets met u.

Overdrijf ik? Tuurlijk niet. U overdrijft als u meent dat ik uit mijn nek zit te kletsen. Blijf gerust zo denken, maar ga dan niet pruilen als wij u straks als een bevroren brontosaurus in het natuurhistorisch museum neerzetten. En ik voorspel u: het zal een blogger zijn die daar aan het eind van de dag het licht uitdoet. Wie weet zelfs wel een journalistieke blogger, maar dat heeft u zelf in de hand.


64 reacties:

sak van den boom
22 januari, 2007

Uit het hart gegrepen.
Journalisten die het fenomeen negeren, zouden inderdaad de boot wel eens kunnen missen. Bloggen is een geweldig medium voor meningvorming, een hulpmiddel om tot een definitieve formulering te komen van je verhaal in een gedrukt medium. Bloggen is ook een geweldig medium voor een dialoog. Het zorgt ervoor dat een discussie zich verdiept en levend blijft.

Erick
22 januari, 2007

Zit een rare kronkel in dit verhaal. ‘De lezer’ weet natuurlijk altijd meer dan een willekeurige redacteur, simpelweg omdat het er duizenden keer zoveel zijn. Individueel geloof ik niet in dat effect.
Daarom is bloggen niet bij alle media heilzaam. Zeker vaktijdschriften, opinietijdschriften kunnen er baat bij hebben. De Libelle en de Telegraaf zullen er minder aan hebben. Dit alarmerende stuk zie ik dan ook maar als zware overdrijving. Aangezien dit een blog is, schrijft hij zelf dat dit is toegestaan. Al vraag ik me af of je voor nieuwe ethiek zou moeten kijken naar GeenStijl.

Edwin
22 januari, 2007

Het wordt de journalist op termijn vanzelf opgelegd van hogerhand, vermoed ik zo.
Lees :http://www.micropersuasion.com/2007/01/newspapers_see_.html en zie hoeveel blogs de NY times bijvoorbeeld al heeft op http://www.nytimes.com/ref/topnews/blog-index.html.

En overheden worden zenuwachtig, de engerds :-)

http://zbdigitaal.blogspot.com/2007/01/de-enge-overheid-verbod-op-games.html

Erik van Heeswijk
22 januari, 2007

De gedachte dat de journalistieke beroepsgroep moet innoveren of sterven, deel ik van harte. De ontwikkelingen in het medialandschap gaan snel en we mogen niet van de mediaconsument verwachten dat ze geduld hebben omdat journalisten (of uitgevers!!) het moeilijk vinden in beweging te komen. Wie niet meekan, moet thuisblijven.

Maar de gedachte dat die verantwoordelijkheid alleen met webloggen kan worden ingelost, vind ik een gevaarlijke gedachte. Niet alleen is wordt de term ‘bloggen’ tegenwoordig op van alles geplakt en betekent derhalve helemaal niets meer (er is geen enkele eigenschap die weblogs gezamenlijk delen), dus veel houvast biedt zo’n opmerking niet meer. Wat van het webloggen is waardevol, het opiniërende schrijven, de comments, de chronologische volgorde van de stukken, het nauwelijks checken, de sappige links?

Maar bovendien, door er een etiketje op te plakken (’Bloggen of sterf’) ga je ook nog eens eisen stellen aan de innovatie die een sector moet doormaken. Terwijl innovatie nu juist betekent dat je met nieuwe media de (commerciële en inhoudelijke) boodschap sterker bij je lezers, kijkers en luisteraars laat overkomen. Ieder op zijn manier.

Als vrijwillig deel van de redactie van Sargasso vind ik het leuk dat die site als een van de lichtende voorbeelden wordt aangehaald, maar ik kan me heel veel andere vormen van het spelen met nieuwe media voorstellen. Afhankelijk van het basismateriaal en omstandigheden is alles mogelijk. Lef hebben we nodig, van uitgevers en hoofdredacteuren die eindelijk eens serieuze budgetten ter beschikbaar stellen, en van journalisten die verder durven te kijken dan hun neus lang is. Ook verder dan de veelgeprezen weblog.

Eric-Jan
22 januari, 2007

Tja, ik zeg niet dat je ongelijk hebt. Ben zelf student-journalist en vooral tijdens mijn stage zie ik wat er allemaal beter kan aan de mindset van vele collega’s.

Maar in je verhaal hoor ik weinig nieuws. Dit soort dingen worden hier al aardig lang geroepen en ik zie nog weinig aanwijzingen van je gelijk. En dat is ook mijn belangrijkste reden tot scepsis; de blogosfeer brengt te weinig tot stand om echt een bedreiging te vormen voor journalisten die niet bloggen. Voorbeelden graag van journalisten die hun baan bij de oude media kwijt zijn geraakt vanwege hun stilstand…

Stonehead
22 januari, 2007

Leuk stukje, maar het hypet te hard en het ademt zélf 2004. Webloggen om het webloggen werkt niet, er moet een context zijn, je moet makkelijk vindbaar zijn en iets relevants te melden hebben. Er zijn namelijk al heel wat journalisten die webloggen en ik lees er echt maar een paar. Er zijn al meer dan zat opinies en aan GeenStijl nadoen heb je écht niets. Zie verder EVH.

De grote pech van journalisten is dat ze heel breed zijn en van weinig onderwerpen echt véél afweten. Dat levert heel veel vlakke logjes op, die mij niet boeien. Wat ze daarentegen wél heel goed kunnen, is dat ze rond durven bellen en makkelijk wederhoor kunnen doen. Dat laatste zie je nog veel te weinig op weblogs.

Werner de Graaf
22 januari, 2007

‘Frontaal naakt’ bezoekend om ‘opnieuw te leren schrijven’ constateer ik geschrokken: ‘In der Beschränkung zeigt sich erst’ niet de blogger…

Opvallend dat Jeroen Mirck nou uitgerekend zo’n knullige webstek (waar de hoofdredacteur mag bekennen dat geel zijn favoriete kleur is…) aanbeveelt die stilistisch onvermogen per strekkende meter aan de man brengt.

Bloggen is passie, het zal best. Het probleem van mensen met een passie is: ze blijven maar lullen, het houdt niet meer op. Bij de ‘fossiele media’ heb je dan tenminste nog eindredacteuren die zich niet in de luren laten leggen door een oproep tot ‘mindshift’ (schei toch uit!), maar die van al dat gebabbel gewoon leesbare stukjes blijven bakken.

