Wetsvoorstel verbiedt fake-blogs en ‘zakelijke artikelen’
Restauranthouders die zich ‘vermomd als burger’ op een weblog lovend uitlaten over hun eigen nering, kunnen in de toekomst worden aangepakt. Datzelfde geldt voor journalisten en media die verhullen dat zij geld ontvingen om een artikel of dienst aan te prijzen. Dat is het gevolg van de Europese Richtlijn ‘Oneerlijke Handelspraktijken’. De richtlijn werd al in 2005 aangenomen en moet voor het einde van dit jaar ook in Nederland zijn ingevoerd. Op 15 januari werd daarvoor een wetsvoorstel ingediend bij de Tweede Kamer.
Het lijkt zo aanlokkelijk. Je hebt een boek geschreven en meldt vervolgens op weblogs of andere discussieplatforms op internet dat het een werkelijk faaaaantaaaastisch boek is. Zonder dat de argeloze lezer natuurlijk doorheeft dat jij de scribent van het briljante boekje bent.
Tot nu toe kon dat. De nieuwe wet moet daar een eind aan maken. Niet aan dat positieve oordeel natuurlijk, wel dat dat anoniem gebeurt (of onder een andere naam of onder eigen naam terwijl het zakelijk belang wordt verzwegen). De consument moet immers, zo luidt de redenering, weten uit welke hoek de commerciële wind waait.
Hetzelfde geldt voor de acteur die anoniem op theatersites zijn eigen voorstelling de maximale vijf sterren geeft (of dat honderd keer doet) en er een lovend commentaar bij schrijft. Want dat is een oneerlijke handelspraktijk in de ogen van de EU (en straks in de ogen van de Nederlandse wet). Een toneelvoorstelling is immers een commerciële onderneming die opereert op een vrije markt. Consumenten hebben dus het recht te weten welk commercieel belang iemand had bij het schrijven van een positieve recensie. En een beroepshandelaar mag zich niet ‘vermommen’ als consument.
De Europese Commissie wil op die manier invloed krijgen op commerciële oogmerken die soms achter ‘internetbuzz’ schuilgaan. En wil klanten helderheid geven in het maken van keuzen. De EU wil kwetsbare consumenten beschermen, öm te voorkomen dat een klant “tot een transactie besluit waartoe hij anders niet had besloten”.
De nieuwe wet moet dus ook een eind maken aan het inblazen van ‘internetbuzz’ door marketeers die webbers inschakelen om het ‘goede nieuws’ over een produkt op het internet te laten rondbazuinen.
Daar mag Tineke de Nooij zich op het hoofd gaan krabben. In een EU-brochure over de nieuwe richtlijn staat: “Advertenties voor magnetische armbanden die pijn kunnen verzachten zijn dan wel gericht op het algemene publiek, toch worden alleen kwetsbare consumenten getroffen”.
En daar ontstaat in de toekomst wellicht ook een probleem voor menig reis-, cosmetica-, auto- of elektronicareporter. Die mag immers alleen nog maar geld of diensten aannemen als hij of zij er naar de consument (lezer, kijker of luisteraar) toe open over is.
In dezelfde EU-brochure schrijft het EU-bureau voor de voorlichting over activiteiten die geheel verboden moeten worden: “Redactionele inhoud in de media, waarvoor de handelaar heeft betaald, gebruiken om reclame te maken voor een product, zonder dat dit duidelijk uit de inhoud of uit duidelijk door de consument identificeerbare beelden of geluiden blijkt (advertorial).” In andere woorden: er moet in zo’n geval ‘advertorial’ boven een stuk met een commercieel belang komen te staan.
Daarbij geeft de brochure het volgende voorbeeld:
Een artikel in een reistijdschrift over trektochten in Noorwegen beschrijft hoe fantastisch een bepaald merk kampeeruitrusting is voor dit soort tochten; de fabrikant van de kampeeruitrusting heeft voor dit artikel betaald zonder dat de lezer hiervan op de hoogte wordt gebracht.
En in het wetsvoorstel dat drie weken geleden naar de Tweede Kamer ging, staat het volgende artikel:
Van een misleidende omissie is eveneens sprake indien essentiële informatie als bedoeld in lid 2 verborgen wordt gehouden of op onduidelijke, onbegrijpelijke, dubbelzinnige wijze dan wel laat verstrekt wordt, of het commerciële oogmerk, indien dit niet reeds duidelijk uit de context blijkt, niet laat blijken, waardoor de gemiddelde consument een besluit over een overeenkomst neemt of kan nemen, dat hij anders niet had genomen.
In ieder geval wordt in de nieuwe wet verboden:
Redactionele inhoud in de media, waarvoor de handelaar heeft betaald, gebruiken om reclame te maken voor een product, zonder dat dit duidelijk uit de inhoud of uit duidelijk door de consument identificeerbare beelden of geluiden blijkt.
Nogal wat omroepen zullen met name bij dit artikel hun externe producenten dringend moeten verzoeken aan te geven welke verborgen commerciële boodschappen schuilgaan in een radio- of tv-programma. En dat geldt voor commerciele zenders precies zo hard als voor de publieke omroepen.
