De aanbeljournalist

Ton van Dijk – journalist. Maakte reportages voor Panorama, Nieuwe Revu, Haagse Post, HP/De Tijd, Esquire, SQ en Park. In de jaren tachtig was Ton van Dijk mijn collega op de School voor de Journalistiek in Utrecht. Als docent journalistieke vaardigheden gaf hij leiding aan de tijdschrift-specialisatie: studenten produceerden onder Van Dijks leiding het blad Zip. In 1986 zou er een themanummer over softdrugs verschijnen, en het leek Van Dijk een geinig idee om bij elk exemplaar een zakje wiet mee te nieten. De directie was not amused en stak er een stokje voor. Maar de reputatie van Van Dijk als journalist die er onorthodoxe ideeën op nahield, was weer bevestigd.

In het laatste boek van Van Dijk, ‘Sterke Verhalen’, wordt het onorthodoxe van zijn methoden breed aangezet. Het boek bevat een aantal reportages (Siert Bruins, Dope & Junks, de Kerk van Satan, De Nachtrijders, Klinkhamer, en diverse verhalen over moord en doodslag), maar gaat vooral over hoe Van Dijk te werk ging. Daarbij zou hij niet terugschrikken voor “omkopen, verleiden, liegen, stelen en chanteren”, alles zou geoorloofd zijn om de feiten boven water te krijgen.

Onvoorwaardelijk geloof in het ouderwetse handwerk

Met die nadruk op de journalistieke onorthodoxie doet Van Dijk zichzelf tekort en zet hij de lezer enigszins op het verkeerde been. Van Dijk kijkt wel eens in een opengeslagen directieagenda, haalt een lijstje van een prikbord, neemt een extra printje mee, laat wat stukken in een aktetas glijden of betaalt een getuige voor een verhaal, maar het bijzondere van de methode-Van Dijk is toch vooral het onvoorwaardelijke geloof in het ouderwetse journalistieke handwerk: opletten, observeren, vragen en doorvragen, nieuwsgierigheid, wantrouwen en een hardgrondige hekel aan voorlichters (en aan Eef Brouwers in het bijzonder). En daar gaat Van Dijk door waar anderen stoppen.

Hij is allergisch voor de uitspraak “was niet bereikbaar voor commentaar”. Hij belt bronnen niet, hij zoekt ze op en belt bij ze aan, duwt net zo lang briefjes met vragen door de brievenbus bij mensen die niet geïnterviewd willen worden totdat ze meewerken, leest stapels telefoonboeken door op zoek naar een verdwenen oorlogsmisdadiger, werkt de hele zwarte boekhouding van Philips door op zoek naar dubieuze transacties, en rijdt meer dan duizend kilometer om een getuige te spreken.

Waar anderen genoegen nemen met een eenmalig bezoek aan een afkickcentrum, brengt van Dijk een aantal weken tussen verslaafden door en gebruikt samen met hen ongeveer alles wat verboden is. Om corruptie bij de Amsterdamse politie aan te tonen gaat hij worstellen bij een sportschool die door de penoze gefrequenteerd wordt. Voor een sfeerreportage over de wereld van de politie-scanner-luisteraars brengt hij twee weken ’s nachts op straat door.

Niet opbellen, maar aanbellen

Van Dijk observeert nauwlettend, let op details, in de traditie van New Journalism schrijft hij nooit dat iemand een horloge draagt of in een auto rijdt – namen, types en merken zeggen iets over de eigenaar. Tussen de regels door geeft Van Dijk een serie tips waar de aankomende (maar ook de gevestigde) journalist zijn voordeel mee kan doen: altijd op tijd komen en het liefst te vroeg zodat je goed om je heen kan kijken en memo’s of brochures van wachtkamertafels mee kan pikken, nooit instemmen met autorisatie van interviews, gewapend met een bovenladende aktetas op weg gaan zodat papieren daar snel in kunnen verdwijnen, en je als een kameleon aanpassen aan je omgeving.

Maar vooral: aanbellen in plaats van opbellen. Mensen zeggen moeilijker ‘nee’, en als je één keer binnen bent krijg je veel meer uit ze dan via de telefoon. O ja: altijd een bonnetje vragen.

