Dieptepunten 2008

De Nieuwe Reporter stelde een waaier aan mediamensen drie vragen: Wat is het hoogtepunt van het afgelopen mediajaar? Wat het dieptepunt? En welke ontwikkelingen voorzie je voor 2009. Gisteren kwamen de hoogtepunten aan bod, vandaag de dieptepunten. En op 2 januari de voorspellingen. De Nieuwe Reporter nodigt lezers van harte uit om via het reactievenster hun dieptepunten(en) van 2008 te beschrijven.

Henk Blanken:
Dieptepunt: De televisieuitzending van Peter R. de Vries over Joran van der Sloot. Zeven miljoen Nederlanders keken naar verbijsterende tv en onthutsend slechte journalistiek. Nog eens zeven miljoen andere Nederlanders die daags erna over het SBS-programma hoorden zullen het evenmin met mij eens zijn, om van de Emmy-jury maar te zwijgen. Desondanks hou ik vol dat De Vries elke journalistieke norm aan zijn laars heeft gelapt. Hij liet het wederhoor achterwege, ging niet fair om met het leugenachtige ettertje dat Joran ongetwijfeld is, en was volstrekt niet transparant over zijn dubieuze methodes (verborgen camera, ingehuurde burger undercover-journalist). De Vries speelde rechercheur en aanklager tegelijk, en liet het vonnis over aan een misleid publiek. Daarbij kwam de waarheid, anders dan die veertien miljoen Nederlanders dachten, niet aan het licht. Joran is niet veroordeeld, Natalee Holloway is niet gevonden, de televisiebekentenis bleef pijnlijk onbruikbaar voor justitie. En dankzij de felicitaties van kwaliteitsmedia als de Volkskrant (“journalistieke topprestatie”) denkt nu bijna iedereen dat dit het beste is wat de journalistiek te bieden heeft.

Laurens Verhagen (Nu.nl):
Er is wat mij betreft niet één specifiek dieptepunt aan te wijzen, of het moet de hype – en uiteindelijk luchtbel – rondom Fitna zijn. Maar laten we het daar maar niet meer over hebben.
Het was geen vrolijk jaar voor de vaderlandsche journalistiek, in verschillende opzichten. Allereerst zijn daar de weinig florissante economische omstandigheden waardoor veel redacties in zwaar weer zitten. Met als gevolg myriaden verdwenen arbeidsplaatsen. Vorig jaar voorspelde ik het verdwijnen van minimaal één van de gratis kranten. Dit is gebeurd, maar het is niet iets om vrolijk van te worden. Het lijkt er inmiddels op dat Plasterk de sector een helpende hand toesteekt. Zo moeten de in zwaar weer verkerende dagbladen miljoenen krijgen voor innovatie. Eigenlijk is het te bizar voor woorden dat innovatie op deze manier moet worden afgedwongen. Waarom hebben de dagbladen dan zo lang stilgezeten? Komen ze pas in actie als Plasterk met de beloofde acht miljoen over de brug komt?
Ondertussen blijft de inhoudelijke crisis binnen de dagbladenjournalistiek aanhouden, ook met deze innovatiemiljoenen. De sector is nog altijd in verwarring en heeft er moeite mee zichzelf een nieuwe rol te geven in de wereld waarin het nieuwsmonopolie niet meer bij de traditionele journalistiek ligt. Hoe om te gaan met een medium als Geenstijl (Vogelaar! Kay van de Linde!), met burgerjournalistiek, met een sociaal nieuwsmedium als NUjij, waarop burgers overal een mening over hebben en het ook nog eens beter weten dan ‘de media’? De traditionele journalist worstelt er nog steeds mee.

Jan Dijkgraaf HP/De Tijd):
Op één, met stip: dat kranten die de afgelopen jaren tientallen, nee honderden, miljoenen hebben verbrand hun onafhankelijkheid gaan inleveren voor een of ander luizig innovatiefonds van minister Plasterk (wiens mediabrief maar één ding duidelijk maakte: zijn souffleurs hadden hun hoogtepunt in de jaren ’70 en ’80). De tweede plek is voor GeenStijl, dat zich halverwege december opeens ging omvormen tot de roeptoeter van het ministerie van Defensie (met Rutger opeens als de meest embedded verslaggever va Nederland. Het feit dat de Raad voor de Journalistiek nog bestaat, krijgt van mij de derde plek. Op het persoonlijke vlak: mijn vader is op 10 juli overleden – dat zet alles in de schaduw.

