EU-regelgeving voor digitale activiteiten pubieke omroepen schiet tekort

Publieke omroepen hielden zich lange tijd vooral bezig met radio en televisie. Sinds een jaar of tien ontplooien ze in West-Europa steeds meer online activiteiten. Maar passen deze activiteiten wel binnen de doelstellingen van de publieke omroep? En is het wel terecht dat online-uitingen kunnen plaatsvinden door staatsfinanciering? Hoe zit dit eigenlijk wettelijk gezien? Daarover gaan twee artikelen in het huidige nummer van het wetenschappelijke tijdschrift Convergence. De artikelen zijn niet vrij toegankelijk; de links verwijzen naar de abstracts.

De regels van de Europese Unie zijn nogal onduidelijk op het vlak van staatsfinanciering van digitale activiteiten, blijkt uit een analyse van Karen Donders en Caroline Pauwels van de Vrije Universiteit Brussel. Het is landen die lid zijn van de EU verboden om staatssteun te geven aan bedrijven of instellingen, als deze steun zorgt voor een verstoring van de marktwerking. In het geval van publieke omroepen staat de EU-regelgeving echter een lichte verstoring van de markt toe. En in het Verdrag van Amsterdam uit 1997 wordt het belang van publieke omroepen binnen de Europese samenlevingen benadrukt.

Donders en Pauwels geven een overzicht van zaken die zijn aangespannen tegen publieke omroepen omdat zij buitenproportioneel veel staatssteun zouden krijgen of geld aan commerciële doeleinden zouden besteden. Tussen die zaken zaten er maar weinig waarbij de ontwikkeling van digitale activiteiten een rol speelden. Een van de weinige zaken waarin dit wel meespeelde was de zaak tegen de Nederlandse publieke omroep, die in 2006 bijna 80 miljoen boete kreeg omdat deze jarenlang meer staatssteun zou hebben ontvangen dan verantwoord was. De Nederlandse overheid is tegen deze uitspraak in beroep gegaan en er is gesteggel omdat de overheid de publieke omroep heeft geholpen bij het betalen van de boete. Volgens de rechterlijke uitspraak heeft de publieke omroep met het ‘teveel’ ontvangen geld, onterecht, onder meer digitale activiteiten ontwikkeld die niet zouden passen binnen de doelstelling van een publieke omroep.

Geen duidelijke regels
Maar is dit terecht? Waren de activiteiten die de Nederlandse publieke omroep heeft ontwikkeld inderdaad commercieel in plaats van gericht op de publieke zaak? Duidelijke regels voor wanneer digitale activiteiten wel of niet voldoen aan de doelstellingen van een publieke omroep zijn er niet, stellen Donders en Pauwels. Bovendien hebben lidstaten tot op zekere hoogte zelf ruimte om invulling te geven aan deze doelstellingen en kunnen zij dus zelf de beschikbare ruimte bepalen. Donders en Pauwels roepen op tot discussie over dit onderwerp en duidelijke regelgeving, zodat publieke omroepen in Europa beter weten waar ze aan toe zijn.

Ook de Noorse mediawetenschapper Hallvard Moe wil deze discussie graag aanzwengelen. In zijn artikel bespreekt hij de richting waarin de Europese regelgeving met betrekking tot digitale activiteiten van publieke omroepen op lijkt te gaan en waarom dit volgens hem beter doordacht moet worden. Hij doet dit met behulp van praktijkvoorbeelden van activiteiten die op het eerste gezicht misschien geen publiek functie lijken te hebben.

Moe onderscheidt drie neigingen van de EU met betrekking tot het beoordelen van digitale activiteiten: er wordt vooral gekeken naar individuele activiteiten, in plaats van deze in een breder perspectief te plaatsen; internet wordt beschouwd als verlengstuk voor de originele activiteiten van de omroepen, niet als individueel medium; en publieke omroepen zouden slechts andere online actoren mogen aanvullen, in plaats van zelf volledig nieuwe (en daardoor mogelijk commercieel concurrerende) initiatieven te ontwikkelen. Als algemeen geldende doelstellingen van publieke omroepen noemt Moe onder meer het verspreiden van informatie, ook naar marginale groepen binnen de maatschappij die mogelijk niet op andere wijze worden bereikt, en het faciliteren van het publieke debat.

