Urban-reporter Iwan Brave blogt zich een boek

brave3Bloggen als therapie. Na tien jaar journalistiek werk in Suriname belandde Iwan Brave na een uit de hand gelopen bad trip, in zijn onderbroek op het politiebureau in Paramaribo. Zijn familie ‘postte’ hem naar Amsterdam om daar z’n leven weer bijeen te rapen. Naast wekelijkse ‘traumatherapie’ doet Brave dat met behulp van zijn ‘Iwan Brave (‘s) Blogspot’. Die, zo eerlijk is Brave wel, uiteindelijk moet uitmonden in een boek. Voorlopig experimenteert hij met vorm. En: de eerste vijfentwintig Google-dollars zijn inmiddels verdiend!

Iwan Brave komt fotograferend de Eerste Klas restauratie op Amsterdam CS binnen. Anderhalf uur later verlaat hij – nog steeds plaatjes schietend – het etablissement. Brave wil het dagelijks leven grijpen. ‘Urban Journalism’ noemt hij zijn methode van verslaggeving van het dagelijkse leven. Of ook wel ‘afdalen’. Hij maakt plaatjes van ‘gewone’ ontmoetingen. Met trambestuurders, bouwvakkers of vakantievierende meisjes. En hij gebruikt die beelden voor de rubrieken zoals ‘Straatpraat’ op zijn weblog.

Op 9 december vorig jaar landde de in de goot geraakte journalist op Schiphol. Op het vliegtuig gezet door zijn familie. Het lange afkickprogramma afronden lukte niet in Suriname. Wat tien jaar eerder bedoeld was als een enkele reis Amsterdam – Paramaribo, werd alsnog een retourtje.

“Ik wilde wel afkicken, maar het lukte niet in het christelijk centrum waar ik zat. Daar kreeg je allerlei corveetaken. Als ik bijvoorbeeld de wc’s deed dan dook ik er zowat in, zodat ze blonken. Da’s de perfectionist in me. Maar ik werd door de andere broeders geridiculiseerd omdat ze hun eigen tekortkomingen wilden camoufleren. Terwijl ik er honderd procent voor ging, kreeg ik daardoor met vrijwel iedereen een conflict. Het was gewoon Suriname in het klein. In Nederland hakken ze misschien je kop eraf als die boven het maaiveld uitsteekt, in Suriname wachten ze nog niet eens tot je boven dat maaiveld uitkomt! Dat is de makke van dat land. Ze gunnen elkaar het licht in de ogen niet.”

Boodschap
In het opvangcentrum verhevigde wel zijn band met het geloof. Hoewel de in Suriname geboren Brave tot z’n veertiende braaf naar de katholieke kerk was gegaan, kende hij daarna een periode waarin hij nogal veel deed dat de Heer niet kon waarderen. “In dat afkickcentrum kreeg ik een boodschap van God: ‘Iwan, je snapt het niet! Je moet terug naar Amsterdam!’”

En dus landde hij op Schiphol om meteen daarna in te trekken bij zijn bijna tachtigjarige pleegmoeder. Aan een zwarte periode in zijn leven was een eind gekomen. Brave probeerde Nederlandse media te interesseren voor een column van zijn hand – hij schreef ze vroeger bijvoorbeeld voor de Volkskrant. Toen reacties uitbleven, wees zijn broer Ruben – werkzaam in de IT – op de mogelijkheid van een weblog. Brave had zich tot dan toe absoluut niet ingelaten met nieuwe uitingsvormen.

“Mijn eerste reactie was: ik ben teveel journalist voor een weblog. Maar uiteindelijk had ik gewoon de behoefte om te schrijven. En op deze manier kon ik ook aan vrienden in Suriname laten zien hoe het me verging. Bovendien: ik was tien jaar weg uit Nederland. Zag ineens allemaal dingen op straat die me als nieuwkomer opvielen. Daar wilde ik ook over schrijven. God zei me: believe in yourself! Ik wilde ook niet meer de pijn ondergaan van afwijzingen.” Op 25 februari van dit jaar (“Toevallig de gedenkdag van de revolutie in Suriname”) ging zijn Blogspot van start.

