De Raad voor de Journalistiek komt met de mogelijkheid eerder gedane uitspraken te herzien. Deze ‘revisie’ is een van de plannen die de Raad komende zaterdag, 13 december, presenteert tijdens de debatbijeenkomst ‘De pers over de pers’ van de Stichting MediaDebat. De voorzitter en secretaris van de Raad krijgen voorts een ‘ombudsfunctie’ en vertegenwoordigers van ‘de burgerij’ kunnen zitting nemen in de Raad.
Voorzitter Theo Bouwman van de Raad voor de Journalistiek schrijft dat in een notitie aan leden van de commissie OC&W van de Tweede Kamer in voorbereiding op een rondetafelgesprek, vandaag (9 december) in Den Haag.
De voorstellen zijn niet geheel nieuw. Minister Plasterk kondigde ze in zijn persbrief al aan. De voorstellen zijn een uitvloeisel van een onderzoek dat secretaris Daphne Koene van de Raad voor de Journalistiek verrichtte naar de werkwijze van zusterorganisaties in andere Europese landen. De voorstellen stonden ook als conclusie in dat onderzoek. De Raad voor de Journalistiek wil zowel het onderzoek als de concrete plannen komende zaterdag presenteren.
Theo Bouwman schrijft in zijn brief aan de vaste Kamercommissie:
Stichting en Raad hebben plannen ontwikkeld om het gezag en de zichtbaarheid van de Raad te versterken door de volgende maatregelen te treffen:
- instellen van een ombudsfunctie uit te voeren door voorzitter en secretaris;
- verbeteren van de klachtenprocedure, onder meer door het mogelijk maken van herziening van eerdere uitspraken;
- het meer zichtbaar maken van de Raad, onder andere door deelname aan het maatschappelijk debat en pro-actief zijn met uitspraken;
- de representativiteit van de Raad verbeteren door vertegenwoordigers van de burgerij deel te laten nemen in de Raad.
De Raad voor de Journalistiek heeft een presidium van 4 leden, allen jurist, en 26 gewone leden. De helft van hen is journalist, de andere helft zijn deskundigen die worden voorgedragen door onder andere de academies voor journalistiek, directies van uitgeverijen en de omroepleiding. De Raad wil vanaf 2009 “via een open procedure” 6 van deze 13 leden uit ‘de burgerij’ rekruteren.
Aan het eind van zijn brief snijdt Bouwman een heikel punt aan. Hij kondigt aan blij te zijn met directe financiering door het ministerie:
“Knelpunt bij het uitvoeren van deze ambitieuze plannen was het ontbreken van voldoende middelen. Gezien de huidige moeilijke economische situatie bij pers en omroep zijn deze middelen moeilijk te verkrijgen, terwijl van de versnipperde Internetsector in het geheel geen bijdrage kan worden verkregen. Wij zijn dan ook zeer verheugd dat de Minister in zijn persbrief aangeeft voor de komende drie jaar de versterking van de Raad te willen meefinancieren. Wij zouden U in overweging willen geven deze financiering structureel te maken.”
Dat zou betekenen dat de Raad voor de Journalistiek nu voor het eerst directe financiële steun van de overheid ontvangt. De Raad ontving wel eerder geld via het Stimuleringsfonds voor de Pers.
Pingback: Raad Journalistiek moet op zoek naar draagvlak « Toekomst van de Journalistiek