Oude ambachten

Tijdens het lezen van Sterke Verhalen werd deze lezer toch overvallen door de gedachte dat dit soort journalistiek net als kantklossen bijgezet kan worden in de categorie oude ambachten. Want waar vind je nog een aanbellende besnorde journalist die gedienstig zijn perskaart toont maar ondertussen als een Jehova’s Getuige zijn aktetas in de deuropening plaatst en na enkele onschuldige openingszinnen je koffie opdrinkt – twee klontjes graag – en je vervolgens de meest impertinente vragen stelt waarop je nog antwoord geeft ook?

 Ton van Dijk (2012): Sterke verhalen, Nijgh en Van Ditmar, €19.95.
ISBN 978 90 388 9523 9.

Piet Bakker –

Piet Bakker is lector Crossmediale Journalistiek aan de Hogeschool Utrecht. Hij doet onderzoek naar (nieuwe) media en journalistiek.

Alle artikelen van Piet Bakker op De Nieuwe Reporter.

  • http://www.viziris.nl Lisa Mooijman

    Dat weet ik nog van die zakjes wiet! Ik geloof dat ik tweedejaars was, in elk geval was ik redacteur bij de wekelijkse schoolkrant. Wat een rel was dat! Maar wel een leerzame ;-) Achter de directie aan, de achtergronden uitpluizen, toch nog die paar exemplaren te pakken krijgen waar nog een zakje aangeniet was. En intussen meemaken hoe je, door iets zo bot te verbieden een hype creeert ;-P
    Ook al zat ik niet in de groep van Ton, heb ik indirect een en ander van hem geleerd…

  • jan

    Het aanbellen gebeurt vaker dan ooit tevoren, alleen op een andere manier. Journalisten die in de buurt van de moord huis-aan-huis aanbellen om informatie te krijgen over het slachtoffer. Meestal levert dat twee antwoorden op: “het komt nu wel heel dichtbij” en “wij vonden het altijd al een vreemde man”.

  • Ton van Dijk

    Mooi stuk over mijn boek, word er verlegen van. Over die wiet, het was een actie die zelfs de New York Times haalde. Het betrof een special over drugs en die wiet kregen we gratis (slechte kwaliteit ook nog) van een coffeeshophouder in ruil voor een advertentie in ZIP. Mijn verdediging was dat als je over stuff schrijft het toch leuk was er een voorbeeld bij te doen? Huub Elzerman, directeur van de SvdJ toen, sprak de historische woorden: “Als je een special maakt over de bouwwereld doe je er toch ook geen zak cement bij!” Ik kreeg een officiele berisping. Huub zei: “Ga niet in beroep, plak ‘m achter het behang en kijk er nooit meer naar.”

  • Peter van Lier

    Moest bij het lezen denken aan een mooie anekdote uit de jaren 80:
    Wij (de redactie van het tijdschrift over Latijns-Amerika, Alerta) voegden toen bij een artikel over de ‘war on drugs’ een cocablad toe. De bladeren waren door een van de redacteuren simpel meegesmokkeld vanuit Bolivia (zij gebruiken het daar o.a. voor thee). Op de omslag vermeldden we dat het tijdschrift 0,08 procent cocaïne bevatte. Een week later werden we bij de douanepolitie gesommeerd om de cocablaadjes uit het tijdschrift te verwijderen (anders werd het tijdschrift vernietigd). Effect niet groot, maar het leverde wel de nodige publiciteit op.
    In plaats van het groene blaadje hebben we er uiteindelijk een koffieboon ingestopt. Op een bijgestoken A4tje meldden we dat de lezer er in plaats van 0,08 procent cocaïne het even (on)schuldige cafeïne bij kreeg.

  • Botte

    ‘Want waar vind je nog…’ etcetera. Dit zegt meer over onze recenserende lector Crossmediale Journalistiek, dan over de praktijk. En voor zover het iets over de praktijk zegt: mogen wij journalisten dan asjeblieft, net als Van Dijk, weer een contract voor onbepaalde tijd, tegen fatsoenlijke betaling, met arbeidsongeschiktheidsverzekering en zicht op een pensioen? Dankuwel.
    Groeten van een journalist.

  • http://www.journalismlab.nl/ Piet Bakker

    Tja, als iemand meteen begint over “arbeidsongeschiktheidsverzekering” dan weet je het wel. Waar staat trouwens dat Ton van Dijk al die klussen vanuit een rustige vaste aanstelling heeft gedaan?

