Zestig Plasterk-jobs: een armoeiig plan

plasterk2Minister Plasterk kondigde tijdens het Tegel-feest, afgelopen dinsdagavond, aan zestig tijdelijke banen bij kranten te willen betalen voor net afgestudeerde journalisten. Het plan oogt sympathiek, maar is om meerdere redenen weinig zinvol. Naast principiële kanten is het maar de vraag of het uiteindelijk het beoogde effect zal hebben. Terwijl andere plannen meer voor de hand hadden gelegen.

Het was om meerdere redenen een nogal opmerkelijk optreden van de media-minister tijdens het derde Tegelfeest in Amsterdam. Plasterk was immers uitgeroepen tot ‘Nieuwspersoon van het Jaar’ en mocht in die hoedanigheid de verzamelde pers toespreken. Die titel was wat vreemd. Plasterk is immers niet echt de persoon die het nieuws in het achterliggende jaar domineerde.

Maar de organisatie heeft te kampen met het probleem dat de ‘Nieuwspersoon van het Jaar’ wel bereid moet zijn om naar Amsterdam te komen om de goegemeente toe te spreken. Daar vallen blijkbaar dus nogal wat kandidaten af. Nout Wellink, directeur van de Nederlandsche Bank, die gezien de economische crisis toch echt wat eerder in aanmerking kwam voor de titel, zat diezelfde avond vrolijk in Pauw & Witteman te keuvelen over het achterliggende jaar.

Knuffelminister
De keus was ook opmerkelijk, omdat Plasterk de minister is die de pers – via de Commissie Brinkman – steun heeft toegezegd. Was de ex-wetenschapper voorheen al de knuffelminister van de vaderlandse journalistiek, nu zou nog meer de verdenking kunnen postvatten dat de pers wel heel dicht aanschurkt tegen de suikeroom die een mooie enveloppe met geld in het vooruitzicht heeft gesteld. Een beetje klef, vrienden!

Inhoudelijk was de toespraak van de minister ook nog eens van een bedroevend niveau. Al hakkelend en improviserend (had z’n vaste speechschrijver een weekje vrij?) sprong de bewindsman van de hak op de tak. En passant nog even de loftrompet stekend over het feit dat journalisten toch maar dapper hun niet altijd even leuke werk doen. Zo prees hij zelfs het feit dat journalisten de moeite nemen te posten voor ziekenhuizen waar gewonden van een aanslag liggen of voor de huizen van daders. Pardon?

Met zijn teleurstellende speech past hij wel in een inmiddels aardig groeiende traditie, want ook de vorige ‘Mediapersoon van het Jaar’ (minister Van Middelkoop) hield een tenenkrommend verhaal op het Tegelfeest. Volgend jaar dus liever geen politicus meer.

Het opmerkelijkste punt in het gekeuvel van Plasterk was de aankondiging dat hij twee miljoen euro per jaar op tafel legt om de komende twee jaar zestig arbeidsplaatsen voor startende journalisten bij kranten te creëren. Zeg maar: Plasterkjobs.

Directe staatsbemoeienis
De aankondiging – gevolgd door een aarzelend applaus – is om meerdere redenen curieus. Hoe sympathiek het op het eerste gezicht ook lijkt, het is een vorm van directe staatsbemoeienis met de samenstelling van redacties. Zowel dagbladuitgevers als hoofdredacteuren hebben zich – deels – tegen directe overheidssteun gekeerd.

Er zit dus een principiële kant aan deze vorm van directe staatssteun. Aardig natuurlijk om af te wachten wat het standpunt van de individuele uitgevers en hoofdredacteuren zal zijn. Zullen ze de principiële kant kiezen en de ‘Plasterkreporters’ weigeren? Of viert het pragmatisme hoogtij? Ik vrees in de meeste gevallen het laatste.

De maatregel lijkt om nog een andere reden ondoordacht. Uitgevers die vooral naar de cijfers kijken, zullen mogelijk denken: Als ik twee ‘staatssteunbanen’ binnen heb, kan ik dus forser bezuinigen op de redactie. Daar zit dan namelijk meer vet. En zo lekken de Plaskerkbanen langzaam weer weg.