Brave was van plan iedere week een column te schrijven. Als de ‘traditionele’ media geen belangstelling meer hadden in zijn teksten, dan maar via het internet. Maar, zo erkent hij, het uiteindelijke doel is toch om na een jaar een bundeling van die columns uit te geven in boekvorm. De contacten met uitgever Bert Bakker zijn al gelegd. “Ik merk nu dat ik bij het schrijven van die stukken dezelfde intense focus heb als toen ik nog columns voor een krant schreef. Omdat de hele wereld kan meelezen. Therapeutisch bloggen? Ja, je wilt de shit van je afschrijven! En ik merk dat mensen bereid zijn je te lezen als je jezelf blootgeeft. Bovendien geeft het veel mensen steun als je laat zien dat je zelf bent uitgegleden. Het is geen schande. Daar gaat mijn weblog over!”

Daarbij heeft Brave een voorbeeld: Jan Wolkers. “Omdat die ook prachtig over het alledaagse kan schrijven. Wolkers is altijd mijn schrijver geweest.”

Rubrieken
De ‘Blogspot’ is inmiddels echter al veel meer dan de plaats waar de wekelijkse column onder de titel ‘Retour Amsterdam’ van Brave te lezen is. Het journalistieke bloed kroop waar het niet gaan kon en inmiddels kent zijn webstek al vele door Brave zelf volgeschreven rubrieken. ‘Straatpraat’ is er een, over zijn dagelijkse ontmoetingen. Of ‘Amsterdams Venster’ over wat hem opvalt in Amsterdam. Of het ‘digitaal dagboek’, waarin veel foto’s, genomen met een gedeukte, van een vriend gekregen digitale camera. In tien dagen tijd noteerde Brave ‘zesduizend paginabewegingen’. “Gebaseerd op mijn naam.” Sinds kort geeft hij een wekelijkse nieuwsbrief uit met signaleringen van nieuwe artikelen op zijn site.

Ofwel: Brave ontpopt zich tot ‘one man band’. Daarbij heeft-ie z’n eerste dollars via Google Ads binnen. Vijfentwintig om precies te zijn. “Nu begrijp ik de Google-filosofie. Google is het grootste podium in de wereld. En de society gaat bepalen of je goed genoeg bent. Ik ben columnist op het World Wide Web. Daar moet je in geloven. Ik ben ervan overtuigd dat mijn blogspot geld gaat genereren. Want natuurlijk gaat het ook om geld. Toen ik terug was in Nederland, heb ik tot God gebeden: “God, geef me een vorm…”

Bullshitters
Reacties kreeg Brave tot dusverre vooral uit Suriname, waar hij gerekend mocht worden tot de ‘BS-ers’, Bekende Surinamers (‘Bullshitters’, zegt hij zelf). Nog lezen veel Surinaamse prominenten zijn weblog, zegt hij. En de Surinaamse krant Times of Suriname publiceerde enkele van zijn columns onder de titel ‘Terug uit de tunnel’. Waarom eigenlijk niet zijn eigen voormalige krant, De Ware Tijd? “Dat weet ik niet”, zegt Brave aanvankelijk. Meteen daarna: “Dat weet ik eigenlijk wel. Een groot deel van de redactie van De Ware Tijd is lid van Bouterses NDP. Minstens eenderde van mijn eigen voormalige binnenlandredactie op die krant hangt het NDP-gedachtengoed aan. Dus ik neem aan dat er daar veel mensen blij waren dat ik vertrok.”

