De handicaps van anoniem bloggen

Een van de interessantste bijkomstigheden van het internet is het gebruik van pseudoniemen. Op veel blogs en discussiefora is het zelfs de regel om anoniem te posten en te reageren. Er wordt nogal verschillend geoordeeld over dat fenomeen. Aan de ene kant zijn er de progressieve liberalen, die in iedere ontwikkeling in de grote reageerbuis van het internet een diepere betekenis zien. Anonimiteit of pseudonimiteit zijn daarbij bevrijdende expressievormen, die mensen losmaakt
van hun alledaagse rol en sociale verplichtingen. Aan de andere kant zijn er de conservatieve doemdenkers, die zenuwachtig worden van de ondoorzichtigheid die dat oplevert. Want wie gaan er schuil achter de naam BertjeBuikstuiter of Suzie023? Wat willen ze en waarom zijn ze soms zo grof en grappig? Zeker mensen van voor 1985 voelen zich al snel als een ongemakkelijk muurbloempje in een ballroom vol swingende boerka’s.

Er zijn een paar verklaringen waarom pseudonimiteit bestaat. Om met de minst filosofische te beginnen: de allerbelangrijkste reden is dat een toevalsverschijnsel uit de vroege subcultuur van het internet tot norm is verheven. Velen nemen een pseudoniem omdat de meerderheid dat doet. Het pseudoniem is daarbij gewoon een nickname – that’s all.

Het beschermen van de identiteit is voor een veel kleinere minderheid de reden om een pseudoniem te kiezen. Ze voelen zich anders niet vrij, of bevreesd dat hen ‘iets’ zal worden nagedragen. Wat precies, is vaak ontzettend vaag. Henk Blanken schreef onlangs dat ‘juist in een omgeving waar van individuele gebruikers alles – zijn klikgedrag, zijn voorkeuren, zijn relaties – wordt vastgelegd, is het van het grootste belang dat er nog een onderscheid gehandhaafd kan worden tussen zijn online identiteit en zijn werkelijke persoon’. Anonimiteit lijkt zo een tegenwicht te moeten vormen tegen – tja, tegen wat eigenlijk?

Toch is er wel wat te zeggen voor een pseudoniem als privacyscherm, maar alleen in specifieke situaties, zoals voor klokkenluiders die zich niet melden als ze niet anoniem hun verhaal kunnen doen. In dat opzicht spreken sommigen van het ‘recht op pseudonimiteit’, als een garantie voor de vrijheid van meningsuiting, zeker in streken als China en Rusland. Ze verwijzen daarbij naar de rol van anonimiteit in maatschappelijke discussies en democratische omwentelingen. Om die reden zou er nooit door overheden een beperking mogen worden opgelegd.

Dat laatste is een prima stelling: handen af van anonimiteit op het internet! Het probleem is alleen dat de verdediging van dit grondrecht soms fundamentalistisch wordt uitgelegd: het pseudoniem is de democratische geuzenvlag van het internet en alle monsters die het voortbrengt moeten we maar glimlachend voor lief nemen.

Misbruik van pseudonimiteit kan grote schade aanrichten, in de verkeerde handen, of bij personen met de verkeerde motieven. Bijvoorbeeld bij anonieme restaurantrecensenten die eigenlijk zelf een keuken bestieren en de concurrent wat omzet willen afromen. Dat er een poging wordt gedaan om met
een wet het economisch misbruik ervan te reguleren, geeft dat al aan dat er teveel onduidelijkheid is. Of
deze poging gaat slagen is een tweede.
Of bij politieke tegenstanders of mensen die karaktermoord willen plegen: zondag klaagde Henk Westbroek op BNR Nieuwsradio, dat op fora van Utrechtse media hij anoniem werd beschuldigd van verkrachting. Dat is nooit leuk, zeker niet voor iemand die zich verkiesbaar stelt als burgemeester. Misbruik is soms veel laagschedeliger, in handen van mensen die domweg de verleiding niet kunnen weerstaan. Er zijn columnisten geweest die eigen waar aanprezen onder een zelf aangemaakt pseudoniem. In het geval van beleggingsexperts is dat helemaal brisant.