Paul Aelen
22 januari, 2007

wellicht een aardige toevoeging van onderzoek dat Nielsen heeft gedaan:

http://blog.searchenginewatch.com/blog/070118-175536
Online newspaper blog traffic grows 210%

Grimbert Rost van Tonningen
22 januari, 2007

Zolang als media ondernemingen strak vasthouden aan hun huidige starre inhoudelijke beleid zal er weinig ruimte zijn voor een eigen journalistieke invulling van onafhankelijkheid en gedegen onderzoek. Onze media zijn teveel onderdeel geworden van de gevestigde orde, afwijkende meningen worden te weinig toegestaan. Nu de nieuwe media waaronder de bloggers zich niet storen aan oude wetten wordt het spannend. Kunnen de media en journalisten zich aanpassen of zien we o.a. NRC, DE Volkskrant en de Publiekeomroep ten onder gaan. http://www.rostco.com

Marco Raaphorst
22 januari, 2007

@Werner
Ook De Nieuwe Reporter is een weblog. Jij leest het en laat soms een reactie achter. Dus vind ook jij een weblog belangrijk.

Natuurlijk is erg een hoop prut te vinden onder weblogs. Maar dat kom ik in kranten ook tegen. De inhoud staat natuurlijk los van het medium. Internet is een aanvullend medium en zeer belangrijk. Niets meer en niets minder naar mijn idee.

Kari-Anne
22 januari, 2007

Bloggen komt niet in de plaats van hoogwaardige journalistiek, het komt er naast te staan.
Het niet of/of, maar en/en.

En laat ik het verklappen: bloggen is makkelijker dan journalistiek. Daarom doen zoveel mensen het.
Het mag ongezoutener, het mag fouter (hoewel ik huiver bij een schockblog als Geen Stijl), het mag directer.

Daar moet een journalist niet bang voor zijn. Want het roept reacties op en vaak zit in de reacties de meerwaarde en de nuance.
Zoals Mirck hierboven schrijft.

Maar het maakt de journalistiek niet overbodig.
Dat blijft toch een geheel ander vak.

Vincent Everts
22 januari, 2007

“Ditmaal komt de boodschap niet van Vincent Everts, Cor Molenaar, Marco Derksen of Stephan Fellinger (voor wie deze namen niets zegt: be afraid, be very afraid!), maar van een collega-journalist. Een bloggende collega-journalist, om precies te zijn”

Wat mooi dat toch ECHTE serieuze journalisten dit verhaal vertellen in plaats van mensen zoals ik, waarvoor je ERG BANG moet zijn?

Ach, elke publiciteit is goede publiciteit?

Ik heb trouwens nooit gezegd dat journalisten moeten bloggen. Ik merkte dat de meeste journalisten bloggen niets vinden en het is dus ook niets voor hen.

Vroeger merkte ik dat journalisten niet houden van discussie met lezers, ze vroegen mij toen wie er voor die tijd ging betalen.

Elke verandering in vorm en inhoud werd vroeger bij redacties met het statuut in de hand vol vuur en vlam bestreden.

Ik heb het idee dat het tij ietswat veranderd.

Nu er 100 miljoen blogs zijn, nu de oude media nog belachelijk veel geld verdient maar zijn appeal langzamerhand verliest, nu alle grote internet ontwikkelingen door anderen dan de officiele media zijn verzonnen wordt het mischien wel tijd.

Nu wil ik nog steeds wel weten waarom je nou bang voor mij moet zijn?

Vincent Everts
Trendwatcher, geen journalist
http://www.vincente.nl
ps: Spelling check if for dummies.

Edwin
23 januari, 2007

Hoi Vincent,

Het is geen antwoord op je vraag maar volgens mij staat er dat mensen ‘bang’ moet worden als ze nog nooit van je gehoord hebben, niet van jou als persoon.

Maar ik kende ook niet alle namen uit het rijtje. En nu dus wel. Lezers van deze post hoeven dus niet meer te vrezen :-)

Daphne Dijkerman
23 januari, 2007

En toch raar dat de toekomstige generatie journalisten nog niet volledig het nut van het bloggen in zien.

Ik geef zelf les bij CMJ (Crossmediale Journalistiek) aan de Hogeschool van Enschede. De eerste klas van studenten zijn momenteel bezig met een project als het gaat om crossmediale narrativiteit, daarin moeten zij een weblog bijhouden a.d.h.v de afgelopen verkiezingen en de formatie. Ik merk dat best wat studenten opstandig zijn als het gaat om het bloggen, zij zien niet (direct) de toegevoegde waarde of de interactie met het publiek. Ook bezoeken zij zelf nauwelijks weblogs. Iets waarin absoluut verandering in moet komen… Ga ze toch eens dit artikel onder de neus schuiven…

@ Erik: Ik ben het helemaal met je eens als het gaat om de snelle ontwikkelingen in het medialandschap. Professionals (dus ook journalisten) moeten hier ook op inspelen maar ook opleidingen! Iets wat nog niet ruim gedaan wordt in Nederland. Jammer genoeg huppelen de meeste opleidingen beetje achter de meute aan, i.p.v. actief en snel reageren op ontwikkelingen en behoeften.

Maar dit artikel is niet iets nieuws, het is al langer gaande… En zeker op DNR is dit al wel meerdere keren naar voren gekomen.

dick
23 januari, 2007

Maar, wordt op blogs ook NIEUWS gepresenteerd? Of is het parasiteren op de ‘oude media’ met wat meninkjes en grapjes? Noem eens een blog met fatsoenlijke reportages bijvoorbeeld.

Werner de Graaf
23 januari, 2007

@Marco, ik verbaasde me louter over de verwijzing van Jeroen Mirck naar het onbetekenende (en stilistisch niet opvallende) Frontaal Naakt. Niet meer dan een vriendendienst, zo weet ik inmiddels. De ene ‘stripjournalist’ verwijst hier naar het webproduct van de andere ‘stripjournalist’.

