Reconstructie van een rondzingende fout

huisartsenpostHoe werkt ‘churnalism’, het herkauwen en reproduceren van nieuws – en daarmee fouten – in de praktijk? Amanda Bulthuis verbaasde zich over berichtgeving over een onderzoek naar het herkennen van signalen van kindermishandeling door artsen op een huisartsenpost. Waar kwam het nieuws vandaan? En wat bleef ervan over? Reconstructie van een nieuwsfeit.

Wie kent niet het spelletje waarbij je je buurman iets influistert, die het dan weer doorvertelt aan zijn buurman, etc? Aan het eind van de rit komt er vaak iets heel anders uit dan de boodschap was. En zo kan het ook gaan met nieuws.

Naast eigen berichtgeving, nemen media berichten af van persbureaus, voorlichters en andere media. Soms zelfs zonder het bericht te controleren. Daardoor nemen ze ook elkaars fouten over. ‘Churnalism’, noemt Nick Davies dat in zijn boek Flath Earth News. Ook in Nederland komt dit verschijnsel voor, stelde Kees Buijs een paar weken geleden op deze website over een onderzoek dat hij op 12 februari presenteerde.

Een voorbeeld van churnalism is een bericht dat 6 februari verscheen in de Volkskrant. Het ging over een onderzoek naar het herkennen van signalen van kindermishandeling door artsen op een huisartsenpost. Naast slordigheden, zoals het onvermeld laten van wie het onderzoek verrichtte, staat er een grote fout in. Er wordt consequent gesproken over huisartsenposten. Maar het onderzoek van het UMC Utrecht, waar het artikel op gebaseerd is, gaat over één huisartsenpost. Dit onderzoek werd afgelopen week gepubliceerd in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde (NTvG).

Deze foute conclusie is overgenomen uit een bericht van het ANP, stelt Raoul du Pré, chef binnenland van de Volkskrant. “Daar is verder niks meer mee gedaan. Alleen de eindredactie heeft er nog even taalkundig naar gekeken. We hebben dus een fout overgenomen van het ANP. Soms vertrouwen we misschien iets te veel op hun expertise.” Overigens is het bericht overgenomen zonder ANP als bronvermelding.

Reconstructie
Maar niet alleen hier ging het mis. Na wat rondbellen blijkt dat er tijdens de nieuwsstroom vanaf de originele publicatie in het NTvG tot aan het Volkskrantbericht verschillende onjuistheden werden toegevoegd aan het nieuws. Om te laten zien hoe zoiets kan gaan, hier een reconstructie van de nieuwsstroom rond dit onderzoek.

Een paar weken voor de publicatie tipte het NTvG de redactie van Eén Vandaag. Dit programma en NRC Handelsblad kregen de kans als eersten met het nieuws over het onderzoek te komen. Ze ontvingen het onderzoek onder embargo. In het persbericht dat het NTvG daarbij zelf naar Eén Vandaag stuurde, werd meteen in de eerste zin al gesproken van ‘huisartsenposten’. NTvG-hoofdredacteur Joost Zaat hierover: “Tja, als je strikt naar de letter kijkt, gaat het natuurlijk maar om één huisartsenpost in het onderzoek. Maar de vraag is of het bij andere huisartsenposten nou echt zoveel anders zal zijn.”

Redacteur Frederiek Weeda van NRC Handelsblad besloot te publiceren. “Het is voor het eerst dat er zo concreet onderzoek is gedaan naar kinderen waarvan achteraf is vastgesteld dat ze daadwerkelijk mishandeld zijn”, zegt Weeda. “En dan blijkt dat van de 193 mishandelde kinderen die in 5,5 jaar tijd bij de huisartsenpost kwamen er maar één is doorverwezen naar het Advies- en Meldpunt Kindermishandeling (AMK). Dat vind ik toch wel interessant.” Weeda meldde in haar artikel overigens nadrukkelijk dat maar één huisartsenpost was onderzocht.

