Olaf Koens bereisde als ‘Zomerreporter’ voor De Nieuwe Reporter enkele Europese landen. Via Twitter, Flickr en dit weblog deed hij verslag van ontwikkelingen in de journalistiek. Vandaag zijn laatste bijdrage: de terugblik.
Wanneer zelfs in Zuid-Europa mensen in dikke jassen over straat gaan loopt de zomer echt op z’n eind. Tijd dus om een punt te zetten achter mijn opdracht als ‘zomerreporter’ en terug te kijken op een aantal zaken. Over gemiste vluchten, goede journalistiek, teleurstellende reacties, geleerde lessen en waarom ik het allemaal voor geen goud had willen missen.
Het was misschien wel een onmogelijke opdracht: in een korte tijd zoveel mogelijk EU-landen bezoeken om ‘de stand van zaken’ in het medialandschap te schetsen. Maar – vrij naar Kapuscinki – hoe moeilijker de opdracht, hoe liever ik op het vliegtuig stap.
Ik heb misschien een beetje een chaotische methode. Ik lees me weken van te voren goed in, maar boek de vlucht pas op het allerlaatste moment. Ik probeer vooraf een paar contactpersonen te achterhalen en laat me overrompelen door de plaats van bestemming. Kent de taxichauffeur misschien nog een goed verhaal? Heeft het meisje achter de bar niet een kennis die journalist is? Wat denken ze in het koffiehuis over de media? Deze methode werkt feilloos in het Midden Oosten en de voormalige Sovjet-Unie. Maar niet in West-Europa. Je kunt wel voor het kantoor van een nieuwsredactie verschijnen, als je geen afspraak hebt kom je er niet in.
Sleutelfiguren op vakantie
Een grote hindernis was de zomervakantie zelf. Ik verbleef hooguit een week op de plaats van bestemming. Wanneer je dan eindelijk een goed verhaal op de hielen zit blijken de sleutelfiguren zelf op vakantie. Soms heb je botte pech. Ik wilde beginnen met een verhaal over het mediacircus dat kwam en vertrok in het kielzog van Barack Obama. Helaas, ik kreeg geen persaccreditatie. Niet van de stad Berlijn, niet van het Obama-campagneteam in Chicago. Zuur.
Soms mis je een vlucht. Ik versliep me na een lange nacht in Parijs en vertrok ook nog eens naar de verkeerde terminal van Charle de Gaulle. Jammer, maar dus geen reportage uit Cyprus. Ook Estland schoot erbij in. Plots brak er oorlog uit tussen Rusland en Georgië en was ik een van de weinige Nederlanders die ooit eerder in Georgië was geweest.
Teleurstellend
Ik heb me vergist in het genererend vermogen van de lezers van De Nieuwe Reporter. Tot tweemaal toe heb ik een oproep gedaan om me van suggesties, tips of ideeën te voorzien. Een enkele uitzondering daargelaten, de meeste reacties waren nonsens. Ik zou graag willen bekijken of ‘alle omroepen in Europa’ links, rechts of rechtlijnig zijn, maar dat was de opdracht natuurlijk niet.
Het is verwonderlijk dat een lezersgenootschap dat grotendeels bestaat uit journalisten, redacteuren en hoofdredacteuren niet in staat is een bestemming voor een verslaggever te vinden. Ik loofde voor de beste tip of suggestie een reportage uit, op maat geschreven. Die gouden tip heb ik helaas niet gezien. Wel veel onzin over mijn stembekentenis (weet je wat, dan stem ik de volgende keer toch gewoon blanco?) en suggesties aandacht te besteden aan de ‘impeachment’ van president Bush, de foto’s die Iraakese burgers maken met hun mobiele telefoons of de zogenaamde dictatoriale opvattingen van Nederlandse hoofdredacteuren. Niemand stuurde een e-mail met een goed idee en zelfs op twitter bleef het stil. En dat is – zeg nou zelf – toch jammer.
Kleine verschillen
Maar Olaf, heb je er nog iets van opgestoken? Zeker. In de eerste plaats dat een goed verhaal tijd nodig heeft. Hoewel je geen specifieke deadline krijgt ligt de druk bij online publicaties toch vaak net iets hoger. Reageert iemand niet op e-mail en neemt men de telefoon niet op dan leggen we het verhaal liever terzijde. Dat is jammer. Goede journalistiek heeft tijd nodig. Een van de leukste verhalen van deze reis gaat over Ryszard Kapuscinki. Ik ben in contact met enkele vertalers en kenners, maar het geheel verloopt moeizaam. Deel II van die bijdrage krijgt u nog van me.
Nog iets. Op mediagebied verschillen we in Europa allemaal niet zo erg. Om niet in herhaling te vallen heb ik een poging gedaan uit ieder land een ander verhaal te schrijven. Dan over opleidingen, dan over digitale media, dan over persbureaus. Want overal in Europa krijgen blogs meer invloed, overal lopen de oplages van de dagbladen naar beneden en – Micha, lees je mee? – bijna overal zijn er mensen die zeker weten dat de massamedia in dienst staan van het gezag.
Winterschilder
Een bekende Nederlandse journalist vertelde me eens dat hij in zijn beginjaren – tussen de grote buitenlandse reportages door – in Nederland als winterschilder werkte. Om met een klein budget toch iets moois te maken moet je creatief zijn. Sommige delen van de reis heb ik liftend afgelegd. Hier en daar speelde ik tussen de bedrijven door op gitaar op straat. Op zonnige dagen leverde dat een hoop op.
Bij de aankondiging van de opdracht riepen veel sceptici dat het te kort dag zou zijn. En vooral dat niemand zo gek zou zijn om voor een laag honorarium ook maar een woord op papier te zetten. Ze hebben ongelijk gekregen. Ik heb de afgelopen twee maanden fantastische mensen ontmoet, andere delen van Europa gezien, mooie verhalen geschreven en een heerlijke zomer gehad. Dat had ik voor geen goud willen missen.
Wie de bijdragen van ‘zomerreporter’ Olaf Koens nog eens wil lezen:
Onderweg! Eerste bericht van uw zomerreporter
Zomerreporter: Op zoek naar Ryszard Kapuściński (I)
Geen onafhankelijke journalistiek in het land van intellectuele overproductie
Stuur onze Zomerreporter op pad
‘Het grootste en beste persbureau van Slovenië’
Ooggetuigen ter plaatse, journalisten in Parijs
Litouwen en de strijd om de regio
Een vliegende start in de journalistiek. Toch?
8 reacties