Constructieve journalistiek maakt de journalist tot therapeut en dominee

Er waait een wind van de blijde boodschap door de Nederlandse journalistiek, de zogenaamde “constructieve journalistiek”. Deze vorm van journalistiek zal ons allemaal opbeuren door een einde te maken aan het zuur dat onze samenleving vergiftigt. De journalist wordt therapeut en dominee en gaat op zoek naar een positieve invalshoek en een hoopgevend einde voor zijn reportage. Het nieuws moet de samenleving zoet maken en zoet houden, het nieuws wordt onze fopspeen, meent Jan van Groesen.

De belangrijkste vragen die een journalist stelt waren tot nu toe: wie, wat, waar, hoe en wanneer? Met geen ander doel dan het publiek zo goed mogelijk te informeren. De traditionele journalist neemt daarbij belangrijke kernwaarden in acht, zoals hoor en wederhoor. Daarvan moet de constructieve journalist echter helemaal niets weten. Voor de constructieve journalist is één vraag de belangrijkste: wat nu? Want er is altijd hoop. En zonder hoop is het nieuws niet te verdragen.

Dit is geen grap, maar om te huilen. Want de constructieve journalistiek is door de journalistenopleiding van Hogeschool Windesheim in Zwolle verheven tot het speerpunt van de opleiding. Nieuwe kansen voor de dominee. Maar wel ten koste van de onafhankelijke kritische journalist, die bericht over wat hij observeert zonder zich eerst af te vragen of het om iets positiefs of negatiefs gaat, laat staan zich bekommert om een antwoord op de vraag “Wat nu?”.

The science of good news

De goeroe van de constructieve journalistiek, “the science of good news”, is Cathrine Gyldensted.  Ze was voorheen verslaggever en correspondent in de VS van de publieke omroep in Denemarken. Tijdens haar verblijf in Amerika volgde ze een jaar lang een masteropleiding Toegepaste Positieve Psychologie aan de universiteit van Pennsylvania. Haar stelling is:

“Artikelen met een positieve invalshoek en een hoopgevend einde, worden beter gedeeld door de sociale media”.

Het gedachtegoed van Gyldensted is niet alleen omarmd door Windesheim, men heeft Gyldensted per 1 december 2015 zelfs benoemd tot ‘director of constructive journalism’. De PR van Windesheim heeft het over een geheel nieuwe richting in de journalistiek en gebruikt daarvoor met trots de term omdenken.  Als eerste en tevens enige journalistenopleiding in de wereld, heeft de Zwolse hogeschool nu haar onderwijsmodule volledig op deze constructieve journalistiek geënt.

Wat is de bedoeling?

De uitvinders en de beoefenaren van constructieve journalistiek hebben zelf nogal wat moeite om helder aan te duiden wat nou precies de bedoeling is. Gyldensted zelf spreekt van het vernieuwen van de journalistiek door middel van gedragswetenschappelijke elementen als “positive psychology, prospective psychology and moral psychology”, waardoor de journalistiek meer toekomst- en oplossingsgericht zal worden. Maar wat dit betekent voor het praktische handwerk van de journalist, blijft in nevelen gehuld.

Wat de voorstanders in navolging van Gyldensted wel zeker weten is dat constructieve journalistiek niet bedoeld is om alleen maar het goede nieuws te brengen, zoals onlangs weer bleek uit een verhaal in NRC Handelsblad onder de kop Geen goednieuwsshow. Deze mantra wordt telkens weer uitgedragen zodra het onderwerp wordt aangesneden. Verkeerde beeldvorming moet kennelijk snel worden bezworen.

In de journalistieke wereld heerst dan ook verwarring over wat nu precies met constructieve journalistiek wordt bedoeld. Voor sommigen is het slechts een kopie van traditionele journalistiek, maar dan in andere bewoordingen. Anderen menen dat de benaming constructieve journalistiek een contradictio in terminis is. Immers, het is geen taak van professionele, onafhankelijke journalistiek om actief te zoeken naar oplossingsgerichte constructies.