Bovendien moet nog maar worden afgewacht hoe werkgevers en werknemers in de eerstvolgende ronde van cao-onderhandelingen zullen reageren. Er is nu al een plan voor kennismakingscontracten. Als in de cao-onderhandelingen ditmaal wordt afgezien van kennismakers, ‘omdat de minister er al in voorziet’, is het paard achter de wagen gespannen.

Commissie Brinkman
Daarboven is het voorstel om een andere reden curieus. De minister had toch al een commissie (Brinkman) in het leven geroepen die moet gaan adviseren over innovatie in de sector? Alle onderwerpen mochten daarbij op tafel komen, zo luidde de opdracht voor de commissie. Dan loopt de minister met dit plan z’n eigen commissie – die nog volop bezig is – wel heel erg hinderlijk voor de voeten. Zou de commissie zelf een dergelijk voorstel hebben gedaan ? Hoofdredacteur Bart Brouwers van dagblad Sp!ts zegt ‘enigszins verrast’ te zijn over het voorstel van de minister. ’s Middags ontving hij het onder embargo. Over de vraag of de commissie zelf met zo’n voorstel zou zijn gekomen, zegt hij dat de commissie nog volop bezig is met het bekijken met allerlei voorstellen.

DNR: “Laten we het dan anders vragen. Zit het plan van de minister in het grote aantal voorstellen dat de Commissie Brinkman op dit moment bestudeert?”
Bart Brouwers: “Nee. “
DNR: Da’s dan toch curieus? De minister komt met een voorstel dat niet ter tafel lag bij de commissie?
Brouwers: “Ik heb daar geen waardeoordeel over.”
DNR: “Je bent toch journalist? Je zit in een commissie, steekt er je kostbare tijd in en voordat de commissie met aanbevelingen komt, komt de minister met z’n eigen plannetje.”
Bart Brouwers: “In dit geval ben ik even geen journalist.”
DNR: Gaan die twee miljoen van Plasterk eigenlijk uit de pot van de Commissie Brinkman?
Bart Brouwers: “Dat zou ik eigenlijk niet weten.”

Als dat laatste niet het geval is, had de minister dan niet beter het budget van de Commissie Brinkman met vier miljoen kunnen verhogen in plaats van het bedrag nu al te oormerken?

En nog is de verbazing niet voorbij. Want het voorstel steunt het instandhouden van het medium krant. En bevordert niet de kwaliteitsjournalistiek op zichzelf. Toegegeven: met wat meer jong bloed op de redactievloer zal er misschien een popconcert meer worden verslagen. Maar het draagt niet wezenlijk bij aan innovatie in de sector.

Wie vier miljoen heeft uit te geven, kan dat op vele manieren doen. En precies daar houdt de Commissie Brinkman zich mee bezig. Om maar eens een voorzetje te geven: voor twee miljoen euro zou de minister een onderzoeksredactie van dertig startende journalisten hebben kunnen initiëren, inclusief huisvestig en al. Een onderzoeksredactie die werkt als ProPublica. En die de opdracht meekrijgt binnen vier jaar het bestaansrecht te hebben bewezen en bij voorkeur op eigen financiële benen te kunnen staan. Op die manier wordt een nieuwe generatie onderzoeksjournalisten opgeleid. En met een redactie van dertig snuffelaars kan heel wat mooi werk worden verricht.

Een zegen
Is het Plasterk-plan dan voor iedereen slecht? Nee! Voor de zestig jonge journalisten die er mogelijk twee jaar werkervaring mee kunnen opdoen op een dagbladredactie, is het een zegen. Daarna kunnen ze op hun cv bijschrijven dat ze twee jaar dagbladervaring hebben en dat helpt hen ongetwijfeld op gang bij hun nog jonge carrière. Als journalistenopleider heeft dat deel natuurlijk mijn sympathie.

Maar dat neemt niet weg dat het idee verder aan alle kanten rammelt. Het is een armoeiig plan. Als de sector het eerder ingenomen, principiële standpunt handhaaft, kan de minister eerdaags een beleefd “Nee, dank u (feestelijk).” ontvangen.

