Steeds minder buitenlands nieuws in de Britse pers

Shrinking-World-PostDe kwaliteit van de journalistiek is een big issue in het internettijdperk. En in discussies daarover spreken critici regelmatig hun zorgen uit over de buitenlandverslaggeving. Want dat is een dure vorm van journalistiek en bezuinigen op correspondenten levert redacties een snelle besparing op. In de VS sneuvelt het buitenlandnieuws dan ook alom, zo wees het onderzoek The Changing Newsroom in 2008 uit. Recenter is ook in Nederland en Groot-Brittannië onderzoek gedaan. Melvin Captein zet de uitkomsten op een rij: de Nederlandse pers doet het stukken beter dan de Britse.

Maart 2010. In de Desmet Studio’s in Amsterdam vindt een verhit debat plaats over Nederlandse buitenlandcorrespondenten. Tijdens de door de NVJ georganiseerde bijeenkomst klagen diverse correspondenten dat ze steeds minder ruimte krijgen om in de Nederlandse media hun verhaal te doen. In hun optiek bezuinigen redacties stevig op het correspondentenbestand en wordt voor buitenlandse berichtgeving steeds vaker op internationale persbureaus vertrouwd. Niet alleen de kwantiteit maar ook de kwaliteit van de berichtgeving wordt op deze manier aangetast, betoogden onder anderen Wouter Kurpershoek (voormalig Amerika-correspondent) en Mustapha Oukbih (voormalig Midden-Oosten-correspondent).

De klachten over te krappe budgetten en een verschraling van de buitenlandberichtgeving kunnen natuurlijk worden afgedaan als preken voor eigen parochie. Door de ernst van de situatie aan te dikken, versterken correspondenten immers het belang van hun eigen positie. Zo stelde voormalig Balkan-correspondente Ingeborg Beugel wel erg gechargeerd dat ze “niet meer naar Nederlands nieuws kijkt, maar voor goed buitenlandnieuws uitwijkt naar de BBC.”

Onderzoek in Nederland en Groot-Brittannië
In het licht van deze opmerking is het interessant dat er in korte tijd zowel in Nederland als in het Groot-Brittannië een onderzoek gepresenteerd werd over de hoeveelheid buitenlands nieuws in nationale kranten. De uitkomsten laten zien dat het lang niet zo gek gesteld is met de Nederlandse focus op het buitenland en dat hierbij nog steeds een belangrijke rol is weggelegd voor correspondenten.

In absolute termen zijn de onderzoeken lastig te vergelijken. Terwijl Media Standards Trust in Groot-Brittannië een historische inhoudsanalyse uitvoerde over een periode van dertig jaar (1979-2009), bracht de Nederlandse Nieuwsmonitor slechts de jaren 2006, 2007 en 2008 in beeld. De eindconclusie van de Nieuwsmonitor [pdf] dat het in Nederland nog wel snor zit met de hoeveelheid buitenlands nieuws, lijkt daarom wat voorbarig. Er is immers geen eerder tijdsmoment om te kunnen oordelen of er sprake is van een afname of toename. De veelgehoorde klacht dat de buitenlandverslaggeving vroeger beter en breder was, wordt dus bevestigd noch ontkracht. Een gemiste kans, maar er blijven gelukkig genoeg veelzeggende gegevens over.

Steeds minder buitenland in de Britse pers
Het tijdsperspectief in het Engelse onderzoek brengt sprekende uitkomsten aan het licht. Zo wordt met harde cijfers in beeld gebracht hoe vanaf 1979 het aantal verhalen over het buitenland in Britse dagbladen aanzienlijk is afgenomen. Nog slechts 11% van de gemiddelde krant is in 2009 gewijd aan berichtgeving van verre, waar dat dertig jaar geleden nog 20% was.

Om de Nederlandse onderzoekscijfers in perspectief te plaatsen, kunnen we deze afzetten tegen de meest recente cijfers (2009) van de Britse equivalent. Die vergelijking maakt duidelijk dat de Nederlandse kranten nog heel behoorlijk oog hebben voor nieuws van buiten de eigen grenzen. Inclusief de gratis dagbladen bestaan de Nederlandse krant door de bank genomen voor 28% uit buitenlands nieuws.

