<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	>

<channel>
	<title>De Nieuwe Reporter</title>
	<atom:link href="http://www.denieuwereporter.nl/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://www.denieuwereporter.nl</link>
	<description>De groepsweblog De Nieuwe Reporter is een onafhankelijk platform voor het debat over de toekomst van de Nederlandse journalistiek.</description>
	<lastBuildDate>Wed, 16 May 2012 11:46:16 +0000</lastBuildDate>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	
<xhtml:meta xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml" name="robots" content="noindex" />
		<item>
		<title>Betalen met een tweet of achteraf wachten op waardering?</title>
		<link>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/betalen-met-een-tweet-of-achteraf-wachten-op-waardering/</link>
		<comments>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/betalen-met-een-tweet-of-achteraf-wachten-op-waardering/#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 16 May 2012 08:45:20 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Jerry Vermanen</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[ebooks]]></category>
		<category><![CDATA[pay with a tweet]]></category>
		<category><![CDATA[Twitter]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.denieuwereporter.nl/?p=25470</guid>
		<description><![CDATA[Een week nadat ik mijn e-book met verzamelde artikelen over datajournalistiek <a href="http://www.jerryvermanen.nl/2012/05/ebook/" target="_blank">online heb gezet</a>, is de teller flink opgelopen: 180 downloads, door 129 getweet naar het artikel en in totaal 514 keer op de link in de tweet geklikt. Het systeem Pay With A Tweet zorgde echter wel voor wat discussie op Twitter. Welke les trek ik daar uit?]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Een week nadat ik mijn e-book met verzamelde artikelen over datajournalistiek <a href="http://www.jerryvermanen.nl/2012/05/ebook/" target="_blank">online heb gezet</a>, is de teller flink opgelopen: 180 downloads, door 129 getweet naar het artikel en in totaal 514 keer op de link in de tweet geklikt. Wil je het boek gratis downloaden, dan moet je met een tweet betalen. <a href="http://www.paywithatweet.com/" target="_blank">Pay with a Tweet</a>, ontwikkeld door twee marketeers en een programmeur die daarmee hun boek <em><a href="http://www.ohmygodwhathappened.com/">Oh My God What Happened And What Should I Do?</a></em> hebben geschreven.</p>
<p>Ik had geen eerdere ervaring met dit systeem. Zou het werken? Hebben mensen daar afkeer voor? Geen idee, maar dit leek mij een mooi experiment om erachter te komen. Binnen 24 uur kwam de eerste tweet met kritiek.</p>
<blockquote class="twitter-tweet"><p>Erg benieuwd naar gratis e-book datajournalistiek @<a href="https://twitter.com/JerryVermanen">JerryVermanen</a>, maar betaal liever achteraf met tweet <a title="http://goo.gl/NjpGf" href="http://t.co/PoCR4SW5">goo.gl/NjpGf</a></p>
<p>— Jean-Paul Horn (@JeanPaulH) <a href="https://twitter.com/JeanPaulH/status/200132070826192896" data-datetime="2012-05-09T07:56:18+00:00">May 9, 2012</a></p></blockquote>
<p>&nbsp;</p>
<p>Dat vroeg om een oproep via Twitter:</p>
<blockquote class="twitter-tweet"><p>Vinden mijn volgers het vervelend om vooraf te Twitteren dat je mijn e-book downloadt? Lijkt me interessante followup-blog. <a href="https://twitter.com/search/%2523dtv">#dtv</a></p>
<p>— Jerry Vermanen (@JerryVermanen) <a href="https://twitter.com/JerryVermanen/status/200137454165032960" data-datetime="2012-05-09T08:17:42+00:00">May 9, 2012</a></p></blockquote>
<p>&nbsp;</p>
<p><span id="more-25470"></span></p>
<h2>Vooraf</h2>
<p>Flink wat mensen stuurden daarvoor al een tweet waarin ze aangaven dat ze het een leuk idee vonden.</p>
<blockquote class="twitter-tweet"><p>Leuk idee. Pay with a tweet : Download hier een gratis e-book over datajournalistiek van @<a href="https://twitter.com/JerryVermanen">JerryVermanen</a>:<a title="http://goo.gl/NjpGf" href="http://t.co/sjFbyjtn">goo.gl/NjpGf</a></p>
<p>— Niels Loeffen (@NielsLoeffen) <a href="https://twitter.com/NielsLoeffen/status/199789362928566272" data-datetime="2012-05-08T09:14:30+00:00">May 8, 2012</a></p></blockquote>
<p>&nbsp;</p>
<blockquote class="twitter-tweet"><p>E-book over datajournalistiek van NU-datajournalist @<a href="https://twitter.com/JerryVermanen">JerryVermanen</a>, voor de pittige prijs van 1 tweet :-) <a title="http://goo.gl/NjpGf" href="http://t.co/2cdVcBWL">goo.gl/NjpGf</a></p>
<p>— Rolf Kleef (@rolfkleef) <a href="https://twitter.com/rolfkleef/status/199962968920817665" data-datetime="2012-05-08T20:44:21+00:00">May 8, 2012</a></p></blockquote>
<p>&nbsp;</p>
<blockquote class="twitter-tweet"><p>Die @<a href="https://twitter.com/JerryVermanen">JerryVermanen</a> speelt voor uitgever. Download zijn gratis e-book over datajournalistiek! <a title="http://goo.gl/ruuZC" href="http://t.co/WwzdJQJC">goo.gl/ruuZC</a></p>
<p>— Herwin Thole (@herwinthole) <a href="https://twitter.com/herwinthole/status/199780889100697602" data-datetime="2012-05-08T08:40:50+00:00">May 8, 2012</a></p></blockquote>
<p>&nbsp;</p>
<h2>Na de oproep: positief</h2>
<p>Na de oproep kreeg ik aardig wat reacties. De uitkomst: verdeeld. Sommige volgers hebben er absoluut geen moeite mee om vooraf de link te tweeten. Kort samengevat: het e-book is gratis, dus dit is het minste dat je kunt doen.</p>
<blockquote class="twitter-tweet" data-in-reply-to="200137454165032960"><p>@<a href="https://twitter.com/JerryVermanen">JerryVermanen</a> voor wat hoort wat</p>
<p>— Raj Rozendaal (@RajRozendaal) <a href="https://twitter.com/RajRozendaal/status/200137993284096000" data-datetime="2012-05-09T08:19:50+00:00">May 9, 2012</a></p></blockquote>
<p>&nbsp;</p>
<blockquote class="twitter-tweet"><p>@<a href="https://twitter.com/jerryvermanen">jerryvermanen</a> nee, is minste dat je in ruil kan doen plus je kunt t ook weer weghalen als je t echt niet wilt <a href="https://twitter.com/search/%2523paywithatweet">#paywithatweet</a></p>
<p>— Thomas Boeschoten(@boeschoten) <a href="https://twitter.com/boeschoten/status/200144605705023490" data-datetime="2012-05-09T08:46:07+00:00">May 9, 2012</a></p></blockquote>
<p>&nbsp;</p>
<blockquote class="twitter-tweet" data-in-reply-to="200137454165032960"><p>@<a href="https://twitter.com/JerryVermanen">JerryVermanen</a> Persoonlijk vind ik &#8216;t niet zo&#8217;n probleem, op &#8216;t vluchtige Twitter, sommigen denken daar anders over <a title="http://boekeman.blogspot.com/2011/05/pay-with-tweet-is-spam.html" href="http://t.co/HLD96CC3">boekeman.blogspot.com/2011/05/pay-wi…</a></p>
<p>— David Graus (@dvdgrs) <a href="https://twitter.com/dvdgrs/status/200138362156355584" data-datetime="2012-05-09T08:21:18+00:00">May 9, 2012</a></p></blockquote>
<p>&nbsp;</p>
<blockquote class="twitter-tweet" data-in-reply-to="200137454165032960"><p>@<a href="https://twitter.com/JerryVermanen">JerryVermanen</a> vind ik niet (heel) vervelend. Maar ik wil wel weten WAT er getweet gaat worden.</p>
<p>— Rob Ramaker (@robramaker) <a href="https://twitter.com/robramaker/status/200137913370034178" data-datetime="2012-05-09T08:19:31+00:00">May 9, 2012</a></p></blockquote>
<p>&nbsp;</p>
<h2>Na de oproep: kritisch</h2>
<p>Die laatste is een mooie bruggetje naar de kritiek. Want ja, wat wordt er eigenlijk verstuurd? Waarom zou je zo&#8217;n vooraf opgestelde tweet &#8211; die je overigens zelf kunt aanpassen &#8211; naar al jouw volgers versturen voordat je het boek überhaupt hebt gedownload? En hoeveel waarde heeft zo&#8217;n tweet nou daadwerkelijk?</p>
<blockquote class="twitter-tweet" data-in-reply-to="200135637934931968"><p>@<a href="https://twitter.com/JerryVermanen">JerryVermanen</a> Ja. Ik wil dolgraag van de daken tweeten dat je boek geweldig is als ik het heb gelezen, maar vooraf vind ik zo lame @<a href="https://twitter.com/erwblo">erwblo</a></p>
<p>— Jean-Paul Horn (@JeanPaulH) <a href="https://twitter.com/JeanPaulH/status/200136049492639744" data-datetime="2012-05-09T08:12:07+00:00">May 9, 2012</a></p></blockquote>
<p>&nbsp;</p>
<blockquote class="twitter-tweet" data-in-reply-to="200135637934931968"><p>@<a href="https://twitter.com/JerryVermanen">JerryVermanen</a> @<a href="https://twitter.com/JeanPaulH">JeanPaulH</a> ik wel. Veel waardevoller als we tweet sturen na lezen.</p>
<p>— erwin blom (@erwblo) <a href="https://twitter.com/erwblo/status/200136156304769024" data-datetime="2012-05-09T08:12:32+00:00">May 9, 2012</a></p></blockquote>
<p>&nbsp;</p>
<blockquote class="twitter-tweet"><p>@<a href="https://twitter.com/JerryVermanen">JerryVermanen</a> Ik wil liever dat tweeps &#8216;t over mijn e-book hebben omdat ze het goed vinden (= dus eerst lezen) ipv omdat ze &#8216;t downloaden.</p>
<p>— Winny de Jong (@winnydejong) <a href="https://twitter.com/winnydejong/status/200136572371341312" data-datetime="2012-05-09T08:14:11+00:00">May 9, 2012</a></p></blockquote>
<p>&nbsp;</p>
<blockquote class="twitter-tweet" data-in-reply-to="200137454165032960"><p>@<a href="https://twitter.com/JerryVermanen">JerryVermanen</a> Ik houd niet van dat soort acties. Meestal tweet ik, download ik en verwijder ik tweet weer.</p>
<p>— Elger van der Wel (@elger) <a href="https://twitter.com/elger/status/200153745227657216" data-datetime="2012-05-09T09:22:26+00:00">May 9, 2012</a></p></blockquote>
<p>&nbsp;</p>
<blockquote class="twitter-tweet" data-in-reply-to="200137454165032960"><p>@<a href="https://twitter.com/JerryVermanen">JerryVermanen</a> Als ik enthousiast ben tweet ik wel, maar bepaal dat graag zelf.</p>
<p>— Elger van der Wel (@elger) <a href="https://twitter.com/elger/status/200153860185141248" data-datetime="2012-05-09T09:22:53+00:00">May 9, 2012</a></p></blockquote>
<p>&nbsp;</p>
<h2>Conclusie: groter bereik, minder waarde</h2>
<p>Mijn conclusie uit bovenstaande: mijn e-book heeft dankzij Pay with a Tweet ontzettend veel mensen bereikt, maar ik heb effectief gezien weinig aan de reacties die ik via Twitter krijg. Mensen zijn achteraf niet geneigd om te laten weten wat ze van het e-book vinden, omdat ze al eerder verplicht moesten tweeten. De reacties die je vooraf krijgt, zijn minder spontaan. Het e-book komt dus bij meer mensen terecht, maar de meest trouwe volgers doe je tekort.</p>
<p>Het is een probleem dat je op een veel grotere schaal ziet bij mediabedrijven: zodra ze een groter bereik hebben, wordt de communicatie onpersoonlijk en hebben tweets minder waarde. Het wordt ironisch zodra je dat ook bij &#8216;socialmedia-predikanten&#8217; ziet: personen die de voordelen van Twitter prediken, maar nooit op mentions reageren. Je kunt het je wel voorstellen als je 1000+-volgers hebt, maar dat hoor je nooit in hun keynotes.</p>
<p>Uit de statistieken blijkt ook al dat veel mensen een methode om Pay with a Tweet weten te vinden. Het boek is immers vaker gedownload dan de tweet is verstuurd. Blijkbaar is het de moeite waard om er een weg omheen te bedenken. Lijkt me een goed teken.</p>
<p>Na een week is het dus wel leuk geweest met Pay with a Tweet. Vanaf vandaag is het e-book <a href="http://www.jerryvermanen.nl/2012/05/ebook/" target="_blank">gratis te downloaden</a>, zonder verplicht te tweeten. De betaalknop is vervangen door een directe link naar het ePub-bestand (<a href="http://goo.gl/PO90o" target="_blank">klik hier, rechtermuisknop, opslaan als</a>). Experiment geslaagd: een week lang veel mensen bereikt en ook nog een wijze les geleerd.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/betalen-met-een-tweet-of-achteraf-wachten-op-waardering/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Een paar beta&#8217;s zou wel fijn zijn&#8230;</title>
		<link>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/een-paar-betas-zou-wel-fijn-zijn/</link>
		<comments>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/een-paar-betas-zou-wel-fijn-zijn/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 15 May 2012 14:39:39 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Michel van Baal</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Opinie]]></category>
		<category><![CDATA[Marcel Gelauff]]></category>
		<category><![CDATA[NOS Nieuws]]></category>
		<category><![CDATA[NOS-Journaal]]></category>
		<category><![CDATA[wetenschap]]></category>
		<category><![CDATA[wetenschapsjournalistiek]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.denieuwereporter.nl/?p=25535</guid>
		<description><![CDATA[De NOS wil geen aparte wetenschapsredactie. Michel van Baal pleit daarom voor een tussenoplossing: algemene redacteuren met een beta-achtergrond. "Een paar mensen die de rest van de redactie als intern klankbord zouden kunnen gebruiken. " Daarmee kan de afhankelijkheid van externe experts worden verminderd.]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Opwinding deze dagen onder <a href="http://www.nwtonline.nl/nl/weblog/969/nos-journaal-kan-niks-met-waarheidsvinding.html" target="_blank">wetenschapsjournalisten</a>, <a href="http://www.trouw.nl/tr/nl/8367/Asha-ten-Broeke/article/detail/3255727/2012/05/15/Hoog-tijd-voor-een-wetenschapsredactie-bij-het-NOS-journaal.dhtml" target="_blank">columnisten</a> en <a href="http://www.dejaap.nl/2012/05/09/journalistiek-blundert-met-onderzoek-jongeren-gestrest-door-sociale-media/" target="_blank">bloggers</a>: het NOS Journaal had een item over sociale-mediastress waar een luchtje aan zat. En dat bracht weer de veelgevoerde discussie op waarom de NOS geen wetenschapsredactie heeft (zoals de BBC)? En meteen ook de aloude reflex van de hoofdredacteur om in eerste instantie de deur dicht te gooien: nergens voor nodig, niks aan de hand, doorlopen mensen. </p>
<p>Alleen deze keer lijkt het toch even anders: de discussie dwong de hoofdredacteur om op <a href="http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/de-nos-handelt-altijd-met-een-gezonde-dosis-journalistieke-achterdocht/" target="_blank">De Nieuwe Reporter</a>, maar ook op zijn <a href="http://weblogs.nos.nl/hoofdredactie/2012/05/15/sociale-media-en-jongeren/" target="_blank">eigen blog</a> gedetaileerder op de kritiek te reageren.</p>
<p><strong>Kernvraag</strong><br />
En dat geeft volgens mij een kans de discussie een keer constructief te voeren en daarbij is volgens mij de kernvraag: ‘wat gaat er dan eigenlijk precies mis, en hoe is dat op te lossen?’. In alle eerlijkheid: mij lijkt een wetenschapsredactie bij de NOS even geweldig als onrealistisch, maar ik zou het al een stap vooruit vinden als er wat redacteuren aangenomen werden die een beta-achtergrond hebben. (Ik heb alleen zicht op dit proces in de ‘beta’-hoek, dus beperk ik me daar even toe &#8211; al gaat deze discussie over wetenschap in bredere zin).</p>
<p><strong>Uitvoering</strong><br />
Als eerste valt me op dat het lijkt alsof de fronten twee verschillende discussie voeren. De redactie van het journaal stelt dat het hun taak is om complexe onderwerpen voor een breed publiek begrijpelijk te maken. Daar heb je geen wetenschapsredactie voor nodig, dat moet elke journalist kunnen vanuit het adagium ‘als ik het niet snap, snapt het publiek het ook niet’. Vanuit dat blikveld is er geen probleem – alleen incidenten. Die invalshoek snap ik nog wel, want de (ad hoc) uitvoering van een wetenschapsonderwerp is vaak best naar tevredenheid (zie bijvoorbeeld het verhaal over <a href="http://michelvanbaal.weblog.tudelft.nl/2012/04/17/leo-kouwenhoven-avond-the-making-of" target="_blank">Majorana-deeltjes</a>).</p>
<p><strong>Selectie</strong><br />
Maar daar ligt volgens mij de kern van de kritiek niet: die gaat over de selectie, over de keuzes die het NOS Journaal maakt, over het te beperkte vermogen van de redactie om zelf goed te kunnen inschatten of iets nieuws, oud nieuws of verkapte reclame is. En over het gebrek aan geheugen, bijvoorbeeld bij de berichtgeving over CERN waarover ik al eerder <a href="http://michelvanbaal.weblog.tudelft.nl/2012/02/24/gerommel-en-geblunder-ja-maar-niet-van-c" target="_blank">schreef</a>. </p>
<p>In de praktijk vertrouwt de redactie van de NOS op haar netwerk van contacten, bijvoorbeeld in universiteiten. Op zichzelf is daar niet zoveel mis mee, maar het is kwetsbaar. Ten eerste omdat ‘de redactie’ op zichzelf geen netwerk heeft. Redacteuren hebben een netwerk, en dat wil zeggen dat sommige een heel goed netwerk hebben en anderen minder of niet. En omdat wetenschap bij de NOS geen specialisme is (dus bij iedereen kan ‘landen’) loopt ze daarmee risico. </p>