Theo Dersjant –

Theo Dersjant (1957) is mediajournalist en docent aan de Fontys Hogeschool Journalistiek in Tilburg. In 2000 verscheen van zijn hand het boek 'Uit onbetrouwbare bron - de mooiste missers in de media'. In 2014 verscheen zijn boek 'Oud bestuur - een jaar ongenode gast bij een waterschap'.

Alle artikelen van Theo Dersjant op De Nieuwe Reporter.

  • Jeroen

    Okee, het aanbod komt een beetje vroeg. Maar het argument dat er nog ergens een commissie studeert, is meestal een zoethoudertje om niks te hoeven zeggen. En daar zijn wij journalisten zelden blij mee.
    Argument 1. “Het is een vorm van directe staatsbemoeienis met de samenstelling van redacties.”
    Flauwekul natuurlijk. Het bedrijfsfonds voor de pers (http://www.bedrijfsfondspers.nl/emc.asp) doet niet anders, en dan vinden we het wel okee.
    Argument 2: “Het voorstel steunt het instandhouden van het medium krant. En bevordert niet de kwaliteitsjournalistiek op zichzelf.”
    Een deels terecht verwijt, ook andere media (met name tv en radio) beoefenen kwaliteitsjournalistiek. Daarover moet onderhandeld worden; ook andere redacties komen in aanmerking – mits ze aantoonbaar bijdragen aan kwaliteitsjournalistiek.
    Argument 3: “Als ik twee ‘staatssteunbanen’ binnen heb, kan ik dus forser bezuinigen op de redactie.”
    Ook dat is natuurlijk makkelijk te voorkomen met afspraken en voorwaarden.

    Wat is nu eigenlijk het bezwaar? Met wat puntjes op de i krijgen zestig jonge journalisten de kans om werkervaring op te doen op plekken waar fatsoenlijke, duurzame journalistiek wordt bedreven – en krijgen de betrokken media gedurende die periode extra ruimte voor kwaliteitsjournalistiek. Dat bevordert het algemene kwaliteitsniveau en daar lijkt me niks mis mee.

  • Theo van Stegeren

    De presentatoren van de avond (Genee en De Graaff) maakten overigens op wat mij betreft iets te boertige wijze duidelijk dat Plasterk geen tweede maar vierde keus was bij de bepaling van de Mediapersoon van het Jaar. Bos kon niet, Wellink niet, Balkenende niet… okee, Plasterk dan maar.
    Het leek de minister zelf niet te deren – eenmaal op het podium liep hij eerst met uitgestoken hand naar de presentatoren, als stemde zelfs deze zeldzaam botte introductie hem nog dankbaar – maar mij bekroop het vertrouwde gevoel dat Nederlandse prijsuitreikingen zo zelden een stijlvol karakter hebben.

  • anneke verbraeken

    Ben het met Dersjant eens. Vond de uitreiking van de prijzen een weinig stijlvolle en bij vlagen saaie bedoening, ondanks lokatie en feestelijke kledij. Vond het te genant voor woorden, die vierde keus, en kon niet geloven dat het ernst was.
    Dat Plasterk 60 jonge journalisten een kans wil geven is prachtig, maar innovatie is bittere noodzaak om een pluriforme pers te behouden, liever nog uit te breiden.
    Ben daarom erg benieuwd naar de voorstellen van de commissie brinkman, en daarin sta ik niet alleen.

  • “Om maar eens een voorzetje te geven: voor 2 miljoen euro zou de minister een onderzoeksredactie van dertig startende journalisten hebben kunnen initiëren, inclusief huisvestig en al. Een onderzoeksredactie die werkt als ProPublica. En die de opdracht meekrijgt binnen vier jaar het bestaansrecht te hebben bewezen en bij voorkeur op eigen financiële benen te kunnen staan.”

