Een avond met goeroe Dan Gillmor

Het is een wat vreemde, haast symbolische plek waar zo’n kleine honderd jonge journalisten en nieuwe-media freaks zich hebben verzameld. De Gentse cultuurtempel Vooruit was ooit nauw verbonden met het gelijknamige socialistische dagblad. Maar de papieren Vooruit is niet meer, zelfs het idee ‘krant’ verscheurt het panel en de zaal in tweeën. Een helft blijft er, deels uit lijfsbehoud, in geloven terwijl de overige helft duidelijk anders consumeert en meteen zijn laptop op schoot openklapt. Vanavond heeft de digitale generatie het voor het zeggen want twitter is de manier om je tot het podium te richten. Praten is zo 2005.

Het gaat vanavond maar weer eens over de kansen, het belang en de (on)mogelijkheden van burgerjournalistiek in het digitale tijdperk. Gelukkig is de hoofdgast wel iemand van statuur. ‘Dan Gillmor’, roept de introducerende presentator. “De vader van de burgerjournalistiek.” Alsof de burgers zelf er niet aan te pas kwamen. De feestelijke Amerikaan is rasoptimist. En hij houdt van gadgets. “Alles is tegenwoordig communicatie, ik ben er zelfs helemaal mee behangen”, roept hij. Terwijl zijn laptop opstart laat hij de zaal quasi patserig zien wat hij zoal bij zich heeft: mp3-speler, Iphone en nog een niet nader te benoemen apparaatje.

Gillmor heeft een indrukwekkende staat van dienst. Hij is verbonden aan de Arizona State University en het Center for Citizen Media, een samenwerking tussen zijn eigen universiteit en Harvard. De Amerikaan geeft een korte presentatie van zijn gedachtegoed. “Het medialandschap van nu is volgens mij versie 3.0″‘ stelt Gillmor. “1.0 was het schrift, met 2.0 kwam de radio. Het voornaamste kenmerk van media 3.0 is vergaande democratisering van de media. Iedereen kan nu journalist worden.”

In dit nieuwe tijdperk zal de consument volgens Gillmor op een totaal andere manier moeten gaan consumeren. “Mensen moeten sceptischer worden, zelf bepalen wat waar is en zelf meer onderzoek doen. De mensen die op het web verhalen produceren zullen ook transparanter moeten worden. Het moet veel duidelijker worden waar je informatie vandaan komt.” Gillmor is wat vermoeid en heeft duidelijk niet zo’n zin om zijn verhaal helemaal uiteen te zetten. Dat heeft hij vanochtend al gedaan voor een klein groepje gelukkigen. Van de verse bezoekers vraagt hij wel opperste concentratie. In hoog tempo gaat hij van pagina naar pagina in zijn powerpointpresentatie. We krijgen nauwelijks de tijd om onze ogen scherp te stellen.

Filteren
De inleiding zit erop en Gillmor krijgt gezelschap van gespreksleider Robin Hamman, voormalig BBC-journalist, en Han Soete van het Belgische Indymedia, de burgerjournalistieke vrijplaats aan de linkerzijde van het spectrum. Uit Nederland is DNR’s eigen Henk Blanken, schrijver van Popup en thans adjunct hoofdredacteur van ‘Het Dekbled ven het Norden,’ zoals Hamman het met moeite uitspreekt.

Blanken wordt niet echt warm van Gillmors pleidooi. “Allereerst wil niet iedereen journalist zijn. Het experiment met de site skoeps.nl wees dat al uit. Deze site waarop burgers zelf nieuws konden maken liep helemaal niet en bestaat al niet meer. Ook weet ik niet of mensen zelf wel zin hebben om informatie zelf te gaan checken.” Blanken maakt zich duidelijk zorgen over de kwaliteit van de journalistiek in dit digitale tijdperk waarin betaalde journalisten vooral verdwijnen.

Han Soete ziet wat meer mogelijkheden in de burgerjournalistiek. “We zijn terug bij de basis van het vak”, zegt hij. “Bij Indymedia schrijven mensen iets omdat ze zich ergens druk over maken. Wij werken met vrijwilligers maar zonder deadlines en kunnen dus doorgaan tot onderste steen boven is.” Indymedia betaalt zijn journalisten niet maar volgens Soete heeft dat niet echt gevolgen voor de kwaliteit. Gillmor beaamt dat betaling van mensen vaak via andere routes loopt. “Bij de Franse krant Le Monde kun je als burger zelf een blog beginnen. Een man begon daar te schrijven over kaas, hij kreeg daar niets voor maar werd vervolgens wel overal uitgenodigd om over kaas te praten.”

