Beeldcultuur is helemaal cool. Volgens Bob Witman, hoofdredacteur van DAG, kan een foto “dertig keer zo veel informatie bevatten als zeven alinea’s tekst”. Dat klinkt stoer, maar is het ook zo? In weerwil van het cliché “één foto zegt meer dan duizend woorden” zwijgen de meeste foto’s zonder zorgvuldig geschreven bijschrift als het graf.
Zoals DAG dagelijks bewijst.
‘t Lijkt een prima idee, zo’n beeldpagina Geen Commentaar, maar verdienen de fotootjes erop werkelijk niet meer dan de volgende begeleidende telegramtaal?
(foto: jongen bij brandende auto)
Gaza-Stad, Gazastrook
Rellen tussen Hamas en Fatah(foto: man kijkt vermoeid naar stembiljetten)
Makati, Filipijnen
Waarnemer kijkt toe bij het tellen van de stemmen(foto: twee slapende mannen onder vrachtauto)
Peking, China
Twee bouwvakkers doen een dutje onder een vrachtwagen
Rondsnuffelend op de site van DAG stuitte ik ook op een serie van vijf foto’s van verschillende fotomodellen, allemaal met hetzelfde bijschrift:
Kim Feenstra (21) uit Groningen, tweede van links op de foto, is het mooiste meisje van Nederland.
Sommige DAG-bijschriften zijn uitgebreider maar vertellen desondanks een mager verhaal. Op de “Foto van de dag” van afgelopen vrijdag zien we een jonge man in uniform, op de achterbank van een auto ingeklemd tussen twee oudere mensen. Bijschrift:
Bogota, Colombia. John Frank Pinchao Blanco weer tussen zijn ouders nadat hij acht jaar door guerillastrijders is gegijzeld.
Mooie foto, maar wat een blunder om er niets over de achtergronden van dit belangwekkende gijzelingsslachtoffer en de situatie in Colombia bij te vertellen (een completer verhaal over Pinchao Blanco is hier te vinden). Overigens staat op dezelfde pagina in DAG een verhaaltje over Ingrid Betancourt; zij was de wereldberoemde medegevangene van Pinchao maar dat verband wordt door de redactie nergens gelegd.
Bijschriftredacteuren op reis
Het fotobijschrift vormt een van de kostbaarste instrumenten die een journalist bezit. Het scoort hoog in de aandachtshiërarchie van lezers, zoals onderzoekscamera’s van het Amerikaanse Poynter Institute vaak hebben vastgelegd: de ogen van lezers dwalen op elke pagina eerst naar een foto en vervolgens meteen richting bijschrift.
Sommige redacties leven met dat besef. Ooit mocht ik een kijkje nemen op de enorme bijschriftenredactie van The National Geographic in Washington, waar “bijschriftredacteuren” op reis worden gestuurd naar Ierland, Chili of Australië om research te doen voor tekstjes die toch doorgaans niet langer dan twintig regels zijn. Natuurlijk kunnen de meeste media zich dat soort luxe niet permitteren maar toch valt er veel te leren van het enthousiasme en de precisie waarmee dit soort bladen een taak uitvoeren waar sommige journalisten ‘t liefst in een wijde boog omheenlopen.
‘t Is jammer, maar het bijschrift wordt nog te vaak mishandeld (en niet alleen op de redactie van DAG). Hoe het anders kan? Een dezer dagen komen we met een vervolg op dit artikel.
12 reacties