Waarheid en propaganda (2)

Hoe beelden in de media kunnen liegen en bedriegen

fotomontage-von-martin-szwed-am-suedpol

Het weekblad Die Zeit publiceert en serie over ‘waarheid en propaganda’. Voor DNR geeft Anneke van Ammelrooy een samenvatting van elke aflevering. In deel 2: hoe beelden in de media en op internet vaak keihard liegen.

Beeldredacties hebben het tegenwoordig maar moeilijk. Is er niet geknoeid met deze foto of video? Gaat het niet om een al te suggestieve uitsnede? Te dramatische kleuren? Is deze video niet in scène gezet? Is het gesprek dat je hoort, wel echt?

Elke redactie beweert braaf alert te zijn op gemanipuleerde foto’s en video’s. Maar een freelance fotograaf stelt onomwonden: “Als wij een onbewerkte foto insturen, worden we uitgelachen… op elke redactie.”

De foto’s van de dode Osama Bin Laden, die kort na zijn liquidatie op internet circuleerden, werden snel ontmaskerd als fake. Drie tekstredacteuren van Die Zeit noemen deze foto’s en enkele andere spraakmakende voorbeelden, van wat er allemaal kan gebeuren in het Photoshoptijdperk.

De foto van de gedode Osama Bin Laden die op internet circuleerde, was samengesteld uit twee foto's.

De foto van de gedode Osama Bin Laden die op internet circuleerde (rechts), was samengesteld uit twee foto’s.

World Press Photo

Beeldmanipulatie heeft de hoogste regionen bereikt, zoals de 22 finalisten van de 2015 World Press Photo-competitie, die op het laatste moment werden uitgesloten ‘wegens toegevoegde of verwijderde details’ dan wel omdat ze weigerden ter verificatie de originelen van hun werk op te sturen.

Die Zeit sprak met enkele juryleden die “verbijsterd” waren, die zeiden “je kan het niet geloven” en die allemaal achter hun besluit bleven staan, ondanks alle begrip voor de concurrentiedruk waaronder fotografen moeten werken. Om zo’n debacle en erger in de toekomst te voorkomen stelde de jury van World Press Photo voor dat de beroepsgroep de discussie over ethiek en praktijk aangaat.

Een overbodig advies omdat dat debat al lang onder fotografen en op redacties woedt, op scholen voor journalistiek en bij World Press Photo zelf.

Subjectieve foto’s

Het bewerken van foto’s bestaat al zo lang de fotografie bestaat, retoucheren was zelfs een beroep in low class fotowinkels zoals in mijn dorp Zeelst. Natuurlijk ging dat over wratten en melodramatische schaduwen.

Maar in de fotojournalistiek, bij nieuwsfoto’s waren er grenzen. Eigenlijk moest over retoucheren niet kleinzerig gedaan worden, vond men héél vroeger, behalve wanneer bijvoorbeeld een dictator zoals Stalin opdracht gaf zijn tegenstanders te deleten op foto’s van historische gebeurtenissen.

Want, alles welbeschouwd, zo vraagt ook Die Zeit zich af, is een foto, zelfs een ongeshopte, niet net zo subjectief als een tekst? De fotograaf kiest tijdstip (een splitsecond), locatie, invalshoek, voorgrond, achtergrond, uitsnede, lichtinval, cameralens, kleur of zwartwit, en nog veel meer.

Manipulatiewaarschuwing

Een fotograaf mag dan ook al vele jaren van redacties in de regel aan allerlei beeldelementen sleutelen, vooral als hij voor een medium werkt dat een bepaald type foto’s wil, of als hij inmiddels de reputatie heeft – juist dankzij bewerking – een ‘eigen stijl’ ontwikkeld te hebben. Bij gemanipuleerde foto’s zet Die Zeit zelf in het onderschrift braaf [M] (van manipuliert) – alsof alle lezers dan weten waarvoor gewaarschuwd wordt.

Ook de Zeit-redacteuren vinden dat eigenlijk niet voldoende. En bij beelden van fotografen die inmiddels de rang van kunstenaar hebben, vermeldt het weekblad bijvoorbeeld ‘Angela Merkel, gesehen von Anatol Kotte’. Misschien ook een wat te lafhartige, grijze oplossing.

Een precair vertrouwensmodel

De redacteuren van het Hamburgse weekblad gingen langs bij Ellen Dietrich, de eigen cheffin van de tien man sterke beeldredactie. “Voor zover ik weet,” zegt Dietrich, ‘is Die Zeit nog nooit in het werk van fotovervalsers getrapt’.