Eén Vandaag concludeerde in haar uitzending dat artsen bij huisartsenposten in zijn algemeenheid nauwelijks signalen van kindermishandeling herkennen. De actualiteitenrubriek deed dan ook meer research om dit te staven. De redactie liet de Vereniging van Huisartsenposten Nederland, hoogleraar jeugdbescherming Wim Slot van de Vrije Universiteit Amsterdam en jeugdarts Ben Rensen van de GG&GD Utrecht naar het onderzoek kijken.
“Zij herkenden zich in het beeld dat het onderzoek schetst en daarom hebben wij er een item over gemaakt”, zegt redacteur Pauline Veen. “Onze uitgebreide research komt alleen niet zo nadrukkelijk naar voren in het item. Dat had misschien nog wel wat duidelijker gekund”, vindt ze. “Maar in het persbericht dat we voor de uitzending verstuurden, staat wel duidelijk waarop wij baseren dat kindermishandeling bij huisartsenposten in zijn algemeenheid slecht herkend wordt. Bij de huisartsenpost Rotterdam wordt bijvoorbeeld per jaar maar één van de tienduizend kinderen doorverwezen naar het AMK. Als je weet dat jaarlijks honderdduizend kinderen in Nederland worden mishandeld zouden dit er natuurlijk veel meer moeten zijn.”

Persbericht rammelt
Het persbericht van Eén Vandaag rammelt wel op andere punten. In de eerste zin wordt de conclusie dat artsen en assistenten op huisartsenposten signalen van kindermishandeling niet of nauwelijks herkennen, toegeschreven aan het UMC. Onderzoekster Sandra Goren van het UMC zegt hierover: “Het woord ‘huisartsenposten’ zou daar niet mogen staan. Wij vermoeden wel dat ons onderzoek doorgetrokken kan worden naar andere posten. Maar dat hebben we niet onderzocht en dat weten we dus niet zeker.”

Ook het cijferwerk in het onderzoek leverde problemen op. Het UMC onderzocht voor het onderzoek 368 dossiers van kinderen uit het verzorgingsgebied van de bewuste huisartsenpost. Het AMK stelde van al deze kinderen tussen januari 2005 en augustus 2007 vast dat ze zijn mishandeld. Van al deze kinderen zijn er 193 tussen januari 2002 en augustus 2007 bij de huisartsenpost geweest. In het persbericht van Eén Vandaag staat dat alle 368 kinderen tussen januari 2005 en augustus 2007 bij de huisartsenpost zijn geweest. Hier gaat het dus op twee punten mis. De periode en het aantal kinderen dat bij de huisartsenpost is geweest klopt niet met hoe het in het onderzoek staat.

Onderzoekster Goren (UMC): “Deze fouten kun je Eén Vandaag niet aanrekenen. Ze hebben het persbericht aan mij voorgelegd en ik heb het niet gezien. Dus ik ben akkoord gegaan.”
Toch heeft Pauline Veen (Een Vandaag) er wel een verklaring voor: “Wij hebben ervoor gekozen alleen die periode van 2005-2007 te noemen, omdat het anders te ingewikkeld zou worden. Later in het bericht schrijven we wel dat de consulten in een periode van 5,5 jaar hebben plaatsgevonden. En mijn telefoonnummer stond onder aan het bericht dus als er onduidelijkheden waren, hadden media altijd kunnen bellen. Dat hebben ze niet gedaan.”

ANP
Ook persbureau ANP belde niet naar aanleiding van het persbericht. In het ANP-bericht van donderdagavond 5 februari is de conclusie overgenomen dat het om meer huisartsenposten zou gaan. Waarschijnlijk komt dit uit het persbericht van Eén Vandaag, omdat de dateline ‘Hilversum’ aangeeft en de uitzending in het bericht genoemd wordt. In het ANP-bericht wordt wel correct gemeld dat de gevallen van 368 kinderen zijn bestudeerd. Maar vervolgens staat er dat deze kinderen allemaal bij de huisartsenpost zijn geweest tussen januari 2005 en augustus 2007. Terwijl er nu juist maar 193 van deze kinderen bij de post zijn geweest in de periode van januari 2002 tot augustus 2007.

