Craig Silverman, de digitale rectificatiejager

Craig Silverman (29) heeft een curieuze hobby. Hij zoekt rectificatieberichten in – voornamelijk – Noord-Amerikaanse media. En hij bouwde een website rond zijn collectie: Regret the Error. Met hulp van burgers, journalisten en andere mediamensen plaatst hij dagelijks een handvol curieuze herstelberichten of rectificaties op de site die dagelijks zo’n 3500 bezoekers trekt. Behalve in december, als de inwoner van Montreal zijn jaaroverzicht publiceert, dan neemt het verkeer toe tot wel 100.000 nieuwsgierigen in twee weken. “Juist internet biedt nieuwe mogelijkheden om als medium open te zijn over wat je fout deed.”

Soms hebben kleine ideeën grote gevolgen. Zo ook met de brainwave die Silverman, freelance journalist in Montreal, begin 2004 kreeg. Hij wilde meedoen met de blog-wave en zocht een thema. Iets over zijn eigen vak. “Ik was altijd al geïnteresseerd in rectificaties en niemand deed dit nog”, aldus Silverman. Zo ontstond ‘Regret the Error’: twee vliegen in één klap. In oktober 2004 werd zijn plan werkelijkheid. En die eerste dag bezochten 10.000 bezoekers de weblog. “Ik dacht meteen: wow, dit heeft wel toekomst. Nu denk ik dat ik er ook nooit meer vanaf zal komen”, aldus de journalist die deze week vernam dat zijn site is genomineerd voor ‘Best Canadian Weblog’.

Silverman legt zijn filosofie uit: ‘Wij als journalisten maken allemaal wel eens een fout. Een van de manieren om daar mee om te gaan is er met elkaar over te praten. Dan kun je begrijpen wat er gebeurt. Bovendien zijn herstelberichten, aanvullingen en rectificaties erg grappig.”

craig1 Hij spendeert nu dagelijks één tot drie uur aan zijn zoektocht en het updaten van zijn weblog. Daarvoor doorzoekt hij vooral de online rectificatierubrieken van diverse media (die ook alfabetisch op zijn blog staan). Bovendien krijgt hij veel tips van burgers. Zelfs in Engeland en Duitsland weten ze hem te vinden. “Ik denk dat ik per week zo’n twintig e-mails krijg van mensen die een onderwerp aandragen. In die zin is dit inderdaad een succesvolle samenwerking tussen een beroepsjournalist die zorgt voor de omgeving en het publiceren, en burgers die onderwerpen aandragen. Ik kan niet alles lezen en ben dus afhankelijk van hulp. Ik geloof zeer in de Wisdom of Crowds.”

Bij de start verwachtte Silverman dat de mogelijkheid bestond dat hij nogal afkeurende reacties van journalisten zou krijgen die het niet prettig zouden vinden dat de uitglijders van het beroep breed uitgemeten worden. “Maar ik heb geen enkele boze e-mail van een journalist ontvangen. Dat is bemoedigend.”

Geld heeft Silverman nog niet verdiend met zijn hobby. En dat vindt hij ook niet nodig. Zijn site blijft vrij van reclame. Wie wil mag via een ‘Tip Jar’ de maker steunen. Hij ontving in de ruim twee jaar dat hij nu bezig is, op die manier welgeteld 50 dollar. “Ach, het dekt een heel klein beetje de kosten van de techniek.” Hij heeft wel allerlei andere opdrachten als freelancer overgehouden aan zijn inmiddels aardige bekendheid. Op die manier is zijn weblog indirect lucratief.

Hoogtepunt van het jaar is zijn traditionele jaaroverzicht, ‘The Year in Cruncs’. Daarin worden in diverse categorieën de mooiste, opvallendste en meest raadselachtige herstelberichten gekozen. Zoals de rectificatie die de Kentucky Lexington Herald-Leader dat jaar plaatste ter gelegenheid van de viering het veertigjarig jubileum van de Civil Rights Act:


“It has come to the editor’s attention that the Herald-Leader neglected to cover the civil rights movement. We regret the omission.”

De freelancer voor dagbladen en tijdschriften schrijft momenteel fulltime aan een boek over zijn bevindingen. Het moet in december in de Noord-Amerikaanse boekhandels liggen. In het boek aandacht voor de geschiedenis van het herstelbericht (“Wist je dat we al herstelberichten kennen van rond 1700?”)

