De bijverdienste is de toekomst van de journalistiek

Hoe scharrel je als freelance journalist nog een fatsoenlijk inkomen bij elkaar? In elk geval niet met journalistieke werkzaamheden, constateert Chris Aalberts. Dus moeten freelancers zich erbij neerleggen dat ze hun geld met andere activiteiten moeten verdienen en journalistiek hobbyisme is.

Een jaar geleden ging ik naar een dag voor freelance journalisten, georganiseerd door [De Redactie]. Er waren zo’n veertig freelance journalisten aanwezig. Bij elke presentatie kwam dezelfde discussie terug: hoe kun je als freelancer een betaalde boterham verdienen? Velen in de zaal zagen het somber in. Pas in de namiddag kwam het verlossende woord.

Hoe verdien je geld?

‘Natuurlijk is het heel moeilijk om geld te verdienen als freelance journalist. De tarieven staan onder druk en er zijn te veel freelancers’, vertelde een voormalig journalist. Maar hij had de oplossing. ‘Je kunt als freelancer je inkomsten gemakkelijk aanvullen door af en toe een commerciële opdracht aan te nemen. Je kunt een jaarverslag voor een bedrijf schrijven of teksten voor een website. Dat betaalt veel beter dan journalistiek’.

Het was een rare gewaarwording. Iedereen was naar deze dag gekomen om een rendabeler freelance journalist te worden, maar we gingen weg met de mededeling dat we vooral iets anders moesten gaan doen om een normaal salaris te verwerven. Dat kon toch niet de bedoeling zijn?

Wie betaalt?

De discussie over journalistieke verdienmodellen is natuurlijk niet nieuw. Wie betaalt er nog voor journalistiek? Als we deze discussie overzien is het gemakkelijk te concluderen dat er maar één nieuw verdienmodel is: de bijverdienste.

Vroeger betaalde de werkgever de journalist een vast salaris. Dit ouderwetse model is grotendeels afgeschreven: vaste contracten worden nauwelijks nog gegeven. De baas heeft geen geld. Freelance inkomsten vormen een alternatief, maar journalisten bevinden zich op een verziekte markt met minimale tarieven. Te veel aanbod, te weinig vraag.

Journalisten kunnen op zoek gaan naar subsidie, maar dit betreft nooit reguliere journalistiek, de uit te keren bedragen zijn te laag en te incidenteel. Dit is dus geen alternatief. Ook crowdfunding lijkt afgeschreven. Met heel veel marketinginspanningen is er wel geld te halen bij het publiek, maar meestal kost het een onevenredige hoeveelheid tijd om genoeg geld binnen te halen.

Wat resteert?

Sommigen worden wanhopig van deze situatie, zoals op de dag van de freelance journalisten waar velen niet wisten hoe ze normaal moeten rondkomen. Maar eigenlijk is die wanhoop vreemd, want het is heel duidelijk wat het nieuwe journalistieke verdienmodel is: tegen te lage tarieven of gratis werk leveren en je inkomsten uit andere bronnen halen.

Bij de dag voor freelance journalisten was dit de belangrijkste en eigenlijk ook enige tip om een bestaan als freelance journalist op te bouwen. Ook slecht betaalde freelancers doen dit regelmatig. Ze kunnen zich uitleven in de journalistiek en vullen hun lage inkomsten een dag per week aan met werk dat in de markt veel hogere tarieven kent en wat niet eens totaal oninteressant hoeft te zijn.

Bijverdiensten hoeven niet uit de journalistiek te komen. Al veel langer bestaat de opiniemaker die gratis voor allerlei media schrijft en tegelijk een vaste baan heeft als docent of onderzoeker bij bijvoorbeeld een universiteit. In de bloggerscultuur is dit zelfs zeer gewoon.

Bij deze mensen is de verhouding tussen het geld wat ze met journalistiek verdienen en wat ze uit andere werkzaamheden krijgen nog vele malen schever: ze krijgen vaak bijna al hun inkomsten uit hun reguliere baan. Journalistiek is voor hen de ultieme bijverdienste.

Is dit erg?

Sommigen van u zullen zeggen dat ik hierboven een zeer globale definitie van journalistiek hanteer. Een blogger is geen journalist, een opiniemaker is geen journalist en onderzoeksjournalistiek wordt door beiden niet bedreven. Dat is waar, maar dat miskent dat de overeenkomsten tussen al deze groepen groot zijn. En ook de meeste ‘echte journalisten’ bedrijven geen onderzoeksjournalistiek.