<p>Ten tweede is het sterk leunen op externe deskundigheid op zichzelf een risico: die deskundigheid heeft een eigen belang. Het verhaal over sociale-mediastress is een mooi voorbeeld. Daar wilde de deskundige graag aandacht voor het onderwerp, dus voldeed hij niet aan zijn verwachte rol van ‘onafhankelijk check’. En dat is, uiteraard, zijn volstrekte recht en laat zien dat je niet blind kunt varen op je externe netwerk &#8211; enige zelfreflectie had de hoofdredacteur hier wel gesierd vind ik.</p>
<p><strong>Kwetsbaarheid</strong><br />
Die kwetsbaarheid zou de NOS enorm verminderen met een eigen wetenschapsredactie, redacteuren die het wetenschappelijke bedrijf kennen, kunnen duiden en een wetenschappelijke publicatie van A-Z kunnen lezen. Maar dat is niet realistisch: voor de NOS is wetenschap geen ‘apart onderwerp’, zoals politiek, economie, medisch of klimaat. Dat mogen we jammer vinden, maar dat is hun duidelijke keuze. </p>
<p>Maar wellicht is er wel een tussenoplossing mogelijk: het zou al heel veel helpen als de redactie een paar algemene redacteuren hadden met een beta-achtergrond (en vooral: liefde voor statistiek). Een paar mensen die de rest van de redactie als intern klankbord zouden kunnen gebruiken, waarmee je de externe afhankelijkheid een beetje vermindert. </p>
<p>Het blijft altijd nodig om externe deskundigen te raadplegen, maar dan sta je een stuk sterker tegenover de valkuilen en mobiliseer je interne kritiek. Mijn ervaring is dat je razendsnel in zo’n rol kunt groeien: wellicht ontstaat er dan spontaan een soort wetenschapsredactie, en na een paar jaar kun je niet meer zonder.</p>
<p><strong>Dialoog?</strong><br />
Tot nu toe had het hebben van een beta-achtergrond bepaald geen toegevoegde waarde op de redactie, voor zover ik kan inschatten. Wellicht kunnen we dat een beetje laten kantelen? Ik hoor ook signalen dat bij de NOS-redactie best ruimte is voor die gedachte. In ieder geval heeft de discussie de aandacht van de redactie en dat is al winst – een beetje. Wellicht kunnen we erover met ze in gesprek, en een paar geschikte kandidaten bedenken, voor als er een vacature vrijkomt? In ieder geval: als we het echt beter willen, ligt er nu een kans. Nog meer ‘fittie’ vanuit de loopgraven is leuk, maar brengt ons niet verder.</p>
<p><em>Dit stuk verscheen eerder op het <a href="http://michelvanbaal.weblog.tudelft.nl/2012/05/15/moet-het-nos-journaal-een-wetenschapsred" target="_blank">weblog van Michel van Baal</a>. </em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/een-paar-betas-zou-wel-fijn-zijn/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>4</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>De NOS handelt altijd met een gezonde dosis journalistieke achterdocht</title>
		<link>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/de-nos-handelt-altijd-met-een-gezonde-dosis-journalistieke-achterdocht/</link>
		<comments>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/de-nos-handelt-altijd-met-een-gezonde-dosis-journalistieke-achterdocht/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 15 May 2012 11:45:15 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Marcel Gelauff</dc:creator>
				<category><![CDATA[Opinie]]></category>
		<category><![CDATA[NOS Nieuws]]></category>
		<category><![CDATA[NOS-Journaal]]></category>
		<category><![CDATA[onderzoek]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.denieuwereporter.nl/?p=25506</guid>
		<description><![CDATA[De NOS lag afgelopen week onder vuur na de uitzending van een item over sociale mediastress onder jongeren. Aanleiding voor de commotie was het onderzoek dat de aanleiding was voor het NOS-item. In een <a href="http://www.nwtonline.nl/nl/weblog/961/het-nos-journaal-ontdekt-een-probleem.html">blogpost van Maarten Keulemans</a> en <a href="http://www.dejaap.nl/2012/05/09/journalistiek-blundert-met-onderzoek-jongeren-gestrest-door-sociale-media/">eentje van Linda Duits</a> werd beargumenteerd dat er van alles zou zijn aan te merken op dat <a href="http://www.mediaenmaatschappij.nl/index.php/publiciteit/publicaties/197-onderzoek-jongeren-lijden-aan-social-media-stress-sms">onderzoek van de Nationale Academie voor Media en Maatschappij</a>. Ook zou het commentaar van een door de NOS geraadpleegde hoogleraar niet correct zijn verwerkt, schreven zowel <a href="http://www.nwtonline.nl/nl/weblog/976/het-nos-journaal-vindt-een-bliksemafleider.html">Keulemans</a> als <a href="http://www.dejaap.nl/2012/05/14/nos-schermt-met-woorden-die-hoogleraar-nooit-gezegd-heeft/">Duits</a> in vervolgartikelen. Op DNR reageert hoofdredacteur NOS Nieuws Marcel Gelauff op de kritiek.]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><strong>De NOS lag afgelopen week onder vuur na de <a href="http://nos.nl/artikel/370646-stress-jongeren-door-sociale-media.html">uitzending van een item over sociale mediastress onder jongeren</a>. Oorzaak van de commotie was het onderzoek dat de aanleiding was voor het NOS-item. In een <a href="http://www.nwtonline.nl/nl/weblog/961/het-nos-journaal-ontdekt-een-probleem.html">blogpost van Maarten Keulemans</a> en <a href="http://www.dejaap.nl/2012/05/09/journalistiek-blundert-met-onderzoek-jongeren-gestrest-door-sociale-media/">eentje van Linda Duits</a> werd beargumenteerd dat er van alles zou zijn aan te merken op dat <a href="http://www.mediaenmaatschappij.nl/index.php/publiciteit/publicaties/197-onderzoek-jongeren-lijden-aan-social-media-stress-sms">onderzoek van de Nationale Academie voor Media en Maatschappij</a>. Ook zou het commentaar van een door de NOS geraadpleegde hoogleraar niet correct zijn verwerkt, schreven zowel <a href="http://www.nwtonline.nl/nl/weblog/976/het-nos-journaal-vindt-een-bliksemafleider.html">Keulemans</a> als <a href="http://www.dejaap.nl/2012/05/14/nos-schermt-met-woorden-die-hoogleraar-nooit-gezegd-heeft/">Duits</a> in vervolgartikelen. Op DNR reageert hoofdredacteur NOS Nieuws Marcel Gelauff op de kritiek.</strong></p>
<p>Gelukkig zijn er bloggers. En gelukkig zijn die begaan met de NOS en de betrouwbaarheid van het NOS Journaal. Waarvoor veel dank.</p>
<p>In reactie op alle kritiek over een <a href="http://nos.nl/artikel/370646-stress-jongeren-door-sociale-media.html">NOS-onderwerp over het gebruik van sociale media door jongeren</a> wil ik graag eerst even terug naar de basis. De NOS doet verslag van alles wat maatschappelijke belang heeft en relevant voor ons publiek is. Dat kunnen grote nieuwsontwikkelingen zijn, wetenschappelijke ontdekkingen, maar daar hoort ook het signaleren van trends bij.</p>
<p><strong>Een trend</strong></p>
<p>De enorme toename van het gebruik van sociale media onder jongeren is onmiskenbaar een trend. Ook zonder onderzoek kan ik me voorstellen dat we daar aandacht aan zouden besteden. Op basis van gesprekken met leraren, jongerenwerkers, ouders en uiteraard de jongeren zelf, zouden we daar een prima reportage over kunnen maken. Die waarschijnlijk dezelfde strekking zou hebben als onze uitzending van vorige week maandag.</p>
<p>In dit geval hebben we gekozen om het onderwerp &#8216;op te hangen&#8217; aan <a href="http://www.mediaenmaatschappij.nl/index.php/publiciteit/publicaties/197-onderzoek-jongeren-lijden-aan-social-media-stress-sms">een onderzoek van de Nationale Academie voor Media en Maatschappij</a>. Onze redacteur die als specialisme &#8216;onderwijs en jongerencultuur&#8217; heeft, ontving het onderzoek op 1 mei. Vorig jaar hebben we ook <a href="http://nos.nl/artikel/244458-mobieltjes-zijn-probleem-in-de-klas.html">een onderwerp (over mobiele telefoons in de klas) gemaakt</a> met als aanleiding <a href="http://www.mediaenmaatschappij.nl/images/stories/pdf/Samenvatting%20onderzoek%20'Mobieltjesbeleid%20op%20scholen%20ware%20chaos',%20mei%202011.pdf">een onderzoek van de Nationale Academie voor Media en Maatschappij [pdf!]</a>. Het feit dat we al eerder een onderwerp hebben gemaakt over een onderzoek van de Nationale Academie voor Media en Maatschappij geeft aan dat er al eerder kritisch door onze redactie is gekeken hun publicaties.</p>
<p><strong>Wat hebben we in dit geval gedaan?</strong></p>
<p>Op 2 mei hebben we de Nationale Academie voor Media en Maatschappij gevraagd naar de kwalitatieve resultaten (red. gesprekken met 85 jongeren). Daarop kregen we het volgende antwoord:</p>
<blockquote><p><em>Wij hebben slechts opnamen en ruwe uitwerkingen van de groepsgesprekken. Wij niet van plan geweest deze apart te rapporteren. Het kwalitatieve onderzoek is deze keer echt uitgezet als voorbereiding voor de inhoudelijk opzet van het kwantitatieve onderzoek. Op deze wijze zijn wij in staat geweest de stellingen te defini</em><em>ë</em><em>ren geheel gebaseerd op de belevingswereld van jongeren. Dat levert de beste en meest betrouwbare gegevens op.</em></p></blockquote>
<p>Zoekend naar een deskundige op het gebied van sociale media kwam onze redacteur uit bij <a href="http://www.utwente.nl/gw/mco/mw/dijk/">Jan van Dijk</a>, hoogleraar communicatiewetenschap aan de Universiteit Twente. Expert en adviseur op het gebied van sociale gevolgen van ICT. Auteur van &#8216;<a href="http://www.athenaeum.nl/shop/details/Netwerkmaatschappij+Sociale+Aspecten+Van+Nieuwe+Media+3de+Dr/9789031325320">De netwerkmaatschappij: Sociale aspecten van nieuwe media</a>&#8216;.</p>
<p>We hebben rechtstreeks contact met hem opgenomen. Het onderzoek dat we van de Nationale Academie voor Media en Maatschappij hadden ontvangen, is aan hem doorgestuurd. Onder een embargo-afspraak. Daarna kreeg onze redacteur de volgende e-mail van Van Dijk.</p>
<blockquote><p><em>Interessant onderzoek. Resultaten, hoewel niet representatief te noemen zijn geloofwaardig. Komen ook overeen met mijn eigen kennis. Waar ik in dit rapport bezwaar tegen heb, is de koppeling aan de Skinner Box en de suggestie van manipulatie van jongeren door een extern medium van buiten. Het zijn de jongeren zelf die dit doen! Met behulp van een tool die op een gegeven moment dwangmatig gedrag kan veroorzaken. Er is geen sprake van manipulatie.</em></p></blockquote>
<p>De Box van Skinner hebben we in de berichten derhalve niet genoemd.</p>
<p>Van Dijk schreef verder:</p>
<blockquote><p><em>Geen van de begrippen is wetenschappelijk onderbouwd, ook niet als dit gesuggereerd wordt (FOMO is geen erkende disorder of zo). Verder moeten begrippen als stress, gewenning en verslaving goed onderscheiden worden en deze drie van bekende algemene behoeften van jongeren aan de vorming </em><em> </em><em>identiteit en de voor hen zeer relevante peergroup omgeving.</em><em> </em><em>Ik zou in het verslag vooral aandacht besteden aan de antwoorden van de jongeren op de vragen, niet aan de vermeende context (Skinner , behaviorisme-straffen en belonen e.d.) Een beschrijving van de antwoorden van de jongeren kan een heel mooi artikel/item opleveren.</em></p></blockquote>
<p>Ook was een door hem geschreven <a href="http://www.boomlemma.nl/system/uploads/24736/original/9789059317048_voorbeeldhoofdstuk.pdf?1313743547">hoofdstuk [pdf!]</a> van een boek door hem bijgevoegd:</p>
<blockquote><p><em>Ik hecht mijn inleidend hoofdstuk van het <a href="http://www.boomlemma.nl/communicatie-media/catalogus/basisboek-social-media-1">Basisboek Social Media</a> (D. van Osch en R. van Zijl Red.), Boom Lemma 2011 aan. Je hoeft alleen de korte paragrafen 1.4.5 (over stress) p. 24 [25 en 1.4.7 (over verslaving) p. 26/27 te lezen.</em></p></blockquote>
<p>Op pagina 28 schrijft van Dijk :</p>
<blockquote><p><em>Het verschijnsel social media</em><em>­</em><em>verslaving zal de komende jaren ongetwijfeld toenemen. Het gebruik van social media appelleert aan zo</em><em>’</em><em>n geweldige sociale behoefte, en er is zo</em><em>’</em><em>n grote sociale dwang van buiten dat sommigen hierbij geen maat weten te houden.</em></p></blockquote>
<p>Van Dijk stelde verder dat het onderzoek, in tegenspraak tot de Nationale Academie voor Media en Maatschappij, volgens hem niet representatief te noemen was voor 984.000 Nederlandse jongeren in de leeftijdscategorie 13 tot en met 17 jaar, maar zeker wel geloofwaardig. Naar aanleiding van die opmerking hebben we in <a href="http://nos.nl/artikel/370646-stress-jongeren-door-sociale-media.html">onze berichtgeving</a> de resultaten omschreven als: “het blijkt uit onderzoek onder 500 jongeren”.</p>
<p><strong>Jongerenwerkers</strong></p>
<p>Behalve de contacten met Jan van Dijk heeft onze redacteur ook gesproken met diverse jongerenwerkers. Zij heeft de uitkomst van het onderzoek &#8216;Jongeren lijden aan Sociale Media Stress&#8217; aan hen voorgehouden en hen gevraagd of zij dit herkennen. Die antwoorden waren allen bevestigend.</p>
<p>Na uitzending ontving onze redacteur op 9 mei 2012 de volgende mail van Jan van Dijk:</p>
<blockquote><p><em>Geachte, ik ben vandaag gearriveerd op Sicilië (vakantie). Jullie hebben er een prachtig item van gemaakt maandag. Prachtig gecomponeerd. En verantwoord. Complimenten. Jullie Vlaamse collega`shebben het ook opgepikt, want zij gaven niet toevallig op dinsdag aandacht aan hetzelfde onderwerp. Groet Jan van Dijk</em></p></blockquote>
<p>De NOS brengt duizenden onderwerpen per jaar. Wij doen onze uiterste best om die alle te checken en er een gezonde dosis journalistieke achterdocht op los te laten. Dat is ook in dit geval gebeurd. Wat we intern hebben geleerd van dit geval is dat we nog zorgvuldiger moeten afwegen welke formuleringen we uiteindelijk kiezen. In dit geval zit het vooral in <em>“</em><em>het blijkt uit onderzoek onder 500 jongeren</em>”. Als we daar bijvoorbeeld hadden geschreven: &#8220;<em>dat komt naar voren uit gesprekken met etc&#8221;</em>, dan was al deze verwarring niet ontstaan.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/de-nos-handelt-altijd-met-een-gezonde-dosis-journalistieke-achterdocht/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>21</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Geen geloof in Gelauff</title>
		<link>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/geen-geloof-in-gelauff/</link>
		<comments>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/geen-geloof-in-gelauff/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 15 May 2012 08:30:23 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Herwin Thole</dc:creator>
				<category><![CDATA[Opinie]]></category>
		<category><![CDATA[Marcel Gelauff]]></category>
		<category><![CDATA[NOS Nieuws]]></category>
		<category><![CDATA[NOS-Journaal]]></category>
		<category><![CDATA[waarheid]]></category>
		<category><![CDATA[wetenschap]]></category>
		<category><![CDATA[wetenschapsjournalistiek]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.denieuwereporter.nl/?p=25485</guid>
		<description><![CDATA[De hoofdredacteur van NOS Nieuws, Marcel Gelauff, denkt geen wetenschapsredacteuren nodig te hebben op de redactie. En dat terwijl de NOS meerdere malen in de fout is gegaan bij het interpreteren van onderzoeken. Recente uitspraken maken bovendien duidelijk dat Gelauff niet weet waar wetenschap voor staat.]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><strong>De hoofdredacteur van NOS Nieuws, Marcel Gelauff, denkt geen wetenschapsredacteuren nodig te hebben op de redactie. En dat terwijl de NOS meerdere malen in de fout is gegaan bij het interpreteren van onderzoeken. Recente uitspraken maken bovendien duidelijk dat Gelauff niet weet waar wetenschap voor staat.</strong></p>
<p>De waarheid is een lastige klant. Al eeuwenlang steggelen filosofen over wat de waarheid precies is, wanneer iets waar is en of de waarheid te kennen valt. Misschien dat de hoofdredacteur van NOS Nieuws, Marcel Gelauff, dat in zijn achterhoofd had toen hij het volgende zei tegen <a href="http://www.delta.tudelft.nl/artikel/-don-t-shoot-the-messenger/25122" target="_blank">universiteitskrant TU Delta</a>:</p>
<blockquote><p>Ik kan niks met de suggestie dat wij de waarheid kunnen vaststellen of het volk kunnen opvoeden.</p></blockquote>
<p>Een opmerkelijke uitspraak voor het hoofd van een journalistiek medium. Vanuit filosofisch oogpunt heeft hij wellicht gelijk, maar journalistiek gezien is het hoogst dubieus te noemen. Temeer omdat het botst met hét kernbegrip van het beroep.</p>
