Wetenschapsjournalistiek kent geen duidelijke nieuwsselectie

Wat maakt nieuws nieuws? Journalisten zijn het opvallend vaak eens over welke onderwerpen nieuwswaardig zijn. Er is vorige eeuw veel onderzoek gedaan naar dit fenomeen, wat leidde tot lijsten van zogenoemde nieuwswaardecriteria. Hoe sterker een onderwerp aan een of meer van deze criteria voldoet, hoe groter de kans dat het in het nieuws komt. Het gevolg is dat bijvoorbeeld de landelijke kranten vaak grotendeels hetzelfde nieuws brengen. Precieze cijfers over welk percentage van de artikelen in kranten hetzelfde is heb ik het niet kunnen vinden, maar Ilse-directeur Paul Molenaar riep eind vorig jaar dat kranten elkaar voor 80% overlappen. Geldt dit echter wel voor alle journalistieke genres?

Het was mij een keer opgevallen dat de wetenschapsbijlagen van verschillende kranten binnen dezelfde week niet vaak over dezelfde onderwerpen schrijven. Voor mijn afstudeerscriptie besloot ik daarom onderzoek te doen naar nieuwsselectie binnen de wetenschapsjournalistiek. Ik koos ervoor om de wetenschapsbijlagen van de Nederlandse kranten de Volkskrant en NRC Handelsblad en de internationaal in hoog aanzien staande wetenschapsbijlage van de New York Times met elkaar te vergelijken. Hiervoor analyseerde ik verschillende aspecten van de berichtgeving in deze bijlagen via een steekproef over drie jaar.

De 80% overlap bleken de bijlagen bij lange na niet te halen. Op een totaal van 635 artikelen kwam het slechts twaalf keer voor dat een onderwerp in twee of drie kranten tegelijk stond; de overlap was dus kleiner dan 2%. Oftewel; de redacteuren van de onderzochte wetenschapsbijlagen verschillen sterk van mening over welke wetenschapsonderwerpen nieuwswaardig zijn en welke niet.

De rest van mijn analyse was gericht op andere aspecten van nieuwsselectie, die mogelijk zouden kunnen verklaren waarom er zo weinig overlap is tussen artikelen in wetenschapsbijlagen. De artikelen in de bijlagen van de drie kranten bleken in verschillende opzichten significant van elkaar te verschillen. Een paar van de belangrijkste uitkomsten:
- de bijlagen van de drie kranten verschilden sterk qua aan welk genre van wetenschap hoeveel aandacht werd besteed (zie ook de onderstaande grafiek);
- de Volkskrant en de New York Times brengen vaker dan het NRC Handelsblad wetenschapsartikelen die aansluiten op de maatschappelijke actualiteit en deze artikelen zijn relatief vaak lang;
- 55% van de artikelen in de wetenschapsbijlagen van NRC Handelsblad worden geschreven naar aanleiding van een artikelen in een wetenschappelijk tijdschrift; bij de Volkskrant en New York Times is dit respectievelijk 25% en 39%;
- in de wetenschapsbijlage van NRC Handelsblad wordt relatief weinig aandacht besteed aan onderwerpen uit eigen land; dit was maar bij 30% van alle artikelen zo, terwijl in de bijlagen van de Volkskrant en de New York Times respectievelijk 59% en 75% van de onderwerpen uit eigen land kwam.

Deze grote verschillen tussen de wetenschapsbijlagen van kranten zijn opmerkelijk omdat deze bijlagen, zoals ik in mijn scriptie beargumenteer, voor veel mensen nog altijd de belangrijkste bron van wetenschapsnieuws zijn. En kennis over c.q. begrip van wetenschap zijn bijna onontbeerlijk in onze huidige samenleving, waarin wetenschap en technologie een zeer belangrijke rol spelen. Maar als de nieuwskeuze tussen wetenschapsbijlagen zo sterk verschilt, hoe kan je dan een goed beeld van de huidige stand van zaken in de wetenschap vormen?

