De Nieuwe Reporter stelde een waaier aan mediamensen drie vragen: Wat is het hoogtepunt van het afgelopen mediajaar? Wat het dieptepunt? En welke ontwikkelingen voorzie je voor 2009. De komende dagen de antwoorden. Met vandaag de hoogtepunten. Morgen de dieptepunten. En op 2 januari de voorspellingen. De Nieuwe Reporter nodigt lezers van harte uit om via het reactievenster hun hoogtepunt(en) van 2008 te beschrijven.
Henk Blanken:
Hoogtepunt. Publicatie van Flat Earth News door de Britse onderzoeksjournalist Nick Davies. Het belangrijkste boek dat in deze voor de journalistiek zo moeilijke tijden kon worden geschreven. Davies onderzocht de vijf beste kranten van het Verenigde Koninkrijk (Times, Guardian, Daily Telegraph, Independent en Daily Mail) en stelde vast dat van slechts 12% van al hun artikelen de bron was gecontroleerd. Van nog eens 8% viel dat niet meer te achterhalen. De rest van alle nieuws was ofwel ingestoken door pr-machines, ofwel rechtstreeks overgenomen van persbureaus als Reuters. Die persbureaus, schrijft Davies, zoeken niet uit wat de waarheid is, maar geven “a balanced account” van wat beide partijen zeggen dat de waarheid is. Dat leidde tot journalistieke missers als de berichtgeving over Iraks massavernietigingswapens en de hoax rond de millenniumbug. De Nederlandse journalistieke media zijn er minder beroerd aan toe, maar Davies’ boek is een duistere waarschuwing die niet serieus genoeg kan worden genomen.
Laurens Verhagen (Nu.nl):
Liever van een hoogtepunt spreek ik van de meest opvallende en ingrijpende journalistieke gebeurtenis van 2008. Dat was zonder enige twijfel de twee uur durende uitzending van Peter R. de Vries over Joran van der Sloot in februari. Half Nederland was aan de buis gekluisterd en de onthullingen hielden Nederland in hun greep. Alle media, of het nu tv, krant, tijdschrift of internet was, hielden zich ermee bezig. Ook op NU.nl deden we uiteraard mee met als gevolg dat de top20 van het afgelopen jaar gedomineerd werd door berichten over Joran. Het publiek smulde ervan, maar tegelijkertijd liet Peter R. de Vries het journaille in vertwijfeling achter. Want met het succes kwamen uiteraard ook de vragen: deugde de methode-De Vries eigenlijk wel?
Jan Dijkgraaf (HP/De Tijd):
Het definitieve demasqué van PCM dat de stekker uit DAG moest trekken en dat vervolgens niet voorkomt dat de hoofdredactie van de Volkskrant bij De Wereld Draait Door ‘onthult’ dat hij bezig is met een nieuwe versie van DAG, die V moet gaan heten – da’s mijn eerste keus. De tweede: dat de krant waarmee ik ben opgegroeid, het AD, weer in handen gaat komen van een echte uitgever, eentje met liefde voor kranten en lezers, de Persgroep van Christian van Thillo. Op drie: Ella Vogelaar. En op het persoonlijke vlak: het wethouder Hekking-gevoel toen Villamedia meldde dat ik ‘in beeld’ was voor het hoofdredacteurschap van HP/De Tijd.
Arnold Karskens (De Pers):
Gratis dagblad De Pers. Kwaliteit voor iedereen bereikbaar.
Hugo Arlman (freelance, secretaris Hans Melchers Fonds):
De publicatie van Angler. The Cheney Vice Presidency van Barton Gellman. Een onthutsend portret van de machtigste man in Amerika in de afgelopen acht jaar. Een moderne Macchiavelli of hoe één man met kennis van zaken en doelbewust handelen een hele overheidsbureaucratie in zijn richting wist te buigen zonder daar ergens verantwoording over te hoeven afleggen. Maar dus ook het voorbeeld hoe hele goede journalistiek dat allemaal in kaart kan brengen.
