powermap fragment

Met sociale media undercover bij de multinationals

De masterclass Sandberg@Mediafonds onderzocht wat datamining, crowdsourcing, sociale media en WikiLeaks kunnen betekenen voor de onderzoeksjournalistiek. Rogier Klomp deed met zijn collega´s Shuchen Tan en William de Bruijn onderzoek naar  afspraken die worden gemaakt tussen de Nederlandse overheid, Nederlandse multinationals en minder democratische overheden. Ze gingen daarvoor undercover. Niet echt, maar via sociale media met de fictieve Eva de Jong.

De twaalfde editie van de transmediale masterclass Sandberg@Mediafonds begon met de conferentie Curating Reality. Aan het woord was Simon Rogers, datajournalist van The Guardian. Achter hem een grote projectie van de kaart van Londen, verdeeld in arme en rijke regio’s. Uit enkele straatarme buitenwijken zagen wij blauwe stipjes vertrekken in de richting van de onrust in het hart van Londen in augustus 2011.

Diezelfde stipjes zouden een paar weken later buitenproportionele straffen krijgen voor hun aandeel in de grootschalige rellen. Rogers had op een inventieve manier twee datasets gecombineerd tot een opmerkelijke reconstructie van wat er zich op één dag, 9 augustus 2011, in Londen had afgespeeld. Rogers liet ons zien dat je met data verhalen kunt vertellen.

Van huis uit ben ik ontwerper. Mijn werk wordt door filmfestivals als ‘animadoc’ of animatie-documentaire bestempeld. De producties van deze korte films zijn vaak kleinschalig – je doet het meeste zelf, van research tot animatie. In de Sandberg@Mediafonds masterclass kreeg ik de kans samen te werken – in een gedwonen ‘huwelijk’ – met regisseur Shuchen Tan en researcher William de Bruijn. Ze werken voor Tegenlicht; ze wonnen eerder dit jaar de Beeld & Geluid Award en de Al Jazeera Golden Award voor de documentaire Toestemming om te vuren.

Nieuwe bronnen voor onderzoeksjournalistiek

De vraag die de masterclass stelde was: wat kunnen nieuwe bronnen als datamining, crowdsourcing, sociale media en WikiLeaks betekenen voor de onderzoeksjournalistiek?

We kozen een onderwerp dat zich met traditionele journalistieke middelen moeilijk laat onderzoeken: de handelswijze van Nederlandse multinationals in het buitenland. Deze bedrijven zijn too big to research. Ze voeren hun onderhandelingen in het grootste geheim. Met de middelen die journalisten nu hebben is het moeilijk te achterhalen wat zich in die boardrooms afspeelt.

We zijn gaan dataminen. We doken in de WikiLeaks–cables, 251.287 vertrouwelijke berichten van de Amerikaanse diplomatieke dienst van 1996 tot 2010, gepubliceerd in november 2010.

Digitaal gereedschap

Er is sprake van een exponentiële groei aan openbaar toegankelijke informatie, maar dat iets beschikbaar is, wil nog niet zeggen dat je het ook kan vinden. Van de 251.287 WikiLeaks cables zijn er wellicht enkele honderden met journalistiek relevante informatie. Hoe filter je de interessante data er uit?

Na de WikiLeaks-hype in 2010 leek de uiteindelijke journalistieke relevantie voor velen teleurstellend. Het nieuws concentreerde zich op de vermeende illegaliteit van het platform en de persoon Julien Assange. Maar dat het aantal wereldschokkende publicaties dat er uit voortkwam tegenviel, lag ook aan het feit dat redacties simpelweg niet zijn voorbereid op zulke omvangrijke hoeveelheden informatie. Het verwerken kost tijd.

Wat journalisten nodig hebben is gereedschap. Dat er vraag is naar dergelijke digitale tools bleek ook op de redactie van de VPRO, waar redactieleden van programma’s zoals Tegenlicht en Argos op zoek zijn naar middelen om de kwantiteit te lijf te gaan.

Undercover met sociale media

In onze casus zijn we voornamelijk geinteresseerd in afspraken die worden gemaakt tussen de Nederlandse overheid, Nederlandse multinationals en – laten we zeggen – minder democratische overheden. De WikiLeaks-cables zijn hiervoor een geschikte bron. In de gelekte ambtsberichten staat wie de internationale onderhandelingen voeren en voor welke organisaties zij werken. Ook al zijn enkele van deze namen soms gecensureerd, via slimme Google-searches zijn die wel te achterhalen. Wanneer je de namen hebt, kun je diezelfde mensen vaak ook vinden op de sociale media.

Dat gaf ons de gelegenheid voor een social-media-experiment: de Troll. Een manier om undercover te gaan met sociale media. Je maakt een profiel aan van een fictief personage. Daarbij bepaal je zelf hoe die er uit ziet en waar die werkt, bijvoorbeeld bij Philips of ABN Amro.

Fictief LinkedIn/profiel van Eva de Vries

Eva de Jong

Met de jonge aantrekkelijke ‘Eva de Jong’, project manager van een grote Nederlandse multinational, gingen wij het net op om in contact te komen met haar ‘collega’s’. Met behulp van Eva’s profiel kregen we een idee hoe het netwerk van de ‘BV Nederland’ in elkaar steekt.

De resultaten uit de cables en de sociale media stelden ons in staat om een machtsnetwerk in kaart te brengen: De Powermap. Deze legt verbanden tussen bepaalde personen, gebeurtenissen, tijdstippen, geo-locaties en politieke beslismomenten waardoor zich betekenisvolle patronen aftekenen.