Ook als we kijken naar individuele krantentitels, zijn de verschillen tussen de Nederlandse en Britse pers duidelijk. Terwijl de kwaliteitskranten The Guardian en Daily Telegraph respectievelijk 15% en 13% van hun kolommen besteden aan buitenlandberichtgeving besteden, scoren NRC Handelsblad en de Volkskrant 35% en 30%. Ook Sp!ts (20%) en De Telegraaf (19%) brengen meer buitenland dan de Britse kwaliteitskranten. In de Britse tabloids (Daily Mail, 5% en Daily Mirror, 6%) is het aandeel buitenlands nieuws verwaarloosbaar

Wanneer we dieper op de cijfers ingaan zien we echter dat een voorbehoud op zijn plaats is. Gemiddeld zo’n 60% van de buitenlandse berichten in Nederlandse kranten komt namelijk niet van correspondenten of de redactie, maar van internationale persbureaus. Nieuws dat zonder interne productiemiddelen tot stand is gekomen lijkt dus de buitenlandberichtgeving te domineren.

De rol van correspondenten
Maar ook deze cijfers zijn in perspectief te plaatsen. De persbureaus mogen dan wel meer dan de helft van het aantal artikelen aanleveren, ze vullen daarmee slechts 32% van de totale lengte van de buitenlandsectie. Dat geeft aan dat achtergrondverhalen, beschouwingen en analyses dus nog veelal afkomstig zijn van buitenlandredacteuren of -correspondenten. Ter illustratie: correspondenten, die maar zo’n 15% van de absolute berichtenproductie leveren, vullen meer dan een kwart van de kolommen.

De verschillen per krant zijn hierbij overigens enorm. Zoals te verwachten haalt Sp!ts bijna 90% van hun buitenlandnieuws op bij de ‘wires’, terwijl kranten als de Volkskrant, NRC Handelsblad en Trouw bijna 80% van het buitenlandnieuws zelf produceert via de eigen redactie en correspondenten.

De toegevoegde waarde zit hem dus vooral in de mate waarin een correspondent de ruimte krijgt zijn expertise uit te rollen. En ondanks dat sommige buitenlandverslaggevers anders beweren lijkt ruimte voor achtergrondverhalen en gedetailleerde analyses nog voldoende aanwezig.

Dat wordt ook wel geïllustreerd door de issues die door de correspondenten worden belicht. Met hun relatief kleine bijdrage aan de totaalproductie vullen ze wel een derde van al het nieuws over politiek en internationale betrekkingen. Opvallend is wel dat artikelen over openbare orde en veiligheid (denk aan aanslagen, oorlog en natuurrampen) maar voor een kwart afkomstig zijn van in het buitenland gestationeerde journalisten. Terwijl dat toch vaak de issues zijn die de voorpagina halen.

Een artikel van tien pagina’s
Als we het Britse onderzoek mogen geloven, is de aandacht voor buitenlands nieuws wel degelijk afgenomen. Bij het publiek en dus bij de kranten. In de inleiding wordt ter illustratie een tien(!) pagina’s tellend artikel uit The Daily Mirror van 1979 opgevoerd, waarin verslaggever John Pilger de primeur bracht over de Cambodjaanse Killing Fields.

Hoewel het natuurlijk een op zichzelf staand, extreem voorbeeld is, is het contrast met de huidige cijfers groot. Ten opzichte van dertig jaar eerder was in 2009 buitenlands nieuws nog maar sporadisch op de eerste tien pagina’s is te vinden (van 33% naar 15%) en siert een buitenlands verhaal nog maar zelden de voorpagina (van 44% naar 30%).

De oorzaken van minder buitenlands nieuws
Het Britse rapport doet vervolgens, via kwalitatieve interviews met betrokkenen als oud-correspondentenen en redactiechefs, een poging de oorzaken van de afgenomen interesse te achterhalen. Een voor de hand liggende oorzaak zijn natuurlijk de bezuinigingen die overal in de journalistieke sector plaats vinden. Het is verleidelijk om snel in één van je hoogste kostenposten te snijden. En een buitenlandse reis voor een eigen verslaggever is natuurlijk een stuk prijziger dan een vergoeding betalen aan een nieuwsdienst.

Een minder voor de hand liggende oorzaak die wordt genoemd is het einde van de Koude Oorlog in 1989. Daardoor zou het lastiger zijn geworden om buitenlands nieuws in een bepaald ‘frame’ te plaastsen. Waar vroeger al het nieuws in de wereld kon worden teruggevoerd tussen de stille strijd tussen Oost en West, is het zonder deze context moeilijker internationale verhalen relevant te maken voor het thuispubliek.