Voortdurend elkaars scheten door de blogosfeer transporteren, ik vind dat een van de grote ergerlijkheden van dit ‘nieuwe communicatiemedium’. De inhoud telt zelden op zulke momenten, het gaat om de exposure (hoeveel pageviews krijgt mijn artikeltje…?).

Bij Mircks pamflet (dat niet toevallig ook te lezen valt op… Frontaal Naakt) gaat het welbeschouwd ook eerder om een staaltje slimme self exposure dan om een document met een prikkelende, nieuwe boodschap. Beweer ik daarmee dat de auteur een NARCIST is en een EIGENPIJPER? O ja hoor. Volgens het logboek van Wikipedia voegde Mirck vorig jaar zijn eigen persoontje toe als lemma aan deze webencyclopedie… De gemeenschap van Wikipedianen (verstandige mensen) kukelde hem er meteen weer van af.

Voor het overige:

@Erik, verstandige woorden

@Grimbert, het artikel ‘Samenwerken met de buren’ op je blog doet mij nogmaals verzuchten: ‘Bij de ‘fossiele media’ heb je dan tenminste nog eindredacteuren… Geen flauwe opmerking (en excuses als ik je ermee kwets), maar ik vind werkelijk dat je ook (juist!) ‘afwijkende meningen’ niet moet presenteren als taalkundig halffabrikaat.

Jeroen Mirck
23 januari, 2007

Dank voor de uiteenlopende reacties. Natuurlijk is het belang van bloggen al eerder aangekaart, maar het gros van de journalistiek heeft dergelijke oproepen doodleuk naast zich neergelegd. Dat is een struisvogelmentaliteit, die ik met mijn (inderdaad wat sterk aangezette) opiniestuk heb willen doorbreken. Zij die er niet ingeloven, kijk om je heen! Steeds meer media incorporeren user-generated content in hun verslaggeving: NU.nl (steeds meer lezersfoto’s en binnenkort ook Hier.nl), Volkskrant(blog), NRC.next, Nieuwsblad van het Noorden en concern Wegener (de ‘dorpspleinmodellen’). Natuurlijk is het een kwestie van en/en, maar ik heb ook nooit anders beweerd.

Jammer dat Werner de Graaf zo kinderachtig reageert. Op de man spelen hoort ook bij bloggen, maar sleep er dan niet allemaal onzin bij, zoals dat geneuzel over Wikipedia. Het heeft allemaal niks met mijn artikel te maken: als dat niet relevant genoeg was bevonden, had De Nieuwe Reporter het nooit geplaatst.

Ja, ik ken Peter Breedveld van Frontaal Naakt, maar als je hem in zijn gezicht zegt dat ik zijn vriend ben lacht hij je waarschijnlijk hartelijk uit. Ik heb Frontaal Naakt genoemd omdat ik het een interessante politieke blog vind, waar op inhoudelijk wijze over actuele zaken wordt gedebatteerd. Niet alleen de auteurs (Breedveld is stilistisch heel sterk), maar ook de lezers leveren doorgaans prima onderbouwde reacties af. Daar zie je de toegevoegde waarde van interactie met de lezer.

En dat mijn artikel ook daar staat, is alles behalve voorbedachte rade. Breedveld las mijn stuk op De Nieuwe Reporter, mailde me of hij het mocht doorplaatsen en kreeg toestemming na mijn overleg met redacteur Maarten Reijnders: doorplaatsing bijt elkaar in dit geval niet, want Frontaal Naakt bedient een geheel ander publiek dan De Nieuwe Reporter.

Laten we het weer hebben over de essentie: waarom journalisten zouden moeten bloggen.

Werner de Graaf
23 januari, 2007

Kinderachtig? Dat ‘geneuzel over Wikipedia’ heeft wel degelijk een functie. Daarmee illustreer ik een breder probleem: de zucht naar self exposure onder bloggers. Te veel en te vaak constateer ik dat het ego van bloggers de kwaliteit van hun werk in de weg zit. Ik kan het ook botter zeggen: de blogosfeer lijkt verdomd vaak een speeltuintje van matige journalisten die het in de ’serieuze journalistiek’ niet gered hebben (of niet zouden redden). Blogje dan maar? Ben je meteen van die nare eindredacteur verlost die jouw genialiteit maar niet wil erkennen en voortdurend in je stukken schrapt. En hé, maakt niet uit wat je schrijft, er wordt altijd wel op gereageerd. Dat heb je bij de Strontkar Koerier nog nooit meegemaakt…

Ja, kinderachtig, dat laatste zinnetje.

Maar laten we het (zie Van Heeswijk) over de échte essentie hebben: waarom journalisten moet INNOVEREN.

Marko
23 januari, 2007

Als je bedoelt dat iedere nieuwsorganisatie met bloggen aan de slag moet, dan ben ik het met je eens. Maar iedere journalist? Nou, liever niet nee.

Sommige journalisten hebben een vakgebied en een exposure dat zich leent voor webloggen. Maar veel journalisten zijn gewoon ingehuurd voor iets anders: namelijk het bijdragen aan artikelen (zoals eindredactie, fact checking, beeldredactie). Sommigen zijn een paar dagen of zelfs weken druk met het uitzoeken van een verhaal. Dat wil je niet op een log voordat het rond is. En waar moeten ze dan over schrijven?

Veel liever zie ik groepen journalisten of hele redacties webloggen. Dat geeft pas een meerwaarde. Bijvoorbeeld de redacteuren met medische specialisatie die nieuws dat niet in de krant of op tv komt, toch even aanstippen. En omdat het een collectief is, is er een betere continuiteit.

En continuiteit is misschien wel belangrijker dan de scrhijfstijl.

Willem Boersma
23 januari, 2007

Laten we eerlijk zijn: weblogs vormen vaak slechts een uitlaatklep voor de ijdelheid van journalisten of ‘gewone’ burgers die willen laten zien dat ze een mening hebben. Dat heeft op zich weinig met vernieuwend bezig zijn te maken. Weblogs zijn daardoor nog vaak slechts een platform voor een persoonlijke mening. Niet meer, maar ook niet minder.

Voor de journalistiek zie ik veel meer toekomst in weblogs waar een hele redactie achter schuil gaat. Dergelijke weblogs kunnen op grond van het nieuws waar aandacht aan besteed wordt een eigen identiteit vormen en daarmee een breder publiek gaan aanspreken. Vergelijkbaar met de functie zoals kranten die nu nog vooral vervullen.

