Cynisch beroep

Stan Storimans (bron: RTL)Jeroen Akkermans, verslaggever van het RTL-Nieuws heeft in een oorlogssituatie zijn cameraman verloren en pas drie maanden later was hij in staat om er in het televisieprogramma Netwerk over te praten. Georgië had, al of niet uitgelokt, Rusland geprovoceerd en de Russen sloegen hard terug. Toen het Nederlandse camerateam op weg ging naar de Georgische stad Gori, vlak bij de grens, waren de Russische troepen nog maar net teruggetrokken. Er werd niet meer gevochten, alles leek rustig. Het immense plein in Gori was bijna verlaten, een paar burgers scharrelden wat verdwaasd rond en in de schaduw van een paar huizen keken een paar journalisten verbaasd naar een wonderlijk tafereel. Midden op dat gigantische plein, zonder mensen of verkeer, waren twee auto’s op elkaar gebotst. Misschien een black-out, veroorzaakt door het plotselinge besef dat het oorlog was geworden?

En dan ontploft op deze verlaten plaats plotseling een door een geavanceerde granaatwerper afgeschoten clusterbom die in honderden scherven uiteen spat. Waarom dat gebeurde weet tot op de dag van vandaag niemand, uitlokking van één van de partijen of het werk van een gefrustreerde misdadiger? Wel kwam een onafhankelijke commissie tot de conclusie dat de bom van Russische makelij was. Akkermans zit ineengedoken achter een auto, als hij weer opkijkt liggen er drie oude mannen dood op het plein. En dan ziet hij dat ook Stan Storimans, zijn cameraman, is getroffen door een granaatscherf. Hij moet op slag dood zijn geweest. Wat verderop ligt een Israëlische journalist, bloedend en zwaar gewond. Akkermans kruipt naar zijn collega en realiseert zich dat het ondenkbare is gebeurd.

Hyena’s
Een cameraploeg in vijandig gebied voelt zich vaak onkwetsbaar omdat ze buitenstaanders zijn. Ze zien de verre krijgshandelingen door de lens van een camera, die avond verblijven ze weer in hun hotel en de volgende dag zijn ze ergens anders. Een dode in eigen gelederen is onvoorstelbaar, het kan niet en het mag niet. Ze zijn waarnemers, geen betrokkenen, dit is hun oorlog helemaal niet. Ze hadden hier niet hoeven te zijn, Gori was een tamelijk onbeduidend detail.

‘Waarom waren we niet ergens anders’, vroeg Akkermans zich vertwijfeld af. Hij is correspondent geweest in Londen, Berlijn en Moskou, hij was in Tsjetsjenië, geen groentje dus. Het zou drie maanden duren voor hij erover wilde of kon praten. Hoe ga je om met de dood van een collega? Hadden ze geen kogelvrije vesten moeten dragen, waarom reden ze niet in een gepantserde auto? Vragen die eigenlijk niet terecht zijn omdat ze onverwachts het slachtoffer zijn geworden van een criminele actie. Gori, zo goed als verlaten, een groot plein met een paar burgers en een handjevol journalisten. En dan schiet een crimineel een clusterbom af. Dat lijkt op een oorlogsmisdaad, niets meer of niets minder. En daar op het plein kijkt Akkermans plotseling in een spiegel, de spiegel van zijn beroep.

Ineens is zijn team zelf nieuws geworden. Cameramensen leggen de beelden vast, fotografen cirkelen om hen heen, het geklik van hun toestellen blijft maar aanhouden. Akkermans vraagt hulp om het dode lichaam van Storimans in de auto te leggen, niemand eageert. De collega’s zijn bezig met hun vak. Dit is nieuws, deze foto’s en videobeelden van westerse slachtoffers zullen overal geplaatst en uitgezonden worden.

Het is soms een bitter en cynisch beroep. Akkermans ziet hyena’s die op het slagveld bezig zijn om burgers in rustiger landen te informeren. Ze gaan over lijken en hij vindt dat hun foto’s die de volgende dag in een Nederlandse krant werden geplaatst te hard en te onmenselijk zijn.

Van Gogh
Misschien had hij gelijk maar ze staan wel iedere dag in de krant zonder dat iemand protesteert omdat er geen bevriende slachtoffers bij betrokken waren. Een paar dagen later werd er in het programma ‘De leugen regeert’ over gediscussieerd. Ook een in de studio aanwezige eindredacteur vond de foto in het ochtendblad onterend en weinig smaakvol en hij vroeg zich af wat je hiermee de nabestaanden wel niet aandeed.