Wie de ietwat zweverige, psychologische inbreng in constructieve journalistiek op zich laat inwerken, krijgt de indruk dat het hier niet gaat om een vorm van journalistiek, maar om een therapie of een vorm van geestelijke begeleiding die de mens optimistischer en minder sceptisch zou moeten stemmen. Bevestiging hiervan kan worden gevonden in het Handboek voor Positieve Psychologie dat dit leermodel vooral geschikt acht voor toepassingen in de geestelijke en algemene gezondheidszorg.

Kribbebijterij

Is hier onverhoopt toch journalistiek aan de orde? En in welke vorm dan?  Om daar achter te komen zou het helpen als Windesheim en/of Catrine Gyldensted eerst een grondige en wetenschappelijk verantwoorde analyse hadden gepresenteerd van de crisis in de hedendaagse journalistiek. Constructieve journalistiek is immers bedoeld als antwoord op die crisis. Maar zo’n analyse is er niet. Wat doet een hogere journalistenopleiding dan besluiten om het curriculum op een totaal andere leest te schoeien?

Het zou al een goed begin zijn geweest als de vermeende verzuring van de Nederlandse samenleving door Windesheim in feitelijk perspectief zou zijn geplaatst. Uit alle nationale en internationale statistieken blijkt dat een grote meerderheid van de Nederlanders tot de gelukkigste mensen ter wereld behoort. Het is slechts een kleine, maar luidruchtige minderheid die via de sociale media het beeld van kribbebijterij en boosheid etaleert.

Gyldensted zelf komt niet verder dan de constatering dat “de journalistiek wordt gedomineerd door een frame van conflict en negativiteit”. Maar wacht even, is dat wel zo?  Hoewel het geen zorg van de journalist is of zijn bericht als “positief” dan wel als “negatief” moet worden gekwalificeerd, weet iedereen die de nieuwsmedia nauwgezet volgt, dat het bepaald niet alom treurigheid is.

Post-truth-tijdperk

Een grondige analyse van de crisis in de journalistiek is juist erg noodzakelijk nu we in het post-truth-tijdperk zijn aanbeland, waarin nepnieuws en leugens lustig worden rondgestrooid (Brexit, Oekraïne, verkiezingen VS, Donald Trump) en de verantwoordelijkheid van de nieuwsmedia nadrukkelijk ter discussie staat. Geloofwaardigheid en betrouwbaarheid van de journalistiek zijn in het geding en een nationaal debat daarover zou geen overbodige luxe zijn.

Het is niet voor niets dat wetenschappers als Francis Fukuyama waarschuwen tegen de komst van een feitenvrije wereld met dramatische gevolgen voor het democratische systeem. En dan is, in het licht van die grotere realiteit, alle aandacht voor constructieve journalistiek slechts een hype van een gemankeerde diagnose.

Magazine Wat Nu

Het meest recente document dat aan constructieve journalistiek is gewijd, biedt mogelijk het zo gewenste inzicht. Onder de titel “Wat nu?”  heeft Windesheim onlangs een glossy magazine uitgegeven naar aanleiding van de eerste Internationale Conferentie over Constructieve Journalistiek, begin december 2016 in Zwolle.

Het magazine, dat op het eerste oog gemakkelijk kan doorgaan voor het handboek van constructieve journalistiek (liefkozend cojo genoemd), bevat een aantal interviews met mensen uit de internationale journalistiek die tot de “gelovigen” kunnen worden gerekend. De titel “Wat nu?” moet volgens Bas Mesters, directeur van de journalistieke opleiding van Windesheim, worden toegevoegd aan de traditionele journalistieke vragen van wie,wat,waar, hoe en wanneer, “omdat het in de journalistiek altijd begint en eindigt met “wat nu”.