    Een uitstekend plan Theo, dat sowieso, met of zonder steun van Plasterk, verder zou moeten worden uitgewerkt! Zou zo’n redactie niet kunnen worden opgezet door de verschillende universiteiten? Studenten Journalistiek vinden er een prachtige stageplaats, de beste van hen kunnen er een of twee jaar betaald aan de slag. Voor de bedrijfsvoering en het ontwikkelen van verdienmodellen kan worden samengewerkt met opleidingen als Bestuurskunde en Economie. Resultaat: beter opgeleide journalisten, vernieuwende ideeën en ongetwijfeld prachtige journalistieke producties.

  • Jody van den Tillaart

    Ik geloof ook niet dat een paar extra jongeren op redacties kranten uit het slop trekken. Maar het is wel nodig dat er wat verjonging komt in de grijze krantenwereld. Of er nu over tien jaar nog een krant is of niet, verslaggeving zal altijd bestaan, in welke vorm dan ook. Het is daarom heel belangrijk dat jongeren de kans krijgen om de basisprincipes te leren van de ‘grijze generatie’. De ervaring die ze opdoen, kunnen ze combineren met de ervaring die ze al hebben met internet en andere nieuwe media en dat kan tot hele mooie dingen leiden. Jong en oud heeft elkaar nodig en moet elkaar juist opzoeken in lastige krantentijden. We kunnen veel van elkaar leren, als we willen.

    Dus, al is het maar voor twee jaar, en al zijn het maar zestig jongeren: het is toch iets!

  • wat zuur klinkt dit, zeg: “Toegegeven: met wat meer jong bloed op de redactievloer zal er misschien een popconcert meer worden verslagen.” het zal vast lollig zijn bedoeld, maar mijn hemel, wat een minachting voor het jonge talent dat in aanmerking zou komen voor deze banen.

    ik moest ook vanaf deze afstand (Amerika) erg lachen om het oerhollandse “kennismakingscontracten”. wat een eufemisme voor laagbetaalde tijdelijke dienstverbanden die het voor werkgevers mogelijk maken om geen cent te investeren in (nieuw) talent, en zo vrolijk door kunnen gaan met aan de bestaande journalistieke werkwijze niets te veranderen.

    kijk, die overheid moet met zijn poten afblijven van alles wat maar enigszins met de journalistiek te maken heeft. dat daar uberhaupt discussie over is, geeft al aan hoe noodlijdend de situatie lijkt voor de betrokkenen. pragmatisch gezien kan je inderdaad stellen dat we elke kans om meer jong talent op redacties te krijgen moeten aangrijpen.

    het is wat, die journalistiek.

  • Theo Dersjant

    @Mark: Grappig dat je moest lachen om de term ‘Kennismakingscontracten’. Temeer ze al een jaar of twintig bestaan. BIj dagbladen en bij tijdschriften. Verder maak je je er – vind ik – te makkelijk vanaf. Wat zou jij doen als je hoofdredacteur van een krant was? Kies je de pragmatische koers? Of toch maar de principiële kant van de zaak?

  • @Theo, oprecht: ik had er nog nooit van gehoord. wel natuurlijk van de aanpak om de slavenpraktijken van mediabedrijven (wat betreft arbeidsverhoudingen) te legaliseren door deze te verpakken in nevelige CAO-afspraken, leer-aanstelllingen, verlengde stageplaatsen, kennismakingscontracten, enzovoorts. alles om maar te voorkomen dat redacties daadwerkelijk op zoek moeten naar en moeten concurreren om het beste talent (dit is overigens ook een belangrijke verklaring voor het ontbreken van etnische & gender-diversiteit op met name dagbladredacties, maar dit terzijde).

    dus ik snap je vraag, maar ik vind toch ook dat het niet mijn taak als wetenschapper is om de industrie te willen “redden”; ik vind het gedoe rondom journalistiek intellectueel interessant vanwege de opvattingen over de samenleving die daarmee ontwortelt en onderhandelbaar worden.

    aan de andere kant: laat ik me er maar niet te makkelijk vanaf maken, tenslotte roep ik regelmatig wat er allemaal goed en slecht is aan het vak. ik maak me dus niet druk over verdienmodellen (hetgeen echt een non-discussie is: als je als nieuwsbedrijf echt wezenlijk zou investeren in kwaliteit en in marktonderzoek weet je donders goed wat je moet doen om te overleven – de meeste discussies hierover zijn daarmee vooral retorische oefeningen die als functie hebben dat we allemaal het idee hebben dat er “iets” aan gedaan wordt).