Opnieuw een goede vraag die echter ook de gruwelijke beelden van de ontzielde lichamen van Fortuyn en Van Gogh of de onmenselijke beelden in Gaza niet heeft tegengehouden. De belangrijkste vraag in de uitzending was: helpen of je vak uitoefenen? De aanwezige fotografen zouden eerst beelden maken en dan pas helpen. Althans als er geen andere omstanders waren en dan nog steeds met grote tegenzin want ze waren bezig met hun vak, waarheidsvinding.

Een van de fotografen vertelde dat hij ooit in een Oost Europees land in elkaar was geslagen door de politie. Hulp van collega’s had hij toen niet gekregen en ook niet verwacht.

Horrorfotograaf
‘Maar verlies je zo niet je menselijkheid’, vroeg de presentator. Nee, dat had er niets mee te maken, het was hun beroep, soms geen fijn beroep maar iemand moest het doen. En daar zit wat in, een cameraman die tijdens een oorlog of natuurramp zijn camera terzijde werpt om als hulpverlener aan de slag te gaan zal weinig opdrachtgevers vinden en heeft de buitenwereld bovendien weinig meer te melden. Maar laten we het vooral niet mooier maken dan het is, het is vaak wel degelijk een hard en cynisch vak dat slechts door de gedachte dat hiermee oorlog en ellende misschien een gezicht krijgen enigszins dragelijk wordt. Hoewel het gebrek aan enige humane interesse van de beeldenverzamelaar wel heel erg ver kan gaan. Een eveneens in het programma vertoonde foto van een bijna dood kind in Sudan met een gulzig wachtende gier op een paar meter afstand, leidde na plaatsing in de New York Times tot grote commotie. Zeker toen de horrorfotograaf bij navraag niet bleek te weten wat er met het kind was gebeurd want daarin was hij niet geïnteresseerd. Hem mogen we dus rustig een enorme klootzak noemen van wie niemand ooit meer een foto zou moeten
afnemen.

Jeroen Akkermans nam na drie maanden het beste besluit dat hij kon nemen, hij gaat uitzoeken wat er daar in Gori nu precies is gebeurd. Wie heeft er achter deze moordaanslag gezeten? Hij vindt het zijn journalistieke plicht om de waarheid te achterhalen. Gelijk heeft hij en eigenlijk zou dat altijd moeten gebeuren, ook als er geen collegiale dode te betreuren valt. Er lagen daar acht doden op het stille plein in Georgië.

3 reacties

  1. Bas schreef op 20 februari 2009 om 12:20

    Het blijft een moeilijke afweging, ga je werken of helpen. Werken lijkt mij in de eerste instantie het juiste instinct voor een journalist ter plekke. Dat is immers waar je ervoor bent. In De Leugen Regeert reageren beide cameramannen ook zo. Je werk is het verslaan van de gebeurtenis, dus dat is het eerste waar je aan denkt. Zonder de hulpvraag te negeren, dat wordt ook duidelijk. Er zijn ook genoeg voorbeelden van fotografen en cameramensen die de camera even opzij zetten om te helpen. Of slachtoffers naar ziekenhuizen vervoeren. Een bekend voorbeeld is James Nachtwey die zijn gewonde collega Greg Marinovich helpt tijdens beschietingen in Zuid-Afrika. Een ander goed voorbeeld is Kadir van Lohuizen, die de slachtoffers van een treinreis helpt. Met een foto van die reis heeft hij de Zilveren Camera 1997 gewonnen, toen de slachtoffers uit de trein moesten worden gehaald, liet Van Lohuizen de camera om zijn nek hangen en ging helpen.
    Wat betreft de foto van het stervende kind met de gier op de achtergrond (gemaakt in 1993 door Kevin Carter, die daar ook de Pullitzer prijs 1994 mee heeft gewonnen). Daar doen verschillende verhalen de ronde over. Het was niet zo dat hij helemaal alleen met het kind was. Er waren meerdere mensen in de buurt, ook hulpverleners. Het was immers vlakbij het voedselcentrum van de VN. Volgens Joao Silva, een bevriend collega van Carter en op hetzelfde moment ook daar, hadden de ouders het kind even alleen gelaten om voedsel te halen. Wat er precies gebeurd is, is niet helemaal duidelijk, de verhalen verschillen. Maar het is te kort door de bocht om te zeggen dat Carter het geen biet kon schelen. Hij was erg betrokken bij wat hij fotografeerde. Misschien wel te. Het zou voor je een geruststelling zijn dat we nooit meer een nieuwe foto van deze ‘horrorfotograaf’ Kevin Carter hoeven af te nemen. Niet lang na het winnen van de Pulitzer prijs met deze foto, pleegde de fotograaf zelfmoord. De ellende die hij fotografeerde werd hem teveel.

  2. Pingback: Nico Mokveld Online | Blog Archive | Jeroen pakt de draad weer op

  3. Pingback: Cynisch beroep | Ger Timmer

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>