Mediapart: online onderzoeksjournalistiek gefinancierd door abonnees

Een start-up kan je het nauwelijks nog noemen, want Mediapart bestaat inmiddels al zeven jaar. Het is een voorbeeld van een succesvol digitaal journalistiek medium dat gefinancierd wordt met abonneegelden. Andrea Wagemans deed voor haar scriptie onderzoek naar dit eigenzinnige journalistieke project.

De Franse journalistieke start-up Mediapart laat zien dat er geen excuus is om niet in lijn met je idealen journalistiek te bedrijven. De belangrijkste verdienste van deze online krant, die in 2007 mede werd opgericht door voormalig Le Monde hoofdredacteur Edwy Plenel, is dat alle redactionele beslissingen op inhoudelijke basis worden gemaakt.

In 2005 vertrok Plenel bij Le Monde toen deze in handen kwam van investeerders. Laurent Mauduit, adjunct-hoofdredacteur onder Plenel, bleef daarna nog een jaar bij Le Monde als redacteur, maar nam ontslag toen zijn onderzoeksverhaal over een van de investeerders niet werd gepubliceerd. In 2006 werd ook Libération overgenomen door investeerders en sloot hoofdredacteur François Bonnet zich aan bij het Mediapart-project.

Tegenhanger van gevestigde media

Het doel was het creëren van een nieuwe, onafhankelijke journalistiek als tegenhanger van de Franse media die in toenemende mate het bezit werden van investeerders wier voornaamste bezigheid niet de journalistiek is. Mediapart past daarmee in een trend onder journalistieke startups in Frankrijk – zoals Contexte, Brief.me en Hexagones – die hun voornaamste inkomsten halen uit abonnementen en geen advertenties plaatsen op hun medium. Eind 2014 telde Mediapart zijn 100.000ste abonnee.

Na een moeilijke start scoorde Mediapart in 2010 groot met de Bettencourt-affaire, waarbij het online medium opnames van persoonlijke telefoongesprekken publiceerde (waar Le Monde en Nouvel Observateur van afzagen) waaruit bleek dat de UMP – de politieke partij van Nicolas Sarkozy – illegale donaties had ontvangen. Dit leidde uiteindelijk tot het vertrek van Eric Woerth als penningmeester van de UMP en minister van Arbeid.

Ook al wekt de aanpak van Mediapart de suggestie van volledige redactionele onafhankelijkheid, tijdens de interviews met de journalisten van Mediapart gaf een van hen toe dat ook zij enigszins hebben moeten inschikken in hun werkwijze. Toen hij in 2008 als politiek verslaggever begon bij Mediapart waren er drie principes: net zoveel mannelijke als vrouwelijke bronnen opvoeren, geen peilingen gebruiken en alle gesprekken on the record voeren. Op dat laatste punt moest hij toch al snel compromissen sluiten: “we proberen nu minstens 70% van de citaten die we gebruiken in een artikel aan een bron toe te schrijven.”

Geen website, maar een online krant

Mediapart is volgens de oprichters nadrukkelijk een online krant, maar verschijnt anders dan een krant drie keer per dag. Concreet betekent dit de vernieuwing van de homepagina van de website. Die bestaat uit koppen, foto’s en eerste alinea’s van artikelen. De volledige artikelen zijn alleen toegankelijk via een abonnement van negen euro per maand.

Door het verdienmodel dat primair steunt op abonnementsgeld, spelen financiële afwegingen geen rol in de publicatie van artikelen. Ze hoeven immers niet miljoenen page views te halen om adverteerders aan te trekken. Het succes met abonnementen stelt de onderneming in staat een fonds op te richten dat uiteindelijk voor volledige financiële onafhankelijkheid zorgt. Met dat fonds zullen de investeerders, die gezamenlijk nu een minderheidsaandeel hebben, worden uitgekocht zodat de online krant volledig in handen komt van haar lezers en oprichters.