De ANP-redacteur die het bericht schreef zegt niet meer te weten welk persbericht ze heeft gebruikt en dat ze bij fouten normaal wel gebeld wordt door betrokken partijen. Maar over dit soort zaken mag ze de pers niet te woord staan en ze mag dus ook absoluut niet geciteerd worden, meldt ze.

Ondanks dat bij de Volkskrant alleen de eindredactie naar het ANP-bericht keek, gebruikte de krant een dag later de jaartallen en cijfers wel op een goede manier, terwijl het ANP deze nog fout had. Maar de Volkskrant nam wel de onterechte conclusie over dat op alle huisartsenposten kindermishandeling nauwelijks herkend wordt. Daarnaast liet de krant het UMC helemaal weg als bron. En zo was er aan het eind van de nieuwsketen ineens een heel ander bericht dan de onderzoekers van het UMC er aan het begin hadden ingestopt.

Flink geschoven met jaartallen
De niet onderbouwde conclusie dat op huisartsenposten in zijn algemeenheid kindermishandeling slecht wordt herkend, werd meteen al door het NTvG de wereld in geholpen. Dit werd op NRC Handelsblad na, door alle media in het proces overgenomen. Daarnaast bleek het cijferwerk erg ingewikkeld. Ieder medium interpreteerde de getallen anders. Er werd flink geschoven met de jaartallen en het aantal kinderen dat de huisartsenpost bezocht.

Het opmerkelijkst is misschien nog wel dat het ANP en de Volkskrant beiden alleen wat geknipt hebben in het bericht waarop ze zich baseerden en geen van beiden nog naar het onderzoek heeft gekeken. Een typisch staaltje dus van Davies’ churnalism, waarbij media een boodschap klakkeloos van elkaar overnamen en zo ook onnodige fouten kopieerden.

Amanda Bulthuis

Amanda Bulthuis werkt freelance voor verschillende kranten en tijdschriften.

Alle artikelen van Amanda Bulthuis op De Nieuwe Reporter.

  • Miriam van der Have

    Dat fluisterspelletje geeft ook vertragingen waardoor een bericht niet alleen steeds korter en minder accuraat wordt, maar ook nog eens verouderd is als het wordt gebruikt door journalisten. Een voorbeeld:

    Een week of wat geleden stond op Villamedia onder het kopje ‘Lees ook’ een link naar een artikeltje van Sakko van den Boom: ‘Mensen lezen beter vanaf papier dan van een beeldscherm’.

    Van den Boom noemt op zijn website ‘Merk & Reputatie via MKBnet’ de bron van zijn wijsheid.

    Maar op MKBNet staan alleen artikeltjes van MD-weekly, een bedrijf dat artikelen uit vakbladen ‘samenvat’ en als webcontent te koop aanbiedt.

    MD-Weekly noemt de aflevering van 31-12-2008 van Merk & Reputatie als bron. Het complete artikel van dit vakblad is niet gratis op het internet te raadplegen en wat betreft het web lijkt de bron hiermee niet verder te traceren te zijn.

    Alle overschrijvers hebben het over ‘onderzoekers van de Universiteit van Iowa te Ames’. En over ’50 Hz elektrische stroomlevering’ maar dat laatste is alleen maar opvallend omdat onderzoekers uit de VS eerder zullen publiceren over de 60 Hz van het Amerikaanse systeem.

    Hoewel er geen namen werden genoemd, deed de verwijzing naar de Universiteit van Iowa mij meteen denken aan Joel Geske die eind 2005 promoveerde op onderzoek naar het verschil in leesbaarheid van schermen met een beeldbuis (CRT) en schermen met een LCD. Zijn conclussie was dat mensen vanaf een LCD-scherm prettiger lezen dan vanaf een CRT-scherm.

    In mei 2007 publiceerde Geske een artikel waarbij hij op basis van een klein onderzoek (n=37) tot de weinig opzenbarende conclussie kwam dat mensen beter van papier kunnen lezen dan vanaf een CRT-beeldscherm. Net als bij zijn promotieonderzoek, werd gebruik gemaakt van gegevens die rond 1995 zijn verzameld.

