Journalisten moeten echt gaan ontvangen (en niet alleen maar zenden)

expertiseSinds kort kent Nederland een Expertisecentrum Journalistiek, aanleiding voor De Nieuwe Reporter en Villamedia het over “expertise” te hebben.

De negende vuistregel voor expertise in de journalistiek van Theo van Stegeren is wisdom of the crowds, gebruikers inzetten om een probleem op te lossen. Het is vreemd dat kranten dat niet massaal en effectief inzetten, want de eerste Amerikaanse krant was zelf een vorm van crowdsourcing.

Wisdom of the crowds is een andere manier van nadenken over bezoekers van je website. In plaats van ze te zien als kijkvee dat je moet bedienen, beschouw je ze als gebruikers die je kunt inzetten om iets voor jou en voor elkaar te doen.

Het is ook de zoveelste Angelsaksische versie voor een jaren zestig concept dat met de geboorte van internet verweven is. Of je het nu community noemt, of web 2.0, of interactief, of forum, of blog, of burgerjournalistiek of open source of free as in free speech of van mijn part democratie, het komt neer op hetzelfde. In ‘cyberspace’ bestaat geen publiek, iedereen is zowel zender als ontvanger.

Belangen
De meeste journalisten hebben het idee dat ze daar iets mee moeten, maar diep van binnen vinden ze het maar niks. Zij zijn de professionals, zij weten hoe de journalistiek werkt en alleen zij kunnen snel over breed veld van onderwerpen objectieve informatie produceren.

En daar hebben ze natuurlijk gelijk in. De meeste mensen hebben overdag wel iets beters te doen dan stad en land af te bellen op zoek naar experts, ervaringdeskundigen, verantwoordelijken, slachtoffers, belangenbehartigers en meningverkopers.

De meeste mensen weten heel veel over niet meer dan één of twee onderwerpen. En daar kunnen ze dan nog niet eens objectief over vertellen. Ze zijn nauw bij het onderwerp betrokken en hebben allerlei belangen.

Journalisten hebben wel tijd om stad en land af te bellen en dat doen ze dan ook de hele dag. Journalisten heten generalisten te zijn, ze weten van alles wat. Dat is waar, maar ook niet waar. Journalisten zijn experts. Experts op het gebied van wat wij nu als professionele journalistiek beschouwen.

Schijnbaar objectieve verhalen
En daar schuilt het gevaar. Want hoe meer journalisten professioneel zitten te zijn op hun redacties, hoe minder ze buitenkomen. Dat leidt soms tot versimpeling, soms tot fouten. Want ook journalisten hebben belangen. Geloofd worden bijvoorbeeld. En bronnen tevreden houden, geen belangen lijken te hebben.

Maar het ergste is dat de nadruk op onafhankelijkheid het leidt tot afstandelijke en schijnbaar objectieve verhalen die maar bleekjes afsteken tegen niet aflatende stroom realitytsoaps, showbiznieuws en andere verleidelijke bagger die mediagebruikers over zich heen krijgen gestort.

Dus moet de journalist ophouden generalistische allesweter te zijn. Dat kan door te specialiseren, maar dat kan ook door eens echt te gaan ontvangen in plaats van alleen maar te zenden. Dat is niet zo gek en radicaal als het klinkt.

De journalistiek professie bestaat pas sinds de jaren tachtig. Daarvoor waren journalisten partijdig en betrokken. Media als zender bestaan pas sinds de opkomst van de proffesionele massamedia, radio en televisie. Daarvoor had je schrijvers en wetenschappers die elkaar brieven stuurden, de republiek der letteren. En de handelsbrieven natuurlijk, de voorlopers van de krant.

Het mooiste vooorbeeld van hoe de krant ooit bedoeld is, is Publik Occurences, Both Foreign and Domestick. Benjamin Harris bracht deze krant uit in september 1690 in Boston. Het document bestond uit vier pagina’s, waarvan drie bedrukt. Op de vierde, blanco, pagina kon de gebruiker zijn eigen nieuws toevoegen voordat hij de krant doorgaf aan vrienden.