Als dat karwei klaar is gaat Silverman de site een nieuwe ‘boost’ geven. Het moet makkelijker worden voor bezoekers om tips te mailen. En misschien zoekt hij wel samenwerking met een universiteit, zodat ‘Regret the Error’ wat minder een ‘one man band’ wordt.

Voor Craig Silverman staat na ruim twee jaar ‘Regret the Error’ vast dat het de beroepsgroep ontbreekt aan een standaard voor rectificaties of herstelberichten. “Sommigen doen het goed, die maken gebruik van internet om bij het oorspronkelijke artikel een herstelbericht te plaatsen. Maar er zijn ook nog heel veel organisaties, vooral omroepen, die geen idee hebben over hoe ze met rectificaties moeten omgaan. En dat is toch vreemd. In de pers kennen we het fenomeen rectificatie al een paar honderd jaar. Maar nog steeds kunnen we het blijkbaar niet goed. En nog steeds is er geen standaard voor. Terwijl er vandaag de dag een enorme kans ligt om online aan lezers, kijkers of luisteraars duidelijk te maken wat er eventueel misging. Dat is veel effectiever. Een voorbeeld van hoe het zou moeten is Slate.com. Als zij op internet een artikel wijzigen, plaatsen ze in het artikel een asterix bij de wijziging. Als je op die asterix klikt, spring je naar het einde van het stuk, waar je leest welke wijziging is doorgevoerd en waarom. Op die manier wordt een artikel een levend organisme, want je kunt steeds updaten en laten zien wat je hebt gedaan. Het Wikipedia-idee. Bovendien publiceren ze iedere week een complete lijst met alle wijzigingen. Vergelijk dat eens met sommige rectificatieteksten in dagbladen, die zo vreselijk raadselachtig geschreven zijn, dat je niet eens weet waar het oorspronkelijke stuk over ging en wat daar fout aan was.”

Vooral bij televisie ontbreekt het volgens Silverman veelal aan een helder rectificatiebeleid. “Ze zijn er nooit erg tekstgericht geweest. Veel stations hebben weliswaar een website, maar die wordt niet gebruikt om fouten te herstellen. Nu zie je nog wel eens ‘scrubbing’: een nieuwsitem dat niet correct is, blijkt in een volgende nieuwsuitzending ineens gewijzigd. Waarom het veranderd is, kom je als kijker niet eens te weten! Televisie loopt op dit terrein echt achter!”

De vraag dringt zich op of Silverman er niet ontzettend depressief van wordt als hij dag-in-dag-uit ziet dat media dezelfde fouten maken? “Tsja, vrolijk word je er inderdaad niet van, nee. Er zijn hier diverse onderzoeken gedaan naar ‘accuracy’. Daaruit blijkt steeds dat in ongeveer de helft van alle artikelen in kranten een fout staat. Bijna de helft! Dat is heel erg! We weten dat we fouten maken en we weten dat we niet perfect zijn, maar de helft?”

Een van de oorzaken zou volgens Silverman het verdwijnen van de ‘proofreader’ kunnen zijn uit de dagbladjournalistiek. “Dat werk is overgenomen door spellingcheckers, maar die zorgen voor veel fouten. En weet je dat de laatste twintig jaar het aantal fact-checkers in de VS is afgenomen?”

“Ik ben het met je eens dat het zo lijkt dat de journalistiek helemaal niets leert van de eigen fouten. En dat is opmerkelijk. Want voor mijn boek stelde ik vast dat klachten over journalisten er al honderden jaren zijn. We hebben allerlei technologische ontwikkelingen gehad, alleen aan die fouten hebben we niets kunnen doen. Dat is deprimerend. Maar misschien vormt internet een lichtpuntje. Misschien moeten we naar een ISO-standaard voor het toegeven van fouten. Voor m’n boek onderzoek ik nu hoe in andere industrietakken met fouten wordt omgegaan. Want als je in een auto een airbag plaatst die het niet doet, heb je als fabrikant echt een groot probleem! In de journalistiek gaan we daar misschien wat te gemakkelijk mee om.”

2 reacties

  1. Geweldig initiatief; dit vraagt om navolging. Hoewel: de Nederlandse dagbladen maken geen fouten, in ieder geval niet op hun digitale edities.:)

  2. Pingback: Correctie-software « De nieuwe reporter

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>