Kritische distantie lastig voor Nederlandse ombudsmannen

Mark Deuze en Arjen van Dalen onderzochten het fenomeen ‘Ombudsman’ in de Nederlandse dagbladjournalistiek. Eerder publiceerden zij hun bevindingen in het Nederlandse Tijdschrift voor Communicatiewetenschappen en de European Journal of Communication. Hieronder een bewerkte versie van het onderzoek. Met als conclusie: Ondanks toenemende interactie met lezer blijft de vraag in hoeverre kranten daadwerkelijk open staan voor suggesties en verandering.

In vergelijking met andere Europese landen hebben in Nederland veel kranten een ombudsman of lezersredacteur in dienst. In 2003 waren er maar liefst 11 dagbladen die de functie hadden ingesteld: meer dan een-derde. Sindsdien is bijvoorbeeld bij het Algemeen Dagblad de ombudsman-functie opgeheven (het AD kent tegenwoordig een tien redacteuren tellende ‘lezersredactie’, in sommige AD-edities presenteert een van hen zich nadrukkelijk als ‘lezersredacteur’), maar in september heeft de NOS een Nederlandse primeur met (later dit jaar) de eerste televisie-ombudsman. Op het eerste gezicht lijkt dit een stap naar meer openheid en verantwoording naar het publiek, maar ons (en ander vergelijkbaar) onderzoek wijst uit dat de ombudsman of lezersredacteur net zo goed als een pr-middel kan worden ingezet dat ontevreden lezers voor de krant moet behouden.

De eerste krantenombudsmannen waren al in 1922 actief in Japan. Sinds 1967 hebben in de Verenigde Staten kranten iemand in dienst als aanspreekpunt voor klachten, vragen en opmerkingen over de redactionele inhoud van de krant. In Nederland was De Gelderlander in 1990 de eerste krant met een ombudsman. Tussen 1999 en 2001 steeg het aantal ombudsmannen of lezerredacteuren (zoals ze meestal heten bij regionale dagbladen) snel. Het instellen van de functie is daarmee duidelijk geen reactie op de roep om meer openheid en verantwoording die vooral vanaf 2002 klonk (onder meer na de moord op Pim Fortuyn en het verschijnen van beleidsadviezen met een dergelijke strekking van RMO en ROB).

Kranten verdedigen de invoering van de functie vaak met argumenten die passen binnen het kader van toenemende openheid, transparantie en zelfkritiek: de drempel voor lezers om contact op te nemen wordt verlaagd, er ontstaat een beter beeld van wat er onder de lezers leeft. Een ombudsman onderzoekt klachten intern en schrijft in veel gevallen een column waarin de gang van zaken op de redactie wordt toegelicht en soms van een oordeel wordt voorzien.

Interactie en verantwoording in de zin van uitleg geven en beslissingen transparant maken dus. Maar betekent dit ook dat het werk van deze mensen zo’n prominente status heeft op de redactie, dat de journalist bereid is haar of zijn werk op basis van publiekssuggesties te verbeteren of veranderen?

Gezag
In de regel is een ombudsman of lezersredacteur een ervaren journalist, die na jaren voor het medium gewerkt heeft zoveel gezag heeft binnen de redactie dat hij (want vrouwen zijn zo goed als afwezig) deze functie kan vervullen. Dit is vooral wezenlijk omdat het leveren van kritiek buitengewoon gevoelig ligt binnen redacties, zeker als dit in het openbaar gebeurt.

Onder redacteuren is de wekelijkse column van de ombudsman één van de meest gelezen onderdelen van de krant en levert vaak stof op tot stevige discussies (om niet te zeggen: onderlinge ruzies); twee lezersredacteuren vertelden ons dat hun voorgangers ziek of overspannen gestopt waren.

Het blijft de vraag in hoeverre iemand die al zolang meedraait niet te veel één is geworden met de krant en nog kritisch en open staat voor klachten en suggesties van lezers. Zo vertelde een lezersredacteur ons dat hij meestal zijn ‘weerwoord wel klaar heeft’ als een lezer belt met een klacht. Als lezers vragen waarom de krant de naam van een slachtoffer voluit noemt, legt één van de geïnterviewden naar eigen zeggen uit ‘dat dit gebruikelijk is in de Nederlandse journalistiek’.