Arnold Karskens (De Pers):
De voordurende vrijwillige censuur die Nederlandse journalisten zichzelf opleggen bij de verslaggeving over Uruzgan. Een markant voorbeeld is NOS-journaalverslaggever Peter ter Velde. Hij wist dat Nederlandse militairen mogelijk betrokken waren bij een actie van Operation Enduring Freedom, waarvoor geen politiek mandaat bestaat, maar schrijft dat maanden later kort in een boekalinea en had niet de moed om het op het uur U in de dagelijkse nieuwsuitzending te melden.

Hugo Arlman (freelance, secretaris Hans Melchers Fonds):
Peter R. de Vries en Joran van der Sloot. Omdat het een afschrikwekkend voorbeeld is van de om zich heen slaande vermenging van journalistiek en amusement (Pauw & Witteman, DWDD). En omdat de reacties vooraf en achteraf een voorbeeld waren van de laffe, volgzame, kritiekloze journalistiek van vrijwel alle andere media zoals die zich bij ‘affairetjes’ in Nederland bijna altijd voordoet (Duyvendak, Cramer).

Paul Witteman:
Dieptepunt vond ik alle aandacht, ook in de serieuze media, voor ‘de zoen’ van Georgina Verbaan.

Ides Debruyne (Fonds Pascal Decroos, Vlaanderen):
Dat het samenbrengen van diverse redacties binnen één en dezelfde persgroep niet wordt opgezet om ‘synergieën’ te laten ontstaan. De enige reden van uitgevers voor dergelijke operaties is om de kosten te besparen. Het alternatief zou kunnen zijn dat door die fusies mensen van de redacties vrij komen en zo zich meer kunnen specialiseren, analyseren of een soort van onderzoekscel vormen. Dergelijke teams zijn noodzakelijk willen media zich diversifiëren van het gratis nieuws. Door eigen onderzoeksjournalistieke verhalen krijgt een medium een smoel en meerwaarde en een reden om ervoor te betalen. Reguliere, dagdagelijkse verslaggeving kun je gratis volgen en veel sneller en accurater via internet.

Charles Groenhuijsen:
Jonge kiezers hebben radio, TV en kranten niet meer nodig. Ik hoorde een prachtige quote van een jonge Amerikaan: “Als het nieuws belangrijk genoeg is, bereikt het me wel”.
Mooi gezegd. Blogs, campagnesites, Facebook, Twitter, Flickr en al die andere digitale, interactieve kanalen verslaan de traditionele journalisten als schatbewaarders van politieke informatie. Niemand bewaart of bewaakt die schat meer. Iedereen kan er onbekommerd en onbelemmerd over chatten, mailen, bloggen en SMS-en. Ik zie het aan onze in de VS opgegroeide kids (13, 14 en 16 jaar): Goed geinformeerd en enthousiast over Obama. Maar ze slaan nooit een krant open en weten niet hoe snel ze CNN moeten uitzetten als de TV – door de belegen voorkeur van hun vader – per ongeluk nog op die zender staat. Veelzeggend was dat Hillary haar kandidatuur op Internet – en niet op een persconferentie – aankondigde. Obama’s mooiste speeches werden online miljoenen keren bekeken, zonder de gewichtige analyses van wijsneuzige dametjes en heertjes op CNN. Het is de ultieme democratisering van politieke informatie. Prachtig voor wie van vrije democratie houdt. Jammer voor wie zijn brood verdient in de traditionele media. Later is al lang begonnen.

