“In alle informatiechaos blijft de journalist die het nieuws selecteert en duidt cruciaal”, beweerde hoofdredacteur van NRC Handelsblad, Birgit Donker, zaterdag zelfverzekerd in haar eigen krant. Daarin vergist zij zich. Een autoriteit die het nieuws selecteert en duidt blijft inderdaad cruciaal, maar dat hoeft geen journalist te zijn die voor de gevestigde media werkt. Steeds vaker wordt nieuws over een specifiek onderwerp gebracht door ‘burgers’, zoals journalisten bloggers laatdunkend noemen.
Die burger blijkt in de meeste gevallen echter een professional te zijn. Niet alleen op het terrein van het brengen van nieuws, maar vaak ook op het terrein waarover die burger nieuws brengt. Frankwatching is een voorbeeld van zo’n gezaghebbende blog. Frankwatching brengt nieuws en opinie over digitale trends. Oprichter Frank Janssen is naast blogger ook consultant. Hoewel zijn eenmansblog is uitgegroeid tot een professionele groepsblog, aangestuurd door een team van zes man, verdient Janssen waarschijnlijk veel meer geld indirect door zijn blog dan direct met zijn blog. Frank is door zijn blog een bekendheid in het nieuwe-media-marketing-wereldje in Nederland. Bekendheid levert klanten op.
Kwaliteit
Nieuwe media bieden de mogelijkheid om binnen korte tijd en met relatief weinig geld op het gebied van de informatievoorziening over een bepaald onderwerp een autoriteit te worden. Een server is goedkoper dan een drukpers, tienduizend mails versturen kost beduidend minder dan tienduizend folders door brievenbussen stoppen. Dat betekent niet dat iedereen zo maar een autoriteit kan worden. Kwaliteit is zo mogelijk nog belangrijker online dan offline. De distributie van informatie is immers niet alleen makkelijker, ook de consumptie is makkelijker. Het kost beduidend minder moeite om een link in je favorietenlijst te vervangen, dan van krant te veranderen.
Mark Deuze waarschuwt de kranten in een opiniestuk dat naast dat van Donker is geplaatst (en op De Nieuwe Reporter te lezen is, red.) voor de concurrentie van de bloggende burger. Volgens Deuze reageren de kranten op precies de verkeerde manier op het gevaar. In plaats van te investeren in professionele vaste krachten, vallen er massaal ontslagen op de krantenredacties. Wereldwijd heeft een derde van alle journalisten geen vast dienstverband. Deuze vreest dat kranten door de concurrentie van burgers en door de verkeerde aanpak door de werkgevers afstevenen op “een journalistiek zonder journalisten”.
Zowel Donker als Deuze definiëren de term journalist te nauw. Journalisten zijn mensen die nieuws maken. Succesvolle bloggers als Frank Janssen zijn journalisten. Journalisten verdwijnen dus niet uit de journalistiek, zoals Deuze vreest. De journalistiek verplaatst zich deels van de gevestigde massamedia naar talloze opkomende expertblogs. De grootste concurrentie voor de krant komt niet langer alleen uit de hoek van de logge massamedia, maar steeds meer van flexibele en snel opererende minimedia. Dat betekent dat de rol van de krant drastisch verandert.
Sterk merk
Dat de alomtegenwoordigheid van de krant vermindert, hoeft niet meteen te betekenen dat ze verdwijnt. De krant kan op internet zelfs een bepalende rol spelen in de nieuwsvoorziening. Daarvoor moet ze wel haar verlangen naar hegemonie laten varen en het verouderde harde onderscheid tussen professionele en burgerjournalisten de deur uit doen. De krant kan haar sterke merk inzetten om zoveel mogelijk samenwerking te zoeken met minimedia van een hoge kwaliteit. De redactie wordt steeds meer de organisator van een netwerk van zelfstandige experts. Dat er steeds minder journalisten in vaste dienst van kranten zijn, is daar een logisch gevolg van. Dat is geen ramp voor de journalistiek, zoals Deuze beweert. Het is hooguit voor de journalisten zelf vervelend.
Maar zelfs voor journalisten hoeft de krant-als-netwerk geen ramp te zijn. Zelfstandig zijn biedt ook vrijheid. De vrijheid om je bezig te houden met jouw gebied van expertise. De vrijheid om je opdrachtgevers te zoeken buiten de gebaande paden van de massamedia. De vrijheid om je te bekwamen in diverse vaardigheden, zodat je in tijden van recessie overleeft. De vrijheid om op allerlei verschillenden plekken en op allerlei verschillende manieren een vertrouwensband op te bouwen met je lezers, kijkers, luisteraars en volgers. De vrijheid om je zelf om te vormen tot een minimedium in een groot netwerk van minimedia en massamedia. Een netwerk waarin je voormalige werkgever, de krant, slechts één van de spelers is.
Pingback: Selecterende autoriteit hoeft geen journalist te zijn | Robert Buzink