  • Botte

    Meneer Bakker, als lector crossmediale journalistiek weet u vast hoe discussies op het internet uit de hand kunnen lopen. Ik bied u bij dezen dan ook mijn excuses aan voor mijn knorrige commentaar. Niettemin kwam dat ergens vandaan en ik probeer wel een punt te maken; het is flauw om te zeggen ‘waar vind je tegenwoordig nog zoiets’.

    Om twee redenen: ten eerste omdat ik u zo een zwik mensen kan noemen die dit soort dingen nog dagelijks doen. Ten tweede omdat ik denk dat het wel of niet hebben van een vast contract (en die verzekeringen) wel degelijk wat uitmaakt voor hoe je je werk doet. Momenteel ben ik freelancer, en hoewel ik mijn vak met alle mogelijke zorgvuldigheid uitoefen, kan ik niet zomaar even duizend kilometer om rijden of eindeloos briefjes in de bus stoppen. Daarvoor moet ik teveel productie draaien. Doe ik dat niet, dan word ik niet meer gevraagd, en heb ik geen inkomen meer. Overigens werk ik zo’n 70 uur per week.

    Het is daarom dat ik altijd wat wegtrekkers krijg bij de belerende ‘dat waren nog eens tijden’-opmerkingen van journalisten van weleer. Met zorgvuldige groet,
    Botte

  • Ton van Dijk

    Botte, ik begrijp je reactie. Een groot deel van de reportages in mijn boek heb ik als freelancer gemaakt, tegen een vast tarief. Dat betekent dat elke stap die ik méér zet, mij geld kost. Vaak haal ik het uurtarief van de loodgieter zelfs in de verte niet. Andere klussen moeten het gat vullen. Arbeidsongeschiktheidsverzekering heb ik nooit genomen, dat kostte zoveel dat je bij voorbaat weet dat je ziek wordt als je dat bedrag er elke maand ook nog moet bijverdienen. Pensioen? Zo, zo, la, la. En er zijn zeker ook collega’s die hard werken voor weinig. Proletarische journalisten aller landen verenigt u.

  • Botte

    Hey, Ton zelf… en zo blijken we nog bijzonder veel overeenkomsten te hebben ook. Lijkt me een goede zaak.
    Een vast contract is niet iets wat ik nastreef overigens. En het zetten van een stap meer is nu juist wat je als freelancer boven de rest kan laten uitsteken. Dat bevalt me prima. Maar ik ontwaarde in het artikel een ‘vroeger was het beter’, ai ai.. Enfin, een groet!

  • http://www.journalismlab.nl/ Piet Bakker

    @Botte
    Vroeger was het natuurlijk niet beter. Ik ben ook niet van zo’n nostalgist. Probleem is wel dat het lastig is media te vinden die dit soort reportages nog willen hebben, laat staan dat ze vooraf betalen.

    Ik vrees overigens wel dat er bij sommige journalisten een soort van gemakzucht is ingeslopen bij het echt zoeken naar verhalen. Ton geeft het voorbeeld van een workshop die hij gaf bij een krant “in het zuiden des lands”. De plotseling opgestapte ziekenhuisdirecteur nam de telefoon niet op. Hij woonde tegenover de krant, en zijn auto stond op de oprit. Maar de straat oversteken en aanbellen, dat vond men toch teveel werk.

  • Botte

    Als het de media zijn die ze niet willen hebben en/of er voor willen betalen, dan verwijt je het dus niet de journalist van heden. Maakt het niet minder erg, of, nou, ja, wel een beetje minder erg. Want er is hoop.

    Dat voorbeeld is sterk (had je in je stuk moeten schrijven).

    Het boek van Ton staat inmiddels op m’n verlanglijstje!

  • http://www.journalismlab.nl/ Piet Bakker

    Ja, voorbeeld is gesneuveld in (mijn eigen) eindredactie. Maar nu dus in de reacties in ere hersteld.