De slag om de arm is betekenisvol om twee redenen:

  1. Dietrich gaat uit van vertrouwen, Die Zeit werkt al jaren samen met bepaalde freelance fotografen, ze zou haar “hand voor hen in het vuur steken”.
  2. En Die Zeit gebruikt foto’s van het Duitse persbureau DPA dat elke dag rond de tweeduizend foto’s van zijn tachtig fotografen in vaste dienst en andere bronnen de wereld instuurt, foto’s die toch ook wel gefilterd zullen worden op waarheid en te veel verwijderde of toegevoegde details – mag je aannemen. Nee dus.

Manipuleren voor levensonderhoud

De Zeit-redacteuren gingen langs bij drie vertrouwelingen van bekende, commercieel succesvolle Duitse publicaties. Een ontnuchterende ontmoeting. Om te beginnen wil geen van de drie fotografen met zijn/haar echte naam in het verhaal.

Dan zegt ‘Niklas’: “Als wij een onbewerkte foto insturen, worden we uitgelachen. Door elke jury, door elke redactie.”

‘Pedro’ voegt eraan toe: “Ik bedrieg niet. Maar ik ken er wel die het doen. Uit concurrentieoverwegingen.”

De Zeit-redacteuren schrijven: “We dachten dat we bij dit thema op … tegenstanders van vrijhandel of vrienden van de wapenindustrie zouden stoten… die beelden stileren om meningen te veranderen. Maar de meeste professionele fotoreporters bekommeren zich niet om de grote politiek. Ze geven om hun levensonderhoud.”

Niet bepaald een garantie voor waarheid: je kan ervoor kiezen niet te rommelen met foto’s omdat je, als het uitkomt, “van hoogverraad wordt beschuldigd” en een paria wordt, of je kan ervoor kiezen wél te rommelen, al of niet in opdracht, omdat het goed is voor je bankrekening. Dan hebben we het nog niet over de derde en vierde optie gehad: ge-copyright beeldmateriaal dat door derden ongevraagd en illegaal wordt bewerkt en misbruikt om meningen te veranderen, of om in alle onschuld lollig, behulpzaam te zijn.

Fotomanipulatie op de Zuidpool

Dat laatste overkwam dit jaar Martin Szwed die in recordtempo naar het middelpunt van de Zuidpool gerend was. Zo’n beoefenaar van extreme sporten “leeft van publiciteit”, maar helaas lukte het hem niet zich op het moment suprême met zijn mobiel bij het paaltje ‘Welcome to the South Pole’ te vereeuwigen. Daarom photoshopte een naïeve fan van Szwed zijn kop en het paaltje bij elkaar en stuurde dat het internet op.

De gephotoshopte foto van Martin Szwed met het bord 'Welcome to the South Pole'.

De gephotoshopte foto van Martin Szwed met het bord ‘Welcome to the South Pole’.

DPA gebruikte de portretfoto en trok hem pas veel later terug.

De gemanipuleerde foto van Martin Szwed werd later door het Duits persbureau DPA teruggetrokken.

De gemanipuleerde foto van Martin Szwed werd later door het Duits persbureau DPA teruggetrokken.

Op de bank thuis vertelt Szwed de Zeit-redacteuren over zijn val. Hij vermoedt dat een van zijn sponsors de domheid heeft begaan (de hoofdsponsor ontkent, Szwed zou de foto zelf gestuurd hebben) en er zou in het onderschrift vermeld zijn ‘composing‘ (verkeerd Duits Engels voor composition, montage) – net zoals het [M] van Die Zeit een dubieuze manoeuvre in het licht van wat we weten over de psychologie van een doorsnee fotokijker (wie leest de credits alvorens naar het beeld te kijken?).

Szwed is geruïneerd: er wordt nu aan al zijn recordprestaties getwijfeld. “Zijn hele leven is nu voorzien van het etiket ‘zogenaamd’.”

Eenmaal verketterd op internet kunnen mensen als Szwed waarschijnlijk beter een andere naam, een nieuw beroep kiezen, een psychotherapeut in de arm nemen. Niemand lijkt geïnteresseerd in de ware toedracht.

Oplossing: een gang naar de rechtbank met veel mediatamtam, maar vermoedelijk alleen aan te raden als je geld hebt voor een internet-streetwise advocaat. Maar dan nog: niemand kan aangeklaagd worden als het om een domme, anonieme fan van een Zuidpool-marathonrenner gaat. Of mogen de sponsor en DPA aangeklaagd worden voor goedgelovigheid?

DPA: maar enkele seconden tijd

Dergelijke persoonlijke tragedies hebben ze nog nooit meegemaakt bij DPA. De Zeit-redacteuren krijgen een rondeleiding door overlever Peter Grimm (nomen est omen?) , baas beeldredactie van DPA, dagelijks sportend door een gang van 150 meter (lengte van drie wedstrijdzwembaden) met hyperalerte beeld- en tekstredacteuren achter hun beeldschermen, 52 jaar oud, in “het jeans-colbertje uniform van journalisten”.

