Opleidingen vergeten een speler
Terugkijkend op vier jaren journalistiek is er één onderdeel waarover ik vrijwel niets heb geleerd: communicatieprofessionals. Wat doen die mensen? Natuurlijk weet ik wat hun doel is, maar in hoeverre houden zij journalisten in de gaten en wat leren ministers inhoudelijk tijdens een mediatraining? Nu ik mijn afstudeervisie over dit onderwerp heb geschreven, weet ik dat persvoorlichters, woordvoerders en mediagetrainde personen precies weten hoe je journalisten moeten benaderen. Beter dan andersom, en niet alleen dat. Studenten communicatie worden in tegenstelling tot studenten journalistiek wél op hun opponent voorbereid.
Domme journalisten
Gek genoeg ben ik op het onderwerp voor mijn afstudeervisie gekomen door twee terloopse opmerkingen op school. De eerste kwam van een docent die ook werkt als mediatrainer en persvoorlichter is voor verschillende bedrijven. Het viel niet binnen de lesstof, maar als leuke afsluiter vertelde hij dat geen enkele journalist honderd procent objectief is. Wanneer hij weet dat een interviewer gevoelig is voor rechtvaardigheid, zorgt hij ervoor dat zijn klant het woord nadrukkelijk noemt in een interview. Het antwoord wordt dan sowieso opgeschreven en wekt sympathie op. De tweede docent, met dezelfde achtergrond, vertelde over vergaderingen op kantoor waarin een collega-voorlichter zei: ‘Ik wil dat onderwerp over een paar dagen op de voorpagina van die krant hebben.’ Voor de duidelijkheid: bij die vergadering was geen journalist van de desbetreffende krant aanwezig.
Het waren niet alleen de opmerkingen waarvan ik schrok. De reactie van mijn medestudenten verbaasde mij evengoed. Niemand was geschokt. De voorbeelden werden afgedaan als werk van schijnbaar domme journalisten. Hoe kan het dat zulke essentiële voorbeelden als grappige anekdotes worden verteld en niet eens in een collegezaal vol studenten?
Extreem bij overheden
Ik ben niet de enige die zich daar druk over maakt. In juni 2009 kwam de commissie-Brinkman met rapport ‘Innovatie en Toekomst Pers’. Goed, het is niet de hoofdconclusie van het rapport, maar de commissie stelt wel het volgende: ‘Binnen de overheid groeit het leger communicatieprofessionals die de toegang tot nieuwsbronnen moeten beheren (…) De commissie wil daarom uitdrukkelijk het functioneren van de enorme capaciteit aan communicatiefunctionarissen gericht op beïnvloeding van de journalistiek ter discussie stellen.’ De commissie gaat verder met het toekomstbeeld: ‘De waakhonden van de democratie – de journalisten – zullen op termijn een onaanvaardbare achterstand op communicatiefunctionarissen krijgen.’
Opleidingen
Naast vijf HBO-opleidingen zijn in Nederland ook vijf universiteiten die een master journalistiek aanbieden. Daar staan ruim 45 opleidingen communicatie tegenover. Voor mijn visie heb ik met zes van de tien opleidingen journalistiek gesproken. Geen van de door mij benaderde opleidingen besteedt in een apart vak aandacht aan communicatiemedewerkers. Het onderdeel is door het gehele programma verweven. Zo leren studenten de trucs om communicatiemedewerkers te bespelen of omzeilen. Denk aan het rechtstreeks aanpappen met secretaresses in plaats van voorlichters te benaderen; de laatste twee cijfers van een telefoonnummer verwisselen om intern doorverbonden te worden; of het herformuleren van vragen.
De ene opleiding doet logischerwijs meer dan de andere. Een deel stuurt studenten naar persconferenties of organiseert zelf een nep-persconferentie in samenwerking met communicatiestudenten. Helaas doceren de opleidingen niet structureel over de trucs die communicatiemedewerkers voor journalisten gebruiken.
