Voor een heilige graal zijn ze nog wat looiig, maar als er één innovatie is die de komende jaren krantenuitgevers van een hoop kopzorgen kan verlossen – en ze in staat stelt kránten te blijven publiceren – dan zijn het e-books. U weet wel, die oerlelijke nep-laptops met zwart-wit beeldscherm zonder fatsoenlijke internetverbinding waarop mensen – anders dan op een mobiele telefoon – met enig comfort teksten kunnen lezen.
Daarmee zijn meteen de twee belangrijkste redenen genoemd waarom het nog even zal duren voordat nieuwsconsumenten op grote schaal met een e-book gezien willen worden (afgezien van het feit dat ze allemaal echt spuuglelijk zijn): Amazons Kindle 2 (onlangs door Martijn de Waal voor de Nieuwe Reporter getest), de Sony Reader, Nederlandse pendanten als BeBook en iLiad en nogal wat andere readers die op de markt komen hebben (nog) geen mobiel internet en/of kleurenschermen.
Voor boeken is dat geen probleem: die haalt de lezer met alle plezier in zwart-wit via USB, Wifi of Bluetooth van z’n PC, om daarna rustig te gaan lezen. Maar een krantenlezer wil met een druk op de knop de krant op het scherm, ook in de trein of op kantoor, inclusief kleurenfoto’s. Anders is de leeservaring inferieur aan die van een papieren krant en dus geen investering van een paar honderd euro waard. Wie zich afvraagt waarom bijvoorbeeld de Iliad-experimenten van NRC Handelsblad een beetje moeizaam verlopen: om dat soort redenen dus.
Crisis bezweren
Er zijn nog wat meer aanloopproblemen rond de introductie van e-readers op de krantenmarkt: ingewikkelde abonnementsystemen, workflow-kwesties op redacties, geharrewar rond bestandsformaten. Vervelend allemaal, maar het maakt het apparaat niet minder tot een unieke kans voor uitgevers. Die geven op dit moment tot driekwart van de kosten van een krant uit aan het drukken en distribueren ervan. Vallen die kosten (vrijwel) weg, dan wordt het een stuk eenvoudiger de rest van de huidige kosten – voor de redacties dus – terug te verdienen. En zal het wellicht mogelijk blijken de crisis in de dagbladen- en tijdschriftenwereld te bezweren zonder al te veel concessies te doen aan de kracht van print: het presenteren van geordende informatie die in één oogopslag goed te lezen is, die af en toe een verrassing biedt, die de dingen van de dag in hun context presenteert in plaats van ze te presenteren als een verzameling losse feiten en links die een lezer zelf moet ordenen.
Aan die samenhang hebben nieuwsconsumenten behoefte, ook in 2009. Wie dat niet gelooft, moet ’s ochtends eens op een treinperron gaan staan en vergelijken hoeveel mensen naar hun mobiele telefoon turen voor nieuws en hoeveel er een papieren krant lezen. Als die laatste verdwijnt (en ik zal het voor dit publiek van digirati niet verhullen: ja hoor, zou best eens kunnen gebeuren), zullen ze op zoek gaan naar een vergelijkbare leeservaring. Op hun mobiele telefoon zullen ze die in ieder geval de komende jaren niet vinden: de schermen zijn te klein en ze lezen niet goed genoeg. Enter de e-reader.
Lage kosten
De doorsnee nieuwsconsument heeft weinig zin om meer dan één apparaat mee te moeten slepen. Om hem te verleiden tot de aanschaf van een e-reader naast een mobieltje moet die reader dan ook duidelijke toegevoegde waarde hebben. Essentieel lijken me:
- Snel mobiel internet (en dan niet op een gesloten netwerk zoals Amazon aanbiedt) en een kleurenscherm met touchscreen-functionaliteit. De eerste aanzetten zijn er inmiddels. BeBook lanceert een 3g-reader, Fujitsu heeft net in Japan een kleuren-reader op de markt gebracht;
- Lage kosten, voor het apparaat en voor wat de consument ermee doet. Bij een aanschafprijs van meer dan 99 euro zal de e-reader nooit op grote schaal doorbreken. Voor nieuwscontent gaan consumenten op een dergelijke reader niet betalen, denk ik. Maar ik ben dan ook hoofdredacteur van een gratis krant; bij de NRC zullen ze er vast anders over denken;
- Kunnen werken met alle beschikbare bestandsformaten. Iedereen die hoopt een speler met een eigen bestandsformaat als standaard in de markt te lanceren kan bij voorbaat ophouden: consumenten zullen er alles op willen lezen dat ze maar kunnen krijgen.
Sticky
Zoals gezegd: goede readers zijn er nu nog niet, maar het zal niet heel lang meer duren. Daarmee, zou je denken, is het voor kranten van levensbelang dat ze de technologie omarmen. Maar zoals dat gaat in de krantenwereld: experimenten zijn gering in aantal, matig doordacht en halfhartig uitgevoerd. Vooral doordat de belangrijkste les van het vijftien jaar oude web nog steeds niet helemaal getrokken is.
Digitaal nieuws, in ieder geval op de consumentenmarkt, is gratis en zal dat ook blijven. De halfhartigheid van betaalde kranten is daarmee begrijpelijk en noodgedwongen. Wie z’n content online gratis weggeeft, via het web of via e-readers, krijgt onvermijdelijk problemen met de verkoop van bedrukt papier.
Maar voor gratis kranten ligt dat anders. Voor hen kunnen e-readers, in ieder geval in potentie, het beste van twee werelden verenigen. Het massabereik en (een benadering van) de leeservaring van een gratis papieren krant, maar dan tegen veel lagere kosten en mét de mogelijkheden en businessmodellen die het web biedt: e-commerce, advertenties die getarget zijn op de lezer, met meetbare resultaten.
Wellicht dat de superieure – ‘sticky’ – leesomgeving van een digitale krant zelfs de mogelijkheid geeft de dumpprijzen voor online adverteren een beetje omhoog te krijgen. Dat is in ieder geval wat Microsoft denkt, dat internationaal druk bezig is met e-reader experimenten. En mocht het ooit (a big if, maar dat terzijde) iets worden met microbetalingen voor bepaalde stukken: dat kan straks ook prima met een goede e-reader.
Plasterk
Ik had dan ook gehoopt dat de staatssteuncommissie die minister Plasterk voor de kranten in het leven heeft geroepen, met een plan zou komen om de innovatie in de branche op dit punt een zetje te geven. Met name waar het gaat om samenwerking: het is handig als kranten die met e-readers in de weer gaan, gezamenlijk een bestandsformaat kiezen, en met een gezamenlijk systeem van distributie-servers werken voor die bestanden. Als we er nu mee beginnen, zouden we tegen de tijd dat er echt goede readers op de markt komen een setje werkbare afspraken hebben. Waarbij de overheid, bijvoorbeeld door een experiment te ondersteunen, langs de zijlijn essentiële hulp zou kunnen bieden.
Ik heb me echter laten vertellen dat de bevindingen van de commissie in deze niet uitgesproken baanbrekend zullen zijn, en dat snap ik wel. Wat zou je ook innovaties als deze gaan stimuleren als betaalde kranten, de grootste slachtoffers van de crisis in de dagbladenwereld, daar voornamelijk last van hebben?
Misschien worden we nog aangenaam verrast door de commissie. Maar kijk anders niet gek op als een of meerdere gratis kranten zelf een dezer maanden met een plan komen voor de grootscheepse uitrol van e-readers. Innovatie kan ook zonder staatssteun, tenslotte: we zijn bij de gratis kranten niet anders gewend.
3 reacties