Hoofdredacteur Robert-Jan van der Horst van het Utrechtse huis-aan-huisblad ‘Ons Utrecht’ is boos. Boos op burgemeester Aleid Wolfsen van die stad. Die had het gewaagd om via de uitgever van het blad een hem onwelgevallig stuk uit de kolommen te laten halen. Hetgeen hem lukte. “Persbreidel”, reageerde Van der Horst en een groot deel van de pers en de gemeentelijke oppositie riep hem dat in koor na. Maar wat op het eerste gezicht een ‘burgemeestersaffaire’ lijkt, is in werkelijkheid niet meer dan een interne ‘media-kwestie’, waarbij Van der Horst vooral zijn boosheid moet adresseren aan zijn eigen uitgever. De burgemeester kan hoogstens een hoge mate van naïviteit en domheid worden verweten.
De kwestie liep binnen een etmaal hoog op in het Utrechtse. AD/Utrechts Nieuwsblad spendeerde zelfs een artikel van voor die krant ongekende lengte om aan de abonnees uit te leggen waarom de redactie wel onderzoek had gedaan naar een zogenoemde ‘pensionvergoeding’ voor de burgemeester (want daar draait het allemaal om), maar besloot er niet over te publiceren.
Wolfsen intussen bedacht dat hij iets uit te leggen had en gaf op dinsdag een persconferentie. En zo werd een plaatselijke relletje alsnog een landelijke affaire.
Zonder overleg
Maar er resteren nogal wat vragen. De belangrijkste: hoe kan het gebeuren dat een uitgever na een telefoontje van een gezagsdrager, zonder overleg met zijn hoofdredacteur, besluit een artikel uit het blad te verwijderen? Dat lijkt te raken aan de kern van de verhouding tussen redactie en uitgever. Hoofdredacteur Robert-Jan van der Horst lijkt een dijk van een probleem in eigen huis te hebben. Hoe een krant te maken als je uitgever zwakke knieën toont zodra aan de andere kant van de telefoonlijn de ambtsketen rammelt?
Van der Horst erkent dat desgevraagd. Vreemd genoeg sprak hij zijn uitgever sedert de kwestie niet eens. “Dat zal wel in de loop van deze week gebeuren”, is het opmerkelijke antwoord, waarbij hij toegeeft dat dat op zichzelf de verhouding al typeert. Van der Horst eist wel de verzekering dat hij in het vervolg in alle vrijheid over politieke aangelegenheden in de stad moet kunnen schrijven. “Ik wil geen speeltuinkrantje maken, het moet mogelijk zijn een volwaardig product te maken.”
Statuut
Bij dagbladredacties is die speelruimte doorgaans keurig geregeld in een redactiestatuut. Bij huis-aan-huisbladen is dat al veel minder vaak het geval. En dan nog komt het aan op de formuleringen in zo’n statuut. Heeft ‘Ons Utrecht’ zo’n statuut? En is in bredere zin niet het probleem dat bij het gros van de Nederlandse huis-aan-huisbladen de uitgever nog de patriarchale patron is die beschikt over het lot der kopij? Hoofdredacteur Van der Horst op de vraag of er een redactiestatuut is: “Nou, goede vraag. Voor zover ik weet niet.”
Uitgever R.D. Keller van uitgeverij Holland Combinatie (Telegraaf Lokale Media, 115 huis-aan-huisbladen) laat in een persbericht weten dat hij zelf heeft besloten het bewuste artikel ‘uit te stellen’. “Het betreft hier dus een bewuste en eigen keuze die niet onder druk van derden tot stand is gekomen”, aldus Keller. Een woordvoerster van de directie laat weten dat de directie buiten het persbericht om geen enkele reactie wenst te geven.
Politiek probleem
De burgemeester intussen lijkt vooral onhandig te hebben geopereerd. Hij heeft daarmee weliswaar een politiek probleem, maar het nadragen van ‘persbreidel’ lijkt wat kort door de bocht.
Allereerst: het staat natuurlijk een ieder vrij om pogingen in het werk te stellen een artikel tegen te houden waarvan je oprecht overtuigd bent dat het niet deugt (over dat laatste kan ik uiteraard niet oordelen).
Handig is het natuurlijk niet. Want in een tijd van internet is het in hoge mate naïef om te veronderstellen dat daarmee het publicitaire vuur gedoofd is. En dus stond binnen de kortste keren het gewraakte stuk op internet. En ontplofte het projectiel alsnog – en nu heftiger – in het gezicht van de eerste gekozen burgemeester van de Domstad.
Dom ook, omdat de kwestie nog lang geen kwestie was. Het AD/UN zag geen aanleiding over de zaak te publiceren en dus had de burgemeester nuffig kunnen verwijzen naar het feit dat de ‘echte’ kranten de zaak aan zich voorbij lieten gaan. Door zijn bestuurlijk geknoei is die mogelijkheid een gepasseerd station.
Bovendien had Wolfsen altijd nog de stap naar de Raad voor de Journalistiek of de kort-gedingrechter kunnen maken. Hij deed het niet.
Maar het is aan de politiek om over dat geknoei een oordeel te vellen. Opmerkelijk is vervolgens hoe een groot deel van de vaderlandse pers op het woord ‘persbreidel’ reageerde en min of meer op voorhand de beschuldigende vinger richting burgemeester wees. In een eenkolommer onder de kop ‘Verontwaardiging over Wolsen’, meldde Sp!ts vandaag (woensdag) naar aanleiding van de persconferentie van de burgemeester: “De aanwezige journalisten waren verontwaardigd. Rob van der Hilst werkt voor het tijdschrift De Journalist. ‘De hele vakgroep staat op z’n achterste benen.’ Volgens hem is dit een rechtstreekse aanval van de magistratuur op de media. ‘Met het stuk is niets mis. Klassiek geval van hoor en wederhoor.’”
Minder aandacht voor lokale politiek
Nu ja, of er al dan niet iets mis is met het stuk, weten we vooralsnog niet. En die aanval van de magistratuur op de media valt ook nogal mee. Uiteindelijk nam immers de uitgever zelf het besluit het artikel weg te halen. Daarmee lijkt me eerder sprake van een aanval van de uitgeefsector op de pers.
De zaak is ook daarom interessant omdat in een tijd van afkalvende inkomsten van dagbladen er de laatste jaren steeds minder aandacht kwam voor lokale politiek. Een huis-aan-huisblad dat in het gat springt en vervolgens door de eigen uitgever in de steek wordt gelaten, is in die context een interessant gegeven. Vooral omdat het bij huis-aan-huisbladen in Nederland eerder regel dan uitzondering is dat de advertentieafdeling artikelen (‘een redactioneel zakennieuwtje bij drie verkochte advertenties’) ‘part of the deal’ maakt bij acquisitie.
Een actie om bij de huis-aan-huisbladen de waterscheiding tussen redactie en advertentieafdeling beter te regelen, zou – ook volgens hoofdredacteur Robert-Jan van der Horst van ‘Ons Utrecht’ – niet onwelkom zijn. Dan wordt de journalistiek misschien nog beter van de Utrechtse burgemeestersaffaire die eigenlijk geen affaire is.
4 reacties