Meningen zijn leuk en belangrijk, maar zijn overal te vinden. Daar hebben we in principe helemaal geen weblogs voor nodig. Door samen te werken kunnen journalisten daarentegen veel meer inhoud geven aan een weblog en kan er meer gemaakt worden van al die bestaande ‘opinie-eilandjes’. DNR is hiervan een goed voorbeeld. Met het plaatsen van filmpjes en foto’s zijn de multimediale mogelijkheden eindeloos. Dát is pas vernieuwing.

Jaap
23 januari, 2007

@Willem Boersma: veel weblogs worden gelezen omdat er kennis en inzichten wordt gedeeld, niet omdat er enkel een mening wordt verkondigd.

Dat is een belangrijke reden waarom journalisten moeten bloggen, volgens mij: omdat de presmisses van de publicatie van informatie in de nieuwemediawereld anders zijn. Persoonlijk, (inderdaad) geopinieerd, gericht op kennisuitwisseling, vaak gericht op niches, met geringe ‘afstand’ tussen auteurs en lezers, met een andere verhouding t.a.v. ‘concurrenten’ (naar medebloggers moet je linken, in de krant moet je je concurrent zo weinig mogelijk noemen), andere verhouding t.a.v. je bronnen, je hebt veel nieuwe vaardigheden nodig, et cetera.

Het werkt allemaal gewoon een stuk anders, dus kun je maar beter vast gaan bloggen om vast een beetje aan die nieuwe openbaarheid te wennen.

Willem Boersma
23 januari, 2007

@Jaap: De enorme interactieve mogelijkheden van weblogs staan uiteraard niet ter discussie. Daar doe ik zelf vrolijk aan mee. Maar op dit moment zijn weblogs nog vooral een aanvulling op het nieuws en is het dus te voorbarig om te stellen dat je er in de toekomst eerder uit vliegt als je geen weblog hebt. Een dergelijke stelling is slechts uit de lucht gegrepen.

Het lijkt verstandig om met je tijd mee te gaan, maar dat neemt niet weg dat er slechts in beperkte mate sprake is van echte weblog-journalistiek. Meningen opsnuiven kun je via veel meer kanalen dan alleen weblogs, daarvoor hoeft niet iedere journalist te bloggen. Het tempo van de journalistieke ontwikkelingen zal bepalen of weblogs een noodzaak voor iedere journalist zullen worden.

Marco Raaphorst
23 januari, 2007

@Werner
Ik ben het niet met je eens dat bloggers ego-trippers zijn. Een blog is maar een stukje techniek wat soms goed en soms slecht ingezet wordt. Er zijn juist veel bloggers die het over zaken hebben waar de bestaande media geen aandacht aan geeft. Natuurlijk wil elke blogger ten minste een beetje aandacht, maar dat lijkt mij logisch. En ja, iedereen heeft een ego, ook de kleine zen-blogger.

Jouw kritiek op wikimedia vind ik niet helemaal kloppen want er is dankzij wikipedia wel heel veel bereikt. Voor wikipedia was er geen versie-beheer en dat is toch echt een uitkomt. De betrouwbaarheid van wikipedia blijkt ook erg goed te zijn. Maar wikipedia is zich bewust van de problemen wanneer iedereen alles mag wijzigen en het is lastig om dit goed op te lossen. Maar dankzij versie-beheer is het in ieder geval allemaal te traceren. Zelfs Adam Curry (waarvan je mag aannemen dat hij redelijk wat van techniek afweet) was niet in staat om anoniem zich als podcast-uitvinder in beeld te brengen via wikipedia.

Ik begrijp je bezwaren en ik begrijp de lastigheden van de ‘waarheid van de massa’. Maar een verkeerde eindredacteur als enige editor is ook niet altijd alles lijkt mij.

@Dick
Er zijn zat weblogs die nieuws brengen, soms persoonlijk omdat ze in een vliegtuig zitten wat een noodlanding moet maken, tot virussen die in Sony CD’s ontdekt zijn… de BBC blogt en laat het publiek bloggen.

En soms is het verrassende dat blogs nieuws brengen die de oude media links laten liggen, want het belang van de oude media is toch vaak: voldoende kijkers/lezers trekken. Een alternatieve blogger maakt dat geen moer uit. Niet dat het ene gelijk beter is dan het andere, maar het is wel een completer beeld, een betere afspiegeling van al het nieuws wat er op de wereld is te vinden. Weblogs, de betere weblogs, zorgen voor een mooie aanvulling.

[...] Alle journalisten zouden moeten gaan webloggen en wie dat niet doet, mist de boot, zegt journalist Jeroen Mirck op De Nieuwe Reporter. Een nogal uitgekauwde mening begint dit langzaam te worden en bovendien nogal voorspelbaar voor een journalist die zich met internetjournalistiek bezig houdt. [...]

Werner de Graaf
24 januari, 2007

@Marco: Kritiek op Wikipedia? Huh? Je leest niet goed. Ik complimenteer de Wikipedianen juist voor de alertheid waarmee ze narcisme bestrijden.

Je schrijft ook:

“Er zijn zat weblogs die nieuws brengen, soms persoonlijk omdat ze in een vliegtuig zitten wat een noodlanding moet maken”

I rest my case…

Koen Stuyck
24 januari, 2007

Of professionele journalisten nu zelf bloggen of niet, ik denk niet dat hun baan er vanaf hangt. In België hebben de meeste journalisten er uberhaupt geen tijd voor tenzij ze er nog hun schaarse privétijd thuis willen aan besteden maar om zo gepassioneerd te zijn kan je alvast geen gezin hebben. Eer ze van hun werkgever de tijd krijgen om zich eens in wat meer te verdiepen dan de waan van de dag zijn ze al lang vroegtijdig (wegens te duur geworden en belast met te veel ervaring) op straat gezet.
Het klopt dat er af en toe wel eens wat interessants te halen zal zijn in de blogosfeer en dat nieuwspotentieel zal nog wel groeien wanneer meer interessante mensen zich on-line begeven. Maar ook de vraag of het sop de kolen wel waard is wordt steeds prangender. En dan komt er toch steeds weer een bij uitstek journalistieke kwaliteit bij kijken, nl. snel kunnen inschatten wat de waarde is van deze of gene blog, van deze of gene discussie. Wie zijn de mensen die erachter schuilen, hebben ze iets te vertellen, wat is hun eventuele agenda. Gaat het om hun allerindividueelste emoties en schrijven ze bovendien slecht, besteedt er dan geen sylabe meer aan. Er zit veel kaf tussen het koren.
Wil je als journalist toch zelf eens een lijntje uit werpen, doe dan iets anders dan wat je in je dagblad of tijdschrift pleegt te doen. En beleef vooral plezier aan wat je schrijft – de kans dat iemand anders er dan plezier aan beleeft is groter…

Marco Raaphorst
24 januari, 2007

@Werner:
Excuses, inderdaad te snel gelezen door mij!