<p><strong>Journalistieke codes</strong><br />
De journalisten Bill Kovach en Tom Rosenstiel stelden in hun boek The Elements of Journalism een <a href="http://www.journalism.org/node/72" target="_blank">lijst samen van journalistieke principes</a>. Dat deden ze op basis van uitvoerig onderzoek onder journalisten in samenwerking met onderzoekers van een universiteit. Kovach en Rosenstiel kwamen tot negen journalistieke principes waar journalisten het over eens zijn en waarvan burgers het recht hebben om ze te verwachten. Het eerste principe luidt als volgt:</p>
<blockquote><p>Journalism&#8217;s first obligation is to the truth.</p></blockquote>
<p>Daar is-ie weer: de waarheid. Het concept dat volgens Gelauff niet is vast te stellen, maar dat door journalisten kennelijk tot belangrijkste plicht wordt gezien om zich aan te houden. Ook in andere journalistieke codes, zoals in de <a href="http://nl.wikipedia.org/wiki/Code_van_Bordeaux" target="_blank">Code van Bordeaux</a> en in die van het <a href="http://www.genootschapvanhoofdredacteuren.nl/het_genootschap/code-voor-de-journalistiek.html" target="_blank">Genootschap van Hoofdredacteuren</a> staat het streven naar waarheid als eerste genoemd.</p>
<p><strong>Politieke beslissingen</strong><br />
Als Gelauff het idee loslaat dat de waarheid vast te stellen is, dan zegt hij eigenlijk dat alles even &#8216;waar&#8217; kan zijn. Hoe kun je dan bezig gaan met betrouwbare journalistiek? Met andere woorden: waar kijk ik dan naar als ik het NOS-journaal zie?</p>
<p>Eén allesomvattende waarheid mag dan een illusie zijn, we weten allemaal dondersgoed wat het concept waarheid inhoudt. We willen weten hoe zaken in elkaar steken, hoe betrouwbaar informatie is. Informatie op basis waarvan (politieke) beslissingen worden genomen. Het is mijns inziens de taak van de journalistiek om informatie op waarde te schatten, feiten te controleren en tot een zo afgewogen mogelijk oordeel te komen.</p>
<p>Met de kennis van nu hadden landen de VS wellicht niet gesteund bij de oorlog in Irak. Grote Amerikaanse publicaties als The New York Times en The Washington Post <a href="http://www.villamedia.nl/journalist/n/Ingleby.shtm" target="_blank">hebben erkend</a> dat ze destijds de argumenten van de regering Bush om Irak aan te vallen niet genoeg onder de loep hebben genomen.</p>
<p>Hetzelfde punt <a href="http://www.nwtonline.nl/nl/weblog/969/nos-journaal-kan-niks-met-waarheidsvinding.html" target="_blank">maakt Maarten Keulemans</a> bij de ophef rondom de Mexicaanse griep. Terwijl de BBC een ervaren wetenschapsredacteur aan liet schuiven die de impact van de ziekte relativeerde, gaf de NOS een podium aan viroloog Ab Osterhaus en RIVM-topman Roel Coutinho. Beide hebben als beroep het waarschuwen tegen ziektes.</p>
<p>Nederland bestelde uiteindelijke voor 144 miljoen euro teveel aan vaccins. Dat gebeurde in andere landen, waaronder Engeland, niet. Om te stellen dat de NOS hiervoor hoofdverantwoordelijk is, gaat te ver. Maar de onevenwichtige berichtgeving heeft de maatschappelijke onrust in ieder geval niet afgezwakt.</p>
<p><strong>Burgers dienen</strong><br />
Gelauff is nog niet klaar. Hij <a href="http://www.delta.tudelft.nl/artikel/-don-t-shoot-the-messenger/25122" target="_blank">vervolgt</a>:</p>
<blockquote><p>Als is geconcludeerd dat de Q-koorts ongevaarlijk is voor de mens, moet ik dan vervolgens het massale protest tegen de aanpak ervan negeren? Dat doe ik niet. Als de kijker na het zien van zo’n item in verwarring is, dan is dat zo.</p></blockquote>
<p>Gelauff trekt hier een verband dat er niet is. Natuurlijk moet de NOS verslag doen van massaal protest in de samenleving. Maar dat staat los van de vaststelling of de Q-koorts gevaarlijk is of niet.</p>
<p>Bovendien zou je kunnen beargumenteren dat Gelauff hiermee in gaat tegen het tweede journalistieke principe van Kovach en Rosenstiel. Dat luidt:</p>
<blockquote><p>Its first loyalty is to citizens.</p></blockquote>
<p>De NOS is burgers niet van dienst door ze in verwarring achter te laten. Ik neem aan dat mensen het journaal kijken omdat ze willen weten wat er is gebeurd en hoe zaken in elkaar steken. In het voorbeeld van de griepvaccins wordt bovendien belastinggeld onnodig gespendeerd, ook geen blijk van loyaliteit naar de burger toe. (Nogmaals, de NOS is in dit geval niet de hoofdverantwoordelijke, maar de berichtgeving heeft de zaak in elk geval geen goed gedaan.)</p>
<p><strong>Onderzoek naar sociale media-stress</strong><br />
Eenzelfde punt wat betreft gemeenschapsgeld valt te maken met het onderzoek naar sociale media-stress, dat vorige week veelvuldig in de aandacht was. Linda Duits <a href="http://www.dejaap.nl/2012/05/09/journalistiek-blundert-met-onderzoek-jongeren-gestrest-door-sociale-media/" target="_blank">merkte op</a> dat er veel overheidsgeld gaat naar initiatieven rondom mediawijsheid. Het is mogelijk dat de overheid geld van burgers besteedt aan sociale media-cursussen naar aanleiding van dit dubieuze onderzoek waar onder andere de NOS over berichtte.</p>
<p>Aan het onderzoek van de Nationale Academie Media &amp; Maatschappij zitten de nodige haken en ogen, zoals <a href="http://www.nwtonline.nl/nl/weblog/961/het-nos-journaal-ontdekt-een-probleem.html" target="_blank">Maarten Keulemans</a> en <a href="http://www.dejaap.nl/2012/05/09/journalistiek-blundert-met-onderzoek-jongeren-gestrest-door-sociale-media/" target="_blank">Duits</a> al aantoonden. Maar een kritisch geluid ontbreekt in het twee minuten en vijftien seconden durende <a href="http://nos.nl/video/370708-jongeren-krijgen-stress-van-sociale-media.html" target="_blank">filmpje van de NOS</a>. Daarmee schendt de NOS het derde journalistieke principe van Kovach en Rosenstiel:</p>
<blockquote><p>Its essence is a discipline of verification.</p></blockquote>
<p>De essentie van de journalistiek is checken of iets klopt. En dat lijkt in dit geval onvoldoende te zijn gebeurd.</p>
<p>Het verweer van Gelauff overtuigt niet. In een <a href="http://www.mobypicture.com/user/mariekebaan/view/12757016/sizes/full" target="_blank">ingezonden brief</a> in de Volkskrant liet hij weten dat het onderzoek is voorgelegd aan professor Jan van Dijk van de Universiteit Twente. &#8220;Hij kwalificeerde het onderzoek als betrouwbaar en de resultaten als geloofwaardig.&#8221;</p>
<p>Nu heb ik bij de opleiding journalistiek geleerd dat één bron geen bron is. Het raadplegen van één expert ontslaat de redactie bovendien niet van elke vorm van zelfstandig nadenken. Een korte, kritische blik op het onderzoek en de uitvoerende organisatie had al alarmbellen moeten doen rinkelen bij de NOS.</p>
<p>Daarnaast schuift Gelauff alle verantwoordelijk van zich af. En dat terwijl Jan van Dijk volgens mij niet bepaalt wat er in het achtuurjournaal komt. Gelauff is eindverantwoordelijk; hem treft daarom blaam voor de keuze het item op deze manier uit te zenden.</p>
<p>Navraag bij Van Dijk door <a href="http://www.nwtonline.nl/nl/weblog/976/het-nos-journaal-vindt-een-bliksemafleider.html" target="_blank">Keulemans</a> en <a href="http://www.dejaap.nl/2012/05/14/nos-schermt-met-woorden-die-hoogleraar-nooit-gezegd-heeft/" target="_blank">Duits</a> leert bovendien dat hij helemaal niet gezegd heeft dat het onderzoek betrouwbaar is. Het onderzoek is <a href="http://www.nwtonline.nl/nl/weblog/976/het-nos-journaal-vindt-een-bliksemafleider.html" target="_blank">volgens hem</a> niet representatief en de samenvatting bevat &#8220;een hoop onzin over Skinnerboxen, stress en de niet bestaande afwijking FOMO. Zelfs het onderscheid tussen stress en verslaving wordt niet goed gemaakt.&#8221;</p>
<p>Wel denkt Van Dijk dat sociale media-stress een reëel probleem is voor sommige jongeren. Het is volgens hem belangrijk dat het op de agenda wordt gezet, &#8220;ook al is het dan via een slecht en totaal niet wetenschappelijk onderbouwd onderzoek&#8221;. Deze enorme kanttekening komt niet terug in het item van de NOS.</p>
<p>Ondanks het dubieuze onderzoek is Van Dijk wel positief over het item van de NOS. Hij wil namelijk aandacht vragen voor het maatschappelijk effect van sociale media. Met een reden: &#8220;Misschien krijgen de universiteiten dan eindelijk eens een keer wat geld om dit onderzoek goed te doen&#8221;, aldus de professor. Ook Van Dijk heeft dus een belang, iets wat de NOS zich klaarblijkelijk onvoldoende realiseert.</p>
<p><strong>Neutrino&#8217;s</strong><br />
Sociale media-stress en de Mexicaanse griep zijn niet de enige voorbeelden van misstappen van de NOS. Net als de persvoorlichter van TU Delft <a href="http://michelvanbaal.weblog.tudelft.nl/2012/02/24/gerommel-en-geblunder-ja-maar-niet-van-c" target="_blank">Michel van Baal</a> kromp ik ineen toen ik een <a href="http://nos.nl/video/344453-neutrinos-toch-niet-sneller-dan-licht.html" target="_blank">item</a> in het journaal zag over de neutrino&#8217;s die niet sneller dan het licht bleken te zijn gegaan. Verslaggever Kees van Dam sprak daarover Nobelprijswinnaar Gerard &#8216;t Hooft. Zijn vraag: &#8220;Onderzoeksresultaten naar buiten brengen die later die niet blijken te kloppen. Hebben we het dan over een blunder, gerommel?&#8221;</p>
<p>Nee, dan hebben we het niet over gerommel. De reden dat de onderzoekers van CERN de resultaten naar buiten brachten was dat ze zelf op hun klompen aanvoelden dat er iets niet moest kloppen. De theorie van Einstein staat als een huis. De kans was groot dat er ergens een fout in de meetmethode zat waardoor de neutrino&#8217;s sneller dan het licht leken te gaan. Alleen konden de onderzoekers de fout niet vinden, vandaar dat ze andere wetenschappers om hulp vroegen.</p>
<p><strong>Geen wetenschapsredacteuren</strong><br />
Deze fout had voorkomen kunnen worden door het item door een wetenschapsredacteur te laten maken, maar die heeft de NOS niet in dienst. Dat is een bewuste keuze. Oud-hoofdredacteur Hans Laroes vond dat onnodig en zijn opvolger Marcel Gelauff zet die lijn voort. In hetzelfde <a href="http://www.delta.tudelft.nl/artikel/-don-t-shoot-the-messenger/25122" target="_blank">artikel</a> van universiteitsblad TU Delta zegt Gelauff daarover:</p>
<blockquote><p>Ik wil niet dat mijn collega’s het werk van wetenschappers overdoen. Daar is geen tijd voor. We hebben een permanente deadline. Natuurlijk moeten ze een bepaald onderzoek wel in de context plaatsen. En natuurlijk maken we wel eens fouten, maar toch denk ik: daarvoor heb ik geen wetenschapsredacteur nodig. Dat hoort gewoon bij gedegen journalistiek handwerk.</p></blockquote>
<p>Terwijl de wereld in rap tempo ingewikkelder wordt door steeds geavanceerdere technologie die in alle hoeken van de samenleving opduikt, denkt de hoofdredacteur van NOS Nieuws daarover te kunnen schrijven zonder specialist. <a href="http://www.nwtonline.nl/nl/weblog/790/de-zuiplappen-vallen-aan.html" target="_blank">Meerdere</a> <a href="http://www.nwtonline.nl/nl/weblog/766/de-fabel-van-de-belaagde-hulpverlener.html" target="_blank">blunders</a> laten zien dat dat vaak misgaat.</p>
<p>Het is niet dat de NOS geen specialisten in huis heeft. Gelauff:</p>
<blockquote><p>We hebben wel specialisten op bepaalde thema’s als gezondheidszorg, maar wij halen journalisten in huis, geen wetenschappers.</p></blockquote>
<p>Alsof het een het ander uitsluit. Er zijn in Nederland talloze wetenschapsjournalisten, die beide disciplines weten te verenigen. Sterker nog: ze hebben zelfs <a href="http://www.wetenschapsjournalisten.nl/vwn/" target="_blank">een eigen vereniging</a>.</p>
<p><strong>Een wetenschapsredacteur kan tijd besparen</strong><br />
Ik verbaas mij nog meer over het feit dat gezondheidszorg wel een eigen portefeuille waard is, maar wetenschap niet. Alsof iedereen met wat rondbellen en nadenken zomaar verslag kan doen <a href="http://diigo.com/0ql8b" target="_blank">van</a> &#8220;dopingschandalen, veeziektes, klimaatverandering, kernenergie, weersextremen, virusuitbraken, computerbeveiliging, milieurampen en criminaliteitsstatistieke&#8221;. Een natuurwetenschappelijke bachelor duurt niet voor niets drie jaar.</p>
<p>Bovendien kan een wetenschapsredacteur in tegenstelling tot wat Gelauff denkt juist tijd besparen. Het is van toegevoegde waarde als er iemand op de redactie aanwezig is met verstand van zaken die snel kan aangeven hoe iets in elkaar steekt en welke invalshoek interessant is.</p>
<p>Toen het na de aardbeving in Japan mis dreigde te gaan bij de kerncentrale Fukushima heb ik op de krantenredactie waar ik destijds werkte uitgelegd wat de drie belangrijkste soorten ioniserende straling zijn. Handig voor de andere redacteuren, die gelijk meer kennis over de situatie hadden. Maar het bespaarde ook tijd, omdat enkele verhaalideeën van tafel konden en er een paar stappen verder werd gedacht.</p>
<p><strong>De essentie van wetenschap</strong><br />
Waar komt deze starre houding van Gelauff tegenover wetenschap vandaan? Keulemans <a href="http://www.nwtonline.nl/nl/weblog/969/nos-journaal-kan-niks-met-waarheidsvinding.html" target="_blank">houdt het erop</a> dat wetenschap maar lastig, vervelend en saai is. Maar volgens mij gaat het verder dan dat. Gelauff heeft totaal geen benul van waar de wetenschap voor staat. Hij zegt:</p>
<blockquote><p>[H]et is niet zo dat wetenschappers dé waarheid vertellen. De wetenschap staat niet stil. Wat vroeger voor waar werd aangenomen, wordt inmiddels weer ondergraven. Absolute waarheden bestaan niet.</p></blockquote>
<p>Daar is-ie weer: de waarheid. Gelauff heeft gelijk, maar laat daarmee zien dat hij van wetenschap geen kaas gegeten heeft. Wetenschappers twijfelen juist voortdurend aan alles, dat moet de <a href="http://www.nu.nl/column-zaterdag/2611765/geloof-in-eeuwige-twijfel.html" target="_blank">basishouding</a> zijn. Door twijfel blijf je scherp. Wetenschappelijk onderzoek maakt stappen juist door slimme lieden die zich constant dingen afvragen. Niks staat vast.</p>
<p>Daartegenover staat een zekerheid: wetenschap werkt door de bank genomen. Het is een bewezen methode om kennis te vergaren. De relativiteitstheorie van Einstein wordt misschien ooit overtroffen door een nieuw model dat nóg meer verklaart, maar dat betekent niet dat we op de huidige theorie niet kunnen bouwen. Zonder Einstein zouden we bijvoorbeeld geen GPS hebben, een uitvinding waarvan veel mensen dagelijks gebruikmaken om <a href="http://www.kennislink.nl/publicaties/zonder-einstein-zouden-we-verdwalen" target="_blank">de weg te vinden</a>.</p>
<p><strong>Reactie</strong><br />
Nieuwslezeres Sacha de Boer <a href="http://weblogs.nos.nl/presentatoren/2012/02/05/waarom-leek-het-toch-alsof-ik-zo-onbeschoft-was-tegen-de-ns/" target="_blank">reageerde snel</a> na de kritiek op haar interview met NS-directeur Meerstadt. Tot op heden heeft Gelauff, op de ingezonden brief na, niet gereageerd. Niet op de publicatie van universiteitsblad Delta, noch op de NOS-berichtgeving over sociale media-stress. Op het weblog van de NOS-hoofdredactie is het tot nu toe stil gebleven. Ik roep Marcel Gelauff op om zich te mengen in de discussie en een uitgebreide toelichting te geven.</p>
<p><strong>Update</strong>: Gelauff <a href="http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/de-nos-handelt-altijd-met-een-gezonde-dosis-journalistieke-achterdocht/" target="_blank">heeft inmiddels gereageerd</a> op de kritiek over de berichtgeving rondom sociale media-stress. In de comments <a href="http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/de-nos-handelt-altijd-met-een-gezonde-dosis-journalistieke-achterdocht/#comment-368277" target="_blank">gaat hij ook kort in</a> op de bredere kritiek.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/geen-geloof-in-gelauff/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>4</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Hoe populisten scoren in de media</title>
		<link>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/hoe-populisten-scoren-in-de-media/</link>
		<comments>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/hoe-populisten-scoren-in-de-media/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 14 May 2012 10:12:51 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Remko van Broekhoven</dc:creator>
				<category><![CDATA[Onderzoek]]></category>
		<category><![CDATA[framing]]></category>
		<category><![CDATA[Geert Wilders]]></category>