Paul Witteman:
Het journalistieke hoogtepunt van het jaar was voor mij de uitzending van Zembla waarin werd aangetoond dat de gijzeling van een wethouder in Almelo het gevolg was van administratieve terreur door de gemeente en niet van maffiapraktijken van een Turkse bende. Het verrassende effect van de uitzending was dat ik mezelf betrapte op vooroordelen ‘oh een Turk’ en dat ik me na de uitzending beschaamd voornam op dit punt mijn leven te beteren.
Ides Debruyne (Fonds Pascal Decroos, Vlaanderen):
Waarschijnlijk zullen de meesten zeggen dat het feit Obama de presidentsverkiezingen heeft gewonnen en dit ZONDER de ‘klassieke’ media maar dankzij internet. Dit heeft wel een mentale klap gegeven aan heel wat print- en audiovisuele media. Eindelijk dringt het ook stilaan binnen in de hoofden van de managers van Vlaamse mediabedrijven dat een nieuwe generatie niet meer te bereiken is via hun kanalen. Maar aangezien iedereen dit antwoord zal geven, wou ik toch nog even in het licht brengen dat ik heel opgetogen ben over een onderzoeksjournalistiek project rond de Farma-industrie. Het unieke aan dit onderzoek is dat heel wat ‘nieuwe’ zaken hier werden verenigd. Het gaat om Europese onderzoeksjournalistiek, wat op zich zo goed als uniek is. Tegelijk merk ik op dat dit onderzoek niet klassiek werd gefinancierd, maar door twee fondsen (Het Fonds voor Bijzondere Journalistieke projecten in Nederland en het Fonds Pascal Decroos voor Bijzondere Journalistiek in België). Het bevestigt de stelling dat onderzoekjournalistiek op EU-niveau heel moeilijk wordt als het niet door derden wordt gefinancierd. Het werd gezamenlijk gepubliceerd in drie landen (Denemarken, Nederland en België). Het weegt dan iets meer op de politiek (alhoewel ik vrees dat dit project alleen de industrie heeft geïrriteerd en dat de commissaris Verheugen doofstom is voor de kritiek van de journalisten). Ten derde is hier gebruik gemaakt van openbaarheidwetgeving en kunnen we vaststellen dat sommige landen toch wel heel wat transparanter zijn dan andere. België stelt wederom teleur inzake transparantie. De gewobte documenten werden online geplaatst en meteen bewijst dit de meerwaarde van het internet voor printmedia. Tegelijk zagen we hoogstaande en intelligente reacties op de diverse sites (op die van Trouw en Knack). Ik wil in 2009 meer van dat. Met het Fonds Pascal Decroos willen we hieraan meewerken. Zo hebben we het European Fund for Investigative Journalism opgericht. Het formidabele hieraan is dat we een Finse organisatie hebben gevonden om hierin te stappen.
Charles Groenhuijsen:
De campagne van Barack Obama. Ik volg actief presidentiële campagnes sinds 1988. De race van 2008 was de boeiendste. Miljoenen kiezers stemden na acht jaar Bush niet alleen voor een andere president maar vooral ook voor een ander land. En tsja, al het gedoe over de ‘linkse pers’. Houdt nou eens op of lees een andere krant. In 2000 was Republikein John McCain de lieveling van de pers. En kreeg in 2004 Democraat John Kerry een voorkeursbehandeling? Welnee! En eerder de schuinsmarcheerderige Clinton? Dacht het ook niet. Obama is deze keer de ster van het veld. Die krijgt de meeste aandacht. Meer dan de manke veteraan (McCain dus) die prachtige jaren heeft gehad, geweldig zijn best doet, maar ver in de tweede helft van de wedstrijd conditie tekort komt. Terecht dat de journalistiek voor Obama koos.