We proberen omvangrijke data, zoals de WikiLeaks cables, overzichtelijker te maken door ze te visualiseren. Net als in Simon Rogers’ geanimeerde kaart van de rellen in Londen worden de verschillende datasets in één beeld gevangen waardoor er zich een verhaal aftekent. De Powermap is interactief en moet gaan functioneren als journalistiek onderzoekstool. De gebruiker kan er mee door de datasets zoeken en zijn bevindingen delen met andere gebruikers.

De Powermap toont een machtsnetwerk aan de hand van personen die in de WikiLeaks-cables voorkomen. De kaart ordent de cables geografisch en chronologisch, zodat in één oogopslag te zien is waar en wanneer zich een gebeurtenis heeft afgespeeld en wie daarbij betrokken was.

In het komend jaar zullen we deze tool gaan ontwikkelen en inzetten bij de totstandkoming van een Tegenlicht-uitzending.

Crowdsourcing

Deze onderzoekstool biedt journalisten de mogelijkheid om het publiek direct bij hun onderzoek te betrekken. Iedereen kan meezoeken en bijdragen. Daarmee wordt het ook een platform voor crowdsourcing. De gezamenlijke expertise van een grote groep mensen met verschillende achtergronden en disciplines is velen malen groter dan de
kennis van het individu – de journalist.

Ook de datastore van The Guardian laat zien dat wanneer duizenden mensen meezoeken omvangrijke documenten opeens een stuk behapbaarder worden.

Maar de aansluiting tussen de nieuwe vormen van journalistiek en de oude is soms nog ver te zoeken. Onze ervaring is dat de dominerende cultuur onder journalisten blijft: “I’ll show you mine, if you show me yours first”, een steeds terugkerend obstakel in ons proces. Bij de publicatie van een persbericht of de presentatie van ons project rees constant de vraag: Wat geven we weg, en wat houden we nog voor ons?

Het dilemma is begrijpelijk. Maar als je vast blijft houden aan de traditionele werkwijze blijft de winst uit nieuwe bronnen beperkt. Bij crowdsourcing gaat het juist om het te allen tijde delen van je informatie. Hoe meer je deelt, hoe meer je er weer voor terugkrijgt.

Nieuwe journalistieke impulsen

Ondertussen verkeert de journalistiek in een crisis. Er zijn inmiddels tien voorlichters en pr-medewerkers op elke journalist, en dat maakt de werkwijze van bedrijven en overheden er niet bepaald transparanter op. Nieuwe impulsen voor de journalistiek en interdisciplinaire samenwerking zijn meer dan welkom.

De projecten in Sandberg@Mediafonds maakten bovenal duidelijk dat het documentairepubliek – vroeger bekend als ‘de kijker’ – niet alleen vermaakt wil worden maar ook wil participeren. Elf jaar na ‘web 2.0’ wordt het misschien wel eens tijd voor ‘documentaire 2.0’.
_____

De Powermap is voortgekomen uit de masterclass ‘Curating Reality’georganiseerd door het Mediafonds en het Sandberg InstituutDit artikel is eerder gepubliceerd in 609, het tijdschrift van het Mediafonds.

Eén reactie

  1. Erg interessant artikel. Dit project knettert van de ambitie en creativiteit. Wel een paar vragen en opmerkingen:

    - Ik snap nog niet helemaal hoe het inzetten van een fictief persoon de onderzoeksvraag kan beantwoorden. Kunnen jullie dat nog iets duidelijker uitleggen? Hoe gaan jullie te werk? Hoe wordt het fictieve personage ingezet? En hoe verzamel je daar de nodige informatie mee?

    - Nog een mogelijk lastig puntje: hoe voorkom je dat je het resultaat een bepaalde kant op kunt sturen? Dat je vooroordelen een te grote rol gaan spelen in een dergelijke analyse. Veel netwerkanalyses hebben dat euvel (en zijn daardoor journalistiek gezien weinig interessant). In een documentaire is het meer geaccepteerd om een positie in te nemen, maar voor een goede nieuwskop is het misschien te activistisch. Of zien jullie dat anders?

    - Met behulp van Eva’s profiel kregen we een idee hoe het netwerk van de ‘BV Nederland’ in elkaar steekt.

    Het lastige van datajournalistiek (nou ja, ik zeg lastig, maar het is in feite een goed punt) is dat alle resultaten als exacte wetenschap worden beschouwd. ‘Waarom is dit 2,49? Ik reken het na en kom op 2,48. Klopt het wel?’ Nu mijn vraag: is ‘een idee’ krijgen van hoe de BV Nederland in elkaar steekt voldoende om echt journalistiek te bedrijven? En hoe voorkom je een enorme stroom aan kritiek van mensen die het onderzoek proberen te reproduceren? Wat maak je precies meetbaar en hoe trek je daar conclusies uit?

    - Maar de aansluiting tussen de nieuwe vormen van journalistiek en de oude is soms nog ver te zoeken.

    Klopt, maar dat wordt gelukkig steeds beter. Veel van dit soort projecten aanzwengelen, goed uitvoeren en aantonen dat het een aanvulling kan zijn op bestaande verhaalvormen.

    - Ondertussen verkeert de journalistiek in een crisis.

    Hier ben ik het erg mee oneens. Crisis? Alleen zolang je dat als medium toestaat. Online zijn de mogelijkheden alleen begrensd door je creativiteit. Data wordt steeds vaker openbaar beschikbaar (hoewel Nederland daar echt ver in achterloopt, maar toch…). En oude businessmodellen zijn klaar om gesloopt te worden. Oude media zien het als crisis, frisse geesten zien kansen. :)

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>