		<category><![CDATA[mediapopulisme]]></category>
		<category><![CDATA[populisme]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.denieuwereporter.nl/?p=25478</guid>
		<description><![CDATA[Net nu half Nederland hoopt dat het na tien jaar stil wordt rond het rechtspopulisme, is daar Linda Bos. Op 8 mei promoveerde de politicoloog op een onderzoek naar de wijze waarop rechtspopulisten zowel journalistiek als publiek bespelen. Remko van Broekhoven leest haar proefschift kritisch: "Statistisch gezien is het ongetwijfeld allemaal in orde. Maar krabt dit onderzoek wel waar het jeukt?"]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Net nu half Nederland hoopt dat het na tien jaar stil wordt rond het rechtspopulisme, is daar Linda Bos. Op 8 mei promoveerde de politicoloog met <em><a href="http://dare.uva.nl/cgi/b/bib/bib-idx?type=simple;lang=nl;c=uvadis;sid=a1629ce9fbda4c1d1d11dd21d29a999f;rgn1=entire%20record;q1=bos%20public%20images%20leaders;Submit.x=0;Submit.y=0;sort=publicationyear;cc=uvadis;view=reslist;fmt=long;page=reslist;start=1;size=1">Public Images of Right-Wing Populist Leaders: The Role of the Media</a>.</em></p>
<p>In tegenstelling tot wat de titel doet vermoeden, een proefschrift over <em>Nederlandse</em> rechts-populistische politici. En over de wijze waarop zij zowel journalistiek als publiek bespelen. Het mag duidelijk zijn dat eens te meer een hoofdrol is weggelegd voor een zekere partijleider uit Venlo met een minimum aan sympathie voor medepolitici, moslims en ‘linksmensen’.</p>
<p>Want hoewel Bos zijn naam nauwelijks noemt, is het overduidelijk op wie zij doelt als zij stelt:</p>
<blockquote><p>(…) we found that what set the most successful right-wing populist leader apart from the less successful ones was his authoritativeness. So what distinguished him from his direct competitor was not his extraordinariness, but rather what made him more similar to established party leaders.</p></blockquote>
<p>Daar ligt meteen een sterk punt van het onderzoek dat Linda Bos heeft gedaan. Ze komt tot een even onverwachte als overtuigende conclusie: dat rechtspopulisten als Wilders niet zozeer ‘scoren’ door hun populisme en dus <em>outsider</em> zijn; maar pas echt aandacht krijgen én houden van de media wanneer ze tegelijkertijd deel van het establishment zijn.</p>
<p><strong><em>Never a dull moment</em></strong></p>
<p>Het eerste ligt redelijk voor de hand, zeker voor wie &#8211; eventueel uit eigen ervaring – weet welke nieuwscriteria journalisten hanteren. Fortuyn, Verdonk en Wilders waren ‘nieuws’ omdat ze niet op hun medepolitici leken.</p>
<p>Met hun provocerende optreden zorgden ze voor stevige sound bytes en ruzie in de tent. En conflict, provocatie en escalatie samen resulteerden in een <em>continuing story with never a dull moment. </em>Ziedaar het populisme als nieuwsfactor.</p>
<p>Wat – althans voor mij, toen ik het voor het eerst las – een eyeopener was: met alleen populistische stijl en retoriek haal je het nieuws niet. Althans niet blijvend. Volgens Bos dien je ook serieus genomen te worden door journalisten (en medepolitici).</p>
<p>En dat gebeurt wanneer je <em>gezaghebbendheid</em> wordt toegekend. Deze vat zij op als kennis van zaken, althans de perceptie dat de politicus in kwestie deze heeft, en als overtuigingskracht.</p>
<p>Op grond van zowel de nodige theorie als diverse onderzoeken maakt Bos haar punt. Basis voor het bovenstaande deelonderzoek naar de berichtgeving over  rechtspopulisten is bijvoorbeeld een inhoudsanalyse van zeventien verschillende media tijdens de verkiezingscampagne van 2006.</p>
<p>Het resultaat is een indrukwekkende – en intimiderende – reeks statistieken, waarin <a href="http://www.asc.upenn.edu/usr/krippendorff/dogs.html">Krippendorff’s Alpha</a> en een <a href="http://www.tandfonline.com/doi/abs/10.1207/s15324818ame0504_5">Mokken-schaalanalyse</a> niet ontbreken. De kenner zal erdoor overtuigd raken, de leek buigt eerbiedig het hoofd en accepteert de conclusies.</p>
<p><strong>Krabt het waar het jeukt?</strong></p>
<p>Dat zou echter wel eens meteen het probleem kunnen zijn. Statistisch gezien is het ongetwijfeld allemaal in orde. Theoretisch maakt het ook een zeer gedegen indruk, vol verwijzingen naar eerbiedwaardige andere wetenschappers.</p>
<p>Maar krabt dit onderzoek wel waar het jeukt: beschrijft het iets wat ook in de politieke en journalistieke werkelijkheid bestaat? Of, om het nu weer een tikkeltje academischer te stellen… Hoe reëel is de gebruikte operationalisering van het begrip ‘gezaghebbendheid’?</p>
<p>Bos werkt gezaghebbendheid uit als: het gebruik van argumenten; het verwijzen naar feiten, cijfers of andere bronnen; en het aandragen van oplossingen. Mij lijkt dit een rijkelijk rationalistische, idealistische en irreële inschatting van de gronden waarop  mensen gewicht toekennen aan wat politici zeggen of doen. Zeker als deze mensen journalisten zijn, en de politici populisten.</p>
<p>In de wereld van alledag – of die zich nu afspeelt in redactieruimtes of in wandelgangen, aan de bar of voor de televisie, op het Malieveld of op het Binnenhof &#8211; nemen journalisten politici eerst en vooral serieus als die laatsten macht hebben. Wanneer ze een stevige Kamerfractie leiden of het goed doen in de <em>polls</em>, indien ze in het kabinet zitten of dit met een tweet kunnen laten vallen.</p>
<p><strong>Geen woorden maar daden</strong></p>
<p>Los van hun machtspositie doet natuurlijk de communicatieve kracht van politici ertoe. Maar ver voorbij wat Bos kan meten, vindt deze communicatie plaats via emoties, associaties, en daden in plaats van woorden.</p>
<p>Dat zou ook verklaren waarom een politicus als Wilders niet alleen een snaar weet te raken bij pakweg één op de vijf kiezers, maar evenzeer bij het gros van de Nederlandse journalisten. Waarbij die laatsten ongetwijfeld zelden door sympathie worden gedreven, maar er in elk geval fascinatie bestaat, en de inschatting dat Wilders <em>for real </em>is.</p>
<p>Je kunt gerust stellen dat Wilders’ gezag niet voortkomt uit de mate waarin hij zich aan de regels van het argumenteren houdt. Integendeel: Jan Kuitenbrouwer heeft bijvoorbeeld in <a href="http://www.radio1.nl/items/15784-de-woorden-van-wilders-en-hoe-ze-werken"><em>De woorden van Wilders</em></a> vrij overtuigend aangetoond dat Wilders heel simpel, ongenuanceerd en vooral emotioneel spreekt of schrijft.</p>
<p>Op zijn beurt heeft de Delftse hoogleraar bestuurskunde <a href="http://www.trouw.nl/tr/nl/4324/nieuws/article/detail/1084637/2010/01/26/Geert-Wilders-is-een-meester-in-het-debat.dhtml">Hans de Bruijn</a> gewezen op Wilders’ vermogen om te <em>framen</em>. Ook hier doet emotie haar werk. Of, zoals De Bruijn stelt: “De kracht van Wilders is voor een belangrijk deel zijn gepassioneerdheid, zijn oprechte woede over wat er allemaal mis is in Nederland, zijn vechtlust.” Er is weinig reden te veronderstellen dat journalisten – hoe verstandig ook – immuun zouden zijn voor een dergelijke kracht.</p>
<p>Betrouwbare statistieken, fatsoenlijke bronverwijzingen, feitelijkheden, argumenten en oplossingen spelen daarbij een te verwaarlozen rol. De impact van Wilders’ betoog zit juist in zijn beknoptheid, in zijn soundbyte-waardige frames (<a href="http://www.telegraaf.nl/binnenland/6585702/__PVV_doet_het_voor_Henk_en_Ingrid__.html?sn=binnenland,buitenland">Henk &amp; Ingrid</a>, <a href="http://www.volkskrant.nl/vk/nl/2824/Politiek/article/detail/1789750/2011/01/07/Wie-gebruikte-de-term-linkse-hobby-s-het-eerst.dhtml">linkse hobby’s</a>, <a href="http://www.volkskrant.nl/vk/nl/2686/Binnenland/article/detail/786026/2006/10/06/Wilders-bang-voor-tsunami-van-islamisering.dhtml">Tsunami van islamisering</a>) en – <em>last but very definitely not least</em>: in het feit dat hij een leven leidt dat zijn boodschap belichaamt.</p>
<p>De man die van de islamitische dreiging zijn voornaamste issue heeft gemaakt, wordt ook daadwerkelijk door moslimextremisten bedreigd. Of, zoals hij het zelf in een <a href="http://www.youtube.com/watch?v=db_aArmqr2c">debat</a> met Job Cohen zei: “De heer Cohen zegt dat de islam eigenlijk niet anders is dan andere godsdiensten. En meneer Cohen, hoe kan het dan dat ik nu al bijna zes jaar lang bij ieder publiek optreden – ook nu terwijl ik tegenover u sta – een debat moet voeren met een kogelvrij vest aan, en u niet?” Je hoeft het nauwelijks met Wilders eens te zijn om vast te stellen dat hij gezag geniet vanwege zijn <em>leven</em>. En de bedreiging daarvan.</p>
<p><strong>So You Wanna Be a Popstar</strong></p>
<p>Dat Wilders aandacht krijgt van journalisten omdat hij de positie van outsider met die van insider verenigt, blijft een interessante en wellicht juiste stelling. Niet echter vanwege de rationele gezaghebbendheid die Bos onderscheidt. Belangrijker zijn z’n daadwerkelijke machtspositie, zijn emotionele ‘gezag’ en – ook niet onbelangrijk – het feit dat hij een van de tien langstzittende Kamerleden is.</p>
<p>Dat hij nu al weer bijna acht jaar de media betovert en daarmee Fortuyn in de schaduw heeft gesteld, komt gedeeltelijk doordat Wilders op tijd beveiliging heeft verkregen. Het is daarnaast te danken – of te wijten, al naar gelang wie spreekt – aan de ruime ervaring, dossierkennis en (media)contacten die Geert Wilders sinds 1998 in Den Haag heeft opgedaan. Ook dat onderscheidt hem van de waarachtiger <em>outsider </em>Fortuyn.</p>
<p>Maakt dit alles Bos’ begrip van de ‘gezaghebbende buitenstaander’ irrelevant? Ik zou het niet durven beweren. Al is het maar omdat zij wel degelijk diepgaand onderzoek heeft gedaan, en rationaliteit natuurlijk een rol speelt in het gezag dat mensen – inclusief journalisten – politici toekennen.</p>
<p>Ook ligt het voor de hand dat succesvolle rechts-populistische politici hun ‘anders-zijn’ altijd dienen te compenseren met ‘erbij horen’. Althans wel bij journalisten, die je anders wegzetten als pias. Of, wellicht erger nog, negeren. Dit alles overkwam Hilbrand Nawijn, die het van minister schopte tot deelnemer aan <a href="http://www.youtube.com/watch?v=fmXTNj0AHDQ"><em>So You Wanna Be a Popstar</em></a> en auteur van een debuutsingle genaamd <a href="http://www.youtube.com/watch?v=UMBM-6Di_qE"><em>Hey jumpen</em></a><em>. </em></p>
<p><strong>Niet alles wat telt…</strong></p>
<p>De dissertatie van Bos is dus verplichte kost voor wie geïnteresseerd is in de relatie tussen politici als Fortuyn, Verdonk en Wilders enerzijds, en de Nederlandse media anderzijds. Ik hoop echter dat ze aangevuld wordt met onderzoek dat mogelijkerwijs statistisch minder overtuigend oogt, maar niettemin de echte wereld van emotioneel en irrationeel gedrag wat beter in beeld brengt.</p>
<p>Je zou kunnen stellen dat dit onmogelijk is en geen betrouwbare data oplevert. Om het met Einstein te zeggen: ‘Niet alles wat geteld kan worden, telt. Niet alles wat telt, kan geteld worden.” Maar wellicht kom je al een heel eind met goede interviews of observatie van journalisten aan het werk.</p>
<p>Zo zijn de drie studies naar Wilders en de media waarin journalisten geïnterviewd werden over de wijze waarop ze Wilders <em>coverden</em>, voor vervolg vatbaar. Hierin gaven redacteuren van NOVA, GPD en verschillende kranten aan dat ze Wilders vooral ‘volgden’ vanwege zijn pittige uitspraken, het belang van zijn partij en – banaal, maar waar – het feit dat andere media hetzelfde deden…</p>
<p>Ironisch genoeg waren dit eenvoudige masterscripties. Maar wel uitgevoerd door studenten met journalistieke ervaring en -ambitie. Misschien dat we Wilders’ <em>media-appeal </em>pas écht begrijpen als journalisten andere journalisten met journalistieke methoden onderzoeken. Dat ze dan eerst de studie van Linda Bos erop na hebben geslagen, kan vast geen kwaad.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/hoe-populisten-scoren-in-de-media/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>7</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Video&#8217;s over datajournalistiek van IJF12 (Perugia)</title>
		<link>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/videos-over-datajournalistiek-van-ijf12-perugia/</link>
		<comments>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/videos-over-datajournalistiek-van-ijf12-perugia/#comments</comments>
		<pubDate>Sun, 13 May 2012 12:50:39 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Jerry Vermanen</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[datajournalistiek]]></category>
		<category><![CDATA[ijf12]]></category>
		<category><![CDATA[Universita' Degli Studi di Perugia]]></category>
		<category><![CDATA[video]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.denieuwereporter.nl/?p=25457</guid>
		<description><![CDATA[Van 25 tot 29 april had het <a href="http://www.festivaldelgiornalismo.com/" target="_blank">International Journalism Festival</a> in Perugia plaats. Dit jaar lag de nadruk zwaar op datajournalistiek. Voor wie er niet bij kon zijn, heeft de organisatie de workshops en keynotes <a href="http://webtv.journalismfestival.com/" target="_blank">vastgelegd op video</a>. In dit artikel een selectie van video's die over datajournalistiek gaan, met onder meer Simon Rogers, Dan Nguyen, Aron Pilhofer en Steve Doig.]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Van 25 tot 29 april had het <a href="http://www.festivaldelgiornalismo.com/" target="_blank">International Journalism Festival</a> in Perugia plaats. Dit jaar lag de nadruk zwaar op datajournalistiek. Voor wie er niet bij kon zijn, heeft de organisatie de workshops en keynotes <a href="http://webtv.journalismfestival.com/" target="_blank">vastgelegd op video</a>. Hieronder een selectie van video&#8217;s die over datajournalistiek gaan, met onder meer Simon Rogers, Dan Nguyen, Aron Pilhofer en Steve Doig.</p>
<h1><strong>Workshops</strong></h1>
<h2>Spending stories</h2>
<p><em>Door: Liliana Bounegru, Lucy Chambers, Friedrich Lindenberg</em></p>
<p><iframe id="ijf" src="http://webtv.journalismfestival.com/v/1311" width="550" height="309" frameborder="0" scrolling="no" allowtransparency="true"></iframe></p>
<h2>Getting stories from data</h2>
<p><em>Door: Caelainn Barr, Liliana Bounegru, Lucy Chambers, Steve Doig</em> </p>
<p><iframe id="ijf" src="http://webtv.journalismfestival.com/v/1310" width="550" height="309" frameborder="0" scrolling="no" allowtransparency="true"></iframe></p>
<h2>Making data pretty</h2>
<p><em>Door: Liliana Bounegru, Lucy Chambers, Dan Nguyen, Simon Rogers</em></p>
<p><iframe id="ijf" src="http://webtv.journalismfestival.com/v/1303" width="550" height="309" frameborder="0" scrolling="no" allowtransparency="true"></iframe></p>
<h2>Information wants to be free</h2>
<p><em>Door: Liliana Bounegru, Heather Brooke, Lucy Chambers, Helen Darbishire, Steve Doig</em></p>
<p><iframe id="ijf" src="http://webtv.journalismfestival.com/v/1302" width="550" height="309" frameborder="0" scrolling="no" allowtransparency="true"></iframe></p>
<h1><strong>Panel discussions</strong></h1>
<h2>You too can be a data journalist</h2>
<p><em>Door: Caelainn Barr, Liliana Bounegru, Lucy Chambers, Mirko Lorenz, Dan Nguyen, Aron Pilhofer, Simon Rogers</em></p>
<p><iframe id="ijf" src="http://webtv.journalismfestival.com/v/1512" width="550" height="309" frameborder="0" scrolling="no" allowtransparency="true"></iframe></p>
<h2>Presentation shortlist Data Journalism Awards</h2>
<p><em>Door: Bertrand Pecquerie, Aron Pilhofer, Wilfried Reutten</em></p>
<p><iframe id="ijf" src="http://webtv.journalismfestival.com/v/1513" width="550" height="309" frameborder="0" scrolling="no" allowtransparency="true"></iframe></p>
<h2>How can data journalism save your newsroom</h2>
<p><em>Door: Caelainn Barr, Liliana Bounegru, Lucy Chambers, Mirko Lorenz, Dan Nguyen, Aron Pilhofer, Simon Rogers</em></p>
<p><iframe id="ijf" src="http://webtv.journalismfestival.com/v/1511" width="550" height="309" frameborder="0" scrolling="no" allowtransparency="true"></iframe></p>
<h2>News and numbers: from CAR to data journalism</h2>
<p><em>Door: Liliana Bounegru, Lucy Chambers, Sarah Cohen, Steve Doig, Aron Pilhofer, Simon Rogers, Elisabetta Tola</em></p>
