Kees Tukker, programmaleider televisie van de AVRO, is sceptisch over een journalistiek Nederland 2 waar omroep en kranten samenwerken.
Het voorstel van Marc Josten heeft de charme van de eenvoud. Maar het vraagstuk van ‘het sterfhuis van de journalistiek’ heeft complexe en in elk opzicht grensoverstijgende achtergronden. Dat los je niet op door met een schone lei te beginnen en de Mediawet zo aan te passen dat omroepen wel dienstbaar mogen zijn aan winst van derden, zodra het een krant betreft.
Het probleem is ook nog bij lange na niet gedefinieerd als je vaststelt dat deze kranten uitgegeven worden door beursgenoteerde bedrijven, of eigendom zijn van venture-kapitalisten. Wel kom je dan in de buurt van het complex van oorzaken dat ervoor zorgt dat de journalistiek zoals we die generaties hebben gekend en gekoesterd aan het verdwijnen is. Want oude structuren en instituten worden overal aangevallen.
Wisseling van de cultuur
Het gaat te ver om hier op de diepere oorzaken in te gaan, maar ze hangen naar mijn mening nauw samen met een wisseling van de cultuur. De wereld waarin we zijn opgegroeid is aan het verdwijnen. Structuren versplinteren, oude paradigma’s verdwijnen, grenzen vervagen en variëteit neemt toe. Dit geldt ook voor de oude uitgeversbolwerken en het instituut ‘krant’.
Uiteraard zullen ook omroepen en ‘tv’ het komende decennium fundamenteel gaan veranderen. Het is een ontwikkeling waaraan geen enkele sector in de samenleving ontkomt. Nieuwe media en nieuw mediagebruik zijn hier niet de oorzaken van, ze komen voort uit die fundamenteel veranderende onderstroom. Een heffing op internet-gebruik gaat hier niets aan veranderen en het omgooien van Nederland 2 al evenmin.
De vraag is naar mijn mening niet zozeer wat wij als journalisten willen, ook niet perse wat het publiek wil. Belangrijk is wat het publiek dóet. En wij zullen moeten zijn waar zij zijn. Met informatie die zij op dat moment, onder die specifieke omstandigheden, willen benutten. Het adagium van de toekomst is niet meer van hetzelfde, maar juist variëteit. Oftewel: ‘anything goes‘.
Decentralisatie
Er zal dus ruimte zijn voor letterlijk alle mogelijke vormen van distributie, diepte én kwaliteit. In de uitbundig groeiende overvloed aan informatie zal het belang van het ‘filteren’ van informatie voor specifieke doel- en smaakgroepen dan ook aan belang toenemen.
Het zal alleen op een compleet andere manier gebeuren dan we zo lang gewend geweest zijn. Of de kranten en omroepen er in slagen die gebruiker te vinden en het nieuws en de achtergronden voor hun doelgroepen te filteren en duiden, zal afhangen van de mate waarin ze in staat zijn hun oude distributiepatronen los te laten en hun neiging naar centralisatie weten om te buigen naar decentralisatie, om zo dichter bij hun specifieke, versplinterde publiek te komen. Maar vooralsnog denk ik dat ze dat zelf moeten uitzoeken. Het verbinden van de zoektocht van de één met die van de ander lijkt me de complexiteit van deze opdracht eerder te verdubbelen dan te verminderen.