Voor een hogeschool die haar christelijke grondslag volop uitdraagt, is het geenszins opmerkelijk dat in het magazine Doug Wilkes aan het woord wordt gelaten die in de Amerikaanse staat Utah bij zijn media “solutions journalism” heeft geïntroduceerd, waarbij journalisten op zoek gaan naar “betekenisvolle oplossingen in kleine, dagelijkse verhalen”. Wilkes is redactiechef van de krant Deseret News en van KSL Newsradio, beide eigendom van de Kerk van Jezus Christus van de Heiligen der Laatste Dagen, beter bekend als de kerk van de Mormonen.

Vijf pagina’s worden in het magazine ingeruimd voor Stephan Valkenier die in 2016 de prijs won voor de beste afstudeerscriptie van de opleiding Journalistiek van Windesheim. “Hij vertelt hoe hij het licht zag”, vermeldt de omslag van zijn verhaal. Valkenier schrijft over de jonge Groenlander Lars die door een moeilijke thuissituatie alcoholist werd en tweemaal zelfmoord probeerde te plegen. “Maar het verhaal van Lars stopt niet bij deze ellende”, stelt Valkenier , want hij heeft, zoals het een goede constructieve journalist betaamt, de wat-nu-vraag nog gesteld. En wat is daarop het antwoord?  “ Hij (Lars) is christen geworden, hij is nu een leider in de gemeenschap en hij is niet meer aan de drank”. De journalist als therapeut en dominee. Heb je een alcoholprobleem? Wordt christen!

Waarachtigheid in plaats van waarheid

Ernstiger wordt het en voor de journalistiek bedenkelijk als Bart Brandsma aan het woord komt, filosoof en publicist die vaak in religieuze kringen verkeert. Volgens Brandsma kunnen journalisten de stap maken van traditionele journalistiek naar constructieve journalistiek door niet op de polen te focussen maar op de vraagstukken van het midden.

“Bij wijze van voorbeeld: je focust niet op de vraag Is de politie goed of fout? in een item over etnisch profileren, maar op het vraagstuk hoe je als agent je oordeelsvermogen inzet, zonder groepen in de samenleving van je te vervreemden”.

Het is dezelfde Brandsma die elders in een pleidooi voor constructieve journalistiek, het volgende stelt:

“In deze vorm van journalistiek bedrijven staat hoor- en wederhoor, de kern van de traditionele journalistiek, minder centraal. In plaats daarvan wil deze journalistiek verbinding met het midden maken, en op zoek gaan naar constructieve oplossingen, naar hoop, initiatief en verlangen. De berichtgeving wordt minder zwart-wit, wordt minder beoordelend, en focust op mensen die in het midden staan, al dan niet beroepshalve. De waarheid is minder van belang. Er is meer dan één waarheid. In plaats daarvan zal het meer en meer moeten gaan over waarachtigheid”.

Liesbeth Hermans is sinds oktober als eerste lector Constructieve journalistiek in Zwolle werkzaam. Op de vraag Wat doe je daar in die nieuwe functie? zegt Hermans in het magazine:

“Dan zeg ik dat ik als lector leiding geef aan een groep die onderzoek doet naar de gevolgen van het toepassen van elementen uit constructieve journalistiek op het publiek”.

Hermans verwijst naar de late ontzuiling in Nederland en daarmee de late professionalisering van de Nederlandse journalistiek. Zij zegt :

“Na die ontzuiling streefde men juist extra hard naar het behoud van onafhankelijkheid en afstandelijkheid. Dat ging ten koste van de discussie over vernieuwing en leidde tot een loskoppeling met de burgers”.

Het is het herkenbare, modieuze discours over het dichten van de kloof met de man in de straat, dit keer niet vanuit de politiek maar vanuit “de journalistiek”. Tegelijk een pleidooi om de afstandelijkheid die de journalistiek in acht neemt en die van wezensbelang is voor een onafhankelijke en vrije pers, te laten varen.