<p><iframe id="ijf" src="http://webtv.journalismfestival.com/v/1510" width="550" height="309" frameborder="0" scrolling="no" allowtransparency="true"></iframe></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/videos-over-datajournalistiek-van-ijf12-perugia/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>NOS Journaal &#8216;kan niks&#8217; met waarheidsvinding</title>
		<link>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/nos-journaal-kan-niks-met-waarheidsvinding/</link>
		<comments>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/nos-journaal-kan-niks-met-waarheidsvinding/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 10 May 2012 18:12:35 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Maarten Keulemans</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Opinie]]></category>
		<category><![CDATA[Marcel Gelauff]]></category>
		<category><![CDATA[NOS-Journaal]]></category>
		<category><![CDATA[wetenschapsjournalistiek]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.denieuwereporter.nl/?p=25449</guid>
		<description><![CDATA[De hoofdredacteur van NOS Nieuws, Marcel Gelauff, denkt dat zijn organisatie geen speciale wetenschapsredacteuren nodig heeft. Wetenschapsjournalist Maarten Keulemans verbaast zich daarover. "Een curieuze houding voor een medium dat toch bericht over dopingschandalen, veeziektes, klimaatverandering, kernenergie, weersextremen, virusuitbraken, computerbeveiliging, milieurampen en criminaliteitsstatistieken."]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><strong>Ik bof toch maar. Daags nadat ik het NOS Journaal voor de voeten wierp <a href="http://www.nwtonline.nl/nl/weblog/961/het-nos-journaal-ontdekt-een-probleem.html" target="_blank">slordig met onderzoeksnieuws</a> om te gaan, krijg ik bijval uit onverwachte hoek: van de hoofdredacteur van het journaal zelf.</strong></p>
<p>In <a href="http://www.delta.tudelft.nl/artikel/-don-t-shoot-the-messenger/25122" target="_blank">dit interessante artikel</a> in universiteitskrant Delta, over het tanende vertrouwen in de wetenschap, maakt journaalbaas <a href="http://nos.nl/artikel/234955-gelauff-hoofdredacteur-nos-nieuws.html" target="_blank">Marcel Gelauff</a> volstrekt helder hoe serieus het journaal wetenschap eigenlijk neemt.</p>
<p>Helemaal niet dus. ‘Wat vroeger voor waar werd aangenomen, wordt inmiddels weer ondergraven.’ En: ‘Wij doen geen simpel feitenonderzoek. Ik vind dat een onzinbenadering.’ En: ‘Ze [de deskundige en de man op straat, MK] komen allebei aan het woord. Ik heb geen opvoedkundige taak.’</p>
<p>Als de bloemenjuffrouw zegt dat het vaccin tegen baarmoederhalskanker je paarse pukkels geeft, weegt dat dus even zwaar als de mening van het RIVM. Gelauff: ‘Als de kijker na het zien van zo’n item in verwarring is, dan is dat zo.’</p>
<p>Laten we Gelauffs opvattingen eens vertalen naar de Haagse redactie. ‘Politieke beslissingen die vroeger werden genomen, worden inmiddels toch weer teruggedraaid.’ Of: ‘Ik kan niks met de suggestie dat wij de waarheid kunnen vaststellen.’</p>
<p>Toen in 2009 de Mexicaanse Griep uitbrak, was ik toevallig in Engeland. Het BBC nieuws liet zijn science editor aanschuiven, een capabele journalist die feilloos duidde wat er aan de hand was: nieuw virus, veel doden, best eng, maar bedenk wél dat het in Mexico is, een land waar griepvirussen altijd veel harder toeslaan.</p>
<p>Het NOS Journaal ging naar Ab Osterhaus (wiens werk het is om te waarschuwen tegen griepvirussen) en naar RIVM-topman Roel Coutinho (wiens werk het is om de bevolking te beschermen tegen ziektes). Die zeiden keurig hun <em>mission statement</em> op: de griep is een onderschatte ziekte, een nieuw virus is altijd gevaarlijk, vaccins moeten er komen.</p>
<p>De afloop kent u. Terwijl duidelijk werd dat het met het gevaar van het nieuwe virus erg meeviel, zette Nederland een massale vaccinatiecampagne op – waarna we voor 144 miljoen euro aan vaccins teveel bleken te hebben gekocht. In onder meer Engeland gebeurde dat niet.</p>
<p>‘Als de kijker na het zien van zo’n item in verwarring is, dan is dat zo. Ik heb geen opvoedkundige taak.’</p>
<p>Het gemopper van Gelauff (hbo-opgeleid) verraadt een ander sentiment. Wetenschap is maar lastig. Vervelend. Saai. Trouwens, wetenschappelijke uitspraken zijn ook maar een mening. Wat heb je eraan.</p>
<p>Een curieuze houding voor een medium dat toch bericht over dopingschandalen, veeziektes, klimaatverandering, kernenergie, weersextremen, virusuitbraken, computerbeveiliging, milieurampen en criminaliteitsstatistieken.</p>
<p>De wereld wordt steeds ingewikkelder. Maar het NOS Journaal houdt het gelukkig lekker simpel.</p>
<p><em>Dit stuk verscheen eerder op het <a href="http://www.nwtonline.nl/nl/weblog/969/nos-journaal-kan-niks-met-waarheidsvinding.html" target="_blank">persoonlijke weblog van Maarten Keulemans</a> op NWT Online.</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/nos-journaal-kan-niks-met-waarheidsvinding/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Journalistiek als excuus voor avontuur</title>
		<link>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/journalistiek-als-excuus-voor-avontuur/</link>
		<comments>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/journalistiek-als-excuus-voor-avontuur/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 10 May 2012 12:20:46 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Hans Renders</dc:creator>
				<category><![CDATA[Recensie]]></category>
		<category><![CDATA[Haagsche Courant]]></category>
		<category><![CDATA[NRC-Handelsblad]]></category>
		<category><![CDATA[Peter ter Horst]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.denieuwereporter.nl/?p=25423</guid>
		<description><![CDATA[De Haagsche Courant werd in 2005 onderdeel van het Algemeen Dagblad. Voor hoofdredacteur Peter ter Horst destijds reden voor een vroegtijdig vertrek. Nu kijkt hij terug op zijn journalistieke carrière met zijn boek ‘De dag dat de krant viel’. Hans Renders las het boek.]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Na een mooie loopbaan bij <em>NRC Handelsblad</em> werd Peter ter Horst in 2001 hoofdredacteur van de <em>Haagsche Courant</em>, de krant waarin hij op zijn zestiende zijn eerste stukje publiceerde. In 2005 werd de Haagsche Courant opgeslokt door het <em>Algemeen Dagblad</em>. Hiermee kwam in feite een einde aan een geschiedenis die in 1864 begon toen uitgeverij Belinfante met de uitgave begon. De gloriedagen beleefde de krant trouwens toen Sijthoff de uitgever was.</p>
<p>Ter Horst greep het noodgedwongen einde van zijn journalistieke carrière aan om helemaal uit het vak te stappen. Na nog even hoofdredacteur van <em>Intermediair</em> te zijn geweest, werd hij  communicatie- en media-adviseur. Met <em>De dag dat de krant viel</em> maakt hij de balans op, van zijn eigen professionele leven tot nu en ook van de rol die de (papieren) krant nog speelt. Ter Horst wilde graag journalist worden ‘omdat je dan gratis naar voetballen mocht’.</p>
<p><strong>Zuidwest Den Haag</strong></p>
<p>Op heldere wijze beschrijft Ter Horst welke rol de Haagsche Courant in zijn leven speelde, en daarmee krijgen we ook een beeld van de krant zelf. Hij groeide op in Zuidwest Den Haag, een wijk die in de jaren vijftig uit de grond was gestampt.</p>
<p>Er kwamen allemaal mensen wonen die net als Ter Horst beter onderwijs kregen dan hun ouders, Nederland was zo langzamerhand wel weer opgebouwd en de economie had nog geen last van al te onvoorspelbare buitenlandse dreigingen. De Haagsche Courant, en alle kranten, profiteerde daarvan.</p>
<p>Ter Horst werd een gevierd redacteur. Hij reisde naar India, Sri Lanka en naar elke plek waar een verhaal viel te halen. Met zijn degelijke leerschool op de redactie, kwam hij met mooie kopij terug. En ja, die werd ook bij NRC Handelsblad gelezen. Ter Horst stapte over, of zoals hij het zelf zegt, hij ging van de vismarkt naar de leeszaal van de Koninklijke Bibliotheek.</p>
<p><strong>NRC Handelsblad</strong></p>
<p>Bij NRC Handelsblad schreef men wel over problemen, maar niemand had er last van. Een stuk schrijven duurde daar zolang als dat duurt. Collega Adriaan van Dis sprak de redactie toe met de wijze les om zo nu en dan een regel poëzie te lezen tijdens het werk en vooral om je te vervelen, ‘want uit verveling komt inspiratie’.</p>
<p>Ter Horst schrijft enthousiast over zijn tijd bij NRC Handelsblad, over de vele grootheden die hij mocht interviewen (Bruce Springsteen, Mandela). Maar er ontstonden problemen. Hierover is Ter Horst helaas nogal vaag. Hem werd aangeboden correspondent in Parijs te worden. Als ik het goed begrijp was dit een poging hem af te houden van het hoofdredacteurschap. ‘Zo maakte ik eens mee hoe een coup gaat.’</p>
<p>Na correspondentschappen in Zuid-Afrika en Albanië was er op de redactie van NRC Handelsblad geen plaats meer voor hem. Ter Horst ging na tien jaar terug naar de Haagsche Courant, eerst als verslaggever en door het onverwacht vertrek van de zittende hoofdredacteur  werd hij na een half jaar hoofdredacteur. Die promotie, in 2001, was zo’n beetje de einddatum van een dertigjarig Walhalla voor kranten.</p>
<p><strong>Wegener</strong></p>
<p>Naargeestigheid alom, de ooit zo trotse uitgever Sijthoff moest nu wekelijks verslag uitbrengen aan de echte baas: Wegener. En die moest weer de buitenlandse investeerders tevreden stellen.</p>
<p>Ter Horsts kennismaking met de plaatselijke elite verliep ook niet erg soepel. Burgemeester Deetman: ‘Weet u wat het probleem is van de Haagsche Courant? Niets klopt. De feiten kloppen niet, de achtergronden kloppen niet, de analyses kloppen niet.’</p>
<p>Toch probeerde Ter Horst er wat van te maken. Maar ja, Wegener eiste een steeds hoger rendement, de stad raakte voller met mensen die geen kranten lazen en in een poging dat te veranderen haakten de oudere lezers af. Het internet en de digitalisering eisten hun tol. En bovenal: Ter Horst kon niet langer een krant maken die hij zelf zou willen lezen.</p>
<p>Peter ter Horst (2012): <em>De dag dat de krant viel - </em><em>Een journalistiek jongensboek. </em>Balans, 255 blz., isbn 9789460033988, €18,-.</p>
<p><em>Deze recensie is tot stand gekomen in samenwerking met <a href="http://www.persinnovatie.nl">Persinnovatie.nl</a>.</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/journalistiek-als-excuus-voor-avontuur/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>3</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Journalistiek blundert met ‘onderzoek’ jongeren gestrest door sociale media</title>
		<link>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/journalistiek-blundert-met-onderzoek-jongeren-gestrest-door-sociale-media/</link>
		<comments>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/journalistiek-blundert-met-onderzoek-jongeren-gestrest-door-sociale-media/#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 09 May 2012 18:00:15 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Linda Duits</dc:creator>
				<category><![CDATA[Analyse]]></category>
		<category><![CDATA[betrouwbaarheid]]></category>
		<category><![CDATA[onderzoek]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.denieuwereporter.nl/?p=25434</guid>
		<description><![CDATA[Deze week luidden de media weer eens de noodklok over jongeren en sociale media. Jongeren krijgen stress van sociale media, zo rapporteerden onder andere  NOS Journaal,Metro en Trouw. De berichten zijn gebaseerd op onderzoek van de Nationale Academie voor Media &#038; Maatschappij. Die naam klinkt heel vertrouwenwekkend, maar heeft met wetenschap niets te maken. Linda Duits fileert het onderzoek en stelt vast dat de journalistiek in een ordinaire PR-stunt is getrapt.]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Deze week luidden de media weer eens de noodklok over jongeren en sociale media. Jongeren krijgen stress van sociale media, zo rapporteerden onder andere  <a href="http://nos.nl/video/370708-jongeren-krijgen-stress-van-sociale-media.html" target="_blank"><em>NOS Journaal</em></a>, <a href="http://www.metronieuws.nl/nieuws/jeugd-lijdt-aan-stress-dankzij-social-media/SrZleh!9LeDUhKK2llGQ/" target="_blank"><em>Metro</em></a> en <a href="http://www.trouw.nl/tr/nl/5133/Media-technologie/article/detail/3252030/2012/05/08/Jeugd-lijdt-aan-stress-door-social-media.dhtml" target="_blank"><em>Trouw</em></a>. De berichten zijn gebaseerd op onderzoek van de <a href="http://www.mediaenmaatschappij.nl/">Nationale Academie voor Media &amp; Maatschappij</a>. Die naam klinkt heel vertrouwenwekkend, maar heeft met wetenschap niets te maken. Het onderzoek achter de berichten mag de naam onderzoek niet dragen, maar is een PR-stunt waarmee twee slimme ondernemers hopen geld te verdienen aan zorgen van opvoeders en overheid.</p>
<p>Het <a href="http://www.mediaenmaatschappij.nl/index.php/publiciteit/persberichten/198-persbericht-onderzoek-jongeren-lijden-aan-social-media-stress-sms-campagne-ikbenoffline-nl-van-start" target="_blank">persbericht</a> heeft een hijgerige toon waarvan de lezer inderdaad gealarmeerd raakt:</p>
<blockquote><p>Uit het meest recente onderzoek van de Nationale Academie voor Media &amp; Maatschappij blijkt dat jongeren tussen 13 en 18 jaar lijden aan een <strong>serieuze</strong> <strong>vorm</strong> van <strong>Social Media Stress</strong> (SMS). De Sociale Media blijken met hun <strong>subtiele stimuli</strong> zoals geluiden, pushberichten, aandacht en beloningen jongeren in hun <strong>greep</strong> te houden. Jongeren geven aan <strong>niet meer zelfstandig</strong> te kunnen stoppen, omdat zij <strong>bang</strong> zijn <strong>buitengesloten</strong> te raken. Wanneer deze angst <strong>ernstige v</strong>ormen aanneemt kan men spreken van FOMO – <strong>Fear</strong> of Missing Out [accenten LD].</p></blockquote>
<p>We bekijken eerst het rapport, dan de auteurs en vervolgens de maatschappelijke implicaties van  dergelijk ‘onderzoek’.</p>
<p><strong>Interpretaties kloppen niet met de resultaten</strong><br />
Het <a href="http://www.mediaenmaatschappij.nl/images/artikelen/PDF/Onderzoekrapportage%20Jongeren%20lijden%20aan%20Social%20Media%20Stress%20(SMS),%20mei%202012.pdf" target="_blank">onderzoeksrapport</a> [PDF] is geen onderzoeksrapport. Zo bevat het geen volledige beschrijving van de methode en is het theoretisch kader ontleend aan <a href="http://nl.wikipedia.org/wiki/Burrhus_Skinner" target="_blank">een wikipediapagina</a> over onderzoek met dieren uit 1930. Bij het lezen van het rapport valt direct op dat de interpretaties van de auteurs niet overeenkomen met de door hen gepresenteerde data. Zo wordt hun belangrijkste conclusie dat jongeren aan stress lijden niet onderbouwd door de cijfers:</p>
<p><img class="size-large wp-image-25438 alignleft" title="grafiek sociale mediastress -560x296" src="http://static.denieuwereporter.nl/wp-content/uploads/2012/05/grafiek-sociale-mediastress-560x296-526x278.jpg" alt="" width="526" height="278" /></p>
<p>&nbsp;</p>
<p>De helft van de jongeren voelt zich dus <em>helemaal niet</em> gestrest als ze niet kunnen bijhouden wat er gebeurt op sociale media. Daarbij: aangeven in een vragenlijst dat je stress hebt is geen diagnose van daadwerkelijke stress. De auteurs operationaliseren dit begrip overigens nergens. Ook op andere plaatsen komen we zulke moedwillige misinterpretaties tegen. Zo voelt 59 procent zich helemaal niet buitengesloten als ze wat missen.</p>
<p><strong>Auteurs vinden jongeren van nu extreem bijzonder</strong><br />
De auteurs hebben opmerkelijk weinig inzicht in jongerencultuur door de jaren heen. Jongeren zijn inderdaad gericht op hun leeftijdsgenoten. Jongeren vergelijken zich inderdaad veel met hun leeftijdsgenoten. Jongeren krijgen inderdaad een goed gevoel wanneer leeftijdsgenoten aardig tegen hen doen. Sinds de jaren ’60 komt dit naar voren uit jeugdonderzoek. Maken sociale media dat erger? Dat is twijfelachtig en kan zeker op basis van deze rapportage niet vastgesteld worden.</p>
<p>Je kunt je daarbij afvragen of sociale media niet druk opleveren voor iedereen. De auteurs beargumenteren dat jongeren bijzonder kwetsbare wezens zijn vanwege hun “niet volledig ontwikkelde prefrontale cortex” (p.10). Dit doet voorkomen alsof de hersenen zodra we volwassen zijn zich niet meer ontwikkelen en alsof leeftijd garant staat voor bescherming tegen externe prikkels.</p>