    maar ik maak me wel druk om de betutteling en behandeling van jong talent in het vak. het probleem van de journalistiek is op dit moment niet een gebrek aan wil om te veranderen of een gebrek aan kennis over nieuwe media (hoewel er heus nog wel dinosaurussen rondlopen ter redactie); we hebben het over een managementprobleem. dat betekent niet dat de hoofdredacties fout zitten – het betekent dat er veel te weinig goed doordacht wordt omgegaan met verandermanagement met een geintegreerde benadering (dwz: die ALLE aspecten van het nieuwsbedrijf insluit en aanpakt).

    in die context zijn deze Plasterkbanen dus op z’n best druppels op de gloeiende plaat, op z’n slechts goede smoezen om verder niet veel aan creativiteit of innovatie te doen.

  • Micha Kat

    “Volgend jaar dus liever geen politicus meer.”

    De media raken in ijltempo steeds steviger in de greep van de politiek. De ‘commissie Brinkman’ en de ‘Plasterk-reporters’ zijn daarvan omineuze bewijzen, net als de ontluisterende ‘affaire-Wolfsen’ bij het AD. Ik ben bang dat volgend jaar Balkenende zelf het ‘stralend’ middelpunt zal zijn op het Tegelfeest en dan de jaren daarna Europese politici.

    “Want het voorstel steunt het instandhouden van het medium krant. En bevordert niet de kwaliteitsjournalistiek op zichzelf. Toegegeven: met wat meer jong bloed op de redactievloer zal er misschien een popconcert meer worden verslagen. Maar het draagt niet wezenlijk bij aan innovatie in de sector.”

    Kranten zijn dood, morsdood, en niets kan ze meer redden. The Guardian ziet dan inmiddels zelf ook in:
    http://www.guardian.co.uk/media/pda/2009/may/14/newspapers-blogging

  • lia

    Die hele uitvoerende journalistiek heeft zichzelf zo ongeloofwaardig gemaakt dit laatste decennium, dat het een zegen zou zijn als de hele rotzooi in elkaar zakt en er op de puinhopen daarvan iets compleet nieuws zou ontstaan. Wat mij betreft kan dit betekenen dat we helemaal opnieuw beginnen met het uitvinden van het vak, wat ook kan betekenen dat we weer van voren af aan gaan beginnen. WAAROM is journalistiek eigenlijk nodig, en WIE bedrijven het vak? En laten we ons er nu niet mee vanaf maken dat informeren een doel is en nodig voor het behoud van de democratie, want de laatste jaren hebben we wel gezien dat dát een lachertje is. Good luck.

    En aan Mark: heel goed dat je je druk om de betutteling en behandeling van jong talent in het vak. Maak er maar een revolutionair item van, misschien dat er dan nog eens wat veranderd. Uit betrouwbare bron heb ik vernomen dat ze daar in elk geval Zwolle nu nóg niets van hebben begrepen. Mvrgrt

  • Theo Dersjant

    @Mark: Ik laat je even niet los! Want kun je als wetenschapper het standpunt huldigen: “Ik hoef de journalistiek niet te redden, dus hoef ik geen keuze te maken”? Da’s wel heel erg vrijblijvend als ‘freischwebende intelligenz’ door de wereld stappen. Je mag kritiek hebben op de managers in dit vak, hoe ze met jong talent omgaan, etc. (en dat heb ik ook, geloof me!). Maar wat zou je nou zelf doen als je hoofdredacteur zou zijn van – pak ‘m beet – de Volkskrant en je zou twee jeugdige staatsjournalisten om niet aangeboden krijgen? Zou je om principiële redenen bedanken? Of zou je de twee jonkies de werkervaring gunnen (en jezelf de extra handen aan de redactietafel) en daarvoor je principes opzij zetten? De wetenschap mag zich er toch wel rekenschap van geven dat in de dagelijkse praktijk dergelijke keuzes voorliggen?