Op dit laatste valt wel een en ander af te dingen. Zo heb ik voor mijn scriptieonderzoek alleen gekeken naar de wetenschapsbijlagen. Het is echter goed mogelijk dat kranten wel degelijk een grote overlap kennen in wetenschapsnieuws dat op de gewone nieuwspagina’s belandt. Het gros van het wetenschapsnieuws verschijnt echter niet hier, maar in de genoemde bijlagen. Verder kan het best dat ondanks dat de individuele onderwerpen die in de bijlagen van de verschillende kranten staan sterk verschillen, de grote lijnen toch hetzelfde zijn. Waarschijnlijk hebben zowel de New York Times als de Volkskrant en het NRC in de afgelopen paar jaar vast wel iets geschreven over bijvoorbeeld gentherapie; alleen op verschillende momenten en vanuit een andere aanleiding.

Toch blijven de grote verschillen tussen de wetenschapsbijlagen naar mijn mening opvallend. Moet er misschien niet eens opnieuw nagedacht worden over wat het doel van wetenschapsbijlagen is, en hoe dit inhoudelijk vorm kan krijgen? Moet er, in het verlengde hiervan, een consensus komen over welke wetenschapsonderwerpen nieuwswaardig zijn en welke niet? Of is zo’n consensus misschien helemaal niet gewenst; of stomweg onmogelijk omdat er te veel gebeurt in de wetenschappelijke wereld?

5 reacties

  1. jg schreef op 19 juli 2007 om 13:33

    Interessant onderzoek. Ben er echter niet helemaal van overtuigd dat de wetenschapsbijlagen echt als keihard nieuws bedoeld zijn en niet meer als achtergrond. De NRC heeft bijvoorbeeld sinds een tijdje ook twee keer per week een wetenschapspágina in de krant zelf.

    Die 2% overlap in de wetenschap versus de mogelijke 80% overlap in het échte nieuws lijkt erg groot. maar het zou wellicht interessanter zijn om de overlap in de wetenschapsbijlagen te vergelijken met die in de kunst- (of boeken?) bijlages. Die zijn per slot van rekening ook meer een mix van actualiteit en achtergrond.

    (En tel je nou alleen onderwerpen die in dezelfde week worden behandeld als overlap? Dat lijkt me erg streng. In de wetenschap gaat alles nou eenmaal een stukje langzamer dan in het échte nieuws).

  2. Ik heb inderdaad alleen onderwerpen die in dezelfde week werden behandeld geteld, maar ik heb wel van tevoren gekeken of dit niet te streng zou zijn. In mijn ervaring is actualiteit binnen de wetenschapsjournalistiek vrijwel net zo belangrijk als binnen de reguliere nieuwsjournalistiek. Veel artikelen in de bijlagen zijn b.v. gebaseerd op artikelen in wetenschappelijke tijdschriften (m.n. Nature en Science), en die worden vrijwel altijd geschreven in de week dat het tijdschrift uitkomt. Ik heb dit voor ik mijn volledige onderzoek ging uitvoeren nog via een kleine steekproef gecontroleerd (of een onderwerp in bijlage X dus niet in de weken erna alsnog in een van de andere bijlagen verscheen). Ook met nieuws uit persberichten wordt meestal dezelfde week nog wat gedaan, interviews met bekende wetenschappers worden meestal zo snel mogelijk nadat zij in ons land waren geplaatst enz. In de wetenschap gaan dingen alleen langzaam in die zin dat een wetenschappelijke ontdekking vaak pas maanden of nog langer erover doet om gepubliceerd te worden in een wetenschappelijk tijdschrift; maar als het daar eenmaal in staat, pikken de media het vaak snel op.

    Ik denk daarom ook dat, hoewel wetenschapsnieuws misschien minder ‘hard’ is dan het ‘echte’ nieuws, het toch wel wat ‘harder’ is dan b.v. kunst of boeken. En het dus ook niet helemaal terecht zou zijn om het hier mee te vergelijken. Maar het is natuurlijk lastig te definieren wat ‘hard’ is en wat niet. In ieder geval is het wel zo dat wetenschapsnieuws vaak niet voldoet aan veel van de nieuwswaardecriteria waar het reguliere nieuws aan moet voldoen. In mijn scriptie bediscussieer ik dat aan de criteria die wel opgaan voor het wetenschapsnieuws mogelijk door de redacties van de drie bijlagen op verschillende wijze waarde wordt toegekend, en dat dit (mede) de oorzaak zou kunnen zijn van de gevonden verschillen. Ik heb dit in het bovenstaande artikel echter weggelaten omdat het artikel dan misschien te moeilijk zou worden.

    vr. gr. Nadine

    ps) het gewone nieuwsdeel van de krant is trouwens toch ook een mix van keihard nieuws en achtergrond?