Ook stelt het verdienmodel de krant in staat te investeren in onderzoeksjournalistiek. Hoofdredacteur François Bonnet heeft de luxe journalisten langere tijd aan een onderwerp te laten werken, omdat het redactiebudget minimaal een paar maanden vaststaat. Mediapart heeft veel meer abonnees dan de meeste media adverteerders hebben. De kans dat al die abonnees tegelijkertijd weglopen, is daarmee veel kleiner dan dat een groot deel van de advertentie inkomsten plots wegvalt door het vertrek van een prominente adverteerder.

Het logo van Mediapart.

Het logo van Mediapart.

De journalisten krijgen veel tijd voor hun onderzoek en zijn bijna volledig vrij in hun onderwerpkeuze, zolang deze origineel is. Zij zijn bovendien niet gebonden aan een maximaal aantal woorden voor hun artikelen, waardoor Mediapart vermoedelijk al longreads publiceerde voordat het woord gangbaar werd. Hoofdredacteur François Bonnet geeft hen naar eigen zeggen zoveel ruimte als zij denken nodig te hebben.

Het medium van Edwy Plenel

De vraag is of dit verdienmodel haalbaar is voor andere journalistieke start-ups. De charismatische persoonlijkheid van Edwy Plenel en de reputaties van Plenel, Mauduit en Bonnet stelden Mediapart in staat een gevoel van gemeenschap te creëren met een hoge zichtbaarheid en geloofwaardigheid.

De oprichter van een andere Franse start-up, brief.me, vertelde in een interview voor dit onderzoek vrijwel zeker te weten dat niet alle Mediapart abonnees de online krant ook dagelijks lezen. Maar het is een medium waar mensen bij willen horen – met een missie die mensen willen ondersteunen: “het redden van de journalistiek”, zoals een van de Mediapart-journalisten het stelt. Dat is volgens een andere journalist ook de reden dat mensen blijven betalen voor de verhalen, ook al worden ze na publicatie vaak al snel door andere sites overgenomen, waardoor de inhoud ook gratis beschikbaar komt.

Voor start-ups met een vergelijkbare uitgangspositie, die net als Mediapart zijn opgezet rondom een aansprekende, bekende persoonlijkheid, biedt het dus mogelijk kansen.

Echter, zonder de miljoenen die de oprichters gezamenlijk uit eigen zak hebben geïnvesteerd, was Mediapart nooit van de grond gekomen. Voor het produceren van content zijn journalisten nodig, dus bij de lancering bestond het team uit 25 journalisten – en dit kost geld. Geen enkele investeerder durfde destijds de vingers te branden aan het experimentele verdienmodel. Vrijwel alle media-experts waren ervan overtuigd dat het model van betaalde content online nooit zou werken. Inmiddels laten verschillende media zien dat mensen best bereid zijn te betalen voor verhalen.

Op 16 juni spreekt Mediapart-oprichter Edwy Plenel op de Grote Expertisedag Nieuwe Media. Kijk op de website van het Expertisecentrum Journalistiek voor meer informatie.

Journalistieke start-up cultuur
Bovenstaand artikel is gebaseerd op het scriptie-onderzoek van Andrea Wagemans. De volledige scriptie is hier onder te lezen. Het onderzoek naar het Franse Mediapart is onderdeel van een het ‘Beyond Journalism’-project onder leiding van Mark Deuze (UvA) en Tamara Witschge (RUG), waarbij studenten case studies doen naar verschillende journalistieke start-ups over de hele wereld. Zie ook de database voor onafhankelijke journalistiek MultipleJournalism.org waar verschillende casusessen van dit project worden gepubliceerd.

Masterscriptie Andrea Wagemans over Mediapart by denieuwereporter

Andrea Wagemans (met Mark Deuze) –

Andrea Wagemans deed de master Journalistiek aan de Universiteit van Amsterdam en is redacteur voor RUIMTEVOLK.nl. Mark Deuze is hoogleraar Journalistiek aan de UvA.

Alle artikelen van Andrea Wagemans (met Mark Deuze) op De Nieuwe Reporter.