PR-specialist Peter Shankman was het zat dat zijn journalisten-vrienden hem voortdurend belden met de vraag of hij een bron voor hen kon vinden. Dat kon veel makkelijker: Shankman begon Help A Reporter Out (HARO), een sociaal netwerk waarop verslaggevers en bronnen met elkaar in contact kunnen komen.
HARO begon in maart vorig jaar als een Facebook-site met 120 leden. Nu zijn er volgens Shankman 75.000 bronnen en 25.000 journalisten uit vijftig landen bij de HARO-site aangesloten. De dienst is gratis, want dat is ‘onmetelijk goed voor mijn karma’, schrijft Shankman. Wie hem toch financieel wil bedanken, moet dat geld maar doneren aan een dierenorganisatie.
Advertentie
Dat wil niet zeggen dat HARO voor Shankman liefdewerk-oud papier is. Hij heeft inmiddels zijn PR-baan opgezegd en heeft twee mensen in dienst, die vanuit Los Angeles werken. HARO werkt als volgt: drie keer per dag stuurt Shankman een e-mail met journalistieke verzoeken voor bronnen. Het aantal verzoeken kan oplopen tot vijftig per bericht. (Urgente vragen worden via Twitter gesteld.)
Bronnen die menen een zinnige bijdrage te kunnen leveren, kunnen per e-mail contact opnemen met de journalist in kwestie. Omdat elke e-mail een advertentie van 1500 tot 2500 dollar bevat, verdient Shankman 4500 tot 7500 dollar per dag.
Watergate
“Journalisten moeten tegenwoordig zes keer zoveel werk in zes keer zo weinig tijd doen. En voor de bronnen is het een gelegenheid om publiciteit voor hun bedrijf of organisatie te krijgen”, zo verklaart Shankman de snelgroeiende populariteit van zijn site. Op de achtergrond klinkt een constant gebiep van binnenkomende e-mails.
Als journalisten niet willen dat hun collega’s erachter komen aan wat voor verhaal ze werken, kunnen ze hun verzoeken anoniem indienen. Maar dat doen ze volgens Shankman doorgaans niet. “Als je aan Watergate werkt, gebruik je HARO waarschijnlijk toch niet.”
Bedriegers
Shankman is een snelle, door de wol geverfde PR-jongen. Dat hij in ruim een jaar 75.000 bronnen vergaarde heeft misschien ook wel te maken met HARO’s motto: ‘Iedereen is wel ergens een expert in’. Hoe verifieert Shankman dat zijn bronnen inderdaad deskundig zijn? Sterker, hoe weet hij zeker dat de bron is wie hij of zij zegt te zijn?
Hoewel Shankman goed verdient aan zijn site, ziet hij het niet als zijn verantwoordelijkheid om de kwaliteit van zijn ‘product’ te garanderen. “Het is niet mijn taak om na te gaan of de bron betrouwbaar is”, zegt Shankman. “Dat is altijd de taak van de journalist geweest.” Wel heeft hij een wapen achter de hand tegen bedriegers: “Ik maak het bekend aan alle 100.000 HARO-leden als ik erachter kom. Dat risico wil niemand lopen.”
Profnet
Volgens Shankman is hij de enige die journalisten gratis in contact brengt met bronnen. Dat klopt niet. ProfNet doet dat al sinds 1992 en gaat nog grondiger te werk ook. Journalisten en bloggers uit de hele wereld kunnen bij ProfNet, een dienst van PR Newswire, een online-formulier invullen of een e-mail sturen. De verzoeken worden naar de 27.000 leden van ProfNet gemaild. Volgens woordvoerster Maria Perez is het uniek dat journalisten hun vragen kunnen toespitsen op een bepaalde regio in de wereld en op een specifieke bron, bijvoorbeeld overheidsinstanties, bedrijven, bloggers of activisten. Ze kunnen ook zelf zoeken in een databank met experts en direct contact met hen opnemen, al werkt de zoekfunctie niet bijster goed als op regio wordt gezocht.
ProfNet stuurt 100 tot 125 verzoeken per dag, zegt Perez. Nederlandse journalisten maken echter nog niet veel gebruik van de mogelijkheid. Hoewel de dienst voor journalisten gratis is, moeten deskundigen betalen om lid te worden. Kosten: enkele honderden tot enkele duizenden dollars, afhankelijk van het soort bron.
Anders dan HARO gaat ProfNet na of het om legitieme bedrijven en instanties gaat. Als journalisten vermoeden dat een bron niet betrouwbaar is, kunnen ze ProfNet op de hoogte stellen. Dat stelt volgens Perez dan een onderzoek in.
3 reacties