Forumfunctie van de ZDF
Bij zijn kritiek op de neiging om digitale activiteiten individueel te bekijken, haalt Moe de forumfunctie op de website van de Duitse omroep ZDF aan. Er zijn binnen dit forum verschillende pijlers waarvan veel over programma’s van de ZDF of actuele maatschappelijke kwesties gaan. Maar er is ook een – bekritiseerde – pijler over het weer, waarop mensen bijvoorbeeld klagen of juist juichen over aankomende regen. Is het wel een taak van een publieke omroep om dergelijke weerpraat te faciliteren? Als je naar het bredere plaatje kijkt wel, volgens Moe. Met een onderwerp als dit bereik je mogelijk mensen die zich niet vanzelfsprekend aangetrokken voelen tot de andere pijlers op het forum, of het publieke debat in het algemeen. Maar betrek je ze toch op een laagdrempelige manier in een vorm van een publiek debat. En schep je een band tussen deze bezoekers en het forum, waarna mensen zich mogelijk na een poosje toch ook gaan interesseren voor andere onderwerpen op het forum.

Dat internet binnen de EU-regelgeving niet echt wordt gezien als individueel medium, maar dat internetactiviteiten van publieke omroepen zouden moeten aansluiten bij bestaande radio- en televisieactiviteiten, is volgens Moe verkeerd. Ook op internet kunnen tenslotte activiteiten ontwikkeld worden die aansluiten bij doelstellingen als maatschappelijk betrokkenheid en het aanjagen van het publieke debat. Als voorbeeld van een uitzonderlijke activiteit die toch aan deze voorwaarden voldoet noemt Moe een spel op de site van de Noorse publieke omroep NRK. Een deel van deze site is speciaal ingericht voor jongeren, met vooral veel aandacht voor populaire cultuur en muziek. Op dit jongerendeel zijn verschillende spellen te vinden, waaronder het spel Mujaffa. Hierbij ben je een allochtone jongere, die in een snelle auto door de stad rijdt, terwijl je onderweg punten kan verdienen door je vrienden te begroeten, blonde meisjes op te pikken en items te verzamelen waarmee je je auto kan pimpen. Er is in Noorwegen veel discussie geweest over dit spel. Het zou racistisch zijn, gebaseerd zijn op vooroordelen en een te stereotype beeld van allochtone jongeren geven. Waarmee het spel zijn doel bereikte: het was namelijk ontwikkeld om deze discussie op gang te brengen en jongeren te laten nadenken over dergelijke vooroordelen. Moe geeft toe dat het spel ook best door een commercieel bedrijf ontwikkeld had kunnen worden. Maar zou het dan dezelfde impact hebben gehad als nu de publieke omroep het heeft gebracht?

BBC in Second Life
Tenslotte haalt Moe – om te betogen dat het ook goed kan zijn als een publieke omroep volledig nieuwe digitale activiteiten ontwikkelt – het voorbeeld van de BBC aan, die diverse activiteiten ontwikkelde in de virtuele wereld Second Life (SL). De BBC vaart hierbij niet alleen mee op de bestaande technologie, maar ontwikkelt ook speciaal nieuwe functies en toepassingen binnen SL. Zo werd er in mei 2006 een virtuele representatie ontwikkeld van het radio 1 Big Weekend music festival in Dundee. Deze online versie van het festival kende een aantal functies die nieuw waren voor SL, waaronder manieren waarop de virtuele bezoekers met elkaar konden communiceren. Het virtuele evenement trok in drie dagen tijd zesduizend unieke bezoekers. Wat je kan zien als weinig, en als zonde om daar geld voor uit te trekken. Maar, betoogt Moe, je kan ook stellen dat de BBC nu een marginale groep heeft bereikt die het met de normale media misschien niet bereikt; wat toch een van de doelstellingen van publieke omroepen is. Bovendien kweekt het ontwikkelen van originele activiteiten als deze potentieel meer naamsbekendheid en aanhang voor de BBC. En raken mensen vervolgens misschien ook meer betrokken bij andere BBC-activiteiten en de maatschappij in het algemeen.

Moe laat in het midden of hij het forum, het spel en de Second Life-activiteiten inderdaad staatsfinanciering waard vindt. Maar ze zouden niet zomaar afgeserveerd moeten worden, zoals binnen de nog verder te ontwikkelen Europese regelgeving lijkt te gaan gebeuren.


1 reactie:

H.Calahan
4 augustus, 2008

Waarom de publieke omroep uit de tijd is en al lang de eigen boontjes had moeten gaan doppen, kunt u onder meer lezen via:
http://www.hetvrijevolk.com/?pagina=6420


Laat een reactie achter »