‘Media moeten de wereld begrijpelijk maken’

“Internet maakt de wereld complex. Het is de taak van de media om de wereld te simplificeren.” Aldus Andrew Keen, auteur van ‘The Cult of the Amateur‘, donderdag in een Picnic-discussie met David Weinberger, de schrijver van ‘Everything is Miscellaneous‘.

Het debat was een botsing van totaal verschillende wereldbeelden. Aan de ene kant staat Weinberger die enthousiast is over internet en over wat mensen daar doen. Tijdens de presentatie die hij voorafgaande aan de discussie hield, verwees hij naar een speech die president Bush gaf over het onderwerp immigratie. Een complex onderwerp, maar de toespraak van Bush was met opzet simpel gehouden. Nadat de tekst op internet verscheen, gingen bloggers ermee aan de haal. Zij legden talloze verbanden, bijvoorbeeld naar eerdere toespraken of naar partijgenoten van Bush die er andere standpunten op na houden. Eenvoudig nieuws wordt voorzien van context en analyse.

Tegenover Weinberger staat Keen. Al die complexiteit is leuk voor een kleine groep geprivilegieerden, maar de massa schiet er niets mee op, vindt hij. “De media moeten ervoor zorgen dat iedereen de wereld kan begrijpen. De meest succesvolle media zijn niet complex.” Dat is meteen zijn bezwaar tegen nieuwe media: die zorgen er namelijk niet voor dat mensen beter geïnformeerd raken. “Ik heb veel enthousiaste reacties op mijn boek ontvangen van onderwijzers. Die merken namelijk in de praktijk dat de kinderen vandaag niet meer zo goed geïnformeerd zijn als vroeger.”

Irak
Keen kreeg in de discussie bijval van discussieleider Walt Mossberg, de personal technology editor van The Wall Street Journal. “Weinberger houdt van complexiteit. Maar mijn lezers hebben daar helemaal geen tijd voor.”

Bij The Wall Street Journal weten de lezers waar ze aan toe zijn. Zo kunnen ze er van op aan dat Mossberg geen kortingen of producten aanneemt van fabrikanten. “Ik stuur alles terug en accepteer geen gratis reizen.” Daar staan genoeg webloggers tegenover die zich niet aan dergelijke standaarden houden. Weinberger was niet onder de indruk. “Inderdaad, er zijn smerige leugenaars. Mensen zijn te koop. Maar zo is het leven. Er waren ook journalisten die over Irak berichtten en het verkeerd hadden.”

“Het is wel heel makkelijk om de main stream media de schuld te geven”, vindt Keen. “Er waren genoeg goede journalisten die het wel bij het rechte eind hadden over Irak.” Bovendien, journalisten hebben een belangrijk voordeel ten opzichte van de meeste bloggers: ze worden betaald voor hun werk.

Doordat ze meer middelen tot hun beschikking hebben, hebben ze toegang tot bronnen waarover bloggers niet beschikken, aldus Mossberg. “Dat Microsoft een belang wil nemen in Facebook werd deze week niet onthuld door de blogosfeer, maar door mijn collega’s bij The Wall Street Journal.”

7 reacties

  1. Belanrijke discussie. Dit raakt de kern… Kolossale hoeveelheden info op onderdelen? Of streng geselecteerde info voor de ‘big picture’? Het werk van de ‘echte journalist’ zit naar mijn mening heel erg bij het laatste.

  2. Lia schreef op 29 september 2007 om 19:48

    “Een journalist selecteert, en op basis waarvan gebeurt dat nu eigenlijk?”

    Joris Luyendijk op

  3. Lia schreef op 29 september 2007 om 19:50

    weblogs.nrc.nl/weblog/2007/08/07/komt-dat-schot

  4. In het boek van Henk Blanken en Mark Deuze wordt ook geconcludeerd dat lezers meestal weinig behoefte hebben aan heel veel duiding. Die gidsfunctie van journalisten is iets waar vooral journalisten nog in geloven. Maar feit is dat mensen zelf wel in hun omgeving op zoek gaan naar bronnen die hen sturen naar wat goed en ter zake doend is, mochten ze daar al behoefte aan hebben. En de kans dat die bron een journalist is, is niet extreem groot. Daar ligt een grote taak voor de toekomst: zorgen dat je relevant en geloofwaardig bent.

  5. Pingback: PicNic 2007 « Digital Sketches

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>