Hij geeft toe, door de honger van een bont leger media naar foto’s, foto’s, foto’s heeft zijn 24/7 team meestal maar enkele seconden de tijd om ze op waarheid te beoordelen.

Een bekentenis van jewelste, maar Grimm ratelt “vrolijk” verder. Natuurlijk kan ook DPA de verleiding niet weerstaan om beelden door te geven van volslagen amateurs, goede burgers en ramptoeristen (maar misschien ook Poetinfans, bevooroordeelde Duitse establishmenthaters), die al ter plekke zijn “als de vaste fotograaf van dienst nog onderweg is op de Autobahn“. Grimm antwoordt “daarop aangesproken” alleen nog “eenlettergrepig”. Grimm “wekt de indruk bang te worden, we begrijpen dat wel”. Eén foute foto, “en nog maanden later lijdt de reputatie van zijn DPA daaronder.”

Voor de hand liggende oplossing: de druk van de fotohongerige media af en toe bij gevoelige nieuwsitems negeren en eerst checken. Dat hoeft toch niet al te duur te zijn? Of moeten we eerst bewijzen dat waarschijnlijk ook bij DPA ongelooflijk veel tijd besteed wordt aan mentaal ontbijten bij aankomst op de werkplek, koffieleurken, flirten, cynische grapjes, wc-bezoek en nutteloze vergaderingen en beleidsdocumenten zoals in ons poldermodel?

DPA is nooit partij in rechtszaken geweest, nog niet. Maar die tijd zal komen.

Hany Farid, beroep: extreme fotochecker

Leuk uitstapje voor de Hamburgers van Die Zeit: bezoek aan Hany Farid in zijn sobere kantoor in Dartmouth College in de buurt van Boston, broeiplaats van veel verkeerd maar soms ook briljant talent (Harvard, Tuft’s University). Ik was er ooit, even no comment.

Hany is 49 jaar oud. Gevraagd naar zijn favoriete fotograaf, kan hij niet op een naam komen. Hij is niet geïnteresseerd in explosief mooi beeld, maar in data.

In het bijzijn van de leergierige Duitsers opent hij zijn mailbox. Aanvragen van Amerikaanse politie- en justitie-autoriteiten, van vijfsterren-fotoredacteuren en de bekendste Amerikaanse persbureaus. Hany onderzoekt de toegestuurde foto’s op digitale vingerafdrukken van manipulerende daders.

Een demonstratie volgt met een foto van een vrouw die aan een tafel zit en glimlacht.

Hany typt:
~/Documents/Narmer/Work/book/ photoForensics/misc/code/ jpegQuantTables./quantTables ~Desktop/photo_psd.jpeg.
ENTER.
Cijfers rollen over zijn scherm.
22223456
22223456
22224579
222457912
33458101212
… enz.

“Dit is de digitale vingerafdruk van het beeld”, legt de digital-image-misdaadonderzoeker uit. De getallen geven informatie over gebruikt cameratype (in dit geval een iPhone 4S), bewerkingssoftware (hier Photoshop) en leveren indicaties voor eventuele opvallende dingetjes.

Hany leest ze en kan de Zeit-redacteuren uiteindelijk meedelen: deze glimlachende vrouw heeft echt bestaan.

Hany heeft zijn computer leren zien; zijn pc analyseert lichtreflecties, schaduwen en nog veel meer. Houd die Hany in de gaten “want nog een paar jaar werk, hoopt Hany, en dan zal hij software op de markt brengen waarmee iedereen vervalsingen herkennen kan.”

Hany maakt een terechte filosofische opmerking: “We kunnen geen enkel beeld vertrouwen, maar onze ogen kunnen we ook niet vertrouwen.”

Liegen op z’n Ikea’s

Als uitsmijter melden de auteurs van de reportage over leugenachtige foto’s dat in de Duitse actuele 2015 catalogus van Ikea “driekwart van alle foto’s, van de alleenstaande stoel tot compleet ingerichte keukens”, door de computer gefabriceerd zijn, nou ja, door al of niet voormalige fotografen die ooit voor Ikea werkten. “Ze zijn van kamp veranderd. Ze zitten alleen nog voor hun beeldscherm.”

Hany waarschuwt: nog even en dan kan elk beeld op de computer bedacht worden. Dat wisten we toch al na kinderfilms als E.T.? Maar de Zeit-redacteuren reageren daarop een beetje kinderlijk: “Misschien zal de grens tussen waarheid en leugen op een vaag moment verdwenen zijn.”

Lees ook deel 1 in deze serie: De vijfde macht op internet brengt de geloofwaardigheid van de journalistiek aan het wankelen.

Anneke van Ammelrooy

De Nederlandse journaliste Anneke van Ammelrooij werkt en woont een groot deel van het jaar in Irak.

Alle artikelen van Anneke van Ammelrooy op De Nieuwe Reporter.