Carel Kuyl (hoofdredacteur NPS/NOVA):
Het dieptepunt van 2008 voor NOVA was het optreden van de Raad van de Journalistiek in twee tegen NOVA aangespannen zaken. NOVA werd een keer in een zaak rond Eric O. volledig in het ongelijk gesteld en een tweede keer in een door de Nederlandse Moslim Omroep aangespannen zaak op een onderdeel. De uitspraken van de Raad waren onsamenhangend, slecht onderbouwd en intern tegenstrijdig. Zo kreeg NOVA in het geval van de NMO-reportages de kritiek slechts eenzijdige bronnen aan het woord te hebben gelaten maar vond de Raad tegelijkertijd dat NOVA hoor en wederhoor goed had toegepast. Daarbij moet worden aangetekend dat de tegenpartij tien (!) verzoeken tot wederhoor naast zich heeft neergelegd. In een ander geval had de Raad kritiek op NOVA vanwege een verklaring die een van de hoofdpersonen uit de reportage ná de uitzending had uitgegeven. En die dus ten tijde van de uitzending niet bekend bij NOVA kon zijn. Een verklaring ook die in strijd was met zijn uitlatingen in de gewraakte reportage. Als gevolg van deze uitspraken heeft NOVA de samenwerking met de Raad opgeschort. Inmiddels heeft de Raad aangekondigd de opzet en procedures ingrijpend te willen veranderen.
Een ander dieptepunt is de restyling van Radio 1. In plaats van zich te richten op het brengen van nieuws valt Radio 1 de luisteraar in toenemende mate lastig met leukigheidjes en kletspraat. Wezenloze gesprekjes bij een filiaal, bij voorkeur een kinderdagverblijf of een bedreigd natuurreservaat. Geinig bedoelde dialogen tussen de presentatoren en reportages die uit de lucht komen vallen en die die dag nog voortdurend overal herhaald worden. Tot ‘s avonds in het Journaal met het plaatje er bij. De luisteraar straft het genadeloos af. De luistercijfers van Radio 1 hebben de afgelopen maanden een nieuw dieptepunt bereikt. De zendercoördinator maakt zich geen zorgen, hij heeft het allemaal ingecalculeerd. Waar hebben we dat toch meer gehoord?

Thom Meens (ombudsman redactie de Volkskrant):
Het dieptepunt zal vaste lezers van mijn columns niet verbazen; dat was voor mij het volksgericht van Peter R. de Vries tegen Joran van der Sloot, tot tweemaal toe. Ik zag en zie er de journalistieke prestatie niet van in. Je hoort een labiele gedrogeerde nietsnut onder valse voorwendselen (vriendschap) uit, filmt het met een verborgen camera en verkoopt het als waar. En wat weten we na afloop? Niets wat we al niet wisten en de hamvraag “waar is Natalee Holloway gebleven” staat nog steeds. Overigens heeft de Volkskrant zich hier ook niet van haar beste kant laten zien. Die meldde twee dagen voor de uitzending op gezag van De Vries dat hij de zaak had opgelost. Niemand had de uitzending nog gezien, dus dat was, zoals ook achteraf bleek, nogal voorbarig en onjuist.

Hans Nijenhuis (chef redactie nrc.next):
Het stopzetten van next.one na vijf nummers was vervolgens het dieptepunt. Niet omdat de lezers het terzijde legden, maar omdat de advertentiemarkt intstortte door de inmiddels veelbesproken kredietcrisis. En we willen natuurlijk geen blad maken dat subsidie nodig heeft. Nu ja, alleen wie niet springt gaat nooit op zijn bek. En de sprong was prachtig.

Dick van Eijk (NRC Handelsblad):
Joran van der Sloot. Peter R. de Vries bewandelde zeer inventieve wegen om Joran van der Sloot aan de praat te krijgen. Hij hield daarmee half Nederland aan de buis gekluisterd. Televisiemaker Peter R. de Vries bezorgde zijn publiek een fantastische avond. Maar we weten nog steeds niet of die Joran het nu gedaan heeft of niet. In dit opzicht liet journalist Peter R. de Vries zijn publiek in de kou staan.

Francisco van Jole:
Het journalistieke dieptepunt was het gedoe rond Joran van der Sloot. Niet zo zeer het werk van Peter R de Vries die nu eenmaal zijn eigen stijl en methodes heeft maar de manier waarop de rest van de media daar kritiekloos mee omgingen. Journalistiek gesol met slachtoffers en verdachten dat meer lijkt op een game met highscores dan een kritische speurtocht naar de waarheid.

Bart Brouwers (hoofdredacteur Sp!ts):
Het (voorspelde) dieptepunt van het afgelopen jaar was het stopzetten van DAG als gratis dagblad. Dat het vooralsnog doorgaat als online medium is mooi voor een paar collega’s, maar waarschijnlijk slechts uitstel van executie. Het einde van DAG is vooral een drama voor een aantal zeer geïnspireerde collega’s die hun stinkende best hebben gedaan er wat moois van te maken, maar tevens een niet te ontlopen signaal voor de staat waarin de hele dagbladsector nu verkeert. De groei is definitief weg, het is voorlopig even een kwestie van overleven nu. Tot iemand van ons de nieuwe graal heeft gevonden. Geen pessimisme, ik ben ervan overtuigd dat we dat moment nog gaan meemaken.