  • http://stanvanhoucke.blogspot.it stan van houcke

    ik citeer:

    ‘Daarbij zou hij niet terugschrikken voor “omkopen, verleiden, liegen, stelen en chanteren”, alles zou geoorloofd zijn om de feiten boven water te krijgen.’

    ton van dijk vergeet daarbij te melden dat hij ook ‘cocaine’ uitdeelde om in het begin van de jaren tachtig binnen de kraakbeweging achter de namen van de rara-beweging te komen die destijds makro-panden in brand staken vanwege hun financiële betrokkenheid bij zuid-afrika. deze methode die van dijk toepaste bleek contra-productief, aangezien hij door een stel practical jokers geblinddoekt naar een pand werd gereden alwaar een aantal zogenaamde rara-leden hem een verhaal opdiste die integraal in de HP verscheen. eenmaal gepubliceerd werd bekend dat het verhaal fake was. de betrokken krakers vertelden dat ze met dit nep verhaal de dubieuze wijze van verslaggeving van journalisten als ton van dijk aan de kaak wilden stellen. dat lukte hen aardig. ik hoop dat ton, met wie ik heb samengewerkt, dit verhaal ook in zijn boek heeft opgenomen. het is tamelijk illustratief, nietwaar?

  • Wim

    Ik was een van die krakers die Ton er indertijd in lieten lopen. Het verhaal van Stan klopt op een aantal details na (het ging niet om rara, maar om een obscuurder gezelschap, het militant autonomen front MAF). Ter verdediging van Ton: in het HP-artikel liet hij een kleine mogelijkheid open dat het een canard zou kunnen zijn, en, belangrijker nog: toen we hem met zijn blunder confronteerden trakteerde hij op een biertje. Overigens was het stuk niet betaald met coke, maar met cash. Dat geld is indertijd nog overgemaakt aan een Latijs-Amerikaanse bevrijdingsbeweging, als ik me goed herinner…

  • Wim

    Ik was een van die krakers die Ton er indertijd in lieten lopen. Het verhaal van Stan klopt op een aantal details na (het ging niet om rara, maar om een obscuurder gezelschap, het militant autonomen front MAF). Ter verdediging van Ton: in het HP-artikel liet hij een kleine mogelijkheid open dat het een canard zou kunnen zijn, en, belangrijker nog: toen we hem met zijn blunder confronteerden trakteerde hij op een biertje. Overigens was het stuk niet betaald met coke, maar met cash. Dat geld is indertijd nog overgemaakt aan een Latijns-Amerikaanse bevrijdingsbeweging, als ik me goed herinner…

  • http://stanvanhoucke.blogspot.nl/ stan van houcke

    beste wim,

    bedank voor de correcties. wat betreft de cocaine. dat deelde ton van dijk wel degelijk uit toen ik hem meenam naar de zwaar gebarricadeerde groote keijser. ik heb hem toen nog gewaarschuwd dat krakers geen onderwereldfiguren waren die coke snoven. eerder, toen hij en ik nog voor de nieuwe revu werkten, zag ik hoe hij bij amsterdamse onderwereldfiguren met coke schoof tijdens de voorbereidingen van een serie reportages over die onderwereld. overigens snoven hij en ik en anderen ook op de redactie, maar dit terzijde. het punt dat ik probeer te maken is dat dit soort journalistiek ook zijn negatieve kant heeft. het “omkopen, verleiden, liegen, stelen en chanteren,” is een cowboy voorstelling van zaken. bovendien: welke structurele zaken heeft van dijk nu eigenlijk onthuld? hij was in elk geval geen peter r. de vries, en zeker geen seymour hersh, die zonder ‘omkopen, verleiden, liegen, stelen en chanteren,’ de corruptie van de macht daadwerkelijk bloot legt.

  • Wim

    Beste Stan,

    Helder, ik wilde ook niet aan jouw punt morrelen. En of Ton van Dijk veel heeft onthuld weet ik niet; als ik hem nu lees zie ik wel vaak mooie achtergrondschetsen. Dat we indertijd de zucht naar vooral sensationele reportages (en het in onze ogen negeren van de werkelijke issues) van veel journalisten wilden aanpakken is in elk geval waar.

  • Wim

    Beste Stan,

    Net in het boek gezien dat Ton zijn “canard” keurig vermeldt.

  • Ton van Dijk

    Stan, je iets herinneren is moeilijk, vooral als het het verleden betreft. Uit je reacties blijkt dat je het boek niet hebt ingekeken, laat staan gelezen. Jammer, dan had je je geheugen kunnen opfrissen. Enkele primeurs, zoals Philips, het interview met Hauser (Lockheed), politiecorruptie komen aan bod. Ik heb er nog wel een paar op mijn naam staan, maar laten we niet teveel aan borstklopperij doen, een boek is al erg genoeg toch? En cocaïne heb ik nooit meegenomen naar de Groote Keijser, te duur, je verwart het met de zak nederwiet van een filmregisseur en de speed op bestelling van een inwoner. Ton van Dijk.