Iwan Brave nam tien jaar geleden gedesillusioneerd het vliegtuig naar Suriname. In Nederland was de multiculturele samenleving in zijn ogen verworden tot een aanfluiting. In Suriname zou hij gaan meewerken om het land op te bouwen. Hij had er in die tien jaar diverse journalistieke banen, het laatst als chef van de binnenlandredactie bij De Ware Tijd. Maar dat was tevens de periode dat Brave z’n drugsgebruik niet meer in de hand kon houden. “Ik had ook in Nederland wel eens wat gebruikt op feestjes. Maar nooit buitensporig.” In Suriname rookte hij cocaïne. In de proloog van Retour Amsterdam schreef Brave:

“Ik ben in Amsterdam voor ‘totaal herstel’ van zwaar verslaafd raken aan cocaïneroken. Aan de ‘blaka jonko’ – een mix met marihuana. Ik stak soms gerust zo’n twee tot drie gram coke per etmaal in de fik. Supergoedkoop die rommel in Paramaribo – wereldwijd de laagste prijs op die van producent Colombia na. Omgerekend vijf euro per gram, tegen vijftig in Amsterdam! Met geen mogelijkheid kon ik mijn lokale topsalaris in rook doen opgaan. Een overdosis bleef wonderbaarlijk uit.”

Brave: “Maar ik zat een keer tegen een overdosis aan!” In een bad trip rende hij – slechts gekleed in onderbroek – urenlang over de nachtelijke straten van Parimaribo om op het politiebureau te belanden. Maar toen genoot hij al van ‘buitengewoon verlof’ van De Ware Tijd.

“Er waren heel wat mensen die wel wisten dat ik verslaafd was. Ik was al drie keer aangehouden terwijl mijn auto vol stond met cocaïnerook. Toch stuurden de agenten me naar huis. Ze moeten geweten hebben wat ik rookte.” Brave was vooral bang dat bijvoorbeeld vanuit de NDP-hoek onthuld zou worden dat ‘mijnheer de journalist’ verslaafd was. Uiteindelijk besloot hij zijn verslaving op te biechten bij de directie en hoofdredactie van de krant. Er werd een ‘herstelperiode’ overeengekomen. Waarna Brave nog veel meer losging. “Ik was in die periode een junk op vier wielen”, zegt hij. Na amokmakerij als gevolg van het roken, belandde hij in ‘de kerkers’ van het Psychiatrisch Centrum Suriname. Daar vielen hem de schellen van zijn ogen en besloot hij dat hij ‘niet twee Goden tegelijk’ kon dienen.

brave1‘Geen poot meer’
Keek hij tien jaar geleden bitter naar de Nederlandse samenleving, nu kent hij weer gemengde gevoelens als het over Suriname gaat. Op de vraag of zijn verblijf in Nederland als tijdelijk moet worden gezien, zegt hij: “Nee, je hebt een primeurtje, maar ik zet voorlopig geen poot meer in dat land. Te veel kwade krachten. Er is veel racisme. Uiteindelijk ben ik Surinamer. Maar daar werd ik gezien als een Nederlander. Mensen accepteren je niet. Misschien ben ik wel gewoon een euro-neger. Bij De Ware Tijd had ik het gevoel dat velen ‘die Nederlander’ geen succes gunden.”

Brave dacht na over een benaming voor zijn vorm van webjournalistiek. “Burgerjournalistiek is het niet. Ik heb gedacht aan ‘Human-journalism’. Omdat ik op zoek ga naar de menselijke maat. Maar dat klinkt toch een beetje te domineeachtig. Opeens wist ik het: ik doe aan Urban Journalism! Urban Journalism gaat over het menselijke. We moeten afdalen als journalisten. De journalistiek is lange tijd arrogant geweest. Maar je moet ‘afdalen’ naar je onderwerpen, je inleven in de maatschappij.”

“Ik bid elke dag. Wil schrijver zijn, mijn gezin economisch onderhouden. Wil Hem dienen. Er staat nog iets groots voor mij te wachten. M’n top als schrijver moet nog komen. Ik zeg: geloof in jezelf. M’n weblog is misschien wel klein, maar als je nooit zaait zul je ook nooit oogsten. Ken je het bijbelse verhaal over het mosterdzaad? Dat is een ontzettend klein zaadje, maar er komt een hele grote plant uit. Ik zie mijn weblog als mijn mosterdzaadje. Ik weet waar ik vandaan kom en ik weet waar ik heenga. Als mensen mijn weblog niks vinden, maakt het me niets uit.”