En alle media zullen van hun freelancers moeten eisen dat zij zich niet schuldig maken aan het meewerken aan ‘oneerlijke handelspraktijken’.
Pikant wordt straks de vraag of er alleen betaald moet zijn door een handelaar. Wat te doen – om bij het Noorse voorbeeld te blijven – als het Noors verkeersbureau een journalist een week fêteert? Wordt de journalist krachtens de nieuwe wet verplicht die omstandigheid te melden?
Volgens de nieuwe wet moet de vorige maand gestarte Consumentenautoriteit toezien op naleving van de nieuwe wet. De Consumentenautoriteit laat bij monde van een woordvoerder weten nu nog geen mededelingen te willen doen over de vraag hoe straks wordt toegezien op naleving van de nieuwe wet. De zaak is immers nog in ‘het wetgevingstraject’.
Het ministerie van Economische Zaken laat weten: “Indien een journalist verslag doet, is hij niet bezig om iets te ‘verkopen’. De regels van OHP (Wet Oneerlijke Handelspraktijken, red.) zijn in dat geval daarom ook niet direct op hem of haar van toepassing. Pas als hij producten aanprijst met het doel dat consumenten iets kopen, kan de richtlijn OHP van toepassing zijn.”
Over de situatie dat een journalist zich uitgebreid in de watten laat leggen (zonder directe betaling), wil het ministerie nu geen uitspraak doen. “Op dit moment is het moeilijk om hier concreter op in te gaan omdat het wetsvoorstel nog bij de Tweede Kamer ligt.”










9 reacties:
16 februari, 2007
Een goede zaak. Het zal niet meteen gigantische gevolgen op internet teweegbrengen, maar het biedt zeer goede handvaten. Richtlijnen waar journalisten, inclusief blogger, zich aan kunnen houden. Maar vooral een stok achter de deur bij diegenen die dat níet doen.
Ik denk dat het in essentie neerkomt op “eerlijkheid duurt het langst”.
16 februari, 2007
Het ironische van deze maatregel is dat het puur journalistieke principes (transparantie, onafhankelijkheid, onpartijdigheid) via economisch/juridische weg afdwingt.
Ik wil niet cynisch zijn, maar het zal maar voor een deel werken en daarnaast vooral creativiteit stimuleren, net zoals het reguleren van ‘gunstbetoning’ van de farmaceutische industrie aan artsen/specialisten nieuwe nascholings/congres/vergoedingssystemen heeft gestimuleerd.
Het is wachten op de eerste door BMW betaalde opfriscursus autotechniek voor automotivejournalisten in Monaco, inclusief excursie naar het nieuwste model sedan.
16 februari, 2007
@ Arno
Hoe serieus deze wet straks wordt nageleefd, komt aan op de Consumentenautoriteit. Niettemin is er een nieuw verschijnsel: Tot nu toe kon je als ‘consument’ alleen terecht met een klacht over een persgedraging bij de Raad voor de Journalistiek. Maar dan moest je wel ‘betrokkene’ zijn. Nu kun je als consument met een klacht over een bedrijf/medium/journalist naar de Consumentenautoriteit stappen. Ofwel: in theorie wordt de positie van de consument versterkt. Het is inderdaad afwachten of het in de praktijk ook zal werken. Want: probeer maar eens te bewijzen dat een journalist zich liet betalen!
16 februari, 2007
“Restauranthouders die zich ‘vermomd als burger’ op een weblog lovend uitlaten over hun eigen nering, kunnen in de toekomst worden aangepakt.”
Onzin. Kan niet. Tenzij… En als ik over een waterdicht tenzij nadenk, zeg ik: onzin. Kan niet.
16 februari, 2007
[...] De Nederlandse Vereninging van Journalisten (NVJ) heeft gisteren gezegd dat websites middels redactiestatuten moeten garanderen dat ze onafhankelijk zijn. De NVJ zei dat naar aanleiding van de presentatie van het rapport ‘Het redactiestatuut bij dagbladen’van het Instituut voor Informatierecht (IVIR) van de Universiteit van Amsterdam, uitgevoerd in opdracht van het Bedrijfsfonds voor de Pers. (Via De Nieuwe Reporter) [...]
17 februari, 2007
Hi-la-risch! Laten we maar snel de wet erbij halen om al dat nare internetgedoe dat alleen maar zand in de ogen strooit eens flink aan te pakken. Want pas op hoor lieve consument, er wordt HEUL VEUL gelogen op het internet!
Denk aan de acteur die zijn eigen voorstelling overal vijf sterren geeft. Getsiederrie! Het schorriemorrie! De naarling! Wat een jokkebrokken zijn er toch in de wereld, foei! Dit kan echt niet! Verbieden! Snel!
Hoe precies? Ja, gewoon, onder een valse naam schrijven wordt verboden. Wie het toch doet die eh…tsja…die is gemeen en doet naar. Er komt een speciale kliklijn waarop u ANONIEM medeinternetters kunt aangeven die zomaar jokkebrokken op het internet en daardoor van onze mooie betrouwbare maatschappij een respectloze put gier maken. Eerlijk duurt het langst! Laten we de boel bij elkaar houden! De waarheid geweld aandoen is gemeen! Boehoehoe!
