Ze dronken een glas…

De inkt van de Persbrief van minister Plasterk was nog niet droog of de inhoud was al achterhaald. TMG laat niet 425 FTE’s maar 500 FTE’s gaan. Bijvoorbeeld. Dat krijg je als je 23 velletjes voltikt met historie om te verbloemen dat een visie ontbreekt…

Geheel in lijn met de oude journalistieke hap (NVJ, Raad, Commissariaat, PCM, Publieke Omroep) bestaat de visie van Plasterk er namelijk uit dat de pluriformiteit van de pers gehandhaafd moet worden. En daarbij wordt, laten we het maar zeggen zoals het is, uitsluitend gedoeld op tv (publieken en, vooruit, Frits Wester), dagbladen en opiniebladen.

Dat Plasterk niet helemaal van gisteren is, wordt bewezen door het breed opgepikte nieuws dat ook de gratis dagbladen (Metro, Sp!ts en -vooralsnog- De Pers) voortaan ook hun hand kunnen ophouden bij het Stimuleringsfonds voor de Pers. Dat is dat subsidieorgaan voor economisch kansloze, doch politiek-correctie blaadjes.

Jaren ’60-instituties
Twee dingen daarover. Ten eerste zegt Plasterk in dezelfde brief waarin hij deze spreekwoordelijke sigaar uit de doos haalt dat het budgettair beslag dat gratis (dag)bladen zullen gaan doen toch gering is “omdat een groot deel van de gratis bladen niet voldoet aan de wettelijke criteria die gelden om in aanmerking te komen voor steun door het Fonds”. Knappe vondst! Je zou natuurlijk de wettelijke criteria kunnen aanpassen. Maar dat is niet in het belang van de ouderwetse, betaalde kranten, dus daar gaan we niet aan beginnen, het Genootschap ziet me aankomen…

Ten tweede: ik was een korte spanne tijds hoofdredacteur van Metro en mijn stelling was destijds dat Metro mede een succes was omdat Metro juist niet meedeed aan al die jaren ’60-instituties in Nederland. Je hand ophouden bij de overheid of aan de overheid gelieerde instellingen, dat zou ten koste gaan van je onafhankelijkheid. Metro voldeed trouwens inderdaad niet aan de wettelijke criteria voor staatssteun. Metro vond bijvoorbeeld dat het (hoofd)redactioneel commentaar niet meer van deze tijd was. De lezer was oud en wijs en slim genoeg om op basis van twee of meer kanten van een verhaal zelf een oordeel te vormen.

Tussen haakjes: het ‘nee’ tegen Europa, wat menig hoofdredacteur van ouderwetse kranten de dag van het referendum nog met een krachtig commentaar/stemadvies trachtte te voorkomen, bewees in elk geval dat zíj de tijdgeest maar bitter slecht aanvoelden. En er stapte er niet één op wegens gebrek aan binding met de doelgroep, nee, het moest de doelgroep allemaal (in het kader van de broodnodige controle op de parlementaire democratie) gewoon de jaren daarna nóg beter worden uitgelegd (liefst ook op de advertentiepagina’s die het Rijk – als enige zonder korting – koopt).

Multicultiblaadjes
Maar ik dwaal af. En dat is niet per ongeluk. Plasterk dwaalt in zijn mediabrief namelijk ook af. Een paar tonnetjes hier heen, een extra onderzoekje daar – die hele mediabrief van de voormalige Volkskrant- en Buitenhof-columnist ademt de sfeer van (ik citeer nu Charles Reuter, de neef van Julius) “ze dronken een glas, ze deden een plas en alles bleef zoals het was”.

De mediawereld staat in brand, internet bestáát wel en heeft in het leven van de meeste jongeren álle traditionele media (behalve gratis) volledig verdrongen en minister Plasterk blijft nog twee jaar kijken of multicultiblaadjes misschien tóch levensvatbaar zijn en of de sector tussendoor een beetje zelfregulerend wil optreden. Hier zijn onnodig bomen verspild.

8 reacties

  1. 100 % raak! Ik ben niet erg van clubjes, maar na dit stuk jeukt het wel om me aan te sluiten bij het Jan Dijkgraaf Genootschap. Kan hij niet ge-counter-programmeert worden tegen dat andere journalistieke orakel: FvJ? Als je die twee hebt aangehoord, weet je in een paar minuten hoe de schisma’s in ons vakgebied liggen. Ik houd wel van tijdsefficiëntie.

  2. lia schreef op 18 november 2008 om 13:12

    Beste Jan,

    voortkomend uit de angst dat zij (wie dan ook) er ‘anders misschien niet mogen zijn’, wordt er in Nederland op een zekere wijze naar pluriformiteit gekeken. De verzuilde samenleving is het uitgangspunt. Met andere woorden, een pluriform medialandschap betekent in Nederland dat diverse ‘uitingen’ elk hun eigen stem laten horen.

    Ik vroeg mij in dit kader eerder al af of een pluriform medialandschap en ‘onafhankelijke journalistiek’ elkaar niet uitsluiten, omdat onafhankelijk betekent (van dale) 1 vrij, zelfstandig 2 door niets bepaald of geregeld.
    Met het oog op de herkomst van de Nederlandse pluriforme media, lijkt het mij dat dit niet samen kan gaan. Door niets bepaald, betekent ook dat men -journalisten- vrij is van bijvoorbeeld psychologische balast die zou kunnen veroorzaken dat men een gedreven journalist wordt die tot elke prijs DE waarheid wil achterhalen.

    Omdat ik vind dat in een samenleving wel gewaarborgd moet zijn dat ieders stem gehoord wordt, zo ook die van hen die zich niet organiseren tot /bijvoorbeeld/ maatschappelijke instituties, vraag ik me af of er andere invalshoeken mogelijk zijn om naar pluriformiteit te kijken. Ik ben benieuwd of jij daar ideeen over hebt.
    Dank.
    Lia

  3. willem schreef op 18 november 2008 om 21:49

    tot u sprak Jan Dijkgraaf. De man die het sterke journalistieke product Metro een reclamefolder met telexberichten van het anp maakte.

    een echte deskundige dus die hier een mening over journalistiek mag hebben….

  4. @ Willemzonderachternaam: afgezien van het feit dat je maar iets roept, wat heb je toch tegen die journalisten van het ANP? Ik zou altijd denken: als het ANP de dagelijkse dingen volgt, kan ik mijn mensen op eigen nieuws zetten…

  5. Jan Dijkgraaf heeft helemaal gelijk.
    Veel nieuws verstrekt door het ANP wordt opgepikt o.a. door het NOS Journaal, RTL Nieuws, DWDD, NOVA en Netwerk.
    En….allen geven er vaak een andere draai aan.
    Het moet een hot of prikkelend item bezitten, terwijl het serieuze nieuws waar niet mee te scoren valt buiten de boot valt.

  6. Wat de tijdgeest betreft: hoofdredacteuren van ‘ouderwetse kranten’ voelden (voelen) die haarfijn aan. Ze wilden (willen) ‘m alleen niet accepteren…….

  7. De stukken van Dijkgraaf (en nu weer Blanken) vallen als puzzelstukjes in de ideeënstrijd over de rol van en de tendensen in de (moderne) journalistiek; een strijd waarvan ik de grenzen al in 2007 glashelder uiteenzette in de DNR-bijdrage ‘Verschraling? Verrijking!!’.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>