Carel Kuyl (hoofdredacteur NPS/NOVA):
Het journalistieke hoogtepunt van 2009 was de Amerikaanse verkiezingsstrijd. Eerst het adembenemende gevecht tussen Obama en Clinton en vervolgens het slotstuk na de zomer. Het waren verkiezingen die echt ergens over gingen, met een historische uitslag. In het algemeen hebben vrijwel alle media, print en audiovisueel, daar voortreffelijk over bericht. Maar daar hoort helaas een dieptepunt bij en dat was de versnipperde aandacht van de publieke omroep op de verkiezingsnacht zelf. Alle actualiteitenrubrieken trokken een eigen plan gevolgd door urenlange nogal voorspelbare beschouwingen uit een studio in een hotel afgehuurd door NOS-nieuws. In die NOS-nacht hoorden we vooral wat een paar uit Nederland overgevlogen deskundigen er van vonden maar kregen we nauwelijks te zien wat er in het land zelf gebeurde. Zo bleef het onduidelijk waarom het hele circus naar Washington was afgereisd. Waar de publieke omroep vroeger in gezamenlijkheid probeerde te schitteren, was iedereen nu vooral bezig met het planten van eigen vlaggetjes. Toch een beetje zonde van het geld. Het had zoveel beter gekund.
Thom Meens (ombudsman redactie de Volkskrant):
Het journalistieke hoogtepunt was lastig kiezen uit twee producties in de eigen Volkskrant: de verslaggeving van onze Amerikaanse correspondenten over de presidentsverkiezingen en de verslaggeving over de kredietcrisis door de economieredactie. Ik vond beide van een zeer hoog niveau, niet alleen in de papieren krant maar ook op de website en VK-tv. Beide producties laten zien dat een krant vandaag de dag echt multimediaal kan en moet zijn.
Hans Nijenhuis (chef redactie nrc.next)
Misschien erg persoonlijk, maar voor mij was het hoogtepunt het oprichten van next.one, het maandblad van nrc.next. Het aantrekken van- en ruimte geven aan inspirend talent zie ik als een taak van next en next.one werd hun podium. Wat ik daar allemaal zag gebeuren, daar werd ik echt vrolijk van!
Dick van Eijk (NRC Handelsblad):
De kredietcrisis. Heel groot en belangrijk, vol met onverwachte en/of plotselinge ontwikkelingen, erg ingewikkeld, zelfs voor doorgewinterde financieel journalisten, en buitengewoon relevant voor de lezers, kortom een journalistieke uitdaging die zijn weerga amper kent.
Francisco van Jole:
Het journalistieke hoogtepunt van 2008 kan ik helaas niet achterhalen en dat komt niet omdat er zoveel hoogtepunten waren dat je het idee hebt op een Himalaya van journalistiek vakwerk te vertoeven.
Bart Brouwers (hoofdredacteur Sp!ts):
Het goede nieuws van 2008 is het (voor mij totaal onverwachte) overleven van De Pers. Het bewijst dat er nog steeds mogelijkheden zijn voor een goed idee, ook als dat idee niet meteen door de (advertentie)markt wordt omarmd. Misschien zijn er nog wel meer latente geldschieters in Nederland die op enig moment heil zien in een steuntje in de rug voor de vrije pers. Dan hoeven we, als alle hoop verloren is, niet uitsluitend naar de overheid te kijken… ;-) Maar het echte media-hoogtepunt van 2008 was de doorbraak van twitter als ultieme blogvorm en daarmee het definitieve einde van het verschil tussen media-elite en de rest. Twitter verbindt jong en oud, studerend en ervaren, wijs en groen, tot een permanent aanwezige bron van kennis en inzicht. Een koppeling van relevante media-hearts & brains. Twitter is de basis voor grote journalistieke rijkdom. Het is een plek voor nieuwe ideeën, om meningen te peilen en extra informatie te verzamelen over een journalistiek onderwerp, het genereert nieuws en nuttige contacten, is toegankelijk en snel, vormt een ongekend handig journalistiek platform (dat zendt en ontvangt) bij grote incidenten (Mumbay!), is een ideale manier om belangrijke incidenten ongecheckt minstens een half uur eerder te hebben dan de persbureaus en is een prima intern netwerkje. En niet onbelangrijk, dankzij twitter weet je precies hoe Pritt zijn koffie drinkt, wat de vrouw van die Volkskrantcollega ‘s nachts uitspookt, of er nog bier is op de school voor de journalistiek, of Jan Dijkgraaf al benoemd is en zo ja tot wat, wat Arjan Dasselaar werkelijk drijft en wat ik onderweg op de fiets zoal tegenkom.