De bijverdienste als toekomst van de journalistiek heeft voors en tegens. De belangrijkste tegenwerping gaat over onafhankelijkheid: de hogeschooldocent – zoals ik – zal hogescholen niet bekritiseren, de journalist die in het weekend een jaarverslag schrijft zal dat bedrijf niet snel aanpakken. Maar gelukkig kunnen zij wel over vrijwel alle andere thema’s schrijven.

Natuurlijk kunt u ertegen protesteren, maar het is misschien slimmer te accepteren dat dit gewoonweg het nieuwe verdienmodel is.

Chris Aalberts verdient geld met onderwijs en met journalistiek.

Chris Aalberts –

Chris Aalberts is docent en onderzoeker politieke communicatie.

Alle artikelen van Chris Aalberts op De Nieuwe Reporter.

  • Een optie miste ik nog: je kunt een partner trouwen die je in staat stelt je onderbetaalde hobby te financieren.
    Je moet wel erg gemotiveerd zijn om de journalist te blijven uithangen, als daar geen fatsoenlijke vergoeding tegenover staat.
    Ik zag de mogelijkheden voor buitenlandse journalisten al vroeg afnemen (ik was tot rond 2009 buitenlandcorrespondent in Shanghai en richtte daar de foreign correspondents club op). Ik heb toen met een collega het China Speakers Bureau opgericht, dat lezingen voor China experts helpt organiseren voor grote bedrijven en internationale instellingen).
    Maar geen haar op m´n hoofd die eraan denkt om gratis of voor een fooi nog verhalen te gaan schrijven. Een commercieel traject vraagt ook om een focus, dat kun je er niet zomeer bij doen, naast een journalistieke hobby.

  • karel

    Toch jammer dat bijna al de stukken over freelancers over de schrijvende journalist gaat….Ik mis alleen nog het geklaag over ‘cent per woord’ ….

  • @Fons Tuinstra

    Ja, die optie hoort ook zeker in het rijtje thuis. Eens.

  • Mooie vraag. Om mensen voor te bereiden op serieus journalistiek ondernemerschap start VersPers.nl in september de vakschool Open Eyes.
    Zie: http://www.verspers.nl/artikel/home/9143/open-eyes/#.U75X0Ki_dbo

  • Peter Schlingemann

    Een jaar geleden was specialisatie nog het toverwoord. Is dat inmiddels ook al een gepasseerd station?

  • Leuke verhalen over een nieuwe focus op commerciële opdrachten. Foute boel, want 1) die markt is ook verziekt door mensen die voor een appel en een ei wel een foldertje willen schrijven. Omdat commerciële ondernemers het niet gemakkelijk hebben kiezen die ook steeds vaker voor kwantiteit in plaats van kwaliteit. ook commercieel is beslist geen vetpot. 2) Je moet wel ondernemer zijn om die markt aan te boren. Veel journalisten kunnen prachtig schrijven, maar hebben van zaken zoals acquisitie en marktbenadering geen verstand. Die krijgen dus geen commerciële opdrachten binnen.

  • Bram Diepstraten

    Markten veranderen. Ondernemers moeten daar op inspringen in meebewegen. Dat geldt in iedere branche, ook de journalistiek. Waar is de durf in het ondernemerschap die journalisten wel in hun werk stoppen. Ze begeven zich in oorlogsgebieden, bijten zich vast in een onderwerp en jagen bronnen na. Een goede journalist krijgt een redelijke prijs voor zijn of haar werk. En ja, als de vraag minder wordt en het aanbod blijft gelijk, komen tarieven onder druk te staan. Ook freelance adviseurs, projectmanagers, interim managers en zorgverleners hebben met economische wetten van de markt te maken. Dat is niet altijd leuk. Goed nieuws en onderzoeksjournalistiek verkopen wel degelijk. Er zijn voldoende media (print en online) die dergelijk nieuws nog altijd brengen. Voor professionele journalistiek is nog steeds ruimte! Dat journalistiek steeds meer een bijverdienste zou worden of verschuift naar de hobbysfeer vind ik totale flauwekul. Snel scoren wordt inderdaad moeilijker en dat is eigenlijk maar goed ook. We moeten gewoon wat meer moeite doen.

  • Pingback: Innovatief journalistiek idee | Max Pijnenburg()

  • Pingback: Innovatief journalistiek idee | PijnenburgMax_272401_2012()