Programmeurs worden journalisten

codeVeel journalisten hebben geen idee hoeveel technologische mogelijkheden er zijn om informatie te vinden en te presenteren. Eén manier om dat gat te dichten, is journalisten trainen in Computer Assisted Reporting (het analyseren van data met behulp van databanken en spreadsheets), zoals de Amerikaanse organisatie Investigative Reporters and Editors (IRE) al jaren doet. Maar de Medill School of Journalism van Northwestern University in Chicago gaat andersom, en grensverleggender, te werk: de school verstrekt, met financiële hulp van de Knight Foundation, negen beurzen voor computerprogrammeurs en web developers die journalist willen worden.

Drie zijn inmiddels afgestudeerd. Twee van hen hebben al projecten bedacht die zijn genomineerd voor prestigieuze journalistieke prijzen. De vierde en vijfde ontvangers van de beurs zijn momenteel met de opleiding bezig.

Tweetalig
“We proberen mensen te creëren die ‘tweetalig’ zijn, in technologie en journalistiek”, zegt Rich Gordon, directeur digitale innovatie aan Medill. “De laatste jaren hebben we daarom de hoeveelheid technologie die we onze studenten journalistiek doceren aanzienlijk vergroot. Maar het komt zelden voor dat een journalist gaat denken als een programmeur. Het zijn twee verschillende types.”

Andersom bleek het evenmin makkelijk om geschikte kandidaten te vinden. Een oproep op het blog Boing Boing wierp uiteindelijk vruchten af. “Een fractie van de mensen die goed kunnen programmeren is geïnteresseerd in het toepassen van zijn kennis om de huidige journalistieke problemen op te lossen”, zegt Gordon. “En daarvan is weer een klein deel capabel om het ook te doen.”

De programmeurs en web developers volgen de eenjarige masters-opleiding journalistiek aan Medill, zodat ze begrijpen wat voor bijdrage ze kunnen leveren. Ze mogen zich technologisch uitleven in het Innovation Project, waarin studenten een innovatief project uit de grond moeten stampen. “Ze weten wat technologisch haalbaar is”, zegt Gordon. “Ze begrijpen op welke manieren een databank, ofwel gestructureerde informatie, waardevoller kan zijn dan een verhaal, ofwel ongestructureerde informatie.”

Sociaal bewust
De eerste twee afgestudeerde studenten, Ryan Mark en Brian Boyer, zetten News Mixer op poten, een website waarop nieuwsdiscussies op niveau worden gevoerd. De site was dit jaar een finalist voor de Online Journalism Award. Tijdens zijn stage bij de onderzoeksnon-profit ProPublica ontwikkelde Boyer later ChangeTracker. ChangeTracker houdt de veranderingen op de website van het Witte Huis bij, maar iedereen kan met de applicatie een website naar keuze volgen. Afgelopen zomer won de tracker een prijs voor journalistieke innovatie.

Na acht jaar software te hebben ontwikkeld voor ondernemingen en advocatenbureaus schakelde Boyer over naar de journalistiek omdat hij iets wilde doen waardoor hij meer sociaal betrokken is. Hij kwam er al snel achter dat de journalistiek in technologisch opzicht “ver achterloopt op het bedrijfsleven. De content-managementsystemen van de meeste kranten zijn vreselijk”.

Niettemin is de programmeur-journalist optimistisch over de toekomst van zijn nieuwe vak. De technologie is de laatste vijf jaar goedkoper geworden en makkelijker om te gebruiken. Daarbij kunnen computers nu grote hoeveelheden data analyseren. “Ik zie een kans om een instituut dat essentieel is voor onze democratie opnieuw op te bouwen”, zegt Boyer.

Boyer werkt nu voor de Chicago Tribune. Hij en zijn collega’s bouwen met behulp van Django-software (een andere optie is Ruby on Rails-software) websites waarop de lezers alle data kunnen zien die de onderzoeks- en stadsredacties verzamelen voor diepgravende artikelen, maar die ze daarin niet allemaal kunnen verwerken. Boyer blogt ook over applicaties voor de journalistieke sector.

Factcheck-software
Enkele andere Amerikaanse kranten hebben de laatste jaren eveneens spraakmakende vernieuwingen in verslaggeving doorgevoerd, op initiatief van journalisten die zich de technologie eigen hebben gemaakt. Aron Pilhofer en zijn team bij de New York Times krijgen veel lof voor ideeën als Represent. PolitiFact, een twee jaar oude site van de St. Petersburg Times, won dit jaar zelfs de Pulitzer Prijs voor Nationale Verslaggeving. Het is de eerste keer dat software een voorname rol speelt in een project dat met de prijs wordt beloond. PolitiFact factcheckt alle uitspraken die politiek kandidaten, inclusief president Barack Obama, doen tijdens hun verkiezingscampagnes en beoordeelt de politici op hun geloofwaardigheid.