Nico Kussendrager (School voor de Journalistiek, Utrecht):
Een dieptepunt in de journalistiek in 2008 is natuurlijk de teloorgang van Radio 1. Steeds sneller, steeds oppervlakkiger, eindeloze herhalingen, telefonische interviewtjes door slecht voorbereide presentoren die te weinig tijd hebben. ‘Ik zou graag nog…’. ‘Sorry, we moeten eruit voor het nieuws’. En natuurlijk steeds meer sport. ‘De uitzending van Argos volgende week vervalt in verband met het Europees kampioenschap blokjes schuiven voor aspirant-junioren’. Of: ‘We gaan dit gesprek over vrijwillige euthanasie onderbreken want er is gescoord bij…’. Waarbij ik – maar dit terzijde – altijd enig medelijden krijg met (sport)verslaggevers van middelbare leeftijd die – na uren wachten in de regen – massaal achter een twintigjarige sporter of een onwillige trainer aanhollen om hem een nietszeggende quote te ontlokken.
Zijn er dan helemaal geen goede radioprogramma’s meer? Zeker wel, maar ze zijn verschoven naar de randen van de dag en de randen van de week. ’s Avonds maken jonge programmamakers van relatieve nieuwkomers als BNN en Llink vaak uitstekende radio. Ook in hoog tempo, maar desondanks origineel en informatief en onderhoudend in plaats van vermoeiend. In het weekeinde zijn documentaires te beluisteren (met dank aan de VPRO) van soms zelfs wel een half uur. Mag de ‘Nieuws- en sportzender’ weer een ‘Nieuws- en achtergrondzender’ worden? En als er dan minder geluisterd wordt – waar ik niets van geloof – blijft toch nog de vraag: heeft de publieke omroep geen publieke verantwoordelijkheid en een publieke taak?

Alexander Pleijter (docent en onderzoeker Universiteit Leiden):
Een memorabel moment voor de Nederlandse journalistiek was het wetsvoorstel van minister van Justitie Hirsch Ballin voor een wettelijk verschoningsrecht voor journalisten. Enorm belangrijk voor de Nederlandse persvrijheid. Een historisch voorstel met veel haken en ogen. Maar al die onduidelijkheden hebben tot geen enkele discussie geleid over de waarde van deze wet voor de journalistiek. Bijzonder teleurstellend dat dit totaal niet lijkt te leven onder journalisten.

Felix Meurders (o.a. De Leugen Regeert):
De hype rond Fitna.

Maarten Reijnders (freelance, o.a. De Nieuwe Reporter):
In 2008 was er geen gebrek aan analyses van de kredietcrisis. Maar waarom konden we in de voorgaande jaren zo weinig lezen over de zaken die nu tot alle economische problemen hebben geleid? Wellicht omdat economieredacteuren – enkele uitzonderingen daargelaten – net zo weinig snappen van al die moderne exotische financiële producten als de gemiddelde bankdirecteur?

Theo Dersjant (De Nieuwe Reporter):

Dieptepunten 2008 from theo dersjant on Vimeo.

3 reacties

  1. Hans Roodenburg schreef op 31 december 2008 om 16:28

    Het pessimisme en de kritiek (ook in de reacties hiervoor)over alle soorten van journalistiek werk in het afgelopen jaar. Ook als je het er niet mee eens bent, is het toch een heerlijke pluriforme informatiemaatschappij geworden? En: kwaliteit wint altijd!

  2. herman schreef op 31 december 2008 om 17:57

    Na het lezen van de site http://www.michelkraay.nl ben ik anders tegen Peter R de Vries gaan aankijken. Michel Kraay geeft een kijk in de keuken van het geheim van de smit. Peter R de Vries maakt voor de productie van zijn televisieprogramma gebruik van informatie over burgers uit gesloten bronnen. Dit allemaal voor de waarheidsvinding en opsporing maar daarbij is wel inbreuk gemaakt door hem op de privacy van ondezochte personen. Persoonsgegevens vallen niet voor niks onder de wet bescherming persoonsgegevens. Voor het keiharde bewijs, verwijs ik naar http://www.michelkraay.nl

  3. Pingback: Dieptepunten 2010 « De nieuwe reporter

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>