Identiteitscrisis en mediachaos

Het is chaos in opsporingsland en in de media. Allemaal te danken – of te wijten – aan het digitale tijdperk, de drang van sommige criminelen of kruimeldieven om ook even in de schijnwerpers te staan, en aan de tijdgeest waarin de grens tussen het publieke en het private domein rap vervaagt. Ik raak daardoor in een journalistieke identiteitscrisis.

Voorbeelden van deze week: een werkgever te Emmeloord zet een filmpje op YouTube – een populaire internetsite – waarin is te zien dat een man binnenkomt en daarna wegloopt met een laptop uit zijn bedrijf. De man is herkenbaar, maar of hij heeft gestolen? Ik weet het niet. De baas zegt het.
We brengen het nieuws, want ja het is wél bijzonder, zo’n filmpje. We besluiten het filmpje zelf niet op onze site te zetten, maar verwijzen naar
YouTube. Tja, principieel en halfslachtig tegelijk. De politie meldt in een reactie dat burgers eigenlijk zoiets niet moeten doen. Tegelijkertijd openen
steeds meer korpsen zelf kanalen op YouTube waarin overvallers en inbrekers open en bloot zijn te zien, in de hoop dat wij ze voor de politie
‘opsporen’. Moeten wij deze filmpjes dan wél laten zien of beschrijven?

In Staphorst vindt een verschrikkelijk familiedrama plaats. Een peutertje wordt thuis gevonden, opgehangen. De eerste dag is nog niet duidelijk of het
om een misdrijf gaat, dus melden we de naam van het slachtoffertje. Een dag later wordt de moeder verdacht. Dus gaan we – volgens interne afspraak – over tot voornaam en de eerste letter van de achternaam. Beetje gek, geef ik toe, want straat en huis zijn ook bekendgemaakt door de autoriteiten en door ons.

Gisteren (donderdag 17 juli, DNR) publiceerden wij de naam van een vermeende oplichter – organisator Martin Bruins, in de edities Zwolle en Apeldoorn ook met foto – omdat deze man onbekommerd de publiciteit zoekt over de ravage die hij overal achterlaat. Moeten wij roomser zijn dan de paus in zo’n geval, want er is
wel nieuws te melden?

Ik heb mijn journalistieke opvattingen over privacy en bescherming van verdachten en slachtoffers. Maar om mij heen verandert de wereld in rap
tempo. En daar heb ik in mijn beslissingen rekening mee te houden. Soms ga ik een stukje met de stroom mee, soms roei ik er tegenin. Om me heen zie ik wel eens mensen vragend kijken als ik een besluit rechtvaardig. Want de stemming is toch steeds vaker: verdachten hebben geen recht op bescherming. Dat verspelen ze via de misdaad die ze plegen. Daarbij komt dat verdachten en veroordeelden zelf steeds meer de schaamte voorbij raken en hun kant van het verhaal willen vertellen.

Deze identiteitscrisis en mediachaos zal nog wel even voortduren, ook door buitenlandse invloeden. Want daar is terughoudendheid in misdaadverslaggeving ver te zoeken. U als lezer ondergaat dit allemaal. Gedwee? Opstandig? Met instemming? Laat het me weten en reageer!

Bovenstaande column verscheen eerder – op vrijdag 18 juli – in dagblad de Stentor.


4 reacties:

Edwin
21 juli, 2008

Ik denk dat veel mensen inderdaad gedwee zijn maar dan vooral omdat men murw is van de enorme overdosis aan informatie. Je kunt inmiddels zoveel informatie vinden over zoveel mensen en organisaties, dat je niet snel meer onder de indruk bent. Ik zag de foto’s ook, klikte even snel en was weer weg. Ik denk dat dat voor veel mensen geldt.

Ondertussen is het natuurlijk wel een ernstig verhaal, die afbrokkelende privacy.

Je krijgt inzicht in het hele netwerk van Holleeder:

http://www.zbdigitaal.nl/2007/04/de-holleeder-connectie-browser-van-vrij.html

Je zet online hoe je buren zich misdragen:

http://www.zbdigitaal.nl/2008/05/beoordeel-je-buren-op-rotten-neighbour.html

en in de VS zet justitie niet alleen de naam maar ook het adres van verdachten online:

http://www.zbdigitaal.nl/2006/04/internet-maakt-meer-kapot-dan-je-lief.html

Waarschijnlijk zal het alleen nog maar gekker worden. En informatiemurw als we zijn laten we het allemaal over ons heen komen…

Jan Boeykens
24 juli, 2008

De manier waarop Marcel Vervloesem van onze vereniging 10 jaar lang door de ‘professionele’ pers aan de schandpaal werd genageld, was wel een mooi staaltje
van de manier waarop journalisten over ‘privacy’ en ‘bescherming van verdachten en slachtoffers’ denken.

Hille
24 juli, 2008

Mijn idee: doe er niet mee. Een filmpje waarop je ziet dat iemand een loopt met een laptop onde z’n arm is niet “bijzonder”. Heel alledaags. Volgens die borden van Reaal is de kans 25 % dat je met laptop riest, dus ja, dan zie je ook veel mensen lopen met zo’n ding… en dat zijn baas zegt dat ie steelt…. zegt dat meer over de baas of meer over werknemer? t zegt dat er sprake is van een conflictje. maar ghoe interessant is dat voor mensen buiten het bedrijf??? Voor mij niet boeien in ieder geval.

Dan die peuter… t was niet duidelijk dat t om een misdrijf ging en daarom dus maar naam vermeld. Maar t kon wel vermoed worden dat t om een misdrijf zou kunnen gaan. Dus dan vermled je naam zekerheidshalve niet,. en trouwens: als t geen misdrijf was, zie ik ook geen reden om naam te vermelden. t maakt t nieuws niet spannender ofzo. een gefingeerde naam doet t net zo goed als je een sappige reconstructie wilt.

Verdachten die zelf de publiciteit zoeken verspelen hun recht om anoniem te blijven, vind ik. Maar wat zegt dat over het vermelden van namen van andere verdachten? Dan zijn er toch nog heel veel verdachten over van wie je naam niet vermeldt?

Groeten!

Hille

lia
4 augustus, 2008

hebben we behoefte aan 1 identiteit, of aan meerdere identiteiten? Wat mij betreft, hoe meer verscheidenheid, hoe meer diversiteit, hoe interessanter en leuker het wordt.


Laat een reactie achter »