Mediatrainingen
Ik hoop dat daar verandering in komt, want woordvoerders en andere communicatiemedewerkers weten waar zij mee bezig zijn. De journalist bereidt een interview voor, maar de andere kant doet dat ook. Niet alleen door het lezen van eerder gepubliceerd werk, maar ook door bijvoorbeeld een interne vergadering. Of door uit te zoeken of de interviewer getrouwd is en of hij links of rechts stemt. Om dat te achterhalen bellen zij met collega-voorlichters en journalisten van andere redacties. In dat laatste geval vraagt een voorlichter niet rechtstreeks naar achtergrondinformatie. Die vraag komt tussen neus en lippen en gaat gepaard met bijvoorbeeld een primeurtje.
Ook de geïnterviewde krijgt een uitgebreide voorbereiding. Een minister, burgemeester, wethouder of directeur krijgt een basismediatraining voordat een post wordt aanvaard. Een cursus duurt gemiddeld twee dagen en is persoonlijk en specifiek. De trainer heeft één, twee of maximaal drie personen per cursus onder zijn hoede. In zestien uur werken zij aan persoonlijke angsten, valkuilen en het belangrijkste: hoe je een eigen boodschap in een antwoord verwerkt. In het wereldje kijkt niemand op van een dagtarief van 1750 euro. Alleen, dat wordt niet aan studenten verteld.
Naast de basistraining krijgen deze personen, zoals bestuurders, een inhoudelijke training voor elk groot interview. In een paar uur tijd – en een paar duizend euro verder – weet de geïnterviewde precies welke vragen hij of zij kan verwachten en wat de gepaste antwoorden zijn. Personen die dagelijks in de media verschijnen, krijgen minitrainingen. Voordat zij aanschuiven bij een actualiteitenprogramma worden recente gebeurtenissen besproken, de eigen boodschap herhaald en feitjes over andere tafelgasten doorgegeven.
De vergaande werkzaamheden van communicatiemedewerkers zijn niet zomaar doorgevoerd. Pas toen journalisten in tijden van polarisatie van tactiek veranderden, zijn woordvoerders en persvoorlichters zich in rap tempo gaan professionaliseren. Journalistieke opleidingen kunnen hun invloed in de media niet negeren. Daarnaast maakt een deel van de journalisten op een gegeven moment de overstap naar de branche communicatie. Zij weten precies hoe journalisten werken en hebben zo een flinke streep voor op hun oud-collega’s.
Achterdochtig
Ik denk niet dat elke voorlichter in Nederland zo extreem en gewiekst te werk gaat. Het hangt van de persoon zelf af, het belang van het interview en het medium. Persoonlijk ben ik ook niet faliekant tegen communicatieprofessionals. Na het schrijven van mijn visie moet ik toegeven dat een groot deel behulpzaam is. Ik heb er ook geen problemen mee dat journalisten grondig onderzocht worden. Ieder zijn vak.
Wat wel kwalijk is, is dat toekomstige studenten afstuderen zonder een moment stil te staan bij de werkzaamheden van deze professionals. Toen ik een medestudent – vierdejaars en twee stages bij vooraanstaande media – vertelde over mijn visie, was haar reactie dat ze daar a) nooit over nagedacht had en b) ze dat niet netjes vond van voorlichters.
Journalisten hoeven niet achterdochtig een interview in te gaan, maar ze moeten wel stil staan bij de mogelijkheden. Daarom zouden naast doorgewinterde journalisten ook voorlichters colleges moeten geven en zou het goed zijn als studenten een(mini)mediatraining meemaken. Docenten kunnen ‘voor’ of ‘tegen’ communicatieprofessionals zijn, in de praktijk kunnen afgestudeerde journalisten niet om hen heen.










16 reacties:
23 november, 2009
Beste Ameline,
Wat een fijn artikel heb je geschreven! Erg eerlijk en duidelijk genoteerd…. Ga zo door!
24 november, 2009
Dit is nu net waar ik ook tegenaan loop in mijn opleiding.