Matthew Waite, een onderzoeksjournalist met ervaring in Computer Assisted Reporting, is de motor achter PolitiFact. Veel journalistieke genres hebben een structuur, legt hij uit, waardoor alle verhalen in dat genre dezelfde elementen hebben. In misdaadartikelen zijn er bijvoorbeeld altijd een slachtoffer en een locatie, bij politieke uitspraken zijn er steevast het statement, een onderwerp en een tijd.

Waite: “Wij maken gebruik van die structuur door de elementen rigide te ordenen op het web in plaats van de informatie te laten liggen in een stapel papieren die je nooit meer inkijkt. Daardoor is deze vorm van journalistiek anders dan wat journalistiek op het web tot nu toe was.”

Samenvatten blijft altijd een taak van de journalist, zegt Waite. “Maar ook om de informatie achter het verhaal te laten zien, want daardoor wordt je werk transparant.”

WOB-verzoeken
Adrian Holovaty, voormalig chef redactionele vernieuwingen bij washingtonpost.com, laat op de site EveryBlock het verhaal helemaal weg en houdt het bij de feiten. De technologieën die kranten tot nu toe hebben toegepast, zoals RSS en mobiele telefoons, veranderen alleen de manier waarop de informatie wordt verspreid, niet de informatie zelf, zegt hij. Hij wilde de kale feiten zien en deze kunnen vergelijken met de details van vergelijkbare gebeurtenissen.

EveryBlock houdt voor elk buurtblok in grote Amerikaanse steden onder meer bij welke bouwvergunningen zijn verstrekt, welke restaurants zijn geïnspecteerd en hoe vaak de brandweer is uitgerukt. Al deze informatie, vergaard met behulp van talloze WOB-verzoeken, wordt gecategoriseerd. (Mediagigant MSNBC kocht EveryBlock in augustus voor een onbekend bedrag op.)

Holovaty pleit verder voor het toevoegen van databanken aan verhalen. Wat wordt dan de rol van de journalist? ‘Er zal altijd ruimte zijn voor journalisten om de dingen te doen die computers niet kunnen doen’, mailt Holovaty aan DNR. ‘Redactionele keuzes maken, mensen interviewen, verhalen schrijven, websites bouwen, etcetera.’

Journalisten moeten zich volgens hem echter niet zo druk maken over wat wel en niet als journalistiek kan worden betiteld, ‘en meer over wat belangrijke, gerichte informatie is, waar mensen iets aan hebben en wat hen helpt de wereld te begrijpen’.

Veel meer geld
Gezien de urgentie waarmee de journalistiek moet innoveren, horen journalisten zich meer te verdiepen in technologie en moeten redacties zich gaan inspannen om ervaren programmeurs te vinden. Boyer, die hackers opriep zijn voorbeeld te volgen, raadt aan programmeurs in de open source-gemeenschap te zoeken. “Dat zijn mensen die vrijheid van meningsuiting hoog in het vaandel hebben. Het probleem is alleen dat ze in hun eigen beroep veel meer geld kunnen verdienen dan in de journalistiek.”

Waite verwijst naar de Sunlight Labs en meent dat de scholen journalistiek eveneens moeten veranderen. “Applicaties als PolitiFact ontwikkelen is net zo belangrijk voor de toekomst van de sector als het leren van journalistieke vaardigheden.”

Gordon van de Medill School of Journalism zou graag meer programmeurs opleiden. Het collegegeld is evenwel net zo hoog als het jaarsalaris van sommige journalisten: 45.000 dollar per jaar. “Ik hoop dat de nieuwssector eraan gaat meebetalen”, zegt hij.

4 reacties

  1. Niels schreef op 6 oktober 2009 om 15:32

    Schitterend idee. Ik denk ook dat veel journalisten van informatiebeveiligers nog wat kunnen opsteken. Hoeveel journalisten zouden wel eens gebruik gemaakt hebben van forensische tools als Maltego, wat uitermate geschikt is om verbanden tussen informatie op internet te kunnen leggen ?

  2. Stonehead schreef op 6 oktober 2009 om 23:54

    “Het probleem is alleen dat ze in hun eigen beroep veel meer geld kunnen verdienen dan in de journalistiek.” De spijker op zijn kop (en ook de voornaamste reden dat er in Nederland extreem weinig originele journalistiek over technische zaken bestaat, maar dat terzijde). Het is een kwestie van vraag en aanbod. Hoeveel wil het publiek namelijk betalen voor mooie infographics en leuke Flash-grafiekjes? Het feit dat je ze op Nederlandse internetsites praktisch nergens ziet zegt mij genoeg.

  3. inspirerende bijdrage, mooi overzicht van nieuwe hardcore journalistieke mogelijkheden.

  4. Pingback: Programmeurs spelen journalistje « Onlinejournalistiek

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

Meer over Blog (1290 van 1532 artikelen)


Tijdens zijn onderzoek naar de Trafigura-zaak kreeg Volkskrant-redacteur Jeroen Trommelen te maken ...