Fred Sengers
24 januari, 2007

Journalisten moeten bloggen, of ze verliezen hun baan, schrijft Jeroen Mirck. Ik zou daar aan toe willen voegen: journalisten moeten zich aan feiten houden en daar verslag van doen. Vooralsnog zit de blogosphere vooral naar zijn eigen navel te staren. Omdat bloggers zoveel tijd en moeite in hun hobby stoppen en elkaar daar onophoudelijk kond van doen, denken ze dat de hele wereld hetzelfde doet. Maar de realiteit is dat al dat geblog het grootste deel van de samenleving koud laat.

Als Mirck had betoogd dat de toekomst is aan de multimediale journalist, dan had ik hem kunnen volgen. Bij de mening dat de journalist moet bloggen of anders zonder werk komt te zitten, kan ik alleen mijn schouders ophalen.

Werner de Graaf
24 januari, 2007

FAAMWAAN
Fred Sengers schreef: “Omdat bloggers zoveel tijd en moeite in hun hobby stoppen en elkaar daar onophoudelijk kond van doen, denken ze dat de hele wereld hetzelfde doet.”

…en duikelen ze maar al te vaak in de valkuil van de Illusion of fame. Of, in de fraaie vertaling die ik ergens tegenkwam: FAAMWAAN. Word je als lezer weer opgezadeld met de misplaatste zelfgenoegzaamheid die blogs zo onverteerbaar kunnen maken.

BLOGGEN WERKT ZEER VERSLAVEND. HET VEROORZAAKT FAAMWAAN EN NAVELKAF. BEGIN ER NIET AAN.

Jeroen Mirck
24 januari, 2007

Fred Sengers schreef: “Als Mirck had betoogd dat de toekomst is aan de multimediale journalist, dan had ik hem kunnen volgen. Bij de mening dat de journalist moet bloggen of anders zonder werk komt te zitten, kan ik alleen mijn schouders ophalen.”

Dat eerste betoog ik ook. Zoals gezegd: traditionele en nieuwe journalistiek zou moeten samensmelten. Maar om uit te groeien tot die multimediale journalist zul je toch echt zelf actief die multimedialiteit moeten induiken. Je schouders ophalen voor de blogosfeer lijkt me dan niet de juiste houding…

Peter Breedveld
24 januari, 2007

Ik zou werkelijk niet weten of journalisten moeten bloggen omdat ze anders hun baan verliezen. Ik weet wel dat het dedain, waarmee de Oude Media het Internet nog steeds benaderen, misplaatst is. Een krant als NRC Handelsblad is zichzelf in rap tempo overbodig aan het maken omdat ze volhardt in haar betutteling. Veel nieuws wordt ons gewoon onthouden omdat NRC kennelijk vreest dat we daar niet goed mee om kunnen gaan, of dat we allemaal verkeerde ideeën krijgen of zo. Nou, dan kijken we toch gewoon op Internet om te zien hoe het écht zit. En het NRC-abonnement zeggen we op.

Op Internet maken we bovendien kennis met opvattingen en benaderingen waar we voorheen jarenlang van zijn afgeschermd. Omdat ze ‘fout’ zijn, of te gevaarlijk, of misschien gewoon te moeilijk.

Het spasme waarin zo’n Werner schiet, is typisch. Hij ziet iets wat ‘m niet bevalt, namelijk mijn site Frontaal Naakt, haalt één zinnetje (1!) uit de context en baseert daar zijn hele arrogante, denigrerende oordeeltje op, waarbij de agressie nogal opvalt. Waarom wordt die man zo boos, denk ik dan.

Maar wat Werner vindt, doet er niet toe. De bezoekersaantallen van Frontaal Naakt nemen in rap tempo enorm toe en, mooier nog, er wordt steeds meer over gesproken. FN heeft een subversieve invloed, die zich als een olievlek verspreid.

Daar kan zo’n losse flodder over mijn lievelingskleur niet tegenop.

Steeph
24 januari, 2007

Omdat ons weblog als voorbeeld aangehaald wordt, moest ik wel even reageren. Mijn reactie richt zich voornamelijk op de sputteraars.

Voordat ik onze eigen “voorbeeldfunctie” in ga eerst even een compliment naar Jeroen. Twee uitspraken uit zijn stukje zijn namelijk erg treffend:
- “…met hen de dialoog aangaan. Niet alleen omdat die lezer vaak veel meer weet van een specifiek onderwerp dan u, maar ook om een band met uw lezer te smeden…”
- “…Opinievorming betekent discussie, en discussie betekent interactie…”

En eigenlijk weet je pas hoe treffend dit is als je al enige tijd aan het webloggen bent op een blog waar behoorlijk wat publiek komt.
Menig nietbloggende journalist zal waarschijnlijk geen idee hebben hoe moeilijk het is om stukjes te schrijven die binnen een minuut na publicatie onderuit gehaald kunnen worden. Hoeveel kwetsbaarder je daarmee bent. Maar ook, hoeveel sneller je daarvan leert.

Dan even over het feit dat Sargasso als voorbeeld wordt aangehaald. Uiteraard is de leuk om te lezen.
Maar dat juist wij voorbeeld zijn, zegt nogal wat. Sargasso is namelijk een collectief van meer dan 20 amateurs (waarvan slechts 3 met een journalistieke achtergrond). Dat collectief is wel in staat om online inmiddels hetzelfde lezersvolume aan zich te binden als een Parool bijvoorbeeld. Zonder advertenties te plaatsen. Zonder marketingbureau.
Daar moet toch iets aan de hand zijn.