Trouwens, kent u Bert Brussen? Hij reageert hier wel eens en hij is echt een TOP-reaguurder. Eigenlijk is alles wat hij doet GE-WEL-DIG! Vijf sterren voor Bert Brussen. Komt u Bert Brussen tegen? Aanbid hem dan. En dat zeg ik niet zomaar, nee, ik ben een beslist onafhankelijke en objectieve en fatsoenelijke Jan Lul, dus neemt u maar van mij aan dat het echt zo is. Eerlijkheid is een echte deugd, wat ik u brom. (Snif).
Trouwens, om al teveel nare excessen op het internet te voorkomen stel ik voor iedereen te voorzien van een persoonlijk identificatienummer. Zonder dat nummer kan er niet ge-internet worden en zijn we voorgoed van die gemene en schandalige anonieme reacties af. Wordt alles weer lekker eerlijk en blijft het mooi bij elkaar. Je kunt ook niets meer vertrouwen tegenwoordig.
Wil de laatste hier niet vergeten het hek dicht te doen? Dank u.
14 maart, 2007
[...] Het zal u maar gebeuren. Elke avond bent u fanatiek bezoekert van een weblog. U leest vol goede moed en maatschappelijke interesse alle leuke nieuwtjes, feitjes en gekkigheid. Blijkt dat men het allemaal doet (heeft gedaan) om een boek te schrijven. En vervolgens op een ander medium gaat men het boek promoten. Wij vielen van onze barkruk toen wij dit hoorden. Is ons geniale weblog misbruikt? En door wie dan? Waarom een boek schrijven als u weet dat dit niet mag? Wij citeren: “Het lijkt zo aanlokkelijk. Je hebt een boek geschreven en meldt vervolgens op weblogs of andere discussieplatforms op internet dat het een werkelijk faaaaantaaaastisch boek is. Zonder dat de argeloze lezer natuurlijk doorheeft dat jij de scribent van het briljante boekje bent. Tot nu toe kon dat. De nieuwe wet moet daar een eind aan maken. Niet aan dat positieve oordeel natuurlijk, wel dat dat anoniem gebeurt (of onder een andere naam of onder eigen naam terwijl het zakelijk belang wordt verzwegen). De consument moet immers, zo luidt de redenering, weten uit welke hoek de commerciële wind waait.” Ik ga 6 planken zoeken… [...]
15 maart, 2007
[...] Het zal u maar gebeuren. Elke avond bent u fanatiek bezoekert van een weblog. U leest vol goede moed en maatschappelijke interesse alle leuke nieuwtjes, feitjes en gekkigheid. Blijkt dat men het allemaal doet (heeft gedaan) om een boek te schrijven. En vervolgens op een ander medium gaat men het boek promoten. Wij vielen van onze barkruk toen wij dit hoorden. Is ons geniale weblog misbruikt? En door wie dan? Waarom een boek schrijven als u weet dat dit niet mag? Wij citeren: “Het lijkt zo aanlokkelijk. Je hebt een boek geschreven en meldt vervolgens op weblogs of andere discussieplatforms op internet dat het een werkelijk faaaaantaaaastisch boek is. Zonder dat de argeloze lezer natuurlijk doorheeft dat jij de scribent van het briljante boekje bent. Tot nu toe kon dat. De nieuwe wet moet daar een eind aan maken. Niet aan dat positieve oordeel natuurlijk, wel dat dat anoniem gebeurt (of onder een andere naam of onder eigen naam terwijl het zakelijk belang wordt verzwegen). De consument moet immers, zo luidt de redenering, weten uit welke hoek de commerciële wind waait.” Ik ga 6 planken zoeken… [...]
22 maart, 2007
[...] Het zal u maar gebeuren. Elke avond bent u fanatiek bezoekert van een weblog. U leest vol goede moed en maatschappelijke interesse alle leuke nieuwtjes, feitjes en gekkigheid. Blijkt dat men het allemaal doet (heeft gedaan) om een boek te schrijven. En vervolgens op een ander medium gaat men het boek promoten. Wij vielen van onze barkruk toen wij dit hoorden. Is ons geniale weblog misbruikt? En door wie dan? Waarom een boek schrijven als u weet dat dit niet mag? Wij citeren: “Het lijkt zo aanlokkelijk. Je hebt een boek geschreven en meldt vervolgens op weblogs of andere discussieplatforms op internet dat het een werkelijk faaaaantaaaastisch boek is. Zonder dat de argeloze lezer natuurlijk doorheeft dat jij de scribent van het briljante boekje bent. Tot nu toe kon dat. De nieuwe wet moet daar een eind aan maken. Niet aan dat positieve oordeel natuurlijk, wel dat dat anoniem gebeurt (of onder een andere naam of onder eigen naam terwijl het zakelijk belang wordt verzwegen). De consument moet immers, zo luidt de redenering, weten uit welke hoek de commerciële wind waait.” Ik ga 6 planken zoeken… [...]