Wie is journalist? Negen principes!

Er is de afgelopen dagen al heel wat debat ontstaan naar aanleiding van Hirsch Ballins uitspraken over wetgeving rondom het journalistiek verschoningsrecht. Zie bij Henk Blanken bijvoorbeeld; hij is weliswaar genuanceerd, maar uiteindelijk toch negatief. Zie ook dit al wat oudere overzichtsartikel van Marnix Kreyns, dat de voor- en nadelen van een wettelijke regeling opsomt. Met eveneens een licht negatieve conclusie.

Ja, er kleven bezwaren aan een wet. En risico’s ook. En nee, het is niet wenselijk om de vrijheid van journalistiek handelen in de knel te laten komen door – bijvoorbeeld – vakbondslijsten met namen van ‘echte’ journalisten.

Desondanks is het volgens mij onverstandig de overwegingen van Hirsch Ballin en algemeen secretaris Thomas Bruning van de NVJ meteen maar bij het grof vuil te zetten. Er is simpelweg regelgeving nodig om te voorkomen dat er een nieuwe Koen Voskuil achter de tralies belandt. Wat dat betreft heeft Hirsch Ballin de terechtwijzing van het Europees Hof goed begrepen.

Misschien kunnen we de Kamer wel een handje helpen. Even kort door de bocht wat principes die de kracht van zo’n verschoningswet zouden kunnen bevorderen:

1. Iedereen die feiten of meningen publiek maakt, is publicist. Iedere publicist kan op basis van de vrijheid van meningsuiting, binnen de kaders van de Nederlandse wet, publiceren wat hem/haar goeddunkt.
2. Een publicist die de (nog te verschijnen) nieuwe code van het Genootschap van Hoofdredacteuren onverkort onderschrijft, mag zich journalist noemen.
3. Een journalist heeft het recht op verschoning.
4. Een journalist heeft de plicht zich, in het geval van een klacht, te verantwoorden voor de Raad voor de Journalistiek. De code van het Genootschap en de leidraad van de Raad vormen de basis voor de oordelen van de Raad.
5. Het oordeel van de Raad wordt gepubliceerd in/op het medium waar de gewraakte publicatie oorspronkelijk op verscheen en op de manier die de Raad (of een daaraan verbonden ombudsman) bepaalt.
6. De Raad voor de Journalistiek (of die ombudsman) kan het Genootschap van Hoofdredacteuren adviseren een door de Raad veroordeelde journalist een waarschuwing te geven. Dat kan gebeuren door de zwaarte van de overtreding of de herhaling ervan. Als het Genootschap het advies overneemt, wordt deze waarschuwing openbaar gemaakt en kan door een rechter worden meegewogen in het al dan niet toekennen van een recht op verschoning.
7. Het Genootschap van Hoofdredacteuren kan ook op eigen gezag oordelen dat een journalist de code niet respecteert. En dat oordeel openbaar maken.
8. Een publicist die geen journalist wil zijn, hoeft zich ook niets gelegen te laten liggen aan de oordelen van de Raad voor de Journalistiek, maar heeft evenmin recht op verschoning.
9. De Nederlandse Vereniging van Journalisten kan een door haar betwiste waarschuwing van het Genootschap ter toetsing aan de Raad voor de Journalistiek voorleggen.

Ik heb bewust gekozen voor het individu als ijkpunt in plaats van het medium waar dit individu voor werkt. Dat geeft meer speelruimte: een krant, een tv-programma of een site/weblog kan bijvoorbeeld bestaan uit zowel journalistieke als niet-journalistieke bijdragen, die laatste al dan niet in de vorm van user generated content. Ook staat dit alles los van de (juridische) verantwoordelijkheid van de uitgever over het gehele product; het is zeker interessant daar ook nog eens een boom over op te zetten.

Misschien moeten we er de komende tijd nog maar eens wat verder over doordenken. Ook de Kamer zal zijn tijd nog wel nodig hebben. Het is trouwens nog maar zeer de vraag of bijvoorbeeld het Genootschap van Hoofdredacteuren de hierboven geschetste rol wil hebben. In hun najaarsvergadering van aanstaande woensdag staat een nieuwe journalistieke code op de agenda, dus wie weet kan die discussie daar alvast geopend worden.

Bijkomend voordeel zou wel zijn dat het gezag van de Raad voor de Journalistiek door dit geheel wordt vesterkt. Immers, geen gedoe meer met verweerders die zich geen journalist willen noemen (de GeenStijl-achtigen) en helderdere consequenties voor het medium van een veroordeelde journalist.

Dit stuk verscheen eerder op de weblog van Sp!ts-hoofdredacteur Bart Brouwers.

5 reacties

  1. Jeroen Wollaars schreef op 27 november 2007 om 20:58

    Journalisten die werken voor media die de Raad voor de Journalistiek niet erkennen, zoals RTL Nieuws en Elsevier, zijn volgens deze negen principes geen journalist. Dat lijkt me ongelukkig.

    Net als – inderdaad – de rare rol die het Genootschap van Hoofdredacteuren (wie zijn dat eigenlijk?) spelen in deze opzet. Als ik je goed begrijp mogen ze als een soort, ik zeg het maar netjes, Rederijkerskamer beslissen over wie zich journalist en wie niet mag noemen.

    De NVJ heeft een aantal voorwaarden waar de aanvrager van een politieperskaart aan moet voldoen. Is dat niet een betere denkrichting:

    Van: http://www.politieperskaart.nl/wiekan.shtm

    De eerste voorwaarde is dat de aanvrager journalist van hoofdberoep is. Leden van de organisaties die de stichting in het leven hebben geroepen, worden geacht aan deze voorwaarde te voldoen. Wie geen lid is van één van deze organisaties, zal door een verklaring van werkgever of opdrachtgever(s) moeten aantonen dat hij journalist van hoofdberoep is.

    De tweede voorwaarde is dat de aanvrager meewerkt aan de redactionele inhoud van een massamedium.

    De derde voorwaarde is dat de aanvrager de kaart voor zijn werk nodig heeft. De stichting beoordeelt dit ook aan de hand van een verklaring van werkgever of opdrachtgever.

  2. @ Jeroen
    Ook de voorwaarden van de politieperskaart kunnen worden aangescherpt. Bloggers zijn hierin niet te vangen, want die is (meestal) zijn eigen werkgever en opdrachtgever. Los daarvan weet ik niet of alle bloggers wel verschoningsrecht mogen hebben. En wat doen we met de categorieën burgerjournalisten, en dat nieuwe media-experiment van wie ook alweer?
    Bart Brouwers doet in elk geval een poging het dilemma – de journalistiek is een vrij beroep – hier te ondervangen.

  3. Pingback: Een nieuwe jas « HollandsGlorie. Over de staat der Nederlanden

  4. Pingback: Regelzucht » Blog Archive » Een nieuwe jas

  5. Pingback: Recensie: The Universal Journalist - Sargasso

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>