De journalistieke spullenkraam raakt de laatste tijd aardig gevuld. Pers en omroep werden eerst verblijd met de komst van de e-types: e-papers, e-Readers, emails. Ruim voordat de juiste inzet daarvan kon worden doorgrond kwam de i in de maand: iPods, iLiads, iPhones en nu dan de tabletPC die onze kant op komt in de gedaante van de iPad. Maar die weelde aan digitale transportmiddelen wordt maar mondjesmaat vertaald in effectievere media-uitingen. Want al dat moderne mediagereedschap is behalve meer vooral ook anders: het vraagt om een nieuwe manier van uitdrukken, kent een andere definitie van inhoud en dicteert een veel actievere relatie met de afnemer. Tom Poes, denkt nu het mediamanagement, verzin een list! In de praktijk betekent dit veelal het aantrekken van creatief talent dat enthousiast aan de slag gaat met de versverworven technologie en zich stort op het ontwerpen van sites, formats en apps (vroeger toepassingen geheten). En dan: lanceren op hoop van zegen. Die zegen rust duidelijk niet op veel van de gepleegde vernieuwingen. Het gros van deze proeven van innovatie verdween, verdwijnt nog steeds stil naar de achtergrond, verdampt, kwakkelt wat door, rendeert niet, kortom draagt maar moeizaam bij aan het journalistieke totaalproduct.
Voor een deel zullen we moeten vertrouwen op de heilzame werking van tijd en groeiend inzicht in de logica van digitale communicatie en de wetten van het internet. Voor een ander, belangrijk deel echter kan slimmer worden geïnnoveerd als van meet af aan een rol wordt toegekend aan de ‘u’ als sleutelletter: u, als consument van al dat elektronische strooigoed. U, als ultieme maatstaf. Want wat er ook allemaal op de kop gaat, de sleutel tot succes ligt onveranderlijk bij de gebruikers en eigenlijk veel minder bij de makers van innovatieve mediaproducten. Wij, als publiek, moeten er de lol van inzien, er waarde aan toekennen, er toe gerekend willen worden, ervoor willen betalen. Alleen dan wordt het wat.
Binnen het 3D-Lab is die les geleerd en wordt expliciet ruimte gemaakt voor gebruikersgerichte innovatie, ter ondersteuning van allerlei media-initiatieven. Op dit moment is een aantal projecten in opdracht van zowel klassieke titels als nieuwe media in uitvoering. Hier een overzicht van de werkzaamheden.
Opinie per iPad
Weekblad Elsevier gaat zijn magazine dit najaar ook mobiel elektronisch beschikbaar maken. Softwarebedrijf IceMobile heeft al een iPhone-app ontwikkeld en sleutelt nu aan de (veel ambitieuzere) iPad-variant. Het 3D-Lab gaat onderzoeken hoe de Elsevier-lezer deze nieuwe dienst apprecieert en tevens of met deze publicatievorm ook nieuwe lezers te werven zijn. Ook de redactie zal moeten puzzelen: andere artikelen, hogere frequentie, nieuw type bijdragen?
Het levende archief
In samenwerking met het online jongerenmagazine VersPers wordt nu een prototype ontwikkeld waarin lezers op een innovatieve, gepersonaliseerde manier achtergrondinformatie over een zelfgekozen thema aangeboden krijgen, op een visueel aantrekkelijke manier. Er is voor de netgebruiker met een gerichte belangstelling veel te vinden online, maar het betekent wel eindeloos zoeken, combineren, linken en opslaan; dat kan beter.
Van krant naar community
De Media Groep Limburg (MGL), onderdeel van het Britse concern Mecom, onderzoekt momenteel de vormgeving, redactionele vulling en commerciële potentie van een aantal online communities, hyperlokaal en thematisch. De interessegebieden waarmee men start (later komen er meer) zijn ‘economie’, ‘zorg’ en ‘mode’. Op den duur zullen deze producten de rol van de gedrukte krant voor een deel over moeten nemen. Het 3D-Lab test de reacties van een aantal proeflezers. Ook zal bij jongeren – niet krantenlezers worden gepeild of ze geïnteresseerd zijn in op deze wijze gepresenteerde regio-informatie.
Commercie en redactie
De opzet van dit innovatieproject, gelanceerd door start-up Seriousources, is om op sites van meewerkende partijen (bedrijven, organisaties) naast commerciële boodschappen ook onafhankelijke, journalistieke kwaliteitscontent aan te bieden. De commerciële partijen (maar ook de non-profit sector, zoals overheden of ‘goede doelen’) betalen per klik aan de aanbieder van die kwaliteitscontent. 3D onderzoekt of gebruikers ook de kwaliteitscontent zullen lezen, met welke motieven en hoe ze reageren op deze ongebruikelijke combi. De eigenaren van Seriousources zijn zelf aan de slag met de vraag of uitgevers bereid zullen zijn om hun content ‘ontbundeld’ (per artikel) ter beschikking te stellen aan derde partijen.
Kastanjes uit het vuur
Het landelijke Nederlands Dagblad wil overgaan tot het leveren van exclusieve artikelen voor verschillende informatiedragers (online en offline) en zal daarvoor ook enige zeer uiteenlopende abonnementen introduceren. Met 3D wordt nu overlegd over het onderzoeken van gebruikersreacties op de introductie van een pay-per-view-model voor (in eerste instantie) uitgebreide religieuze berichtgeving.
Luisteren naar de NRC
Het productiebedrijf Dedicon verzorgt (onder meer) het omzetten van geschreven tekst naar gesproken woord voor personen met een visuele of leesbeperking, van blinden tot dyslectici. Op dit moment is de organisatie doende met het optimaliseren van een spraaksynthesesysteem. In het 3D-Lab wordt verkend of deze technologie ingezet zou kunnen worden bij de gesproken presentatie van het nieuws, in dit geval van de NRC. Deze ‘audio-NRC’ kan vervolgens gebruikt worden door zowel slechtzienden maar ook goedzienden die hun ogen voor andere zaken nodig hebben.
De ambitie is om het 3D-Lab ook na de looptijd van het project (vanaf zomer 2011) beschikbaar te houden voor de Nederlandstalige mediagemeenschap in de breedste zin van het woord. Daarover wordt nu overlegd met de diverse beroepsorganisaties.