  • lia

    Mark: wat ik maar wil zeggen: als de journalistiek zichzelf niet serieus neemt, hoe kan ze dan verwachten dat een ander haar wel serieus neemt? Zo raar zijn die 60 armoeiige Plasterkjobs dus niet, en van de toekomstige uitkomsten van de Brinkmancommissie hoeven wij ook niet raar op te kijken.

    ’t Is aan de journalistiek om de journalistiek her uit te vinden, niet aan de politiek. En dáár zou nou best eens wat in geinvesteerd kunnen worden.

  • Aardig om dit citaat te lezen in het andere nieuwe verhaal op DNR over het Next Newsroom project: ““Het management moet journalisten aantrekken die in staat zijn te vernieuwen. Het moet in hen investeren en hen belonen. Maar daarvoor moet eerst het management zelf aan boord komen. Dat is nu vaak het meest gekant tegen vernieuwing.”

    Om je vraag te beantwoorden: twee staatsjournalisten aannemen ja of nee is geen interessante vraag. Wat saillant is, wat DOE je met die jongelui? Wat doe je nu, als newsroom management, bijvoorbeeld met stagiaires, mensen op bestaande kennismakingsplaatsen (dat woord…), andere jongeren dan wel mensen met frisse ideeen ter redactie? mooie projecten en initiatieven daargelaten (zoals de Wegener multimedia-units, de internetsites/ TV & videoproductiehuizen/ narrowcasting-bedrijven van TMG, EN.nl en de VK “newsroom”), ik hoor toch teveel frustratie:

    – tav de opleidingen, die over het algemeen niet opleiden met het vizier op creativiteit en innovatie (dat kan ook moeilijk, maar het is en blijft een knelpunt in het onderwijs);
    – tav stagiaires, die mede hierdoor vaak veel te ver achterlopen met het denken (niet specifiek het doen) over de toekomst;
    – tav redacteuren, die begrijpelijkerwijs boos zijn over het nu nog meer moeten doen met nog minder middelen;
    – tav verdienmodellen, want het is volstrekt de vraag of al deze nieuwe media toestanden daadwerkelijk de band met het publiek versterken dan wel leiden tot betere journalistiek;
    – tav management, dat soms veel te ver vooruit loopt (“postalgie” noemde een VU antropoloog dat ooit treffend), vaak vernieuwing zonder visie in voert, en over het algemeen weinig investeert in implementatie-management.

    Dus als je dit allemaal bijelkaar op telt, is die discussie over de Plasterkbanen nogal marginaal. dit is geen Freischwebend gekeuvel (wacht even, valt dat niet onder “uberhaupt” en “buhne”?), maar juist een wetenschappelijk antwoord op je praktische vraag.

    los van dit alles: een wetenschapper niet relevant vinden omdat hij of zij niet direct praktische tips & trucs aanlevert is begrijpelijk maar ook gevaarlijk. zodra de wetenschap alleen nog maar wordt geevalueerd op basis van waan-van-de-dag issues (en die richting gaat het op in Nederland en daarbuiten, gezien de toenemende afhankelijkheid van 3de geldstroomonderzoek), komt er van vrij denken en vrij doen weinig meer terecht (want daar is dan eenvoudigweg geen geld meer voor). en dat klinkt al aardig zoals de situatie in de journalistiek…

  • Joepie

    Wat ik heel erg zorgwekkend vind is dat de overheid nu bij EN televisie EN kranten EN kunst EN banken een veel te dikke vinger in de pap heeft en daardoor de marktwerking verstoort. Dat kan niet goed gaan op lange termijn.

    Als je in het bedrijfsleven geen goede financiele resultaten boekt daar moet je daar de consequenties van onder ogen zien. Deze staatssteun doet af van dat principe en ik denk niet dat het het gewenste resultaat zal opleveren.

    Wat ik ook kwalijk is dat de staat 60 mensen aan een betaalde baan helpt om informatie te produceren terwijl er nu al een overvloed aan informatie voorhanden is waar niet of niet voldoende gebruik van wordt gemaakt en duiding te kort schiet; men heeft immers het vertrouwen van de nieuwe generatie reeds verloren.