Onafhankelijke journalistiek

Nergens in het magazine tref je een verwijzing aan naar de opdracht van de journalistiek, namelijk dat de burger moet worden geïnformeerd omdat hij, op grond van artikel 10 van het Europese Verdrag van de Rechten van de Mens (EVRM), recht heeft op onafhankelijke, onbevooroordeelde en onpartijdige informatie.  Dat de vraag “Wat nu” door andere maatschappelijke actoren moet worden gesteld en juist niet door een onafhankelijke en vrije pers, wordt in Zwolle kennelijk niet verstaan.

Duidelijk is het nu wel dat hier geen sprake is van nieuwe journalistiek, maar van een christelijke aberratie van ootmoed met de verzuurde mens, verhuld in een journalistieke onderwijsmodule. Het vormt een gevaar voor de kwaliteitsjournalistiek en voor de rol die zulke journalistiek in een democratie moet spelen. Nu valt ook beter te begrijpen dat Cathrine Gyldensted bij haar aantreden in Zwolle het van Windesheim “gedurfd” vond om met haar concept aan de slag te gaan.

Zie ook de website over constructieve journalistiek van Hogeschool Windesheim.

Dit artikel is eerder verschenen op de website van de Stichting Media Ombudsman Nederland.

Jan van Groesen

Jan van Groesen is voorzitter van Stichting Media-Ombudsman Nederland (MON).

Alle artikelen van Jan van Groesen op De Nieuwe Reporter.

  • Luuk Sengers

    Ik begrijp de hele ophef in Nederland over constructieve journalistiek niet. In de onderzoeksjournalistiek is het al 150 jaar gebruik om problemen aan te kaarten met de bedoeling een oplossing dichterbij te brengen. Er zijn prachtige praktische handboeken voor journalisten die niet in conflicten willen blijven hangen, maar ook bereid zijn oplossingen te onderzoeken. Zowel studenten journalistiek als doorgewinterde onderzoeksjournalisten die ik afgelopen jaren heb mogen trainen, verwelkomen het idee.
    Psychologen hebben aangetoond dat er twéé dingen nodig zijn om mensen te motiveren: een probleem én een mogelijke uitweg. Ik vermoed dat de critici van constructieve journalistiek in Nederland vooral moeite hebben met dat laatste: dat journalistiek gebruikt zou kunnen worden om mensen tot positief handelen aan te zetten. Stel je vóór!

  • Marilou Den Outer

    Ik begrijp dit gestrekte been van Jan van Groesen niet. Waarom laten we de opleiding in Zwolle niet eens even rustig wat experimenteren? Tijdens het congres op Windesheim afgelopen december begreep ik dat het doen van wetenschappelijk onderzoek een van de doelen van de opleiding is.
    Vernieuwing van de journalistiek is hard nodig, wie weet kan constructieve journalistiek er een steentje aan bijdragen. En verder heb ik ook helemaal niks tegen het stellen van de ‘wat nu’ vraag als dat de kwaliteit van een artikel ten goede kan komen.

  • Roy Meijer ロイ マイヤー
  • Bob Lagaaij

    Lees een gemiddelde krant en de niks-aan-de-handerigheid spat van de pagina’s. Al die oplossingsgerichte bijlagen (Hoe koop ik een huis? Hoe kleed ik mijn tuin aan? Hoe voed ik m’n kind op? Hoe reis ik vlot en voordelig naar…) met in het oog springende advertenties om het allemaal (,,met e e n klik”) binnen bereik van de lezer te brengen, laat ik dan maar buiten beschouwing. Moet die ,,hulpvaardige”,”constructieve”en ”opgewekte” toon nu ook al naar de nieuwspagina’s worden geexporteerd? Kortom: Jan van Groesen heeft ouderwets-gedegen volkomen gelijk.