<p>Een voorbeeld van de opmerkelijke som jongeren+sociale media=eng is het aangehaalde ‘Fear of Missing Out’ (FOMO). Volgens de auteurs is dit in Amerika “een veelbesproken en veelvuldig onderzocht verschijnsel” (p.12). Ze verwijzen daarbij niet naar wetenschappelijke artikelen, maar naar <a href="http://www.jwtintelligence.com/2012/03/report-sxsw-presentation-spotlight-brands-leverage-fomo/" target="_blank">een presentatie</a> op South By South West. Een snelle zoektocht in Google Scholar leert ons dat FOMO bij allerlei groepen wetenschappelijk is onderzocht: <a href="http://tas.sagepub.com/content/10/2-3/259.short" target="_blank">vrouwelijke managers</a>, <a href="http://www.emeraldinsight.com/journals.htm?articleid=853454&amp;show=abstract" target="_blank">koopjesjagers</a>, <a href="http://pierprofessional.metapress.com/content/f3q59404j4t13563/" target="_blank">bejaarden</a>, allemaal <em>niet</em> in de context van sociale media.</p>
<p><strong>Nationale Academie blijkt handig bedrijf</strong><br />
Hoe gezagwekkend en geleerd de naam ‘<a href="http://www.mediaenmaatschappij.nl/">Nationale Academie voor Media &amp; Maatschappij</a>’ ook klinkt, het gaat hier niet om een onafhankelijk onderzoeksinstituut. De website leert ons dat de Academie “een een idealistisch instituut” is. Wat doen ze dan? Diensten verkopen. De initiatiefnemers zijn heel toevallig net een <a href="http://www.mediaenmaatschappij.nl/index.php/nomcopleiding/social-media-professional" target="_blank">cursus Social Media Professional</a> à €495 pp gestart.</p>
<p>Beide initiatiefnemers noemen zich ‘lifecoach’ en zijn met name actief in de verkoop van cursussen op het gebied van mediawijsheid.  Een van de auteurs zit ook achter <a href="http://www.mediarakkers.nl/" target="_blank">Mediarakkers</a>, een stichting die zich richt op “verantwoorde reclame” voor kinderen en die vreemd genoeg <a href="http://www.mediarakkers.nl/index.php?option=com_content&amp;view=category&amp;layout=blog&amp;id=48&amp;Itemid=55" target="_blank">gesponsord wordt</a> door bedrijven als McDonalds, Hasbro en Haribo.</p>
<p><strong>Implicaties voor de maatschappij</strong><br />
Is het erg dat handige ondernemers niet alleen inspelen op maatschappelijke angsten over jongeren en nieuwe media, maar deze ook aanwakkeren om daar geld mee te kunnen verdienen? Het antwoord op die vraag hangt af van persoonlijke morele overwegingen. Het is evenwel belangrijk deze personen te volgen, met name omdat de overheid luistert naar dit soort zelfbenoemde experts. Links en rechts ziet het door hen voorgestelde instrument mediawijsheid als belangrijk onderdeel van hedendaags onderwijs. Er gaat dan ook veel belastinggeld naar dergelijke initiatieven.</p>
<p>De journalisten die dit ‘onderzoek’ als waarheid hebben overgenomen dienen daarom bestraffend toegesproken te worden. Het rapport van 21 pagina’s is zo gelezen en je hebt geen universitaire opleiding of methodologische training nodig om er gaten in te schieten. Vooral de journalisten van het <em>NOS Journaal</em> is dit aan te rekenen, dat een lang maar kritiekloos item maakte.  Journalisten zouden bij deze schimmige marketing-sector vol belangenverstrengeling een rol als waakhond moeten vervullen, niet die van gratis reclamepodium.</p>
<p><em>Dit artikel verscheen eerder op <a href="http://www.dejaap.nl/2012/05/09/journalistiek-blundert-met-onderzoek-jongeren-gestrest-door-sociale-media/">DeJaap.nl</a>.</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/journalistiek-blundert-met-onderzoek-jongeren-gestrest-door-sociale-media/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>14</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Paradox van de journalistieke objectiviteit</title>
		<link>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/paradox-van-de-journalistieke-objectiviteit/</link>
		<comments>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/paradox-van-de-journalistieke-objectiviteit/#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 09 May 2012 06:14:54 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Gerard Smit</dc:creator>
				<category><![CDATA[Onderzoek]]></category>
		<category><![CDATA[objectiviteit]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.denieuwereporter.nl/?p=25393</guid>
		<description><![CDATA[Objectiviteit vormt de grondslag van de journalistiek. Maar wat het precies is, valt moeilijk uit te leggen. Dat leidt tot de veelgehoorde uitspraak dat volledige objectiviteit weliswaar niet bestaat maar dat je er toch naar moet streven. Eigenaardig. Twee recente wetenschappelijke artikelen werpen licht op dit wezenlijke en discutabele begrip. Moeten we er aan vast blijven houden, of er afstand van nemen? Gerard Smit maakt de balans op.]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Objectiviteit is voor journalisten wat gezondheid is voor artsen: op het eerste gezicht een enorme evidentie, maar als je moet uitleggen wat je er mee bedoelt, sta je met een mond vol tanden. Het is onmogelijk om een sluitende definitie van dit soort begrippen te geven. Maar je kunt je wel afvragen hoe professionals zo’n begrip invullen, en wat dat betekent voor de uitoefening van hun beroep.</p>
<p><strong>Realisten en fundamentalisten</strong></p>
<p>In het debat over de waarde van objectiviteit heb je realisten en fundamentalisten (niet negatief bedoeld). De eerste zegt: het is weliswaar niet helemaal duidelijk wat we met objectiviteit bedoelen, maar in de praktijk weten we er goed mee om te gaan, en is het geen probleem om vast te stellen wat het verschil is tussen feit en mening, en wat we bedoelen met onafhankelijkheid. Ook de norm dat je uitspraken op meerdere bronnen moeten berusten, en het toepassen van hoor- en wederhoor blijken werkbare uitwerkingen van het begrip objectiviteit.</p>
<p>De fundamentalist brengt daar tegenin dat feiten altijd verweven zijn met waarden, dat je nooit onafhankelijk kunt zijn, dat hoor-en-wederhoor een zwaktebod is van journalisten die zelf niet uitzoeken hoe de vork in de steel zit, en dat je niets aan meerdere bronnen hebt als die zich allemaal vergissen.</p>
<p>Volgens de fundamentalist is objectiviteit principieel onmogelijk. Als journalist kun je jezelf niet buiten de historische context plaatsen waarin je je bevindt. Daardoor ben je bevooroordeeld en niet onafhankelijk.</p>
<p>Op zijn beurt brengt de realist hier weer tegenin dat dit semantische haarkloverij is waar je in de praktijk geen steek mee opschiet.</p>
<p>Hiermee lijkt de discussie over de vraag naar het nut van objectiviteit in een patstelling beland: wie voor is blijft voor, wie tegen is blijft tegen. En niemand neemt elkaars argumenten serieus.</p>
<p><strong>Onderzoek</strong></p>
<p>Twee recente artikelen over objectiviteit geven een overzicht van de stand van zaken in het debat over objectiviteit.</p>
<p>Het eerste <a href="http://jou.sagepub.com/content/early/2012/04/12/1464884912442286.abstract?rss=1">artikel</a> is van de hand van een aantal Deense onderzoekers die samen met de Nederlander Claes de Vreese onderzoek hebben gedaan naar de relatie tussen de rolopvatting van de journalist en de manier waarop hij of zij het begrip objectiviteit hanteert. Je kunt deze onderzoekers scharen onder de realisten: ze houden zich niet bezig met de vraag of objectiviteit mogelijk is, maar kijken hoe journalisten met objectiviteit omgaan. Ze willen weten of er een verband tussen de rolopvatting van journalisten en de manier waarop zij het begrip objectiviteit hanteren.</p>
<p><strong>Rolopvattingen</strong></p>
<p>Om daar een antwoord op te kunnen geven, onderscheiden ze verschillende rolopvattingen, en visies op objectiviteit. Vervolgens zoeken ze naar relaties tussen die twee.</p>
<p>De onderzoekers onderscheiden vier rolopvattingen die ze construeren door de verschillende opvattingen die journalisten hebben over democratie af te zetten tegen hun al of niet actieve houding (zie schema).</p>
<p>Sommige journalisten vinden dat ze de democratie vooral dienen door de burger te informeren. Dat wordt de representatieve opvatting van democratie genoemd. Ga je ervan uit dat je de democratie dient door ertoe bij te dragen dat burgers zich actief inzetten voor de democratie, dan heb je van doen met de participatieve opvatting van democratie.</p>
<p>Voor beide opvattingen geldt dat je voor het dienen van de democratie zowel passief als actief kunt inzetten.</p>
<p>Zet je die twee onderscheidingen tegen elkaar af, dan krijg je het volgende kwadrant met vier ideaaltypische rolopvattingen. Je wilt als journalist ofwel 1. de werkelijkheid tonen, 2) de macht controleren, 3) een platform voor discussie bieden of 4) het publiek aanzetten tot actie.</p>
<p>&nbsp;</p>
<table border="1" cellspacing="0" cellpadding="0">
<tbody>
<tr>
<td rowspan="2" width="88">
<p align="center"><em><br />
houdin</em>g</p>
</td>
<td colspan="2" valign="top" width="423">
<p align="center"><em>Opvatting democratie</em></p>
</td>
</tr>
<tr>
<td width="196">
<p align="center"><strong>Representatief</strong></p>
</td>
<td width="227">
<p align="center"><strong>Participatief</strong></p>
</td>
</tr>
<tr>
<td width="88">
<p align="center"><strong>Passief</strong></p>
</td>
<td width="196">
<p align="center">1 Werkelijkheid tonen</p>
</td>
<td width="227">
<p align="center">3 Platform bieden</p>
</td>
</tr>
<tr>
<td width="88">
<p align="center"><strong>Actief</strong></p>
</td>
<td width="196">
<p align="center">2 Macht controleren</p>
</td>
<td width="227">
<p align="center">4 Publiek activeren</p>
</td>
</tr>
</tbody>
</table>
<p>&nbsp;</p>
<p>De onderzoekers zijn er zich van bewust dat die rolopvattingen in de praktijk door elkaar kunnen lopen. Voor het onderzoek maakt dat niet uit. Je kunt je nog steeds afvragen: tot welke rol voel je je het meest aangesproken, en welke opvatting over objectiviteit hoort daarbij?</p>
<p><strong>Objectiviteit</strong></p>
<p>Het begrip objectiviteit wordt op de volgende manier onderscheiden. Je kunt het opvatten als ideologie of als gereedschap.  De onderzoekers richten zich op het laatste en maken dan nog de volgende onderscheidingen: 1) scheiden van feit en mening; 2) evenwichtige berichtgeving; 3) nauwkeurigheid en 4) afzien van waardeoordelen.</p>
<p><strong>Resultaten</strong></p>
<p>De uitkomst van het onderzoek is dat journalisten ondanks de kritiek op het begrip objectiviteit het nog steeds als het belangrijkste middel zien om de waarheid te brengen. Maar, zoals de onderzoekers al hadden verwacht, journalisten hebben wel verschillende opvattingen over objectiviteit al naar gelang de rol die ze voor hen zelf zien weggelegd.</p>
<p>Journalisten die vinden dat het vooral hun taak is om de werkelijkheid te tonen, vinden het belangrijk dat je feit en mening scheidt.  Journalisten van het tweede type, de waakhonden, die het als hun taak zien de macht te controleren, benadrukken het belang een evenwichtige en feitelijke berichtgeving. Hetzelfde geldt voor de journalisten die zeggen vooral een platformfunctie te willen bieden.  Alleen journalisten die vinden dat je het publiek tot actie aan moet zetten, staan negatief tegenover objectiviteit. Zij vinden dat je juist wel dat waardeoordelen belangrijk zijn voor de journalistiek.</p>
<p><strong>Analyse</strong></p>
<p><em>So far so good</em>. De auteurs introduceren een analytisch onderscheid dat inzicht geeft in welke rolopvatting past bij welk aspecten van objectiviteit. Interessant. Wat je hier niet uit kunt afleiden is of objectiviteit een zinvol begrip is voor de journalistiek.  Toch doen de auteurs dat wel. Zij concluderen dat objectiviteit nog steeds erg belangrijk is voor de journalistiek omdat veel journalisten erin geloven.</p>
<p>Lees dat nog een keer: objectiviteit is belangrijk, omdat veel journalisten erin geloven. Dat is zoiets als beweren dat God belangrijk is omdat er, ondanks aanhoudende kritiek, nog steeds veel mensen in God geloven. In sociologische zin mag dat zo zijn, maar in het geval van de journalistiek lijkt het argument dat veel journalisten in objectiviteit geloven niet zo’n sterk bewijs voor het belang ervan.</p>
<p><strong>Objectiviteit als vergissing</strong></p>
<p>Wie wel een bewijs probeert te leveren voor het belang van objectiviteit is Juan Ramón Muñoz-Torres. In zijn artikel <em><a href="http://www.tandfonline.com/doi/abs/10.1080/1461670X.2012.662401">Truth and objectivity in journalism</a></em> komt hij tot de conclusie dat het gebruik van het begrip objectiviteit op een vergissing berust en dus maar beter niet meer gebruikt kan worden in de journalistiek. Muñoz-Torres behoort duidelijk tot wat ik de fundamentalistische school heb genoemd: als het begrip niet duidelijk is, moet je het afschaffen.  Zijn bezwaar tegen het begrip objectiviteit komt op het volgende neer.</p>
<p><strong>Het naakte feit bestaat niet</strong></p>
<p>Zoals zoveel andere fundamentalisten op dit vlak beweert de auteur dat op zichzelf staande feiten niet bestaan. Iets kan pas een feit zijn door andere feiten. Wat wij als sterren zien, zagen mensen vroeger als gaten in het firmament waar licht door kwam. De ster als feit kan alleen bestaan bij gratie van ons concept van de kosmos. Of, zoals de filosoof Kant zei: observaties zonder concepten zijn blind.  Een feit is pas een feit als een subject er betekenis aan geeft. Als feiten geen betekenis zouden hebben, zou je ook niet weten welke feiten je als journalist zou moeten selecteren.</p>
<p><strong>Waardevrij selecteren van feiten is onmogelijk </strong></p>
<p>Journalisten verzamelen feiten op grond van wat zij belangrijk vinden. Zonder waardeoordeel kun je geen feiten verzamelen. Anders weet je niet wat belangrijk is en wat niet.</p>
<p><strong>De eis van objectiviteit is in tegenspraak met zichzelf</strong></p>
<p>De uitspraak dat kennis waardevrij moet zijn is in tegenspraak met zichzelf, zegt de auteur. De uitspraak zelf bevat een waardeoordeel en is dus volgens zijn eigen criterium niet waar. Het feit dat hier logisch nog wel over te bakkeleien valt door de introductie van het uitspraken op metaniveau, doet niets af aan de dubieuze grondslag van het objectiviteitsprincipe. De conclusie van Muñoz-Torres is dan ook dat het logisch niet valt vol te houden dat je als journalist objectief behoort te zijn.</p>
<p><strong>Grofvuil</strong></p>
<p>Betekent dit dat het objectiviteitsbeginsel bij het grofvuil kan? Volgens Muñoz-Torres wel. Hij vindt dat er hard gewerkt moet worden aan het ontwikkelen van een ander criterium om de waarheid te brengen. Wat dat moet zijn, weet hij niet, maar het kan toch niet zo zijn, zegt hij, dat een serieuze professie haar manier van werken baseert op een principe dat met zichzelf in tegenspraak is.</p>
<p>Dat klinkt standvastig, maar het is onzin. Een beginsel verwerpen omdat het contradicties bevat, veronderstelt dat er een beginsel bestaat dat daar vrij van is. Dat lijkt ijdele hoop. Elke uitspraak over ware kennis berust op een vergissing, zei Nietzsche al. Dat betekent niet dat je niet meer moet kijken naar wat waar is en wat niet, het betekent dat je ook moet kijken wat jouw manier van waarheidsvinding oplevert. Met andere woorden: wat is het nut van het objectiviteitsbeginsel voor de journalistiek</p>
<p><strong>Betekenis</strong></p>
<p>Het idee van de objectieve journalistiek heeft historisch gezien zijn nut bewezen: het heeft de journalistiek bevrijd van religieuze of partijpolitieke belangen. Er is ook vaak op gewezen dat het belang van objectiviteit in de journalistiek een commercieel belang diende: wie ieders belang zegt te dienen, spreekt in principe een grote groep klanten aan.</p>
<p>Maar nu de strijd met de belangenjournalistiek in onze contreien gestreden is, en iedereen overtuigt lijkt van het nut om het algemeen belang te dienen, dient zich de keerzijde van die objectieve journalistiek aan: het is niet in staat duidelijk te maken wat dat algemeen belang nu precies inhoudt, anders dan het brengen van de waarheid.</p>
<p>Maar welke waarheid? Voor wie en waarom? Daar kan de waardevrije journalist geen antwoord op geven. De journalistiek is door haar eigen uitgangspunt richtingloos geworden. ‘Oordeel zelf,’ zegt de journalist tegen het publiek. ‘Ik breng de feiten, zie maar wat u ermee doet.’ Het probleem is dat niemand daar warm voor loopt. En dat niemand iets kan met feiten waarvan hij niet weet welke betekenis hij daar aan moet geven.</p>