Een aantal reacties hier gaan over het idee dat blogs weinig in te brengen hebben of zelf geen nieuws brengen of alleen prive-meningen geven (Eric-Jan, Dick, Willem Boersma, Werner de Graaf).
Als je dat nu nog serieus durft te beweren, heb je niet op zitten letten.
Natuurlijk zijn er legio weblogs die weinig meer doen dan bestaand nieuws van commentaar voorzien. Maar er zijn er inmiddels ook een behoorlijk aantal die nieuws maken.
Sterker nog, uit eigen ervarring weet ik inmiddels dat het inmiddels voorkomt dat nieuwe zaken die door blogs naar boven worden gehaald een dag of twee later in gevestigde media verschijnen (zonder bronvermelding overigens).

Die vertraging is trouwens ook iets waar niet-bloggende journalisten zich misschien meer bewust van moeten worden. Zelf krijg ik dagelijks twee papieren kranten thuis. Steeds vaker merk ik dat ik “nieuws” zit te lezen dat ik de dag ervoor of zelfs twee dagen ervoor reeds elders gezien had. Nog sterker, “nieuwtjes” die inmiddels online al door deskundig commentaar onderuit gehaald zijn. De krant boet daarmee snel aan waarde in.

Het “wederhoor” aspect is nog wel een zwak punt van veel weblogs. Maar dat is slechts een kwestie van tijd. Naarmate weblogs zich meer zullen professionaliseren, zullen ze ook meer tijd hebben om achter de wederhoor aan te gaan.

@Werner: FaamWaan is een mooi woord. En het zal heus zijn dat die illusie bij sommigen heerst. Maar je mist wat nuance. Er zijn bloggers die zich blindstaren op pageviews (wat toch op zijn minst iets zegt). Maar er zijn ook bloggers die zien dat goede stukjes op tientallen plaatsen aangehaald worden, soms zelfs geheel gekopieerd worden (vanwege CC licentie). De invloed kan soms verstrekkend zijn.
En zien hoe een stuk her en der op het web aangehaald wordt, leert je ook heel veel. Van een krantenartikel is het maar gokken op hoeveel verjaardagen het besproken wordt. Van een internetartikel is snel te zien op welke fora het aangehaald wordt.

Voor alle duidelijkheid, ik ben geen journalist, ik heb een gewone fulltime baan die helemaal niets met journalistiek of media te maken heeft.

Werner de Graaf
25 januari, 2007

VOORTDUREND GEBEUK
Peter Breedveld schreef: “Maar wat Werner vindt, doet er niet toe.”
Waarom reageert die man dan, denk ik dan. Om even tussen neus en lippen op te merken hoe ontzettend goed het gaat met zijn blog, natuurlijk. Van harte daarmee, Peter.

Ja, het is het flauw, zo’n zinnetje over je favoriete kleur uit de context lichten. Ik had ook een uitgebreide sneer kunnen maken over de Oude Koek die geserveerd wordt in je blog: over wat de schrijfster van het artikel America Alone opdient, las ik in de eerste helft van 2006 al stukken in zowel de nieuwe media (nota bene de weblog van het NRC) als de oude. Dat waren inzichtelijke analyses zónder een sliert van onfrisse reacties (’subversieve journalistiek’ kan blijkbaar niet zonder, wat ik betreur).

Toch beweert Peter Breedveld verongelijkt: “Veel nieuws wordt ons gewoon onthouden omdat NRC kennelijk vreest dat we daar niet goed mee om kunnen gaan, of dat we allemaal verkeerde ideeën krijgen of zo.”

Of zo?

Ik snap het wel hoor, dat je als blogger elke gelegenheid aangrijpt om te hameren op de meerwaarde van je product. Ik word alleen een beetje moe van dat voortdurende gebeuk op ‘de oude media’ (’ze’ houden nieuws achter!) en dat pathetische slachtofferschap (’ze’ behandelen ons met dedain!). Als je bezoekersaantallen inderdaad ‘in rap tempo enorm toenemen’ dan haal je daar toch je schouders over op, over dat dedain? Dat heet zelfvertrouwen.

Boris Verstappen
25 januari, 2007

Ik ben het met Werner eens. Het is rancuneuze onzin van Breedveld om te beweren dat de oude media het zuivere volk klein willen houden; net als de oude politiek zeker. Kranten, NRC voorop, struikelen bijna over zichzelf om het de mondige lezer naar de zin te maken, het stikt van de weblogs van redacteuren (beetje teveel inmiddels) en lezersfora, die ook nog eens uitgebreid in de krant zelf aan bod komen. De website van Breedveld zelf is een ontmoetingsplaats van benepen geesten die bibberen voor de Islam en overal een links complot in zien. Dat is waar de meeste blogs voor dienen, men zoekt geestverwanten op om eindeloos het eigen gelijk bevestigd te zien – en dat gebeurt vooral door keer op keer te roepen dat anderen, vooral de zogenaamde Oude Media waar ze zelf geen kans maken, overbodig, verkalkt, links, corrupt, etc. etc zijn. Nogal vermoeiend.

Arno van 't Hoog
25 januari, 2007

Ik heb het inmiddels iets te vaak gelezen, die naderende dood – of moet ik ‘deaud’zeggen? – van de old skool journalist. Het is een onweerlegbare argumentatievorm: wie niet doet als ik zal verdwijnen, want wat ik doe is het enige dat de toekomst heeft. Het heeft religieuze trekjes, alsof de dag des oordeels eraan komt en er een laatste waarschuwing wordt gegeven om nog te bekeren.

Wie zo zeker meent te weten wat de toekomst gaat brengen, is begiftigd met goddelijke gaven en moet zeker gaan beleggen op de beurs. Het zal wel bij de snerende branie horen van de blogosfeer (ik mag om die reden graag scrollen op GeenStijl helemaal als Kouwes aan het dichten is) maar het wordt zo wel erg moeilijk om vorm en inhoud te scheiden. Steeph doet dat trouwens wel.

Natuurlijk is internet belangrijk, en bloggen ook, en het wordt nog allemaal veel en veel belangrijker. En tuurlijk gaan krant, tv, radio en internet integreren. Maar dat vertelt niets over de bijdrage van blogs, of de grote diversiteit daarin, of wie daar gebruik van maken, en wat voor content ze zullen genereren buiten commentaar en opinie.