  • Marcel Bregman

    Als lezer en geintereseerde in het wereld nieuws deel ik een hele andere mening over wat deze zogenaamde constructive journalistiek inhoud .
    Kort door de bocht gezien kan men het volgende wel stellen .
    Mee helpen de gentiles ( het klootjes volk ) te leren begrijpen dat er maar één politieke keuze is en als men een andere mening deelt dan wordt men uitgekotst door een heel arsenaal van geallieerde pers bureau’s .
    Dus het leren is eigenlijk indoctrineren en scheiden van meningen .
    Deze vorm heeft niets te maken met het zijn van een priester.
    Wel kan dit worden vergleken , zoals hierboven in het bericht beschreven wordt met het comunisme .
    Waar de leider postief in het nieuws komt en zijn oponenten negatief in beeld worden gebracht , plus de leider heeft altijd gelijk .
    De macht van de pers is al sinds 1900 aan het centreren er zijn slechts enkele vooraanstaande pers bureau’s wereld wijd , en men mag in de handen klappen als men voor dit aantal meer als twee handen nodig heeft om ze op te tellen.
    (Nieuws) wordt rechtsreeks gekopieerd en overzee neergelegd bij het klootjes volk .
    Als men de brand in de reichsdag duitsland bekijkt met open ogen ,
    dan kan men hier een staatsgreep herkenen waarbij pers of bericht geving cruciaal was .
    De Nederlander Joost van de Lubbe werd beschuldigd en een scala aan maatregelen werd getroffen.
    Er was in die tijd een zware crisis in Heel Europa (onderzoek minimaal wie of wat de krachten achter deze crisis waren.
    Joost van de Lubbe was ongetwijfeld in Duitsland om werk te zoeken lag te slapen in een steeg naast de Reichsdag en werd door AH en zijn metgezellen , nadat “zij” de brand hadden aangestoken , opgepakt en als dader voorgeleid.
    De pers heeft in dit procces een belangrijke rol gespeeld.
    En de term constuctief krijgt hier een duidelijke lading.
    Na de oorlog werd er opgebouwd het marshall plan werd aan de burger uitgelegd.
    En het grote geld vloeide de staatskas in ( in de vorm van goederen ).
    Dit werd allemaal positief uitgelegd door de pers van de staat de NOS.
    De Russen die ook geen belang hadden bij AH en zijn beleid , ( zie het prachtige boek van Jan ter Louw dat standaard op lagere scholen als voorlees boek en als boekverslag boek wordt gebruikt “pjotr” en geeft een goed beeld van de Rusische burgers uit die tijd )
    en speelde een cruciale rol in het overwinnen van het Duitse rijk .
    De Americanen , en canadezen hadden dit nooit alleen geklaard zonder hulp van het oostfront.
    Maar na de oorlog werden zij weer de vijand en een koude oorlog was het resultaat.
    En het klootjesvolk kreeg hierover weer uitleg door de pers.
    Maar Over sponsoren van AH werd niet gerept , bv dat J.P.Morgan’s bank Hitler heeft gesponserd .
    Prescot Bush (idd de opa van bush jr ) was werkzaam voor Brown brothers Harriman als managing partner.
    In 1942 beveelde de US regering de inbeslagname van de Duitse bank’s activiteiten in New-York welke werden uitgevoerd door Prescott Bush .
    Onder de “trading with the enemy act nam de US regering de union banking Corparation over , waarvan Bush de directeur was .
    De “US alien property costodian” lag beslag op de aandelen van deze Union banking corps welke in bezit waren van >>
    E.Roland Harriman 3991 aandelen
    Cornelis Lievense 4 aandelen
    Harold D Pennington 1 aandeel
    Ray Morris 1 aandeel
    Prescott S Bush 1 aandeel
    H.J. Kouwenhove 1 aandeel
    johann G Groeninger 1 aandeel
    Aan deze verdeling van de aandelen is duidelijk te zien wie met de scepter zwaait.
    En komt een sinister beeld bovendrijven , dat moet toch zeker één of twee journalisten zijn opgevallen.