Mooie voorbeelden, maar uiteindelijk is de meest voorkomende manier van burgerjournalistiek natuurlijk het reageren op berichten van anderen. “Wij waren een van de eerste kranten die reacties meteen plaatste zonder moderatie”, zegt Blanken en hij geeft toe dat het best lastig was. “Maar we kwamen er achter dat maar een heel klein en vast deel vuilspuier was. We zijn toen gebruikers gaan modereren.” Gillmor ziet nog liever een afname van het aantal anonieme reacties. El Tiempo, een krant uit Bogota, heeft hier succesvol mee geëxperimenteerd. Je kon daar alleen onder je eigen naam reageren, ze controleerden dat echt.”

Het filteren van informatie en de transparantie is het steeds opnieuw opdoemende probleem in de nieuwe journalistiek. Blanken maakt zich er heel druk om: “Zoekmachines als Google filteren informatie, iets dat wij zouden moeten doen. Eigenlijk is google ook een medium, vanwege het filteren had ik het wel willen uitvinden.”

Geld, Geld, Geld
Geen debat over de toekomst van de media is tegenwoordig compleet zonder dat het uiteindelijk terecht komt bij de vraag: hoe financieren wij onze zaak. Ook in Gent ontkwamen de deelnemers er niet aan. Een zichzelf bedruipend internetinitiatief is niet vanzelfsprekend. Gillmor vindt dat we aan het werk moeten, het is een echte Amerikaan die heilig gelooft in marktwerking. ‘Veel initiatieven op het web mislukken, maar na een mislukking moet je niet te lang blijven treuren en meteen iets nieuws beginnen,’ weet hij. ‘Uiteindelijk schiet een goed plan wel wortel en krijgen wij wat we willen.’

Staatssteun leidt volgens Gillmor alleen maar tot belangenverstrengeling. Een opmerking die de nekharen van Henk Blanken en vooral Han Soete meteen overeind doet staan. Ze vragen zich beiden af of commerciële steun automatisch betekent dat je onafhankelijker bent en zwaaien meteen met de Britse omroep BBC als lichtend voorbeeld. Hamman, die voor deze omroep een omvangrijk en bejubeld blognetwerk opzette, zit erbij en glundert.

De heren komen niet uit deze klassieke tegenstelling Europa versus de VS. Wel maken ze zich allemaal zorgen over de vager wordende grens tussen PR en journalistiek. Gillmor geeft toe dat hij de vage grens soms niet eens zo erg vindt: “Ik hou bijvoorbeeld van elektronische muziek, een tijdschrift daarover koop ik eigenlijk ook om de advertenties die erin staan. Maar ik moet toegeven: dat is lastiger als het om brede media gaat. Het mooiste blijft natuurlijk dat lezers zelf betalen voor wat zij willen.” De rest beaamt dit maar iedereen weet dat steeds meer gratis wordt, dat de advertenties teruglopen en dat je voor een advertentie op je website veel minder krijgt dan voor de krant.

Henk Blanken maakt zich zorgen om het toenemende aantal spelers dat media inzet als marketinginstument. “Je kunt je natuurlijk afvragen of een NGO wel in staat is om aan onafhankelijke berichtgeving te doen.” Soete, wiens site deels door NGO’s wordt betaald, voegt daaraan toe dat je dat bij een krant ook nooit weet. De stemming bij het panel dreigt wat somber te worden, niets voor Gillmor, hij probeert de zaal en zijn collega’s op te peppen door ze vooral voor te houden dat we nog maar aan het begin van een ontwikkeling staan. Dat geldt voor de financiering, voor zoekmachines als Google en voor de consument. De toekomst zal het leren.

Dan is het woord aan de zaal, want twitter heeft niet echt gewerkt, concludeert mediator Hamman. “Alle vragen die we hier binnen krijgen zijn in het Nederlands en die taal beheers ik niet.” Ach, ja toekomstvisies blijven lastig en nieuwe media zijn niet altijd het antwoord.

Eén reactie

  1. Het is maar een detail: hoewel ik DNR een warm hart toedraag ben ik niet DNR’s “eigen” verslaggever. Dat misverstand bleek de presentator in Gent helaas niet uit het hoofd te praten.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>