Iwan Brave (1963) werkte aanvankelijk als freelancer in Nederland voor onder andere Het Parool. In 1996 vestigde hij zich in Paramaribo en schreef van daaruit onder andere columns voor de Volkskrant (in 1998 gebundeld onder de titel ‘Enkele reis Paramaribo’) en de Haagsche Courant. In Suriname werkte hij o.a. voor De Ware Tijd (chef binnenlandredactie).

11 reacties

  1. Debora schreef op 20 april 2007 om 22:15

    Hey neef,
    Ik krijg er geen genoeg van om al die verhalen te lezen. De positiviteit die uit je woorden spatten inspireren heel erg. Jouw eerlijkheid over zaken is zo krachtig. Ik kijk zeker uit naar toekomstige verhalen en we gaan voor de extra nullen achter die $25 :-)
    Brasa

  2. Gerjanne schreef op 30 april 2007 om 14:26

    Hallo Iwan,
    Googelend kwam ik op jouw website terecht en ik herkende je direkt van een aantal jaren geleden.
    In 2002 deed ik vrijwilligerswerk bij de Huberstichting. Eens zat ik met een vriendin bij ‘t vat toen jij en een vriend bij ons kwamen zitten. Je vertelde o.a. over je gehandicapte broertje of zusje (ben ik even vergeten).
    Later hoorde ik dat je journalist bent en heb ik met veel interesse je boek gelezen.
    Wat heb jij een hoop meegemaakt, vooral de laatste tijd.
    Ik wil je bij deze de zegen en nabijheid van God toewensen, en als al je verhalen van je weblog worden gebundeld is er hier alvast een koper!!
    Met hartelijke groet,
    Gerjanne de Vries-Floor

  3. Y schreef op 2 mei 2007 om 22:07

    Als de ware tijd je pennevrucht niet wil en ze zijn NDP-ers, wat about de Nederlandse kranten die niets van je moeten??????

  4. MI-WAN schreef op 18 mei 2008 om 14:20

    Y,

    Jouw opmerking typeert nu precies de zgn. krabbenmentaliteit van veel Surinamers. Je had ook kunnen zeggen:” Veel geluk in Nederland “, maar nee hoor dat is waarschijnlijk tegen jouw aard.

  5. Leitia Wijnaar schreef op 19 september 2008 om 16:10

    Lieve neef,
    Zou je heel graag persoonlijk willen ontmoeten.Hoop dat je me terug mailt, kunnen wij een afspraak maken. Zie er echt naar uit. Groetjes Letitia

  6. Brian schreef op 30 oktober 2009 om 02:25

    IK Heb gister je boek uigelezen en vandaag zag ik dat je een website had. Vol bewondering las ik het boek en opmerkelijk is dat ik het nooit heb gekend maar ik hoop nog meer werk van je te zien het zei via de weblog of elders. Hoop eens van je te horn want heb alle lof voor jou creatifiteit in je manier van schrijven.

  7. Pingback: Oy! howzit? « Are you hung up?

  8. Toriano Matjawe schreef op 9 februari 2010 om 01:47

    Brada Brave, Gedurende jouw verblijf in Suriname heb ik je al die tijd gevolgd. Jouw schrijven over suriname gedurende die tijd heb steeds gevolgd en vond het zeer interessant.Je hebt geen woord gelogen over wat je hebt mee gemaakt in Suriname.Ondanks dat ik er niet bij was.Ik ken die haat en jaloezie van Surinamers daar.Ik heb namelijk ongeveer dezelfde situaties meegemaakt.Surinamers aldaar zijn bedelaars geworden.Ze willen je maar als vriend houden wanneer je hun natje en droogje elke keer weer wilt betalen. Je kan niet rustig een biertje drinken aan de waterkant,ze komen als zwermen bijen op je af om een sigaretje, een bus,of soms bier en geld tegelijk te vragen.Het zijn dan geen sloebers of zo,neen, het zijn gedaste heren c.q.goed geklede mannen en soms ook in uniform o.a.militairen.Ding no habi wan sjing nanga rispikkie srefi fu na uniform.Tijdens het bouwen van mijn huis in 1999 heb ik echt dan ook mijn mensen leren kennen.Ze belazeren je bij het leven.Zo ook je eigen familie.Voor alles moet je ze betalen.Ze doen niks voor je zonder tegen prestatie terwijl je ze verwendt met kadootjes als je daar heen vertrekt.De haat die ze hebben tegenover de Sur-Ned komt o.a door het feit dat ze niet vrij naar Nederland kunnen gaan. Aan de andere kant gedraagt de Sur-Ned zich ook als een echte toerist in eigen land.Dat stuit tegen de de borst van onze mensen.Zij zijn niet gewend dat surinamers zich zo gedragen.Dat vinden zij raar en aanstellerig.De Surinamers kunnen dat niet hebben.Vooral waar de Sur-Ned de hele dag lopen te struinen en mooi weer spelen in de stad terwijl zij elk dubbltje tien keer moeten omdraaien voor dat zij iets kunnen kopen.Zij weten echter niet dat wij ook tien keer een duppeltje moeten omdraaien om met je gezin een vakantie-reis te kunnen maken.Vooral naar suriname.Zij denken dat alles hier koek en eis is.Als wij hun vertellen dat wij het ook moeilijk hebben in Nederland willen zij dit geloven.Ze zeggen dan dat wij hun ontmoedigt om maar niet te komen.Dat is de haat en discriminatie van onze eigen broeders.