    Of zijn deze aan de kant geschoven omdat hun berichtgeving niet in overeenstemming was met de positie die het pers bureau innam.
    De info hier boven kan worden nageslagen in een boek van onderzoeks journalist Webster G tarpley genaamd in zijn boek ,
    “George Bush : The Unauthorized Biography , chapter 2 the Hitler project.
    Wat mijn uiteindelijke doel van dit alles is , is een besef over te brengen aan de journalistiek dat onderzoek voor de berichtgeving moet plaats vinden over een breed vlak voordat stelling wordt genomen ook dienen berichten geplaatst in het buitenland eerst te worden gecontroleert op content.
    Journalisten hadden altijd een belangrijke rol tot dat internet verscheen .
    Dus blijf eerlijk want tegenwoordig prikt men zo door je heen.
    Het plezierig maken om te lezen is een van die methoden die niet makelijk is waar te nemen , maar pas over verloop van tijd is te meten.
    en is dus gevaarlijk .
    Een meer recent geval is “de nieuwjaars verkrachtingen in Duitsland” waar doelbewust de berichten hierover gewist werden van internet en niet in de kranten verschenen.
    Is dit vrouw vriendelijk ? Behandel je Vrouwen zo ? door ze dood te zwijgen en geen stem te geven .
    Jounalist zijn is geen vak maar een roeping , word dit ook zo gezien en nageleefd is de vraag.
    Of is men alleen bezorgd over de hypotheek die moet worden betaald en is er daarom geen strijdvaardigheid onder journalisten.
    Bang om op een zwarte lijst te worden geplaatst en een ander vak te moeten kiezen.
    Plus politieke correctheid is de dood van de vrijheid van meningsuiting.
    Op dit moment in het radio nieuws 5-2-17 wordt nog steeds gezegd dat de travel ban op 7 landen een moslim ban is , pardon ? er zijn 49 moslim landen.
    Dus 42 landen die vrij in en uit kunnen reizen met visa zonder The extreme vetting procedure.
    Ik Bedoel je kan gewoon live meekijken en luisteren met deze president
    als hij zijn procedures bekend maakt aan de bevolking en dit is niet beknopt .
    Ook werd gezegd in dit bericht dat de maatregel is terug gedraaid door een rechter ( Sally Yates ) die de maatregel niet ging verdedigen in de rechtszaal.
    Dit terwijl het bricht over haar ontslag door Pres.Trump al op 30-1-17
    is uitgebracht .
    Een officiel bericht van het witte huis was, “Sally Yates has betrayed the department of justice by refusing to enforce a legal order designed to protect the citizens of the US”.
    Zij is vervangen door Dana Boente , de nieuwe atthorney general.
    en zij is ook aangewezen op 30-1-17.
    Loopt de berichtgeving in nederland expres achter in de hoop dat er politiek te redden wat er te redden valt voor de liberalen voor dat ook hier in Europa het doek valt voor de banken en hypotheek verstrekkers .
    Als journalist zou je voor de burgers moeten staan en hen informeren over hoe de maatregelen hun treffen.
    De 7 landen waar we over praten waren al door Obama aangewezen en op een lijst gezet ivm het niet leveren van de juiste documenten van hun reizende burgers door de regeringen van deze landen.
    Trump past alleen een wet toe die klaar ligt om te gebruiken.
    Iets wat hij gedurende zijn campange duidelijk heeft gearticuleerd.
    Toen ikzelf naar de Oekraine Kief wilde reizen in 2002 moest ik naar Brussel om daar bij de Oekrainse ambassade een visum aan te vragen.
    zonder kwam ik er niet in.
    Ik heb dit als normaal beschouwt en kwam ook niet in het nieuws omdat ik meer tijd moest besteden aan de reis naar Brussel met de auto dan naar Kief op en neer met het vliegtuig .

    De uiteindelijke boodschap luidt. GET REAL !!!