Ik zit nu in het tweede jaar. In het eerste jaar zijn we meteen in het diepe gegooid: bellen, bellen, bellen. Leuke quootjes scoren en spannende invalshoeken, maar geen docent die ons de andere kant van de medaille heeft getoond. Voor zover ik weet is mediatraining geen vast onderdeel in de opleiding. Dit is erg jammer. Ik heb ,als ‘bellend studentje’, vaak het gevoel dat ik de regels van het kat en muis spel niet beheers. Als muisje voel ik me daardoor soms kwetsbaar.
Dank je wel voor je stuk.
24 november, 2009
Beste Ameline,
In mijn boek Interviewen in de praktijk besteed ik uitgebreid aandacht aan mediatraining, voorlichters, woordvoerders en spindoctors. Alle trucen kun je daar vinden.
24 november, 2009
Hallo Dick,
Dat boek van u staat in mijn kast. Die gaan we het tweede blok behandelen. Ik ben zeer benieuwd.
25 november, 2009
Terechte vraag Ameline, in mijn journalistieke loopbaan heb ik ook gemerkt dat je als journalist lang bezig bent de (op zich legitieme) trucjes van voorlichters te doorgronden. Een paar lessen in omgaan met opponenten zijn erg op zijn plaats. Wij gebruiken een dun boekje van Willem Bemboom (Omgaan met de Media)dat erg toegankelijk is, en het boek van Dick is ook erg bruikbaar.
Wat het probleem nog nijpender maakt is dat journalisten vaak aanzienlijk jonger zijn dan hun tegenstanders (voorlichting betaalt beter) en dus onervarener zijn. Nauwgezet voorbereiden, dat helpt aan beide kanten.
docent international communication
25 november, 2009
Als nonprofit voorlichter -die vanmorgen nog een slimme ‘muis’ heeft geholpen aan nieuws dat grote journalisten totnogtoe laten liggen- kan ik dit stuk alleen maar toejuichen.
Lang leven de studie, leer wel alle kanten van het vak, de strijd om de waarheid is altijd hard dus haal die prikkeldraadmuur weg of kijk er doorheen en leer zelf goed nadenken.
Ouderwetse reactie trouwens, meester Van der Lugt. Je mist het punt van Ameline faliekant.
Loes Visser
25 november, 2009
Je hebt gelijk, Ameline, het is belangrijk dat ook journalisten hun vak professioneler aanpakken en het zou goed zijn als dit onderwerp ruim aan bod komt tijdens de opleiding. Natuurlijk leer je al doende, maar als dit al bij de opleiding wordt opgepakt, doorzie je ‘het spel’ eerder.
Ik heb bij de interne journalistieke opleiding van Wegener (wep) tijdens de module over interviewen een gewiekste woordvoerder laten opdraven en ik kan zelf voor journalistenopleidingen een les verzorgen waarin dit onderwerp uitgebreid wordt behandeld. Voor info: dbosscher@planet.nl
25 november, 2009
Communicatiemedewerkers die journalisten bespelen, de praktijk groeit maar is verre van nieuw. Zodra internet het dominante medium is, zal de volgende stap worden gezet: journalisten helemaal overslaan. Nederlandes en Vlaamse case-studies in het zojuist verschenen rapport: Media sources go solo; the emerging practice of embedded publishing. Op te halen via http://www.lulu.com , zoek in de webshop op titel.
25 november, 2009
@ Ivis Ben benieuwd wat een niet ouderwetse reactie is. Mijn tip aan Ameline is: wanneer een opleiding je onvoldoende voorbereidt op de beroepspraktijk, zijn er altijd nog boeken en andere informatiekanalen om die lacunes op te vullen. Daarmee pleit ik de opleidingen overigens niet vrij. Ik kan trouwens tal van andere onderwerpen bedenken, waarin de opleidingen tekortschieten. Mijn vraag aan studenten, die betogen dat hun opleiding meer aandacht moeten besteden aan onderwerp X, is altijd: waar moet de opleiding dan minder aandacht aan besteden? Meestal blijft het dan stil aan de andere kant.