<p>Dat het allemaal nog wel losloopt, komt doordat de journalist impliciet wel degelijk een mening verkondigt. En die mening wordt door de meesten ook wel verstaan. Namelijk: we moeten ons aan de regels van de rechtsstaat houden, rechtvaardig handelen, niet liegen, anderen geen onnodig leed berokkenen, en doen wat anderen van ons mogen verwachten. Maar omdat de journalist objectief wil zijn, spreekt hij het belang van die waarden niet meer uit. De feiten, niet dan de feiten.</p>
<p>Maar dat boeit niet.</p>
<p>Het probleem van de objectiviteitsbeginsel lijkt me niet het beginsel zelf, maar de consequentie die eruit wordt getrokken, namelijk dat je je niet meer expliciet druk maakt om de waarden die je met de objectieve journalistiek in stand wilt houden.</p>
<p>&nbsp;</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/paradox-van-de-journalistieke-objectiviteit/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Grote freelancersdag: show me the money</title>
		<link>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/grote-freelancersdag-show-me-the-money/</link>
		<comments>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/grote-freelancersdag-show-me-the-money/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 08 May 2012 19:23:13 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Redactie</dc:creator>
				<category><![CDATA[Conferentie]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.denieuwereporter.nl/?p=25401</guid>
		<description><![CDATA[Leer tijdens de Grote Freelancersdag op 5 juni hoe je je als freelancer kunt onderscheiden, met onder meer Brenno de Winter, Eric Smit, Ilvy Njiokiktjien en businessplan guru Patrick van der Pijl. Het wordt een dag vol praktijkvoorbeelden en workshops. Daarnaast wordt aan het einde van de dag een journalistiek project beloond met een startkapitaal. [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Leer tijdens de Grote Freelancersdag op 5 juni hoe je je als freelancer kunt onderscheiden, met onder meer Brenno de Winter, Eric Smit, Ilvy Njiokiktjien en businessplan guru Patrick van der Pijl. Het wordt een dag vol praktijkvoorbeelden en workshops. Daarnaast wordt aan het einde van de dag een journalistiek project beloond met een startkapitaal. Heb jij een briljant idee? Doe dan mee!</p>
<p>Dankzij praktische handvaten leer je op de Grote Freelancersdag om: jezelf als merk neer te zetten, toegevoegde waarde te creëren en nieuwe verdienmodellen te ontwikkelen. Alle sprekers zijn zelfstandige ondernemers die ooit als éénpitter zijn begonnen en nu een bloeiend bedrijf hebben. Laat je inspireren door hun verhalen. Tussendoor en na afloop is er volop gelegenheid om collega’s te ontmoeten.</p>
<p><strong>Crowdfunding</strong><br />
Het deelnemersgeld van de Grote Freelancersdag wordt besteed aan een journalistiek project van een van de deelnemers. Stuur vooraf je idee in voor 25 mei en maak kans om een van de drie genomineerden te worden, die op de Grote Freelancersdag hun idee mogen pitchen. Aan het einde van de dag wordt de winnaar bekendgemaakt. Ga <a title="hier" href="http://www.nvj.nl/nieuws/bericht/grote-freelancersdag-win-startkapitaal-voor-je-journalistieke-project/">hier</a> naar de procedure.</p>
<p><strong>Informatie</strong><br />
Locatie: Stadscafé De Observant, Stadhuisplein 7, Amersfoort<br />
Datum en tijd: 09.30 – 17.30 uur</p>
<p>Meer informatie op de <a href="http://www.nvj.nl/nieuws/bericht/grote-freelancersdag-show-me-the-money1/">website van de NVJ</a>.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/grote-freelancersdag-show-me-the-money/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Gratis e-book: Verzameling Artikelen Over Datajournalisiek</title>
		<link>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/gratis-e-book-verzameling-artikelen-over-datajournalisiek/</link>
		<comments>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/gratis-e-book-verzameling-artikelen-over-datajournalisiek/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 08 May 2012 11:46:59 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Jerry Vermanen</dc:creator>
				<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[datajournalistiek]]></category>
		<category><![CDATA[ebooks]]></category>
		<category><![CDATA[Facebook]]></category>
		<category><![CDATA[pay with a tweet]]></category>
		<category><![CDATA[Twitter]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.denieuwereporter.nl/?p=25374</guid>
		<description><![CDATA[Jerry Vermanen heeft het afgelopen jaar een aantal artikelen over datajournalistiek geschreven. Van die verzameling artikelen heeft hij een digitaal boek gemaakt. Gratis als je met een bericht op Twitter of Facebook 'betaalt' en met Creative Commons-licentie.]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Sinds 2011 schrijf ik regelmatig op De Nieuwe Reporter over datajournalistiek. In een jaar tijd bouw je een aardige verzameling kennis op, verspreid over het internet en enkel leesbaar in je browser. Een belachelijk idee, aangezien het vrij eenvoudig is om zelf digitale boeken te maken en verspreiden.</p>
<p>Daar ga ik iets aan veranderen. Ik ga experimenteren met &#8216;self-publishing&#8217;: ik heb een e-book gemaakt, geef het gratis weg en zie wel wat er uit volgt. <strike>Het enige wat ik van je vraag, is om te betalen met een tweet of Facebook-bericht.</strike> Laat weten dat je mijn boek gratis leest, zodat anderen hier ook van horen.</p>
<p><a href="http://goo.gl/PO90o" target="_blank">Klik hier om het e-book te downloaden: rechtermuisknop, opslaan als&#8230;</a></p>
<p>Wat heb je nodig om dit boek te lezen?</p>
<ul>
<li>Een e-reader</li>
<li>Bovenstaand boek (in epub-formaat)</li>
<li>Voor sommige e-readers een programma zoals <a href="http://calibre-ebook.com/" target="_blank">Calibre</a> om epub naar bijvoorbeeld Kindle om te zetten.</li>
<li><a href="http://www.ipadclub.nl/ipad-tips/boeken-in-epub-formaat-installeren-op-de-ipad/" target="_blank">Hier staat uitgelegd</a> hoe je een ePub op een iPad kunt lezen</li>
</ul>
<p>Ik heb mijn e-book overigens met <a href="http://code.google.com/p/sigil/" target="_blank">Sigil</a> opgemaakt. <strike>De betaalknop is van <a href="http://www.paywithatweet.com/" target="_blank">Pay With a Tweet</a></strike>.</p>
<p><strong>EDIT: De Pay With A Tweet-knop is verwijderd. <a href="http://www.jerryvermanen.nl/2012/05/betalen-met-een-tweet-achteraf-wachten-op-waardering/" target="_blank">Lees hier waarom</a>.</strong> </p>
<p>Je kunt het e-book nu <a href="http://goo.gl/PO90o" target="_blank">hier (rechtermuisknop, opslaan als)</a> downloaden.</p>
<p>De aankomende jaren blijf ik dit e-book uitbreiden en aanvullen. Zodra ik een nieuw artikel heb gepubliceerd over datajournalistiek, probeer ik het zo snel mogelijk in een volgende versie te verwerken.</p>
<p><strike>Via bovenstaande link plaats je een bericht op Twitter of Facebook waarin staat dat je dit gratis e-book downloadt. Hierin staat een link naar deze post, waardoor je jouw volgers ook wijst op dit boek.</strike> En ach, wie weet krijg je dit e-book wel via-via. Plaats dan zelf even een berichtje op Twitter of Facebook. Wel zo aardig.</p>
<p>Het enige wat ik van je vraag, is om je aan de <a href="http://creativecommons.org/licenses/by-nc-sa/3.0/nl/" target="_blank">Creative Commons BY-NC-SA licentie</a> te houden: je mag dit boek delen en remixen voor niet-commercieel gebruik als je verwijst naar het origineel en je het product onder dezelfde licentie vrijgeeft.</p>
<p>Ten slotte: laat weten wat je van het e-book en deze publicatiewijze vindt. Laat hieronder een comment achter, mail me op <a href="mailto:jerryvermanen@gmail.com">jerryvermanen@gmail.com</a> of spreek me aan via <a href="https://twitter.com/#!/jerryvermanen" target="_blank">Twitter</a>.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/gratis-e-book-verzameling-artikelen-over-datajournalisiek/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>PR-clowns, journalisten die niet checken en een cynisch publiek</title>
		<link>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/pr-clowns-journalisten-die-niet-checken-en-een-cynisch-publiek/</link>
		<comments>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/pr-clowns-journalisten-die-niet-checken-en-een-cynisch-publiek/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 08 May 2012 07:49:33 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Leendert van der Valk en Mirjam Prenger</dc:creator>
				<category><![CDATA[Gevaarlijk spel]]></category>
		<category><![CDATA[pr]]></category>
		<category><![CDATA[voorlichting]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.denieuwereporter.nl/?p=25388</guid>
		<description><![CDATA[Een jaar geleden verscheen het boek Gevaarlijk Spel, over de invloed die de communicatiesector heeft op de journalistiek. Het boek leidde tot diverse debatten, lezingen en vervolgpublicaties. Wat heeft al die discussie opgeleverd? De ondezoekers Mirjam Prenger en Leendert van der Valk blikken terug.]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Eén onderzoek, 58 stukken op de site van Gevaarlijk Spel, 16 debatten en lezingen in den lande en vele bijdragen van anderen in verschillende media. Na een jaar is het tijd om terug te kijken op de discussie over de verhouding tussen PR &amp; voorlichting en journalistiek die Gevaarlijk Spel heeft willen losmaken. Dat levert enkele nieuwe inzichten op.</p>
<p>Lees verder op <a href="http://gevaarlijkspel.denieuwereporter.nl/de-oogst-van-een-jaar-gevaarlijk-spel/">Gevaarlijk Spel</a>.</p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/pr-clowns-journalisten-die-niet-checken-en-een-cynisch-publiek/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Google kocht YouTube &#8211; hoe nu geld verdienen?</title>
		<link>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/google-kocht-youtube-hoe-nu-geld-verdienen/</link>
		<comments>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/google-kocht-youtube-hoe-nu-geld-verdienen/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 04 May 2012 06:36:22 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Koen Kleijn</dc:creator>
				<category><![CDATA[Achtergrond]]></category>
		<category><![CDATA[609]]></category>
		<category><![CDATA[businessmodellen]]></category>
		<category><![CDATA[verdienmodellen]]></category>
		<category><![CDATA[YouTube]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.denieuwereporter.nl/?p=25306</guid>
		<description><![CDATA[In oktober 2006 kocht Google YouTube voor 1,6 miljard dollar. Het videoplatform heeft 800 miljoen unieke gebruikers per maand en meer dan drie miljard views per dag. Per minuut wordt er 48 uur aan nieuwe video geüpload. Maar hoe gaat YouTube nu geld verdienen?  Door de strijd aan te gaan met televisiezenders. En dus gaat YouTube zelf programma's maken.]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>YouTube is het eerste echte wereldwijde mediaplatform. Het heeft 800 miljoen unieke gebruikers per maand en meer dan drie miljard views per dag. Per minuut wordt er 48 uur aan nieuwe video geüpload. In oktober 2006 kocht Google YouTube voor 1,6 miljard dollar. Binnen een jaar had Google de harde noot van het misbruik van copyright (wie was er verantwoordelijk voor het plaatsen van auteursrechtelijk belast materiaal?) gekraakt; vervolgens moest er worden gekeken naar hoe er met YouTube geld kon worden verdiend.</p>
<p>Die 1,6 miljard lijkt veel, maar de markt is  kolossaal.  De  televisie-industrie  zet wereldwijd zo’n 300 miljard dollar om. In de Verenigde Staten geven adverteerders 60 miljard dollar per jaar uit aan televisiereclame, maar slechts 3 miljard aan reclame rond online video. In 2016 – zo schat Google – zal de helft van alle huishoudens een WiFi-applicatie op zijn televisietoestel hebben, waardoor online kanalen direct de woonkamer in kunnen komen. Dat vormt levensgevaarlijke concurrentie voor de huidige kabel- en televisiemaatschappijen; voor hen zit de enige groei in het kopen of zelf ontwikkelen van web-based kanalen.</p>
<p><strong>Avondje AVRO</strong></p>
<p>Sinds de introductie van televisie bepaalden de programmadirecteuren decennialang wat wij in onze zitkamers te zien kregen. Die tijd is al lang voorbij; het publiek is verschoven van ‘breed’ naar ‘smal’, van het Avondje AVRO naar steeds kleinere, meer specifieke niches. Het nieuwe distributiestelsel, het net, maakt dat mogelijk.</p>
<p>Op YouTube worden die niches steeds kleiner, net als hun publiek – maar het zijn wel publiekjes die precies te identificeren zijn, door marktonderzoekers en reclamemakers. YouTube weet immers precies waar je naar kijkt, wat je kijkgeschiedenis is, welke zoekopdrachten je hebt gedaan, wat je hebt gekocht, waar je je ongeveer bevindt, met wie je bevriend bent, enzovoorts. Dat is goud waard. Maar hoe verdien je er geld mee?</p>
<p><strong>YouTube heeft &#8216;premium content&#8217; nodig</strong></p>
<p>Op televisie is uitzendtijd een schaars goed, en programmering van hoge kwaliteit is zeldzaam en duur om te produceren. Op YouTube is zendtijd onbeperkt, en de content kost YouTube vrijwel niets. YouTube draait op kwantiteit, niet op kwaliteit.</p>
<p>De gemiddelde YouTube-kijker brengt maar 15 minuten per dag door op de site, wat vooralsnog verbleekt bij de vier à vijf uur die de gemiddelde Amerikaan elke dag voor de tv doorbrengt. Ergo: als YouTube zijn kijkers langer op de site zou kunnen vasthouden, dan zou het meer reclamezendtijd kunnen verkopen, maar daarvoor is nodig dat YouTube meer ‘premium content’ biedt, hoogwaardige  programmering  van  het soort waarvoor je nu een abonnement op een kabelkanaal of een dienst als Netflix of Hulu neemt.</p>
<p>De  eigenaren  van  die  hoogwaardige content staan niet te springen om hun dure product zomaar aan YouTube over te doen. En dus gaat YouTube het zelf maken: het verzamelde het afgelopen jaar zelf schrijvers, regisseurs en producenten om eigen content te gaan produceren, en dat voor een honderdtal kanalen die de komende maanden in gebruik zullen worden genomen – een soort YouTV, dus.</p>
<p><strong>&#8216;All it takes is a hit&#8217;</strong></p>
<p>Cruciaal in die ontwikkeling is het overbruggen van de kloof tussen twee sterk verschillende culturen, die van de entertainmentindustrie en het internet, ‘Hollywood’ en ‘Silicon Valley’. De heersende stemming is dat de eigen productie van YouTube niet dure, complexe producten als 24 of C.S.I. zal voortbrengen, laat staan een nieuwe The Soprano’s of The Wire.</p>
<p>Hoewel: ‘All it takes is a hit’, zeggen anderen. Eén klapper op YouTube en het televisielandschap verandert in een slagveld. Anthony Zuiker, schepper van C.S.I., ontwikkelt voor YouTube ‘BlackBox TV’, een kanaal met ‘chiller theatre’.</p>
<p>Zuiker zegt daarover: ‘Deze wereld van online video is de toekomst. Als kunstenaar wil je daar onmiddellijk bij zijn, pionieren. En de tijd is nu. We kennen de amateur-content op het Web, er zijn al gewone omroepproducties die via het Web worden heruitgezonden, maar wij gaan die dingen combineren, en het spel wordt daardoor veel en veel interessanter. Bij een programma als C.S.I. (voor CBS) staan er heel veel koks in de keuken, er zijn heel veel regels en veel bemoeials. Bij YouTube werk ik met een klein ploegje. Er zijn geen regels. Er is alleen de maker, de inhoud, en het publiek.’</p>
<p>________________</p>
<p><em><a href="http://www.denieuwereporter.nl/colofon/609-wit-2/" rel="attachment wp-att-22529"><img class="alignright size-full wp-image-22529" title="609-wit" src="http://static.denieuwereporter.nl/wp-content/uploads/2005/12/609-wit.jpg" alt="" width="150" height="150" /></a>Dit  artikel  is ook verschenen in <a href="http://www.mediafonds.nl/609">609</a>, het magzine van het Mediafonds. Het is  een  sterk  verkorte  bewerking van John Seabrook. Streaming Dreams, YouTube turns pro, dat verscheen in The New Yorker, 16 januari 2012.</em></p>
<p><em>In 609 verscheen ook een artikel van Dana Linssen over de toekomst van de televisie. Ze analyseert welke gevolgen het niet televisiekijken (on demand, uitgesteld, streaming, online) heeft. Is televisie zonder kijkcijfers een utopie of de werkelijkheid van morgen? Het artikel is online te lezen op de website van <a href="http://www.mediafonds.nl/609">609</a>.</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/google-kocht-youtube-hoe-nu-geld-verdienen/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>3</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>De methode Poetin: explosie van meningen leidt niet per se tot meer vrijheid</title>
