In de (Amerikaanse) financiële journalistiek is het belangrijk om overal een verklaring voor te hebben. Toegeven dat je geen idee hebt waarom de aandelenmarkt vandaag omhoog of omlaag ging, is er over het algemeen niet bij. “Je zult nooit een kop zien die meldt: ‘De markt is met 110 punten gedaald, een willekeurige fluctuatie in een zeer complex systeem’”, verklaart Eric Schurenberg (voorheen werkzaam voor het tijdschrift Money) tegenover David Carr van The New York Times. “Niemand weet van tevoren wat er gaat gebeuren, maar er is altijd de verleiding om te doen alsof je het wel wist.” Carr maakt in zijn artikel ook korte metten met het idee dat financiële journalisten het slechte nieuws te veel benadrukken. Volgens hem is er eerder sprake is van het tegenovergestelde: verslaggevers zijn voortdurend op zoek naar de eerste tekenen van herstel en aanwijzingen dat het ergste inmiddels achter ons ligt.
Pingback: ‘Financieel journalisten voorspellen de beurs achteraf altijd goed’ | Dit Kan Niet Waar Zijn