Komkommertijd: een idée fixe van journalisten

Komkommertijd komt eraan. Teminste: er is al weer een dagblad (Dagblad De Pers) bezig aan een artikel over het verschijnsel. Maar is er wel sprake van komkommertijd of bestaat deze vermeende nieuwsstilte eigenlijk vooral als idée fixe in de hoofden van de journalistiek zelf? En welke onderzoeker werpt zich eens op dit zomerverschijnsel?

Laten we een voorbeeld bij de kop nemen. Twee jaar geleden dook er – zo luidden althans diverse berichten – plotsklaps een poema op de Veluwe op. Maandenlang speuren leverde echter geen snipper bewijs voor de daadwerkelijke aanwezigheid van het dier. Een komkommer, heette het. Een dankbaar door de pers uitgemolken verhaal, bij gebrek aan beter. Typisch zomernieuws!

Was het wel een komkommer? Dat vooronderstelt namelijk dat in ‘normale nieuwstijden’ het beest niet of minder de krantenkolommen en nieuwsuitzendingen gehaald zou hebben. Maar wie voert daar bewijs voor aan?

Laten we eens aannemen dat het beest zich op een regenachtige oktobermiddag voor het eerst had laten zien. Zou de pers er dan de neus voor hebben opgehaald? Zou de poema dan ‘klein bier’ gebleven zijn? Zouden minder journalisten zijn uitgerukt? Het valt nog maar te betwijfelen!

Etiket
Er doet zich dus een vreemd fenomeen voor. Bij licht nieuws wordt er in de zomermaanden al snel een etiket ‘komkommer’ op een onderwerp geplakt. Terwijl zo’n zelfde onderwerp de rest van het jaar evengoed het nieuws gehaald zou hebben. En vooralsnog is onbewezen dat dat nieuws in een ander jaargetijde minder aandacht zou krijgen.

Vooral journalisten zelf hebben nogal de neiging om zacht zomernieuws te voorzien van het etiket ‘komkommer’. Daarmee niet meer dan een schijn van bewijs aanvoerend dat er inderdaad sprake zou zijn van komkommertijd.

Wie maar vaak genoeg in de rustige zomermaanden zachte nieuwsonderwerpen tot ‘komkommer’ bestempelt, gaat zelf misschien nog in het idee geloven. Maar is het daarmee ook waar en bewijsbaar?

Dierennieuws
Even terug naar onze – vermeende – poema. Die dook voor het eerst op 14 juni 2005 op. Toen er nog helemaal geen sprake was van een rustige zomerperiode. Gemeenten werkten nog op volle kracht, het kabinet hield er op 8 juli mee op en de Tweede Kamer ging een week eerder met reces. De poema verscheen, kortom, helemaal niet in wat we komkommertijd zouden mogen noemen. De zoektocht sleepte zich daarna natuurlijk nog wel enige tijd door. Maar waarom zou een zoektocht naar een mogelijke poema op de Veluwe geen nieuws zijn? Kortom: ook hier werd wel heel makkelijk het etiket ‘komkommer’ opgeplakt.

Zo hebben we gedurende een reeks van jaren zomernieuws gehad over ontsnapte slangen, brulkikkers, monsterachtige bijtschildpadden en nog zo wat exotische dieren. Het zorgt er – mede – voor dat dierennieuws in de zomer al snel het etiket ‘komkommer’ krijgt.

Maar ook in de rest van het jaar halen vreemde, ‘lichte en luchtige’ onderwerpen het nieuws. Maar alleen omdat ze niet in de zomer plaatsvonden, heten ze geen komkommer. Zou Paris Hilton in juli haar celstraf hebben moeten uitzitten, dan was dat (uitgebreid gecoverde) nieuws ongetwijfeld door velen tot ‘komkommer’ bestempeld.