29 november, 2009
@ Meester van der Lugt: als we hier kijken naar de opleiding journalistiek, waar het in dit geval om gaat, zijn er genoeg aandachtspunten waar de SvJ geen aandacht aan hoeft te besteden… Om maar kort te noemen: het luisteren van tientallen Engelstalige radio-uitzendingen om je Engels op te krikken, urenlang klooien met Indesign terwijl vormgeving daar in de praktijk over gaat en de te algemene en weinig zeggende colleges van recht, waar in de praktijk niets meer van is blijven hangen.
Daarnaast verwacht een opleiding toch niet dat je naast je opleiding (dan na te gaan dat je 18 jaar bent als je begint) nog is naar extra literatuur gaat zoeken, omdat in de toekomst vier jaar later dat misschien wel te pas kan komen? Een opleiding hoort dit soort literatuur (wat trouwens niet altijd genoeg is om in de praktijk profijt van te hebben) zelf aan te bieden…Dus nogmaals Ameline: een goed stuk, wat alleen maar toegejuicht kan worden!
30 november, 2009
@ Arnolda ‘Journalistiek, dat is van alles’, heeft de Godfather van het journalistiek onderwijs in Nederland, Piet Heil, eens geformuleerd. Onder die titel heb ik daar een column over geschreven op mijn website: wwww.dickvanderlugt.nl.
Een diploma is (altijd) een ’startbekwaamheid’. Toen ik mijn rijbewijs had gehaald en met mijn instructeur terugreed – iets te onbezonnen – zei hij: Nu moet je niet denken dat je al kunt autorijden. Klopte, want niet lang daarna had ik een aanrijding.
1 december, 2009
Er zijn gewoon een hoop cursussen waaruit gekozen moet worden. School geeft je handvaten, de rest moet je zelf doen! Helaas waar, want ik wil graag meer diepgang op veel vlakken. Dus ipv uren lang naar Engelse radio uitzendingen te luisteren kan je er ook voor kiezen het niet te doen en je te focussen op iets wat je wel belangrijk vind toch? Ik doe een vorm van communicatie, alsof we daar allemaal te horen krijgen hoe dat dan precies moet… nee dus! Dat moet ik ook ergens uit de boeken halen, lectures toevallig aflopen en gewoon door ervaring op te doen. En als je dan bij een bedrijf of een krant werkt kan je altijd nog om zo’n training vragen. Er zijn genoeg bedrijven die het graag voor je betalen. Maar wel goed dat je er attent op bent, want dat onderscheid je van de rest. Opleidingen zijn altijd toe aan verbeteringen en vernieuwingen, dus als je iets nu roept, dan wordt het misschien over een paar jaar pas ingevoerd en dan ben je allang klaar. Ik hecht nu al een paar jaren niet meer zoveel waarde aan de opleiding en richt me nu vooral op mijn persoonlijke ontwikkeling, praktisch gezien veel handiger!
1 december, 2009
Hoi Ameline,
Goed dat je zoveel reacties krijgt! En – zoals ik al eerder liet weten – in het nieuwe leerplan School voor journalistiek gaan we hier zeker (meer) aandacht aan besteden. N.
3 december, 2009
Zucht. Diepe zucht zelfs. Je maakt een stroman van de voorlichters, overschat de mogelijkheden en afhankelijkheid van de journalist in zijn dagelijks werk en denkt, hoe klassiek, met kennis dat alles te kunnen repareren. Succes! We spreken elkaar over een decennium keiharde werkelijkheid nog wel. Tip: kijk eens in de praktijk van het vak – niet in de praktijk van de opleiding.
15 januari, 2010
[...] haar uitstekende verhaal op DNR legde Ameline Ansu uit welke tactieken mediawoordvoerders gebruiken om een verhaal naar hun [...]
21 januari, 2010
Goed artikel. Ik studeer niet aan de School voor Journalistiek, maar Nieuws en Media aan de hogeschool van Amsterdam. Ik denk dat veel studenten de behoefte hebben aan meer voorbereiding op de beroepspraktijk, mediatraining zou een prima hulpstuk kunnen zijn. Je wordt het diepe ingegooid, maar wat meer voorbereiding zou niet misplaatst zijn. Ik ben het met je eens!