Wat rest is veel verontwaardiging en een karikatuur die als vaststaand feit wordt gepresenteerd. Zo overschreeuwen de bloggers hun eigen gelijk gaat de discussie deaud voordat ie begonnen is.

Verbal Jam
25 januari, 2007

Erg veel dédain voor het bloggen in sommige commentaren, valt mij op. Dan lees ik toch liever de genuanceerde reactie van Steeph, in plaats van gemakkelijke ‘argumenten’ dat bloggers lijden aan ‘faamwaan’. Alsof datzelfde voor traditionele media niet zou gelden. Dagelijks hebben wij te lijden onder de verregaande egotripperij van de onvermijdelijke BN-ers.
De krant of een radio-/televisieprogramma mag reclame voor zichzelf maken, maar als een weblog dat doet is het ‘narcisme’. Meten met twee maten als je er goed over nadenkt.

Het grootste gevaar in dit soort discussies is het verregaande generaliseren. De ene journalist is de andere niet, het ene weblog is het andere niet, de ene krant is de andere niet enzovoort… Daardoor is de werkelijkheid dat de kwaliteit van sommige weblogs die van bepaalde kranten of tijdschriften verre kan overstijgen. Dat is minder moeilijk dan het lijkt, want ook in druk verschijnt er onnoemelijk veel bagger. En wat maakt de mening van de journalist per definitie beter dan die van een weblogger? Omdat hij in de krant staat? Dat moet dan wel een heuse kwaliteitskrant zijn en het overgrote deel van de journalisten werkt daar niet.

Wie beweert trouwens dat een weblog de concurrent pretendeert te zijn van de journalist? Het individuele weblog mag in termen van lezersaantallen doorgaans onbeduidend zijn, het kan zomaar omslaan. Of gooi er een miljoen aan marketing tegenaan en zelfs een weblog over de kat die heeft gejongd speelt zichzelf nog in de kijkerd. Zo betrekkelijk is dat volgens mij.

Laten we toch wat meer openminded zijn en onbekommerd het beste van twee werelden gebruiken. Want dit schiet allemaal niet op…

Esther Gotink
26 januari, 2007

Jeroen, zoals de Britten zeggen: Hear, hear!

Persoonlijk vind ik de blog een mooi medium om contact te leggen tussen journalist (in mijn geval: correspondent) en lezer. Ik hoor graag van de afnemers van mijn nieuws, ook als een verhaal ze niet bevalt. Daar kan ik alleen maar van leren.

En nou ga ik weer aan het werk (lees: bloggen… overigens met dank aan Vincent Everts)

Ton Luiting
26 januari, 2007

Van Typemachine tot Computertoetsenbord

Als journalist en voorlichter had ik een stormachtige loopbaan, die eindigde als de eerste perschef van Pim Fortuyn in de Leefbaar Nederland-periode (waarvan ik mede-oprichter was). Na het roemruchte Volkskrant-interview kwam ik in rustiger vaarwater.
Daarna ging ik als 65-jarige naar de Media-Academie in Hilversum de cursus volgen van ïnternetjournalist (Schrijven voor de Media).
Ik werd door iedereen (collega’s) uitgelachen. Met opmerkingen van: “wat betekent nu dat internet”. Inmiddels werk ik (als 70-jarige) nog steeds en jongere collega’s zijn werkloos en vragen mij nu om advies. Het afgelopen jaar heb ik een cursus gedaan “webmaster” en beheer een eigen site.
Internetjournalistiek is de toekomst.

Tibor
27 januari, 2007

@Werner:

Laten we even het kaf van het koren scheiden. Ik weet niet waar jij je kennelijke autoriteit op het gebied van journalistiek en weblogs op baseert, maar twee van de eerste vijf resultaten van zoeken op “Werner de Graaf” in Google verwijzen vooralsnog naar de (overigens heel interessante) discussie op dit weblog.

Waarbij ik opmerk dat jouw tamelijk generaliserende en neerbuigende opmerkingen bepaald veelzeggend zijn.

Maar “faamwaan” is een mooi woord, dat dan weer wel.

[...] Interessante discussie opDe nieuwe reporter , waarvan onlangs ook een mooi jaarboek verscheen. [...]

Werner de Graaf
27 januari, 2007

@Tibor: Tijdelijke alter ego’s geven lucht als het aantal hits op je werkelijke naam (10.000+, gros NIET blog gerelateerd) steeds vaker een last blijkt en afleidt van de kern.

(Dat ik de fout beging om de term ‘De Strontkar Koerier’ te gebruiken en mezelf daarmee voor een hele generatie Wibauters te kijk te zetten, soit…)

Tibor
27 januari, 2007

LOL!

Sure; I rest my case…

Anno Zijlstra
28 januari, 2007

Ik vind het merkwaardig dat er zo weinig gebruik van dit medium wordt gemaakt, ook voor de journalist zelve erg leerzaam contact met lezers etc…
Nog gekker is het dat ook politiek het grotendeels laat afweten, uiteraard op de goede uitzonderingben na.
Je zou zeggen, grijp je kans een unieke kans zelfs, maar ja hoe vaak is dat nu al niet gezegd…………

Wibaut jr.
30 januari, 2007

Niet je de “strontkar koerier” verraadt je, “Werner”, maar je schijnbaar onuitroeibare hooghartigheid waar een hele generatie Wibauters “dag in dag uit” de zenuwen van kreeg… Maar waar ik, ere wie ere toekomt, altijd wel gecharmeerd van was.
8000- hits afronden naar 10000+ is dan weer het soort overdrijving dat ik niet bij je vind passen. Maar wel een leuk idee van je om van DNR een sleutelroman te maken.
Maar ga eens een borrel drinken met Ton Luiting, dat is de werkelijk wijze oude generatie.

Jeroen Mirck
30 januari, 2007

Zojuist zat ik samen met Volkskrant-journalist Bert Wagendorp live in de uitzending van NCRV-programma Mensen in de Media, op Radio 1. Het ging uiteraard over bovenstaand stuk. Straks ongetwijfeld terug te beluisteren via http://www.radio1.nl

Peter Breedveld
30 januari, 2007

Werner geeft toe dat het flauw is om één zinnetje te nemen en daar zijn oordeel over mijn site op te baseren. En wat doet hij dan? Hij neemt één artikel en gebruikt dat als de maat der dingen. Er staan er zowat 900 op mijn site. Het meeste lees je niet op een NRC-blog.