Blanco pagina
Laten we terug gaan naar onze roots en een vierde pagina toevoegen aan kranten, weekbladen en televisieprogramma’s. Maar laten we niet onbezonnen en onhistorisch te werk gaan. Laten we leren van de initiatieven die er al zijn of waren. Want lezers kunnen als aantekeningen maken in de kantlijn, kleurplaten invullen en aparte daarvoor in het leven geroepen kranten vullen.

Welke initiatieven zijn er op dit moment en welke zijn er geweest? Welke zijn succesvol en welke niet? Waarom? Welke onderdelen uit bestaande initiatieven moeten zeker terugkomen in de ideale vierde pagina en welke absoluut niet?

Inventarisatie
Ik begin hieronder vast met de inventarisatie. Help me.

Volkskrant blogs, Twingly backlinks van de Telegraaf, galspuwende reaguurders bij alle kranten en weekbladen, polls, rechtspopulistische blogs, linksige opinieblogs, polls plus reacties bij de Volkskrant, community bij de Huffington Post, lokale burgerblogs bij het Dagblad van het Noorden, nujij.nl, wuz.nl, Volkskrantmagazine gemaakt door lezers, …

5 reacties

  1. Ik vind eerlijk gezegd geen van je voorbeelden echt Wisdom of the Crowds, of het moeten die slappe polls zijn. Sterker nog, in het begin vlieg je al uit de bocht:

    “Het is ook de zoveelste Angelsaksische versie voor een jaren zestig concept dat met de geboorte van internet verweven is. Of je het nu community noemt, of web 2.0, of interactief, of forum, of blog, of burgerjournalistiek of open source of free as in free speech of van mijn part democratie, het komt neer op hetzelfde. In ‘cyberspace’ bestaat geen publiek, iedereen is zowel zender als ontvanger.”

    Daar blijkt al dat je helemaal geen goede definitie van crowdsourcing hebt, en het direct met allerlei andere zaken op een hoop gooit. Wisdom of the Crowds gaat juist om het combineren van informatiedeeltjes van de crowd die afzonderlijk niet interessant zijn, maar tezamen belangrijke informatie vormen. Daar vallen beurskoerzen en verkiezingen dus wel onder (een enkele stem zegt niets, het geheel wel), en de meeste weblogs en webcommunities niet.

    Lees bijvoorbeeld eens het boek van Surowiecki, dat vol staat met de offline voorbeelden, beginnend met het publiek op een boerenmarkt dat moest raden hoe zwaar een koe is. Daar kon dan een prijs mee gewonnen worden. Hetzelfde principe als ‘hoeveel paperclips zitten er in deze pot?’ Niemand had het exact goed, maar toen een onderzoeker het gemiddelde van de antwoorden van alle deelnemers berekende, kwam de amateurisitsche crowd als geheel er verbazingwekkend dicht bij. Dat is wisdom of the crowds.

  2. Timon Ramaker schreef op 16 december 2009 om 18:43

    Leuk duidelijk verhaal. Een reactie n.a.v.. Het zender-ontvanger model helpt denk ik niet zo. Is trouwens ook wat passee als manier van denken in communicatiewetenschappen, voor zover ik het kan overzien.
    Ik pak een andere laag – noem het spiritualiteit van de journalistiek – om bij wat anders uit te komen. Goede journalistiek begint met luisteren. Heel simpel, maar eigenlijk moeilijk. Evenwichtige berichten vooronderstellen aandacht, goed kijken, goed luisteren naar samenleving, cultuur, doelgroepen, collega’s, bronnen, jezelf etc. Noem het onderzoek of professionele discipline, maar dan wel vanuit een betrokkenheid. Luisteren is ontvangen, maar dan wel heel actief: onderscheidend, zoekend, stimulerend. Dat vraagt over-en-weer, dialoog/gesprek. Dat kan middels het medium (blanco vierde pagina, 2.0 of 3.0), maar gaat zeker ook aan (wat dan ook voor) publicatie vooraf. Journalistiek als hermeneutisch proces, dat vormgegeven wordt in de redactie en overige sociale omgeving van de journalist. Wat doen we in ons denken over journalistiek met de mens die er achter de journalist zit? Ai, ik zit weer op mijn stokpaard: de journalistieke opleiding en praktijk mist reflectie op verhouding tussen persoon-praktijk-professie. Natuurlijk zijn er uitzonderingen.