Afstand
De toegenomen openheid van nieuwsmedia in het algemeen en kranten in het bijzonder richting lezers zien wij als een positieve ontwikkeling. Toch laat ons onderzoek zien hoe lastig het is voor een ombudsman of lezersredacteur, met gemiddeld meer dan dertig jaar ervaring in het vak, om kritisch afstand te nemen van de krant en de redactiecultuur. Tel daarbij op dat in sommige gevallen de lezersredactie en de marketingafdeling regelmatig samenwerken, of dat de hoofdredactie wijzigingen kan aanbrengen in de column van de ombudsman, en de vraag lijkt gerechtvaardigd of de potentie van de ombudsman of lezersredacteur in alle gevallen wel volledig wordt benut.

Het blijft voor ombudslieden schipperen tussen een rol als oprechte kwaliteitscontroleur van de berichtgeving en belangenbehartiger van de titel – tussen de functie van ‘waakhond der waakhonden’ en het verzorgen van lezers- of straks kijkersbinding.

Van Dalen, A. en Deuze, M. (2005). Advocaat van de lezer of gezicht van de krant? Nederlands Tijdschrift voor Communicatiewetenschap 33 (1), pp.32-50.

Van Dalen, A. and Deuze, M. (2006). Readers’ Advocates or Paper’s Ambassadors? Newspaper Ombudsmen in The Netherlands. European Journal of Communication 21 (4), pp.457-475.

TOP 5 LEZERSREACTIES
1. taal- en spelfouten
2. reacties op inhoud van columns en recensies
3. klachten over ethische gehalte van verslaggeving
4. reacties op (bloederige, schokkende) foto’s
5. andere dan journalistiek inhoudelijke vragen, bijvoorbeeld over kwaliteit van het papier waarop de krant wordt gedrukt.

8 reacties

  1. Arno van 't Hoog schreef op 16 maart 2007 om 09:33

    Een ombudsman is van oorsprong een klachtenbeoordelaar op afstand. Die komt, zoals de Nationale Ombudsman, na hoor en wederhoor, onderzoek, toetsing aan vaststaande regels en normen tot een oordeel. En daarover legt ie verantwoording af. Hij staat boven de partijen.

    De krantenombudsman heeft wel de naam maar niet die rol en werkwijze. Een deel van wat ie op z’n bord krijgt zijn vragen om uitleg, toelichting. Dat dwingt ‘m in de rol van verdediger, verlengstuk van de krant. Eigenlijk is dat uitleggen en toelichten wat de schrijvende redacteur of de hoofdredacteur zou moeten doen.

    Andere keren geeft de ombudsman klagers gelijk en bekritiseert hij de krant. Dat is een schizofrene mix van verantwoordelijkheden. Een tamelijk geisoleerde redacteur verantwoording laten afleggen namens de organisatie en zijn collega’s laten bekritiseren op een publiek podium, dat is uit sociaal-psychologisch oogpunt behoorlijk sadistisch.

    De krantenombudsman toetst vrijwel alleen aan ongeschreven praktijknormen, en niet aan geschreven uitgangspunten van de krant (zo die er al zijn) en hij verwijst zelden naar eerdere oordelen of kwesties. Je krijgt daardoor soms het gevoel dat de persoonlijke smaak / ethos van de ombudsman de doorslag geeft. Dan wordt de ombudsrubriek een incidentele column met de zoveelste mening.

    En toch, Thom Meens http://www.volkskrantblog.nl/blog/770 , oordeelt en argumenteert scherp, bijvoorbeeld in de martelkwestie. Een prima rubriek. Al krijg je soms het gevoel dat hoofdredacteur Pieter Broertjes beter verantwoording zou kunnen afleggen. (weer zo’n uiting van gemengde rollen).

    De ombudsman bij de krant is geen ombudsman, die term is gereserveerd voor mensen die op een bepaalde manier klachten toetsen. De zogenaamde ombudsman is een woordvoerder van de krant met een onmogelijke functie-omschrijving: a hell of a job.