Je bent niet serieus te nemen, Werner. Het gaat je erom te hakken en te denigreren. Boris Verstappen is al net zo’n druiloor. Andersdenkenden zijn in de ogen van dergelijke lieden altijd ‘rancuneus’. ‘Rancuneus’ zegt alles. O, luister maar niet naar hem, hij is ‘rancuneus’.

Beter rancuneus dan oliedom en dan toch nog arrogant.

Werner de Graaf
30 januari, 2007

Peter Breedveld schrijft vandaag: “Je bent niet serieus te nemen, Werner.”

Zes dagen geleden schreef Peter Breedveld: “Maar wat Werner vindt doet er niet toe.”

Vreemd, maar ik geloof deze Peter Breedveld niet.

@Wibaut JR: Dank voor de ‘eer’. Alleen de mensen die destijds de lessen achter die ‘onuitroeibare hooghartigheid’ niet begrepen, werden er misschien zenuwachtig van. Die zijn, geef toe, ook niet aan zichzelf onstegen. De beste journalisten gaan niet sneu miespelen over ‘hakken en denigreren’, maar bij zichzelf te rade als iemand een gevoelige snaar bij hen raakt. Dat heet domweg zelfvertrouwen, maar dat had ik al gezegd.

Nieuwe Media
2 februari, 2007

Live op Radio 1 praten over bloggen

Dinsdag zat ik live in de uitzending van Radio 1, bij het NCRV-programma ‘Mensen in de media’ (MM). Sjors Fröhlich (Stand.nl) interviewde me over mijn bewering dat ontslag dreigt voor journalisten die weigeren te bloggen. Dat had ik namelijk beweerd

Bart
26 november, 2007

Ik denk dat je na zoveel interessante reacties wel kan stellen dat opiniërend internetschrijven belangrijk is, of dat nu op een website van een krant of op een weblog gebeurt.

Een aantal van de hier geplaatste teksten zal ik aanhalen in mijn afstudeervisie met de strekking dat journalistiek studenten moeten bloggen. Dat u het even weet.

Jeroen Mirck
19 juli, 2008

Journalisten moeten gaan bloggen…

Dames en heren journalisten, u slaapt. U mist of negeert de belangrijkste trend van dit decennium, maar voelt zich daar eigenlijk best tevreden over. Massaal schrijft u op dat Time Magazine de consument heeft verkozen tot Person of the Year 2006, maar …

[...] I like the organizers of Blog ‘08, who I met for a cup of coffee last week, so I submitted my personal favorite. “That one rockin’ blog post could only be this one, originally posted here. By warning journalists that they could lose their jobs if they kept on resisting to blog, I instigated a heavy discussion on the Dutch journalist blog DNR. It might still be one of my most influential blog entries ever.” [...]

Impish
22 oktober, 2008

@ Werner: “Tijdelijke alter ego’s geven lucht als het aantal hits op je werkelijke naam (10.000+, gros NIET blog gerelateerd) steeds vaker een last blijkt en afleidt van de kern.”

Tjongejonge zeg, over FaamWaan gesproken.

Hou alsjeblieft op met dat agressieve en inhoudsloze geschreeuw van je. Ik heb welgeteld nog maar één inhoudelijk argument van je gehoord (en dat was nog een slecht argument ook) namelijk dat het bloggers alleen maar te doen is om self exposure.

Fout: Bloggers delen graag meningen, en zijn benieuwd naar andermans mening.

Uit de reacties waarin staat hoe vaak jij wel niet te vinden bent op google (as if we care) blijkt echter dat juist jij zo’n persoon bent die veel te blij is dat hij bestaat op deze wereld.

Ik ben benieuwd naar je reactie, en ik hoop dat die (eindelijk) een goede en inhoudelijke draai aan deze discussie geeft.

Succes!!!

[...] Twee jaar geleden schreef ik op De Nieuwe Reporter een stuk onder de uitdagende titel ‘Journalisten moeten bloggen of ze verliezen hun baan‘. Het leverde een pittige discussie op over bloggende journalisten. Laat dat nou net het thema zijn van een serie interviews op het weblog van media-onderzoeker Alexander Pleijter. “Jeroen Mirck is de ideale kandidaat om deze serie over bloggende journalisten af te sluiten”, schrijft hij. Ik voel me vereerd. Hieronder mijn antwoorden op zijn vragen, voorzien van wat extra commentaar. [...]

[...] verplicht aan de tweets moeten. Toen was de boodschap dat journalisten die niet bloggen hun baan zouden verliezen, nu vrezen studenten dat ze minder kans maken bij sollicitaties als ze niet actief zijn op [...]

[...] jaar geleden schreef Jeroen Mirck op De Nieuwe Reporter een stuk onder de uitdagende titel ‘Journalisten moeten bloggen of ze verliezen hun baan‘. Het leverde een stevige discussie op. Jeroen Mirck is dus de ideale kandidaat om deze serie [...]

[...] moeten bloggen of ze verliezen hun baan”, schreef Jeroen Mirck bijna twee jaar geleden op De Nieuwe Reporter. Het leverde een stroom aan reacties op. [...]

[...] twee jaar geleden schreef Jeroen Mirck op De Nieuwe Reporter een stuk met als titel ‘journalisten moeten bloggen of ze verliezen hun baan‘. Zou dat eigenlijk ook niet voor wetenschappers gelden? Is het niet een soort moderne plicht [...]

Alex Scheijbeler
29 april, 2009

veel geleerd prachtig

Alex Scheijbeler
13 juli, 2009

tja

Alex Scheijbeler
13 juli, 2009

dat is het met blogs Scheijbeler.wordpress.com

[...] van de afgelopen paar jaar. In 2007 schreef ik voor journalistenblog De Nieuwe Reporter het pamflet “Journalisten moeten bloggen of ze verliezen hun baan.” Dat was moedwillig wat scherp aangezet, omdat nieuwe media nog steeds het stiefkindje waren van de [...]


Laat een reactie achter »