  3. Robert Buzink pleit hier voor een journalistiek niet alleen maar voortdurend zendt, maar die ook bereid en in staat is om te ontvangen en te luisteren naar de burgers.

    Om vervolgens zonder enige mededeling een serieuze reactie van een lezer te verwijderen. Weg tekst, weg alle moeite. Omdat ik hier natuurlijk niet op had gerekend (gezien het onderwerp) had ik dus geen kopie bewaard.

    De verwijderingsgekte waart als een Q-koorts rond op de openbare journalistieke websites. Censuur is inmiddels zo normaal geworden dat het vrijwel automatisch gebeurt: “Niet mee eens? Weg ermee!”

    In mijn bijdrage stond een citaat van Birgit Donker, hoofdredacteur van NRC Handelsblad die in haar column ‘De lezer schrijft, de krant antwoordt’ van 3/10 jl over functie en taak van de krant schreef dat de journalistiek transparant moet zijn en verantwoording moet afleggen aande lezers: “Controleren ons pas echt, elke keer opnieuw, als zij de krant opslaan. Of overslaan.”

    Van die kritiek en controle door burgers komt niet veel terecht zolang journalisten naar eigen believen kunnen en mogen bepalen bepalen of die kritiek wel of niet wordt gepubliceerd.

    Iedere willekeurige anonieme moderator of redacteur kan kritische burgers naar eigen believen tijdelijk of zelfs permanent uitsluiten van het publieke debat op het openbare forum van hun keuze als de geuite mening hem of haar niet bevalt, hoe on-topic die ook is en hoe correct die ook was geformuleerd.

    Openbare reactie- en discussieruimtes op de websites van de media zijn niet alleen fora voor het veelgeroemde (maar zwaar gecensureerde) ‘publieke debat’ in onze democratie, maar zij maken ook deel uit van de ‘checks and balances’ die een democratie transparant, evenwichtig, eerlijk en rechtvaardig moeten houden. Het verzet van de journalistiek hiertegen lijkt dit eigenlijk alleen maar te bevestigen. Iedere keer als ik probeer om dit onderwerp in een reactie of bijdrage ter sprake te brengen, wordt dit genegeerd of zelfs verwijderd. Dat is toch wel merkwaardig.

    Het fundamentele en universele recht van vrije meningsuiting (behoudens etc.) zou niet mogen worden beperkt door persoonlijke willekeur, machtsmisbruik, belangenverstrengelingen en ook niet op grond van allerlei onzinnige ‘gebruiksvoorwaarden’ en ‘spelregels’ die nietig zijn ivm strijdigheid met (Grond)wet, internationale verdragen en universele verklaringen.

    Is het volgens u aanvaardbaar dat burgers op grote schaal de mond wordt gesnoerd door journalisten louter op grond van onwelgevalligheid van de geuite meningen? Of dienen ook journalisten het recht van burgers op vrije meningsuiting (behoudens etc.) te eerbiedigen en het liefst nog meer ruimte te geven?

    Ik ben oprecht benieuwd naar uw mening hierover en zou het dus heel fijn vinden als u deze vraag serieus wilt behandelen en hem dus niet botweg verwijdert. Die vraag verdwijnt zo toch niet en zal eens moeten worden beantwoord.