  • Fred Stelwagen

    Hij is niet lui. Dat lees ik vooral in zijn methode. Zoekt niet de makkelijke weg. Het boek doet denken aan Jon Ronson’s The Psychopath test. Deze man doet wel aan emailen en bellen, maar zoekt mensen op ook over zee (moet al snel als je in Engeland woont) maar wat hij ook doet is zijn eigen gevonden overtuigingen weer aan de eigen kaak stellen. Hij doet een cursus psychopaatvinden en vraagt zich later af, of hij zo niet teveel gaat zien wat er eigenlijk niet is. Ik houd van grondige journalisten. Daar lijkt Ton toch zeer zeker op

  • annemiek van der laan

    Ik was tijdens het incident met de zakjes wiet leerling van Ton, en ik kan mij herinneren dat ik vond dat zijn manier van lesgeven inspirerend was. Totaal anders dan de rest van de colleges. Goed om als student op een andere manier tegen het vak journalistiek aan te kijken. Goede raad van Ton tijdens het college, waar we nog een uur te gaan hadden. ‘Dames en heren, het is tijd om de kroeg in te duiken, daar leer je op het moment meer dan hier.’
    Ik ga het boek zeker lezen!

  • http://www.maxpaumen.nl max paumen

    Ik heb zeer goede herinneringen aan de cursus achtergrondreportage door Ton van Dijk. Zijn aanbel-methode kwam daar ook aan de orde. De cursus gaf destijds (1997) een boost aan mijn journalistieke loopbaan. Dit boek staat dus ook op mijn verlanglijstje!

  • http://stanvanhoucke.blogspot.nl/ stan van houcke

    ton,
    zonder borstklopperij, maar ik was degene die voorstelde om de bernhard-affaire serieus te nemen en hauser te laten interviewen. ik was degene die je boeken over de nieuwe journalistiek liet zien en je de namen van mensen als ken kesey gaf. en wat die cocaine betreft, het was de eerste keer dat je dankzij mij de groote keijser kon binnengaan, dus niks op bestelling. dat is ook niet zo gek, want in die tijd gebruikte je net als ik regelmatig cocaine. ik heb je toen gewaarschuwd dat krakers geen onderwereldfiguren waren en dat jouw methode contra-productief zou werken, wat naderhand ook bleek. maar je luisterde niet. het verschil tussen jouw werkwijze en de mijne is vrij simpel: jij was uit op sex, spanning en sensatie, de format die jij bij nieuwe revu introduceerde en waarmee je verder ging bij de haagse post, terwijl mijn interesse uitging naar de sociale achtergronden van bepaalde fenomenen. wat ik dus deed bij radio amsterdam was het verschijnsel kraken in een bredere context plaatsen, terwijl jij alleen geinteresseerd was in de spanning en sensatiekant, in de uitwassen. jouw methode heeft uiteindelijk gewonnen, waardoor we nu een buitengewoon oppervlakkige journalistiek hebben. gefeliciteerd daarmee, maar probeer dit nu niet te verkopen met een soort kuifje-romantiek. jouw boek zal ik zeker niet lezen. daar ben ik toch echt te oud voor. ik schrijf een ander soort boeken, geheel in lijn met mijn eigen interessen.

  • Jolien

    Leuk artikel, heb het met grote grijns gelezen. Ga nu het boek bestellen.

  • http://www.verzekeringsleed.weebly.com Gedupeerde verzekerde

    Ook nog een diepgaand journalistiek onderzoek naar verzekeringsleed? Zie verzekeringsleed.weebly.com
    Dramatisch hoe verzekeraars machtsmisbruikers worden t.o. van gedupeerde verzekerden. Jarenlang boven de financiele afgrond laten bungelen totdat er een schikking komt op 50% vd verzekerde waarde. Ellende……Verhalen? Info 0613164463

  • Rick Faber

    Ik vind je verhaal over Andrea K een eenzijdig verhaal en dus grote onzin, heb je ooit wel is gevraagd aan haar of je dit in je boek mag/mocht gebruiken?! En een correctie: in 2012 heeft Roelof Offereins zelf contact met Andrea gezocht en niet andersom. En uit goed fatsoen hebben wij toen gevraagd hoe t met hem ging/gaat. En ja ik ben al meer dan 3 jaar haar vriend!! En wat betreft Niels: over de doden niets dan goeds……….