    Over het nut van oude onderzoekgegevens kunnen de meningen verschillen, maar de nagenoeg verdwenen CRT-beeldbuizen maken dat de kop “Mensen lezen beter vanaf papier dan van een beeldscherm” de lading niet dekt. Toch zou het me niet verbazen als de link op Villamedia een paar mensen weer op het idee heeft gebracht dat lezen en papier een onbreekbare twee-eenheid is.

  • Sandra Goren

    Als een van de geinterviewden in dit artikel voel ik mij verplicht te reageren. Ondanks rechtsreeks contact met de auteur (Amanda Bulthuis) zijn ook in dit stuk misverstanden geslopen. Mw. Bulthuis en ik hebben gesproken over “het persbericht” waarbij ik er van uit ging dat gedoeld werd over het persbericht dat is verzonden door het NTvG. Een perbericht van Een Vandaag heb ik echter nooit gelezen, laat staan gefiatteerd.

    Ook noemt mevrouw Bulthuis twee fouten in het perbericht van Een Vandaag. De fout over de periode hebben wij samen besproken. Dat er een verkeerd aantal kinderen wordt genoemd (368 ipv 193) is in ons gesprek niet aan de orde geweest. In het het persbericht van het NTvG (waar ik van uitging) stond dit wel juist vermeld.

    Dus ook bij rechtstreeks contact met de interviewer kunnen al snel misverstanden ontstaan. Churnalism uit de eerste hand, een contradictio in terminis.

    Ik vind het jammer dat mw. Bulthuis het niet nodig heeft gevonden de rest van ons gesprek hier te vermelden. Daarbij heb ik aangegeven dat Een Vandaag mijns inziens zeer integer heeft gehandeld. Verschillende journalisten hebben zich uitgebreid in het onderwerp verdiept tijdens voorgesprekken. Ook is de voice-over meerdere keren met mijn voorbesproken en waar nodig aangepast. De fouten in het persbericht zullen dus eerder gebaseerd zijn op een vergissing dan op slechte voorbereiding. Dat vervolgens andere media fout citeren zonder het originele artikel te raadplegen is natuurlijk niet goed te praten.

  • Amanda Bulthuis

    @ Sandra Goren

    Deze reactie verbaast mij enigzins. Ik heb naar mijn mening in ons telefoongesprek duidelijk aangegeven dat mijn vragen gingen over het persbericht van Eén Vandaag. Daarbij heb ik u letterlijk de zin voorgelezen uit het persbericht waarin de cijfers en de periode waarin de kinderen bij de huisartsenpost zijn geweest, werden vermeld (een zin die overigens niet zo staat in het persbericht van het NTvG). U heeft toen gezegd dat u het bericht er even bij pakte en toen zei u: O ja, inderdaad daar heb ik overheen gelezen.

    Als u hierbij gedacht heeft aan het persbericht van het NTvG is dat inderdaad een misverstand geweest. Maar het persbericht van het NTvG heb ik nooit genoemd. Ik was daar ten tijden van ons gesprek ook niet van op de hoogte. Dat persbericht is mij pas later in mijn research onder ogen gekomen.

  • Goed om dit eens uit te zoeken. De uitkomsten vind ik bepaald niet schokkend, de journalisten hebben hun werk redelijk goed gedaan in dit geval. Vooral die van Eén Vandaag. Een rondzingende fout zie ik er niet in.

    De uitkomst van het onderzoek van het UMC Utrecht vind ik veel schokkender. De kans dat de conclusies ook voor andere huisartsenposten gelden, is natuurlijk heel groot.

  • @ Miriam van der Have

    Je hebt gelijk. Het betreft Joel Geske. Samen met Saras Bellur heeft hij het volgende artikel gepubliceerd:

    Geske, Joel and Saras Bellur (2008). “Differences in brain information processing between print and computer screens,” International Journal of Advertising, 27 (3), pp. 399-423