Nico Kussendrager (School voor de Journalistiek, Utrecht):
Een positieve ontwikkeling in de journalistiek in 2008 is paradoxaal genoeg de verdere opkomst van www.geenstijl.nl en aanverwante sites. Met alle hufterigheid dwingt die ontwikkeling de traditionele (sic!) media tot herbezinning bij het vergaren, verwerken en verspreiden van informatie op waarden (opnieuw: sic!) als hoor- en wederhoor, check-en-doublecheck, ethiek, omgang met bronnen, evenwichtige presentatie enz. Traditionele media garanderen dat informatie betrouwbaar is en maken professionele afwegingen als het om de relevantie gaat. Media waar journalisten werken die de waarheid boven tafel halen, samenhangen duidelijk maken, verbanden leggen, processen blootleggen en ‘voorspellen’ in plaats van incidenten te beschrijven. De opkomst van de nieuwe technologie heeft vele andere voordelen. Hier alleen deze: ze biedt een kweekvijver voor jonge journalisten door de mogelijkheid potentiële collega’s ‘eens een stukje te laten insturen’. Duurde dat vanuit verre buitenlanden vroeger vaak weken, nu kan een aanstormende collega vanuit Niamey met een druk op de knop een proeve van bekwaamheid laten zien. En als de ‘freelance-correspondent’ goed werk levert, kan het gebeuren dat in de kolommen van sommige ‘oude’ kranten ineens nieuwe namen opduiken boven vaak uitstekende stukken. Stukken die anders mogelijk wel geschreven maar niet gepubliceerd zouden zijn.
De bezuinigingen op het correspondentennet zijn een schande. Ze getuigen van een toenemende naar binnengerichtheid van de als zo kosmopolitisch bekend staande journalistiek. Bovendien zijn ze in veel gevallen niet ‘onontkoombaar’ – zoals vaak beweerd wordt – maar is het een kwestie van prioriteiten. Twee verslaggevers minder op ‘onnieuws’ en de waan van de dag is één correspondent meer in het buitenland. Wellicht wordt iets van de gaten in het correspondentennet goedgemaakt door enthousiaste, potentiële collega’s, die zonder de snelle communicatiemogelijkheden niet aan de bak zouden zijn gekomen. Sterker nog: misschien vangen ze wel andere vissen.
Alexander Pleijter (docent en onderzoeker Universiteit Leiden):
Journalistieke hoogtepunten moet je naar mijn idee altijd zoeken in de sfeer van onthullingen en persvrijheid. Argos heeft het wat dat betreft uitstekend gedaan in 2008 door de rug recht te houden tegenover minister van Defensie Middelkoop. Na de onthulling van Argos eind 2007 dat Nederlandse commandotroepen in 2002 zonder politieke toestemming in Afghanistan hadden deelgenomen aan Operatie Enduring Freedom, opende de minister de tegenaanval. Hij betichtte de Argosredactie onder meer van ‘Ufo-journalistiek’ en diende een klacht in bij de Raad voor de Journalistiek. De redactie hield voet bij stuk en won de procedure bij de Raad. Argos bewijst bij uitstek dat door de overheid gesubsidieerde journalistiek wel degelijk een onafhankelijke, kritische luis in de pels kan zijn.
Felix Meurders (o.a. De Leugen Regeert):
Weinig tijd, daarom geen toelichting. Voor mij het hoogtepunt: Bram Vermeulen!
Maarten Reijnders (freelance, o.a. De Nieuwe Reporter):
Op 11 november nam de hoeveelheid spam opeens enorm af. Dat was te danken aan Washington Post-journalist Brian Krebs die na vier maanden onderzoek publiceerde over een Amerikaanse provider die onderdak bood aan de spammers die verantwoordelijk bleken voor driekwart van de wereldwijde spam-stroom. Chapeau!
Theo Dersjant (De Nieuwe Reporter):
Hoogtepunten 2008 from theo dersjant on Vimeo.
4 reacties