  9. Mavrick schreef op 31 maart 2010 om 15:55

    Hi, Iwan, ik heb een aantal keren een paar interessante gesprekken gevoerd met jou op de balkon van guest house twenty 4 in Suriname. Tijdens deze gesprekken heb je mij wat goede adviezen kunnen geven over het leven, carrière maken en Ambities. Ik zat gisteren in een barebershop en in een blad business United las ik over je blog dus ik dag ik zal het even tjecken. Ik ben heel blij dat het beter met je gaat en ik wens je alvast heel veel succes met je blog. Wel ben ik het niet eens met wat Toriano Matjawe zegt over Suriname. Ik vind het niet correct wat hij zegt over Surinamers . Zelf weet ik niet of hij een Surinamer is maar ik wil aangeven dat hetgeen hij/zij heeft meegemaakt overal voorkomt. Er zijn in Nederland en in Suriname mensen die elkaar geen cent gunnen. Je mag niet vooruit komen volgens deze mensen hun denkwijze. Maakt niet uit ………. Nederlanders ……..Surinamer…………. Maakt niet uit hoe je deze mensen noemt Je hebt ze overal. Ze gaan misbruik van je maken en parsiet achtige gedrag vertonen. Jij moet zelf weten met wie je omgaat en wie jouw vrienden zijn. Jij moet ervoor zorgen dat je goede mensen die het met je menen om je heen hebt. Ik heb heel veel respect voor wat u hebt meegemaakt in Suriname ( Iwan en Toriano Matjawe) maar ik denk niet dat die ervaringen jullie en verkeerde beeld van Suriname en Surinamers moeten geven. Ik geef wel toe dat er wel discriminatie in Suriname voorkomt en dat men het teveel probeert te verbergen, maar het belangrijkste is dat wij in Suriname elkaar niet afmaken. En het is onze taak als jongeren uit Suriname of van Surinaams afkomst om te zorgen dat dit niet gebeurd of niet doorgaat. Maar als we met haatgevoelens ( verbittert ) rondlopen tegenover Suriname. Dan wil ik deze vraag stellen: Waarmee zijn we bezig?

    Is het correct om zo verbitterd te zijn?

  10. Mascha schreef op 29 oktober 2010 om 23:54

    Tja Surinamers…het zijn net echte mensen (en niets menselijks is hen vreemd). Ik hoop dat het goed met je gaat, Iwan. Brasa, Mascha (die nog steeds met veel plezier in Suriname komt)

  11. amandio campos neto schreef op 1 december 2011 om 13:31

    Hi, Iwan

    Ik moest laatst aan je denken toen ik door de zocherstraat liep.
    Na het lezen van je verhaal hoop ik dat je weer de weg omhoog gaat vinden we maken in ons leven allemaal een shit periode mee.
    ik hoop je nog eens een keer te zien en ” BE STRONG “.

    Groetjes van je ex buurman van de zocherstraat

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>