    Geruststelling: Hierna zal ik u niet meer met reacties en vragen lastigvallen, tenzij u laat weten dat ik mij op uw weblog niet louter als leesvee hoef te gedragen en verder mijn kop moet houden, just like in the old days.

    PS
    Volgens mij is dit de praktijk van uw voorstel: Deze reactieruimte is uw ‘vierde pagina’.

  4. Correctie van het citaat van Birgit Donker over lezers:

    “Die Controleren ons pas echt, elke keer opnieuw, als zij de krant opslaan. Of overslaan.”

    Of een weblog of een reactie schrijven..

  5. Robert Buzink, het is inderdaad vreemd dat kranten niet massaal en effectief gebruikers inzetten om een probleem op te lossen.

    De meeste journalisten vinden echter gewone mensen maar niks.

    Journalisten beschouwen zichzelf niet alleen deskundig op het gebied van media en professionele journalistiek, maar zij willen ook altijd het laatste woord hebben over ieder onderwerp waarover zij praten en schrijven. Zelfs als daar kritisch op wordt gereageerd door echte experts, ervaringdeskundigen, verantwoordelijken, slachtoffers, belangenbehartigers, meningverkopers en (god betere het) gewone lezers, kijkers en luisteraars.

    Wie kritiek heeft op de pers, krijgt zodoende nooit het laatste woord.

    U wijst er terecht op dat journalisten er belang bij hebben om geen belangen lijken te hebben. Onlangs heb ik daarop in een reactie op een column gewezen. Die reactie werd meteen verwijderd en ik werd op staande voet verbannen van de website van de Volkskrant en daarmee uitgesloten van het publieke debat op het openbare forum waarop ik al vele jaren actief was. (Kenelijk deed ik dat volgens de ombudsman van de Volkskrant zo inhoudsvol en correct dat hij mij onlangs aanbeval om burgerlid te worden van de Raad voor de Journalistiek. Ik mocht hem als referentie noemen, schreef hij.)

    In uw artikel stelt u uw collega-journalisten voor om terug te gaan naar de roots van uw professie en een vierde pagina toe te voegen aan kranten, weekbladen en televisieprogramma’s.

    Die ‘vierde pagina’ is er al lang, namelijk in de vorm van reactie- en discussieruimten onder artikelen, columns, analyses, achtergrondverhalen, recensies, etc.

    Het is nog steeds een onopgeloste vraag wie er de baas is over de meningen die op die openbare fora worden geuit. Zijn de mensen die reacties en bijdragen schrijven alleen verantwoordelijk tegenover de wet (zoals de Grondwet stelt in het artikel over de vrijheid van meningsuiting) en natuurlijk voor de materiële en geestelijke schade die zij andere mensen en belangen aandoen? Of zijn de vrijwillige inzenders toch ook onderworpen aan het redactioneel statuut van het medium en aan de nukken, luimen, vooroordelen, voorkeuren, kortom aan de willekeur van iedere dienstdoende anonieme moderator?

    Maakt die vierde pagina als een soort verlengstuk deel uit van het journalistieke product van het betreffende medium, of is zij vergelijkbaar met een soort ‘burgerparlement’ waarover de redactie niet meer zeggenschap heeft dan ‘Vak K’ in de Tweede Kamer?

    Geldt op die vierde pagina onverkort het fundamentele en universele recht van meningsuiting waarop ieder mens (zeker in de publieke sfeer) aanspraak op kan maken, of moeten de inzenders, reageerders en discussieerders alleen dingen schrijven en meningen uiten die de redactie welgevallig zijn?

    ‘Journalisten moeten echt gaan ontvangen, en niet alleen zenden,” schrijft u.

    Hallo! Ontvangt u mij?

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>

Meer over Blog (594 van 891 artikelen)


Het scheppen van de banen voor nieuwe journalisten heeft weinig zin. Dat ...