  3. Interessante exercitie, dit onderzoek, maar de geringe overlap zegt me weinig.
    Ten eerste is de Volkskrant veel strenger dan wij in het precies op tijd (cq onmiddellijk) publiceren van nieuws. Wij nemen in de bijlage nog wel eens een bericht uit science of nature mee, of uit andere wekelijkse bladen. Soms is er geen plek, of zijn er andere redenen (dringt het nieuws pas na lezing van de volksrant tot ons door bijvoorbeeld hahaha).
    Maar het tweede punt is belangrijker: wij hebben twee keer per week een pagina in de dagkrant, met per pagina zo’n tien berichten/verhalen, twintig per week dus. In de bijlage hebben we vier wetenschapspagina’s met in totaal zo’n 10 à 15 berichten/verhalen per week. (En als er echt groot nieuws is op andere dagen komt dat op buitenland of evt binnenland, zo doet de Vk dat ook). Bij ons heeft De bijlage W&O dus wel de meeste pagina’s en woorden, maar de telbare elementen zijn nog niet de helft van de totale wetenschappelijke nieuwsproductie van NRC Handelsblad. Als je niet kijkt naar de dagpagina’s houdt, zegt een vergelijking met anderen vrij weinig.

    De vergelijking van de inhoudelijke velden is interessanter, al vraag ik me af hoe informatief de categorie aard- en levenswetenschappen is. Ik dacht dat medicijnen trouwens ook een life science was. Als je die categorieën bij elkaar optelt komen Volkskrant en NRC ook ineens hetzelfde uit ;-).

  4. @Hendrik Spiering: Ik besef inderdaad dat het een mankement is dat ik de doordeweekse wetenschapspagina’s van het NRC buiten beschouwing heb gelaten. Ik heb dit deels gedaan vanwege de geringe tijd die ik had voor de scriptie & het onderzoek erin (8 weken), en deels omdat de doordeweekse pagina’s naar ik meen iets van de laatste tijd zijn. Verbeter me gerust, maar ik geloof dat ze sinds ongeveer een jaar bestaan? Terwijl mijn onderzoek gaat over de jaren 2004 t/m 2006. Een groot deel beslaat dus (als ik het goed heb) de tijd voordat er doordeweekse pagina’s waren. Het kan echter heel goed dat tegenwoordig de overlap groter is; waarschijnlijk wel, gezien de vele aandacht die het NRC Handelsblad tegenwoordig besteed aan wetenschap. (Wat ik persoonlijk trouwens erg goed vind, en ook heel leuk dat er zo veel wetenschap in NRC Next staat!).

    De onderverdeling naar categorieen is afgeleid van eerdere onderzoeken. Hierin wordt aard- en levenswetenschappen meestal (maar niet altijd) samengevoegd met natuurkunde, wiskunde etc. onder de noemer ‘natuurwetenschappen’. Een van de hypotheses binnen mijn scriptie is echter dat er binnen wetenschapsbijlagen waarschijnlijk meer aandacht uitgaat naar onderwerpen die ‘betekenisvoller’ zijn voor de lezer (c.q. in hogere mate voldoen aan de nieuwswaardecriteria meaningfulness en consonance) dan naar abstractere onderwerpen. En m.i. voldoen aard- en levenswetenschappen sterker aan deze cirteria dan de abstractere ‘overige’ natuurwetenschappen.

    Medische wetenschappen werd binnen alle door mij bekeken eerdere onderzoeken als aparte categorie beschouwd, waarschijnlijk mede omdat het niet valt onder de angelsaksische betekenis van het woord ‘science’. In de New York Times staan de medische onderwerpen dan ook niet op de science-pagina’s, maar op aparte pagina’s binnen hetzelfde wekelijkse katern. (Hoogstwaarschijnlijk is dit ook de reden dat de bijlage van de NY Times zo weinig aandacht besteedt aan de alfa- en gammawetenschappen, die ik in dit onderzoek maatschappij & cultuur heb genoemd; ook deze wetenschappen vallen namelijk niet onder de angelsaksische noemer ‘science’).

    vr. groeten Nadine

  5. in mijn reactie hierboven is een zin onvolledig: Wij nemen in de bijlage nog wel eens EEN WEEK LATER een bericht uit science of nature mee, of uit andere wekelijkse bladen.
    Er staat ook een keer te veel ‘houdt’ in een zin :-( Enfin.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>