Het pseudoniem is dus niet probleemloos. En al helemaal niet voor bloggers of sites met journalistieke aspiraties of met ambities om de gevestigde journalistiek te vervangen. Daar levert het talloze handicaps, niet in de laatste plaats op het gebied van een betrouwbare reputatie. Er zijn zat situaties denkbaar waarin het goed is als duidelijk wordt wat de blogger voor relatie heeft met zijn onderwerp: is hij deskundige, insider, heeft hij belangen en kunnen die in conflict komen met wat hij publiceert? Wat wil de blogger met zijn postings; onthullen, aan de kaak stellen, bekritiseren, debunken?

Wie werkelijk gelooft dat alleen de argumenten zouden moeten tellen en namen of betrekkingen er niet toe doen, is erg naief. Probeer eens voor te stellen hoeveel beter de wereld wordt als campagneteams van politieke partijen op grote schaal anoniem gaan posten over de zwaktes in de ideeën van hun tegenstanders.

Er zijn kortom hele goede redenen om fora of sites af te schermen van pseudonimiteit. Juist die sites zouden wel eens de vernieuwende voorhoede kunnen gaan vormen. Omdat ze met open vizier werken, vertellen wat ze willen, bij beschuldigingen verantwoording afleggen en soms gewoon afzien van een publicatie omdat ze er niet onafhankelijk over kunnen publiceren. En omdat ze boven alles zelf transparant willen zijn, want dat is precies wat ze van anderen – media, overheid, bedrijfsleven – ook eisen.

12 reacties

  1. WZNM schreef op 17 februari 2007 om 10:06

    Iedere medaille heeft twee kanten.

    Anonimiteit geeft mensen de vrijheid om alles wat ze echt denken op een direkte manier te uiten. Veel mensen willen om legitieme redenen werk en privéleven gescheiden houden. Controversiële meningen houden mensen liever voor zichzelf. Kijk naar de exitpolls bij de laatste verkiezingen. Niet alle kiezers van de PvdV durfden dat openlijk toe te geven. Gevolg: een veel grotere winst dan iedereen had voorspeld. Steeds meer werkgevers ‘googelen’ de naam van een sollicitant/werknemer even om te kijken wat voor vlees ze eigenlijk in de kuip halen of hebben. Alleen daarom al is het gebruik van een pseudoniem logisch. Mensen durven ook eerder als klokkenluider te fungeren.

    Het nadeel van anonimiteit is natuurlijk dat roddel en achterklap om de hoek loeren. Imagobeschadiging is een risico, maar zal m.i. als het niet door feiten wordt gestaafd wel meevallen. En van online strafbare feiten als racisme, haatzaaierij, of doodsbedreigingen kan altijd aaangifte worden gedaan.

    Steeds meer mensen zullen uit de anonimiteit DURVEN treden om een openbare opinie te geven. Bij harde beschuldigingen zullen mensen uit de anonimiteit MOETEN treden. Het internet zal zichzelf reguleren en daardoor steeds transparanter worden, maar er zal altijd een deel blijven dat in de anonieme sfeer zal blijven hangen.

    Niets mis mee.

  2. Niets erger dan van die critici die alleen onder een pseudoniem het lef hebben om van alles te vinden. De schaduw van de anonimiteit biedt zekerheid (mij pakken ze lekker toch niet), maar getuigt evenzeer van lafheid.

  3. Ik heb in online discussies vaak meegemaakt dat een niet-anonieme stellingnemer compleet werd afgemaakt door anonieme tegenstanders die echt op de man speelden. Het erge is: dat kan die niet-anonieme debater dus niet doen bij zijn tegenstanders. In zulke situaties is dat echt laf.

    Tegelijk zijn er echter voldoende redenen te bedenken om anoniem te bloggen; bijvoorbeeld als je kritiek levert op het bedrijf waar je werkt, of als je misstanden in de wijk aankaart en bang bent voor een ‘Schevenings’ mes in je rug…

  4. Werner de Graaf schreef op 17 februari 2007 om 12:31

    Een handicap los je niet op, je maakt ‘m hanteerbaar. De discussie over hoe je dat zou kunnen aanpakken*), vind ik interessanter dan de roep om sites die volledig van pseudonimiteit zijn afgeschermd. Blanken wees er al, volkomen terecht, op dat dat gewoon niet realistisch en niet haalbaar is.