Zomerslaap
Toegegeven, er is wel degelijk iets aan de hand in de zomer. De politiek gaat op alle niveaus met zomerslaap. De overheid produceert minder nieuws. Het verenigingsleven komt grotendeels tot stilstand – een paar zomersporten daargelaten.

Maar is er daarmee sprake van komkommertijd? Kranten worden in diezelfde periode immers dunner, er hoeft dus ook minder nieuws verwerkt te worden om de pagina’s vol te krijgen. Misdaad, verkeer, natuur, bedrijfsleven, burenruzies en oorlogen kennen geen zomervakantie. Dat nieuws gaat gewoon door. Sterker: de afgelopen jaren leek het wel of grote bedrijfsreorganisaties, fusies, e.d. steevast in de rustige zomermaanden werden gepresenteerd.

Misschien moet een journalist die hardop verzucht dat de komkommertijd nu toch echt is begonnen, eens diep bij zichzelf te rade gaan of hij of zij zich niet te afhankelijk heeft gemaakt van voornamelijk institutionele bronnen die het nieuws de rest van het jaar als halffabrikaat op het bureau van de reporter doen belanden. Die journalist is eerder veroorzaker dan slachtoffer van wat de Duitsers de ‘sauregurkenzeit’ noemen.

Kabbelend beekje
Op een gemiddelde regio-redactie van een dagblad komt alleen al per post en e-mail voldoende materiaal binnen om de krant in beginsel (in bewerkte vorm) mee te kunnen vullen. En juist die in de laatste jaren fors gegroeide stroom mededelingen wordt in de zomermaanden een klein kabbelend beekje waar de journalist nog maar met moeite voldoende kopij uit kan filtreren.

Als er al komkommertijd zou bestaan, zou het eerder een bewijs zijn voor de afhankelijkheid van de instituties. In die zin is komkommertijd (nogmaals: als het al zou bestaan) eerder een zegen dan een probleem. De journalist moet weer eens nadenken over wat er daarbuiten kan gebeuren en hoe hij daarvan op de hoogte kan raken. Het is plotseling niet meer de stroom institutioneel nieuws die de agenda bepaalt, maar de journalist beslist zelf over de belangrijke onderwerpen. Het zou eigenlijk het hele jaar door komkommertijd moeten zijn!

Sterker: het lijkt soms ook wel het hele jaar door komkommertijd. Onderwerpen die tien jaar geleden de redactietafel niet zouden halen, staan nu het hele jaar door in de krant of halen serieuze tv-uitzendingen. Daar is niks op tegen, maar het bewijst dat komkommertijd, dat wellicht ooit, in de journalistieke oudheid, inderdaad bestond, in de moderne journalistiek een idée fixe is.

Journalisten praten zichzelf komkommertijd aan en papagaaien elkaar na. Of er in de zomermaanden werkelijk sprake is van het presenteren van nieuws dat anders niet of minder gebracht zou worden, is nog maar de vraag. Een onderzoekbare vraag. Misschien is er ergens een wetenschapper die nog verlegen zit om een onderwerp dat straks, bij de presentatie van de resultaten, gegarandeerd voor publiciteit zal zorgen?

3 reacties

  1. Hoewel journalisten doorgaans heel veel oude “waarden” in stand houden, geloof ik niet dat de komkommertijd daar nog bij hoort. Laat staan dat we elkaar op dit vlak iets proberen aan te praten. Het is juist de buitenwacht die, met poema-achtige berichtgeving als slap bewijs, hier telkens de aandacht op wil vestigen. Niet altijd terecht.

  2. Pingback: MouseOver » Blog Archive » De kwaliteit van de VRT nieuwsdienst

  3. Lia schreef op 3 september 2007 om 23:14

    Is journalistiek beinvloeding van de publieke opinie, of is het neutrale informatievoorziening? In de geest van de ‘waarheids’lievende journalist bestaat komkommertijd. Het is die periode waarin hij geen/nauwelijks invloed heeft/uitoefenen kan.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>