Een wet die verbiedt om agenten herkenbaar in beeld te brengen is juridisch onnodig

Deze week nam de Tweede Kamer een motie aan om te verbieden dat agenten herkenbaar in beeld komen. Zo’n wet is juridisch gezien helemaal niet nodig, meent internetjurist Arnoud Engelfriet.

De Tweede Kamer vindt dat politieagenten voortaan niet meer herkenbaar in beeld mogen worden gebracht, las ik bij het AD. Men spreekt zelfs van het tegengaan van ‘treitervloggers’ die kennelijk agenten hinderlijk volgen. Maar de motie, die oproept tot een wetsvoorstel, gaat verder dan dat: agentenportretten mogen dan niet meer worden uitgezonden waar dan ook zonder blur. Ik zie niet hoe dat juridisch moet gaan werken.

De zorg van agenten snap ik, en ik zie zeker ook dat het echt irritant is om achterna gezeten te worden door een hijgerig typ met een GoPro op zijn hoofd die hoopt op een Dumpert-scoop. Maar een regel schrijven die dát verbiedt maar gewone journalistiek (“informatiegaring”) toestaat, lijkt me nog een hele kluif.

Portretrecht

Eerlijk gezegd zie ik als jurist ook het probleem niet helemaal. Agenten hebben gewoon portretrecht, en al sinds 2005 weten we dat dat in principe betekent dat agenten moeten worden geblurd bij uitzending van beelden van hun werk. De persoon onder die pet doet voor het nieuws zelden ter zake, is daarbij de gedachte. Dat de politie iets raars zou doen, moet kunnen worden getoond, maar zonder identificatie van de specifieke persoon.

Natuurlijk, voor portretrecht moet die agent zelf naar de rechter. Dat is een civiele claim, dus dat kan duur en tijdrovend zijn. Maar je zou als werkgever – de politie – kunnen zeggen, wij betalen en regelen dat. Stukje goed werkgeverschap, en ik weet dat het ook al wel gebeurt. In theorie zou je zelfs als Openbaar Ministerie kunnen zeggen, we stoffen artikel 35 Auteurswet af: dat stelt strafbaar het zonder recht openbaar maken van iemands portret. Dan kan het OM dat gedoe op zich nemen en is de individuele agent verlost van het gedoe.

Belangenafweging

Het belangrijkste is echter dat al die regels een belangenafweging ingebouwd hebben. En dat mis ik in dit kabinetsvoorstel. Als er gewoon goede redenen zijn om een agent herkenbaar in beeld te brengen, dan moet dat mogen. Dan wint de uitingsvrijheid het van de privacy. Dat geldt voor burgers, dus waarom niet voor de politie. Dus nee, hier zie ik totaal geen heil of noodzaak in.

Natuurlijk, het wetsvoorstel kan gewoon ook die belangenafweging hebben maar dan staat er hetzelfde als nu bij het portretrecht geldt: het mag niet tenzij een ander belang zwaarder weegt. Dat lijkt me weinig nuttig.

Dit artikel is eerder gepubliceerd op het weblog van Arnoud Engelfriet, waar hij regelmatig blogt over ICT-recht.

Arnoud Engelfriet –

Arnoud Engelfriet is ICT-jurist, gespecialiseerd in internetrecht.Hij werkt als partner bij juridisch adviesbureau ICTRecht.

Alle artikelen van Arnoud Engelfriet op De Nieuwe Reporter.