    Tussen de regels lees ik in de bijdrage van Van ‘t Hoog: bij wie onder eigen naam publiceert zijn wél meteen de belangen duidelijk. Dat vind ik buitengewoon naïef gedacht.

    *) Amazon werkt met zogenaamde badges om althans gedeeltelijk de achtergrond van een reviewer te kenschetsen. Interessant is de (gedeponeerde) vondst van een RealName-badge. Zie:

    http://www.amazon.com/exec/obidos/tg/browse/-/14279681/pop-up

  5. Pierre schreef op 17 februari 2007 om 16:13

    Het is typisch ‘des media’s’ om de waarde van een mening te bepalen op de man of vrouw die die mening postuleert. Dat is dan ook een geheel eigen leven gaan leiden, met als ranzige uitwas de BN’ers. Net zomin als Christina kan zingen of Irene met bomen kan praten, is de BN’er een homo universalis. Maar dat is nog te verdragen. Wat niet te verdragen is, is het incestueuze reageren van vooral politici, maar ook andere deskundigen en insiders, op elkaars gedrag of ideeen. Niet omdat die mening er niet toe doet, maar omdat het een ander doel dient. Het is geen mening maar een statement. De mening van iemand in de blogosfeer kun je beschouwen als de vox populi op gepersonaliseerd niveau, ook al is die stem anoniem. In feite is die vox altijd anoniem, en dat wordt door het gebruik van pseudoniemen slechts bevestigd. Heeft de mening van ‘Truus de Groot’ op het kabinetsbeleid meer gewicht dan de mening van ‘Truus023′ op een weblog? The Clash zong het indertijd zo mooi: ‘You have the right of free speech, as long as you don’t actually try it’. Het gebruik van pseudoniemen raakt aan de essentie van democratie en vrijheid van meningsuiting: gaat het om de mening of om de persoon! Even pragmatischer: zijn duizenden anonieme uitingen tegen bijvoorbeeld buitenlanders van minder gewicht dan de zalvende woorden die duidelijk moeten maken dat alle integratiepogingen hun vruchten afwerpen. Ook al staat er iemand met naam en toenaam te preken.

  6. Tegen wat eigenlijk, vraagt Arno van ‘t Hoog, moet anonimiteit een tegenwicht vormen. Daarmee suggereert hij dat dat tegenwicht niet zo nodig is. Ik ben het daar niet mee eens, en Van ‘t Hoog kent de redenen ook wel: hij somt er zelfs een aantal op. De meest voor de hand liggende is natuurlijk deze: naar mate online meer van ons wordt vastgelegd, ons klikgedrag, onze uitlatingen op fora en in nieuwsgroepen, wat we kopen en verkopen, waar we werken en wat onze liefhebberijen zijn, wordt het belangrijker een muur op te bouwen tussen wie we offline zijn en wie we online willen zijn.

    Er zijn nog andere redenen. Anonimiteit en pseudonimiteit zijn de default-stand op internet. Over het algemeen werkt het prima, en is het inderdaad volstrekt onrealistisch te denken dat de gebruikers nog eens voor iets anders kiezen. Bovendien schept pseudonimiteit de mogelijkheid van een “tweede leven”; ik vind dat een uitdagende gedachte. Ten derde reguleert internet zichzelf inderdaad: omdat alles kan worden opgeslagen kunnen reputatiesystemen ontstaan die ogenschijnlijk lege pseudoniemen “laden” met status, aanzien, historie, etc.

    Daarmee is niet gezegd dat anonimiteit en pseudonimiteit niet zonder problemen zijn. Integendeel. Er wordt vaak misbruik van gemaakt in scheldpartijen. Criminelen denken zich te kunnen verstoppen achter valse namen. Lafbekken durven alleen onder een nick politiek incorrect te zijn, en erger. Ik verwacht, zonder nu al precies te weten hoe dat zal gebeuren, dat internet zichzelf schoon zal vegen, al was het maar omdat het voor de hand liggende alternatief, nicks verbieden, domweg niet kan.