Een derde verklaring die wordt aangevoerd is dat internet heeft gezorgd voor een grotere toegang tot internationaal nieuws. Dat weten de kranten ook. En waarom zouden ze dan zelf investeren in een gedetailleerde rapportage als die elders op het web al voor het grijpen ligt? Via eigen producties lokale context toevoegen aan nieuws is soms wel nodig, maar niet meer zoals dertig jaar geleden, toen het publiek voor buitenlandse verhalen volledig afhankelijk waren van de eigen media. Vandaar dat de focus meer is komen te liggen op daar waar nog wel waarde aan is toe te voegen: het binnenlandse nieuws.

Ontbrekende cijfers
RTL-correspondente Nina Jurna betoogde onlangs op De Nieuwe Reporter dat in tien jaar tijd een steeds grotere nadruk is komen te liggen op het binnenlandse nieuws, simpelweg omdat er op sociaal, economisch en politiek vlak zoveel gebeurt dat het buitenlandse nieuws wordt verdrongen. Harde cijfers ontbreken hier echter over in Nederland. Het zou daarom goed zijn als het onderzoek van de Nieuwsmonitor zou worden herhaald over een veel langere periode.

Hoe het ook mag zijn, ten opzichte van de Engelse kranten lijkt er in Nederland nog steeds een behoorlijke interesse voor verhalen uit het buitenland te bestaan. Cijfermatig gezien lopen we zelfs flink voor op onze eilandburen. Nieuwsconsumenten kunnen door de aanschaf van een kwaliteitskrant heel bewust kiezen voor een gevarieerd palet aan foreign affairs, veelal afkomstig van vakmensen met een specifieke expertise.

Kwaliteitskranten lijken in Nederland vooralsnog niet bang te zijn voor de concurrentie van het internet, zoals het Britse rapport suggereert, maar hebben vertrouwen in de toegevoegde waarde van hun eigen producties. De grenzen staan nog open.

Links naar de besproken onderzoeken:

Nieuwsmonitor: Buitenland in de krant [pdf]

Media Standards Trust: Shrinking World: The decline of international reporting in the British press

Melvin Captein

Melvin Captein (MSc. Communicatiewetenschap, MA. Journalistiek & Nieuwe Media) is freelance journalist. Hij studeerde af op de betrouwbaarheid van internetinformatie en de adoptie van nieuwe media door correspondenten. In het verleden werkte hij voor BNN, Sanoma Men’s Magazines, VNU Media en Veronica. Nu is hij onderdeel van het journalistieke freelance collectief Het Rondje van Pavlov.

Alle artikelen van Melvin Captein op De Nieuwe Reporter.

  • Misschien is de aandacht voor het buitenland in Nederlandse kranten ook wel uit nood geboren? Er is nu eenmaal minder binnenland dan in een land als Engeland. Wellicht besteden kranten uit kleine landen daardoor altijd meer ruimte aan het buitenland dan kranten uit grote landen? Aardige hypothese voor vervolgonderzoek.

  • Interessant artikel! Het karige Britse buitenlandse nieuws richt zich vooral op de VS en op voormalige koloniën of landen uit de Commonwealth, zoals Pakistan en India. Maar veelal gaat het dan ook om een Britse invalshoek (de vrees bijvoorbeeld dat Britse Pakistanen de superbacterie mee naar Engeland nemen die tegen bijna alle antibiotica bestand is etc). Zouden wij in Nederland ook meer nieuws hebben over Suriname en Indonesië vanwege onze historie met die landen dan met andere landen die ‘ver weg’ zijn?

    Overigens ben ik het ook helemaal eens met bovenstaande reactie. Nederland heeft toch de neiging om als klein land over de grenzen te kijken, terwijl men dat in de UK toch eigenlijk veel minder doet (al is dat natuurlijk wel een beetje generaliserend). Maar Nederlandse studenten doen bijvoorbeeld massaal mee aan exchange programma’s, terwijl de Engelsen dat amper doen (en als ze al in het buitenland studeren dan in Amerika of Australië – waar men ook Engels spreekt!)Daaraan alleen al kun je het verschil zien tussen de twee landen.

    Tot slot is het prettig om als correspondent dit artikel te lezen en de constatering te lezen dat er inderdaad nog steeds een markt is voor achtergronden uit het buitenland! Ik denk (en hoop!) dat dit ook zo zal blijven!

  • Pingback: De toekomst van de correspondent: Van jager naar hoeder? | De nieuwe reporter()

  • Pingback: Wereldschrijvers.nl boort nieuwe markt voor correspondenten aan | De nieuwe reporter()