  2. Pingback: De Nederlandse krantenombudsman « Correcties, rectificaties en aanvullingen

  3. Werner de Graaf schreef op 16 maart 2007 om 12:22

    Deuze koppelt leeftijd aan gezag, maar het probleem bij de Volkskrant was (en waarschijnlijk is) dat het anciënniteits-criterium uiteindelijk de felste interne discussies zo onzuiver maakte. De functie krijgt er een hardnekkig ‘wegzet-karakter’ door (vgl. de Angelsaksische oudere garde die nog een jaartje obituaries mag schrijven) waardoor je als ombudsman al een groot deel van je overwicht verliest. ‘Stevige discussies’ eindigden bij de Volkskrant in 9 van de 10 gevallen niet zozeer in ‘onderlinge ruzie’ alswel in de afmaker dat het het verschil van mening louter een generatieconflict was.
    Inderdaad, een onmogelijke baan.

  4. Allard schreef op 16 maart 2007 om 23:34

    De ‘martelaffaire’ van De Volkskrant maakte duidelijk hoe moeilijk een ombudsman het heeft. Meens kreeg geen toegang tot alle informatie (wat ook aantoonde hoezeer de zaak stonk).

    Het probleem is dat er geen algemeen aanvaarde journalistieke normen zijn (denk eens aan de absurde nominatie van Zembla voor een ‘Tegel’). Dat op zich maakt het toetsen al lastig.

    Toetsing en persvrijheid ‘bijten’ elkaar. Helaas is het ook zo dat mensen die hun gang kunnen gaan, niet altijd het beste presteren.

  5. Werner de Graaf schreef op 19 maart 2007 om 14:19

    Overigens: ‘martel-affaire’? De arme Meens dreigt momenteel vooral te verzuipen in een ‘barter-kwestie’. Nu heb ik mijn weerzin voor het flodderige VK-magazine al nimmer onder stoelen of banken gestoken (en velen met mij, wat in de pré-Czaar Petertijden nog betrekkelijk eenvoudig was met Barbara’s clubje zo ‘transparant’ aanwezig), maar de koppelverkoop van zeven redactionele pagina’s aan een uitventer van warmwaterkuipen gaat ook mijn voorstellingsvermogen te boven.

    Inderdaad: ‘Het verlies van de schaamte is het eerste teken van geesteszwakte.’

    Wel verfrissend om mee te maken dat de lezers dat in zulk een groten getale niet pikken…

  6. albert van der vliet schreef op 22 maart 2007 om 19:08

    Thom Meens is echt een advocaat van de krant en niet van de lezer. Ik had een keer een bijdrage geschreven over de voetballers die als ‘kabel’ werden aangeduid. Geen makkelijke jongens in Oranje. Van Gaal en Hiddink kunnen erover meepraten.
    Voorzichtig probeerde ik de donkere lastpakken te verklaren uit de Surinaamse, matriarchale cultuur en de afwezigheid van een vaderfiguur in de opvoeding, die bij deze voetballers nog een rol had kunnen spelen.
    Een zwarte lezer diende een klacht tegen me in. G.J. Bogaerts, moderator, vond mijn bijdrage racistisch en schorste mij. Ombudsman noemde mij meteen maar een racist en vond dat ik moest bewijzen dat het tegendeel waar was.
    Ik ben nu blij dat ik permanent geschorst ben en niet mee mag doen in de verstikkende politieke correctheid die de Volkskrant eigen is.
    Thom Meens is een watje. Is er geen gedragscode voor een ombudsman?

  7. albert van der vliet schreef op 22 maart 2007 om 19:16

    PS
    Robert van Waning, die net als ik een beroepsquerulant is genoemd, door Henk Blanken op deze site, terwijl Robert en ik Blanken niet kennen en hij ons niet, is ook verdwenen van het Volskrantweblog. Een intelligente en erudiete man.
    Het is behelpen met de weblogs, die vaak cluborganen blijken te zijn. Geen kwaad woord over de Vk want je wordt geschorst van het Vk-weblog.
    De andere mogelijkheid om je mening te uiten is een ingezonden brief schrijven, maar dat is ook huilen met de pet op.
    Van Waning had een goed idee: zet alle ingezonden brieven op een apart weblog. De onfatsoenlijke haal je eruit en klaar is kees. Maar een krant als de Vk is te paranoïde om zoiets te beginnen. Stel je voor: een journalist wordt niet bewierookt in zo’n lezersbrief, maar gekritiseerd…

  8. Pingback: Overzicht van manieren waarop redacties zich verantwoorden « Toekomst van de Journalistiek

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>