    Wat vaak vergeten wordt is dat je normen en waarden uit de offline wereld niet moet verwarren met die op internet. Dat brievenschrijvers en journalisten in de krant onder echte naam moeten schrijven (wat ik ook vind), wil niet zeggen dat het op internet niet anders zou kunnen, zelfs niet op de website van een krant (zie mijn krant, Dagblad van het Noorden, en Volkskrantblogs). Het wordt pas pijnlijk en lastig als we die twee door elkaar gaan halen.

    Maar eigenlijk is het simpel. Stel jezelf de vraag welk advies je je 16-jarige dochter geeft als ze zich in een online discussie begeeft, of een avatar aanmaakt in Second Life. Doe niet zo raar, meid, gebruik lekker je echte naam?

  7. Pingback: MediaBlog » Toe maar meid, zeg wie je bent

  8. Arno van 't Hoog schreef op 19 februari 2007 om 09:01

    Echt, een pleidooi voor een verbod op anominiteit heb ik hierboven niet uiteengezet. Dat anonimiteit nuttig kan zijn, jazeker, dat het vaak onschuldig is, natuurlijk, maar er kleven ook veel nadelelen aan.

    Er klinkt iets vreemds door in een aantal reacties. Het pseudoniem verschaft de burger vrijheden, het is gewoon heel erg goed, je wordt vrijgemaakt en het is spannend. En, o ja, wie zo naief is geen pseudoniem te kiezen loopt grote risico’s – op e-rape door mobbing crowds, klikgedrag vastleggende instanties, etc. Lekkee vrijheid. Het is jaren zestig flower power ethiek in een kogelvrij vest – en vergeet uw bivakmuts niet!

    In een aantal reacties wordt gewezen op het zelfzuiverende vermogen van het web. Ik vind dat altijd een enorm zwaktebod: het komt vanzelf goed. Misschien ook niet. Het is als de mantra ‘marktwerking’, als je dat roept hoef je in ieder geval niet langer na te denken of iets te doen.

    @ Henk Blanken
    Wat ik mijn dochter zou adviseren, ik weet het nog niet. Het hang ervan af wat ze wil. Misschien wil ze allebei. Aan de ene kant iets met actief burgerschap, democratische idealen, openheid, debat, transparantie, actie voeren, etc. Of gewoon een site onder haar eigen naam beginnen, omdat ze geweldige foto’s maakt en daarin verder wil. En tegelijkertijd wil ze misschien ‘verdwijnen’ in een paar virtuele communities of gamen onder een pseudoniem. Ik hoop dat ze daar een verstandige afweging in kan maken.

    Natuurlijk is het spannend en nieuw dat mensen een tweede identiteit gaan aanmeten. Ik vind het ook fascinerend dat sommigen op Hyves alles van zichzelf in de etalage leggen.

    Toch spreekt er uit je uitleg vooral de gedachte dat wat er online is goed is omdat het er nu eenmaal is.

    Waarom zouden de normen van real life niet geldig zijn op het web? Waarom is dat het verwarren van zaken? Het is weer de praktijk tot norm verheffen, zonder die normen te rechtvaardigen.

    Het zal afhangen van waar je op doelt: op een gemiddeld chockblog is misschien dat inderdaad zo.
    Maar wie iets wil met democratie, met openheid, met debat, met vragen om verantwoording, kan ook heel goed weg komen met naam en toenaam, en juist geen pseudoniemen. Je kunt er ook voor kiezen om de postings niet anoniem te doen, en reageren weer wel.

    Mijn idee: transplanteer die real life normen naar internet, en kijk hoe de evolutie en adaptatie verlopen.

  9. In België snappen ze het al iets beter. Daar is de Belgische tegenhanger van de DigiD al geïntegreerd in bijvoorbeeld MSN, en zijn er open ‘als in open source’ bibliotheken gemaakt om de versleuteling te integreren op je zite. Bovendien kozen ze voor een al gebruikte standaard.