    Als ik als kranten eigenaar twee gratis studenten krijg dan kan ik tenminste 1 redactielid op straat zetten. Zijn we twee jaar verder, dan is dat inmiddels ook ruimschoots nodig.

    Ik heb wel oplossingen en nieuwe ideeen te bieden, maar verandering moet van binnenuit, vanuit de organisatie zelf door nood geboren worden. Er moet immers de oprechte wil zijn te willen veranderen en die lijkt te ontbreken. Men heeft jaren de tijd gehad om te investeren en daar is niet veel innovatiefs uitgekomen.

    Ik voorspel bij deze dat er nog meer consolidatie zal plaats gaan vinden. In de komende vijf jaar zullen we dat aan den lijve gaan ondervinden.

    Overigens zal dat ook grote gevolgen hebben voor de journalistieke opleidingen in ons land. Journalistieke principes en overdracht van kennis kan immers ook op andere (lees: goedkopere, snellere) wijze worden overgedragen en daar heeft men reeds geen specifieke opleiding meer voor nodig.

    Nieuws & informatie is voorhanden in overvloed en de kosten om het te produceren en distribueren zijn nihil.

    Wat is dan nog het nut om te investeren in het huidige mileu-onvriendelijke en kostverslindende gedrukte medium van een veredeld afvalprodukt op gedrukt papier? Het is nota bene een wegwerpprodukt!

    Wie kan mij uitleggen waarom we nieuws WEL en boodschappen NIET thuis bezorgen?

    Vroeg of laat staat er een generatie op die ziet dat dit financieel-economisch gezien onverantwoord is.

    In hoeverre zijn de adverteerders eigenlijk op de hoogte van het feit dat jongere doelgroepen niet of nauwelijks via het medium worden bereikt?

  • Pingback: NU.nl en het recht op nieuws « De nieuwe reporter()

  • Rick

    Erg flauw, Theo, om te spreken van directe staatsbemoeienis, om niet te zeggen: tendentieus. Het suggereert een bepaalde beinvloeding van de overheid van de vrije pers:’wiens brood men eet wiens woord met spreek’, die riedel. Jij bent met je overheidsjob toch ook geen spreekbuis van de overheid? Bovendien: wie zegt dat de overheid gaat bepalen welke jonge journalisten waar in dienst komen? Het zou best zo kunnen zijn dat een uitgever en/of redactie een jonge journalist aanstelt en vervolgens een declaratie indient bij het Stimuleringsfonds. Overigens kun je precies dezelfde bezwaren aanvoeren tegen een door staatssteun mogelijk gemaakte onderzoeksredactie, waar je blijkbaar wel wat in ziet. Of moet ik dat als een pragmatische keuze zien?

  • Theo Dersjant

    @ Rick: Een krant als Trouw ziet er al evenzeer een bezwaar in en overweegt om die reden geen gebruik te maken van het aanbod van de minister. Voorts: wat ik betoog is dat als je nou toch vier miljoen euro wilt uitgeven, je dat op een veel betere manier kunt doen. Door bijvoorbeeld een project te initiëren c.q. ondersteunen dat uiteindelijk op eigen benen (onafhankelijk) kan staan en waar dus blijvende werkgelegenheid in zit. Dat bovendien ook nog eens bijdraagt aan vernieuwing in de journalistiek. Let wel: als je toch vier miljoen euro wilt uitgeven. Ik weet niet hoe het jou vergaat, maar ik kan mijn geld maar eenmaal uitgeven. En wil dat dan op zo efficiënt mogelijke wijze doen. Als dat pragmatisch is, is dat pragmatisch.

  • rick

    @Theo: Je kunt inderdaad van mening verschillen over de effectiviteit en doelmatigheid van dit soort projecten. Als je op basis daarvan projecten weegt, prima. Maar om nou te zeggen dat bij de Plasterkjobs sprake is van staatsbemoeienis zonder dat je weet hoe dat project eruit gaat zien en welke criteria er gehanteerd gaan worden, dan baseer je je conclusie dat het project niet deugt op dit punt op aannames. En dan moet je als journalist èn opleider toch beter weten. Overigens vind ik het alternatieve plan dat je presenteert helemaal geen slechte.