    Gevolg: Je kunt, indien je dat nodig acht, jezelf echt identificeren. Maar het andere interessante gevolg is dat men dat niet hoeft te doen. Lekker keuvelen over het nieuwste K3 album kan gewoon met ~~°°binkje1992°°~~, maar een meeting in de speeltuin: je hebt dan in elk geval de mogelijkheid te vragen of het 13 jarig meisje ook echt 13 jaar en meisje is.

    Dit illustreert dat er een heel groot grijs gebied is. In tegenstelling tot wat ‘t hoog suggerereerd, is het niet zwart wit: anoniem of niet. Er zijn vele tussenvormen. Die allemaal hun plek wel gaan vinden. Daar waar voor mensen anonimiteit een gevaar betekent, kunnen ze eenvoudigweg weigeren te komen (je hóeft niet te bloggen of online te reageren om je mening te uiten) of men kan een zekere mate van identiteit eisen. Dit alles is dus geheel afhankelijk van de plek, de situatie, de personen en alle andere denkbare omstandigheden.

    Het is net de echte wereld; Waar er ook een heel groot grijs gebied zit tussen ‘RFID chips onder iedereens huid en idereen een RFID lezer op zak’; en ‘met bivakmutsen en stemvervormers op rondlopen’.

  10. @Arno van ‘t Hoog: Het is zoals hierboven gezegd: zwartwit-oplossingen zijn er niet en verschillende vormen zullen naast elkaar blijven bestaan. Waar ik wel moeite mee heb is het idee dat publiceren onder echte naam hoger te waarderen is dan onder een pseudoniem. Of het idee dat de normen van real life moeten dienen als uitgangspunt voor internet. Dat is me te voor de hand liggend. Ik heb veel meer de neiging naar de internetgemeenschap te kijken en me de vraag te stellen hoe die zijn eigen problemen opruimt. Dat gaat vaak anders, verrassend anders. Identiteit online is niet wat het irl is; soms is het een afsplitsing, soms een dubbelganger, soms een grap, soms een noodzaak. Ik wil al die mogelijkheden onderzoeken, vraag me af hoe vervolgens de interactie verloopt tussen al die virtuele indentiteiten en ben nieuwsgierig naar wat er uit die digitale soep tevoorschijn komt.
    Je kunt dat naief en idealistisch vinden. Je mag me beschuldigen van cultuurrelativisme. Maar ik vind het stellen van vragen nu eenmaal spannender dan het geven van antwoorden.

  11. Arno van 't Hoog schreef op 19 februari 2007 om 20:00

    @ Ber: Ik ben het helemaal met je eens dat het afhangt van plaats en situatie of anonimiteit bruikbaar, gewenst en opportuun is. Veel grijs dus. Ik verzet me alleen tegen de antropologische freude waarmee alles op het web wordt beschreven als logisch en dus goed.

    @Henk: Op internet gebeurt veel wat irl geen parallel heeft en oordelen is zeker niet verplicht (al ga je voor mijn gevoel te makkelijk van het descriptieve naar het normatieve).

    Mij gaat het vooral om journalistiek. Ik zie twee tegengestelde bewegingen. In real life hoor je een steeds hardere roep om transparantie; over bronnen, over hun belangen, de werkwijze van journalisten, hun ideeen en motieven. Er is meer vraag om verantwoording.(zie de generaal X discussie http://www.denieuwereporter.nl/?p=787.)

    Sterker nog, ik lees hier op DNR dat journalisten open moeten zijn, moeten communiceren met lezers over hun werk en keuzes.

    Online is er veel pseudonimiteit, wat daar haaks op staat. Volgens mij is op dat punt het onder naam publiceren hoger aan te slaan. Maar ik laat me graag overtuigen: wat heeft een pseudonieme journalist, publicerend over martelen of fraude, voor op zijn collega met naam?

  12. albert van der vliet schreef op 22 februari 2007 om 12:55

    “Anonimiteit of pseudonimiteit zijn daarbij bevrijdende expressievormen, die mensen losmaakt
    van hun alledaagse rol en sociale verplichtingen. Aan de andere kant zijn er de conservatieve doemdenkers, die zenuwachtig worden van de ondoorzichtigheid die dat oplevert.”
    Wat een onzin.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>