		<link>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/de-methode-poetin-explosie-van-meningen-leidt-niet-per-se-tot-meer-vrijheid/</link>
		<comments>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/de-methode-poetin-explosie-van-meningen-leidt-niet-per-se-tot-meer-vrijheid/#comments</comments>
		<pubDate>Thu, 03 May 2012 07:50:59 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Leon Willems</dc:creator>
				<category><![CDATA[Analyse]]></category>
		<category><![CDATA[Arabische Lente]]></category>
		<category><![CDATA[egypte]]></category>
		<category><![CDATA[Free Press Unlimited]]></category>
		<category><![CDATA[Freedom House]]></category>
		<category><![CDATA[persvrijheid]]></category>
		<category><![CDATA[Poetin]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.denieuwereporter.nl/?p=25346</guid>
		<description><![CDATA[Vandaag, tijdens de Dag van de Persvrijheid, zal Leon Willems, directeur van Free Press Unlimited, de staat van de persvrijheid wereldwijd belichten. Hij nuanceert het optimisme over de Arabische lente: “Ondanks de betere cijfers van Freedom House, hebben we grote zorgen over de ontwikkelingen in Egypte.” Voor het eerst in tien jaar is de gestage [...]]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p><em>Vandaag, tijdens de Dag van de Persvrijheid, zal Leon Willems, directeur van Free Press Unlimited, de staat van de persvrijheid wereldwijd belichten. Hij nuanceert het optimisme over de Arabische lente: “Ondanks de betere cijfers van Freedom House, hebben we grote zorgen over de ontwikkelingen in Egypte.”<span id="more-25346"></span><br />
</em></p>
<p>Voor het eerst in tien jaar is de gestage vermindering van persvrijheid tot staan gebracht. Dit blijkt uit het <a href="http://www.freedomhouse.org/report-types/freedom-press">Freedom House onderzoek</a> naar persvrijheid wereldwijd. Met name de positieve ontwikkelingen in de Arabische wereld werken door in dit onderzoek. Tunesië, Libië en Egypte laten betere cijfers zien. Maar Arch Puddington, vice-president Research van Freedom House, waarschuwt ook voor al te veel optimisme:</p>
<blockquote><p>“Alleen de situatie in Tunesië ziet er structureel beter uit omdat er wettelijke hervormingen zijn doorgevoerd en de neutraliteit van de nationale televisie sterk verbeterd is. In Libië is eerder sprake van een totale afwezigheid van centraal gezag, waardoor er minder repressie is. Maar garanties voor structurele verbetering zijn er niet, zoals het toenemende geweld tegen journalisten in 2012 al laat zien.”</p></blockquote>
<h2>Zelfcensuur is terug</h2>
<p>Freedom House is vooral bezorgd om Egypte – en terecht. Toen onlangs in Cairo diverse kantoren van buitenlandse mensenrechtenorganisaties, inclusief dat van Freedom House, door de veiligheidsdienst werden gesloten, schreef een groot deel van de Egyptische media daarover vanuit het perspectief van de militaire machthebbers. Kranteneigenaren leggen journalisten beperkingen op, waardoor deze weer in de aloude reflex van zelfcensuur schieten.</p>
<h2>Meer meningen, minder vrijheid</h2>
<p>Toen de menigte op het Tahrirplein erin slaagde om President Mubarak te verdrijven, overheerste de euforie. Via het web is het niet moeilijk jezelf te overtuigen van de grote stappen die gemaakt zijn in Egypte op het gebied van de vrijheid van expressie. Maar die ongebreidelde explosie van meningen en andere vormen van zelfexpressie heeft niet geleid tot democratisering, tot hervorming van de instituten en de wetgeving in Egypte.</p>
<h2>It&#8217;s the economy</h2>
<p>Zelfs de journalistenvakbond blijft een bolwerk van regime pleasers, ondanks de harde inzet van haar jonge bestuurders, waar bijvoorbeeld Free Press Unlimited geregeld mee samenwerkt. De sleutel tot echte verandering ligt in de economische verhoudingen: het merendeel van fabrieken en ondernemingen is in rechtstreeks bezit van het leger of diens officieren. Via de economische lijn kan ze desgewenst de overlevingskraan voor de Egyptenaren open- of dichtdraaien. Voor de militaire machthebbers is controle over de Egyptische staatstelevisie en de spaarzame commerciële televisie een dankbare bron van manipulatie: het overgrote deel van de Egyptenaren is voor haar eerstelijns informatievoorziening volledig afhankelijk van die gelijkgeschakelde televisie. Zij worden niet bereikt door de Twittergeneratie.</p>
<h2>Leren van Poetin</h2>
<p>Er is hier sprake van een negatieve leercurve. Overal ter wereld volgen autocratische heersers de lessen van Poetin. Die draaide in Rusland de relatieve mediavrijheid onder Jeltsin terug. Maar met een slim vernisje: sta websites en sociale media toe, autoriseer een beperkte mate van vrije gedrukte media maar domineer de televisie zonder enige concessie. Poetin beroofde alle Jeltsin-oligarchen van hun televisiestations tenzij ze zijn kant kozen. Zo beheers je de dissidente geluiden: geef ze een plekje onder de zon, maar zorg ervoor dat het grootste deel van de bevolking alleen jouw geluid hoort. Bijkomend voordeel is dat de buitenwereld niet kan zeggen dat er helemaal geen vrijheid is en dus door kan gaan met handel drijven met deze despoten.</p>
<p>Deze methode-Poetin vindt in de hele wereld navolging. Vooral ook in het Midden Oosten. Zonder de afbraak van de greep van het Egyptische leger over de economie is een fundamentele keer ten goede in Egypte niet te verwachten. In die zin gaan de aanstaande verkiezingen in Egypte dan ook niet over hoe Islamitisch de nieuwe president zal zijn, maar of er daadwerkelijke hervorming plaats kan vinden daarna.</p>
<h2>Stappen vooruit, en weer terug</h2>
<p>Turkije laat zien dat afscheid nemen van een militaire dominantie tientallen jaren vergt. En nieuwe machthebbers komen steeds weer in de verleiding de weg naar controle over de bevolking te zoeken via manipulatie van de televisie. In zo’n proces worden meerdere malen stappen vooruit en stappen terug gezet. Laten we dus niet dromen van snelle verandering. De hervorming van een maatschappij vergt een heel scala aan vrijheden en verworvenheden die door alle geledingen van de maatschappij moeten worden omarmd.</p>
<p>Dat vrijheid van meningsuiting, en dus ongelimiteerde toegang tot het internet en persvrijheid, een noodzakelijke voorwaarde is voor de begeleiding van een dergelijk proces behoeft geen betoog. Voor het eerst in tien jaar is de negatieve trend in persvrijheid gebroken. Maar voor structurele verbeteringen moeten we samen met de van persvrijheid verstoken mensen in het Midden Oosten in solidariteit blijven vechten.</p>
<p><em>De Dag van de Persvrijheid begint <a href="http://www.persvrijheid.nl/programma.html">vanmiddag om drie uur</a> in Pakhuis de Zwijger in Amsterdam. Op De Nieuwe Reporter is een livestream te bekijken.</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/de-methode-poetin-explosie-van-meningen-leidt-niet-per-se-tot-meer-vrijheid/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Spoorzoeken op volle zee</title>
		<link>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/spoorzoeken-op-volle-zee/</link>
		<comments>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/spoorzoeken-op-volle-zee/#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 02 May 2012 06:30:20 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Jacqueline Wesselius</dc:creator>
				<category><![CDATA[Interview]]></category>
		<category><![CDATA[609]]></category>
		<category><![CDATA[Amy Ellis Nutt]]></category>
		<category><![CDATA[onderzoeksjournalistiek]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.denieuwereporter.nl/?p=25253</guid>
		<description><![CDATA[Research, research, research. Dat is waar Pulitzerprijswinnaar Amy Ellis Nutt op hamert. soms gaat het om niet meer dan één alinea in het verhaal. Maar die alinea kan wel de toon zetten.'Details geven een verhaal kleur, brengen het tot leven.']]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p style="text-align: right;"><em>[Foto: Patti Sapone]</em></p>
<p><em>Research, research, research. Dat is waar Pulitzerprijswinnaar Amy Ellis Nutt op hamert. soms gaat het om niet meer dan één alinea in het verhaal. Maar die alinea kan wel de toon zetten.&#8217;Details geven een verhaal kleur, brengen het tot leven.&#8217;</em></p>
<p>Amy Ellis Nutt werkt sinds 1997 op de redactie van<a href="http://www.nj.com/starledger/"> The Star-Ledger</a> (New Jersey). Het verhaal waarmee ze in 2011 de Pulitzer Prize won, ‘<a href="http://www.pulitzer.org/works/2011-Feature-Writing">The Wreck of the Lady Mary</a>’, gaat  over  een  oude  vissersboot  die  in maart 2009 tijdens een routinetocht op onverklaarbare wijze naar de bodem van de Atlantische Oceaan verdween. Zeven mannen waren aan boord. Midden in de nacht voelden ze een grote schok, waarna de boot begon te zinken. Drie mannen hadden tijd om hun survivalpak aan te trekken; slechts één overleefde.</p>
<p>Maanden later begonnen de hoorzittingen van de Amerikaanse kustwacht in het kader van het onderzoek naar de ramp. Allerlei oorzaken werden aangevoerd: het slechte onderhoud van de boot, het feit dat de kapitein een paar trekjes van een joint had genomen, een opeenvolging van missers zoals het feit dat de boot, na de Mayday-melding, noch herkend noch gelokaliseerd kon worden. Maar niet die ene oorzaak waarop veel experts op grond van het snelle zinken, de weersomstandigheden en de schade aan de Lady Mary wezen: dat de vissersboot geramd was door een groot vrachtschip, de Cap Beatrice. Hetzelfde jaar werden twee andere vissersboten in die omgeving op dezelfde wijze geramd.</p>
<p>Amy Ellis Nutt sprak tientallen getuigen, nabestaanden en deskundigen. Ze maakte samen met fotograaf/videomaker Andre Malok een tocht op een vergelijkbare vissersboot. Ze las 800 pagina’s documenten van de kustwacht en spitte 2.500 verslagen over incidenten op zee door. In totaal was ze zo’n tien maanden bezig met wat tenslotte een speciale bijlage van 20 pagina’s zou worden.</p>
<p><strong>Nieuwe sokken</strong></p>
<p>Zes van de zeven bemanningsleden van de Lady Mary – vijf uit één familie – kwamen om. De enige overlevende was een Mexicaan die zich aan een stuk hout had vastgeklampt en na uren in zee drijven uit-eindelijk kon worden gered. ‘De zee geeft en de zee neemt’, schrijft Nutt. Haar twintig pagina’s lange verhaal over de ramp met de Lady Mary (uitgegeven als een special, en online in afleveringen) is dan bijna ten einde. Fuzzy Smith en zijn vrouw hebben hun zoons, wier lichamen tenslotte teruggevonden zijn, ten grave gedragen in North Carolina, net ten zuiden van dat deel van New Jersey waar de ramp zich afspeelde.</p>
<p>Geen van Fuzzy’s boten vaart meer uit. Zelf rijdt hij een beetje doelloos rond in zijn oude pickup truck, met achterin nog steeds dat ene paar sokken dat overbleef toen hij zijn dode zoon nieuwe sokken uit een pak van twee had aangetrokken.</p>
<p>Dergelijke details geven een verhaal kleur, brengen het tot leven. Nutt verzamelt ze door de betrokkenen – de overlevende, de getuigen voor zover ze er waren, de nabestaanden, en vele experts – keer op keer opnieuw te ondervragen, maar dan ook nog zonder dat het ze gaat tegenstaan’. Laat ze het verhaal steeds vanuit een andere hoek vertellen, raadt Nutt aan, of vraag ze hun relaas op een ander tijdstip te laten beginnen. Wat at je voor ontbijt? Welke kleren had je aan? Wat deed je precies, en wat moest je normaal gesproken doen op zo’n tocht? Wat deed je een dag eerder? Of tien dagen eerder?</p>
<p>Zo kwam Jose Arias te vertellen over het stuk hout dat uiteindelijk zijn leven zou redden. Dat stuk hout dat hij aan boord had gebracht om iets te repareren, als hij tijd zou hebben, en dat hij dus, toen het schip begon te zinken, blind wist te vinden. ‘Dat’, zei Nutt, ‘was mijn Moby Dick-moment.&#8217;</p>
<p><strong>Stijl en ritme</strong></p>
<p>Ze noemt <a href="http://en.wikipedia.org/wiki/Moby-Dick">Moby Dick</a> niet zonder reden. Herman Melville’s meesterwerk herlezen was een van de eerste dingen die ze deed toen ze het verhaal van de mysterieuze schipbreuk oppikte. Dat was maanden na-dat de ramp zich had voorgedaan, toen de kustwacht in het kader van een onderzoek met hoorzittingen begon en er eindelijk iets over het gebeuren naar buiten kwam.</p>
<p>Dat en achthonderd pagina’s documenten doorploegen, foto’s bekijken, zich technische termen en maritieme kennis eigen maken, en heel veel mensen opzoeken en ondervragen. Moby Dick lezen om het gevoel van de zee te krijgen, het gevoel van de menselijke kwetsbaarheid op zo’n scheepje, én om Melville’s stijl natuurlijk: het ritme van de zee én het ritme van de taal. Nutt: ‘Je moet veel lezen, goede literatuur, om goed te kunnen schrijven.’ Om dezelfde reden leest ze poëzie: vanwege het ritme, de stijl, maar ook omdat in een gedicht heel bondig en mooi zeer complexe zaken worden verteld.</p>
<p>Daarnaast is het uiteraard van belang om de feiten op een rijtje te krijgen, zo volledig mogelijk met alle menselijke én technische details. Van de weersomstandigheden tot pakweg wat kapitein Roy ‘Bobo’ Smith in de voice mail van z’n vriendin zei, vlak voordat de boot ten onder ging. Of wat hij in de pawn shop voor z’n gouden kettinkje had gekregen: 200 dollar.</p>
<p><strong>Geen remsporen</strong></p>
<p>Maar eerst was het zaak om die mensen te pakken te krijgen. De familie Smith was niet moeilijk te vinden, net zo min als die andere opvarende die verdronk, Frank Reyes, eigenlijk kok van beroep, maar met een bijbaan als visser in de magere wintermaanden – zeer tegen de zin van zijn vrouw, die het maar gevaarlijk vond. Om Jose Arias op het spoor te komen, dat was andere koek.</p>
<p>Arias werkte als ‘flexkracht’, dan hier, dan daar. Baas Fuzzy Smith had geen idee waar hij uithing. ‘Vaak hebben mensen als hij zelfs niet lang achtereen hetzelfde mobiele telefoonnummer’, legt Nutt uit. Niettemin was Arias’ verhaal cruciaal: hij was tenslotte de enige overlevende, de enige die kon navertellen wat er gebeurd was, of althans wat hij had meegemaakt op dat schip, waarvan niemand goed kon verklaren waarom het zo snel gezonken was. Want zoals een van de door Nutt geraadpleegde deskundigen het uitdrukte: ‘Er zijn geen remsporen op de oceaan.’ Waar ze zelf aan toevoegt: ‘Er zijn ook geen verkeersregelaars. Grote schepen moeten vaart minderen voor walvissen, dat is de enige regel die ze is opgelegd. Over kleine vissersboten wordt niets gezegd.’</p>
<p>Via via vernam Nutt dat Arias woonde in een voorstadje van Cape May, de thuishaven van de Lady Mary. Twintigduizend inwoners. Ga er maar aan staan. ‘Ik nam aan dat hij, als Mexicaan, katholiek was,’ vertelt Nutt. ‘En dus besloot ik bij de eerste de beste katholieke kerk in dat plaatsje te vragen naar welke kerk Mexicanen daar gingen. Tegenover die kerk bleek een markt te zijn waar veel Mexicanen boodschappen deden.</p>
<p>Op goed geluk vroeg Nutt of iemand hem toevallig kende. Ja, inderdaad, ze kenden hem daar, hij kwam er zeker twee keer per week. Maar niemand wist waar hij woonde. ‘Ik bereidde me er al op voor bij die kerk te gaan kamperen, tot ik hem zag. Toen belde mijn baas. Toevallig had zij net iemand gesproken die wist waar Arias te vinden was. Het bleek net om de hoek te zijn.’</p>
<p><strong>Kijk en luister</strong></p>
<p>Waarmee Nutt maar zeggen wil: de aanhouder wint. Al hoef je niet altijd – zoals in dit geval – tien maanden bezig te zijn om een verhaal rond te krijgen. ‘Soms kan een week, of zelfs een middag, voldoende zijn.’ Maar in alle gevallen luidt haar credo: zoek zo diep mogelijk en zo breed mogelijk. Ga ter plekke kijken. Je leert er altijd van. Kijk en luister.</p>
<p>Voor dit verhaal werkte Nutt samen met een fotograaf/videomaker, tevens grafisch kunstenaar, <a href="http://andremalok.com/">André Malok</a>. Hij vervaardigde een video van 24 minuten over de Lady Mary voor de website van The Star-Ledger.</p>
<p><object id="flashObj" width="486" height="412" classid="clsid:d27cdb6e-ae6d-11cf-96b8-444553540000" codebase="http://download.macromedia.com/pub/shockwave/cabs/flash/swflash.cab#version=6,0,40,0"><param name="flashVars" value="videoId=681778943001&amp;playerID=651974715001&amp;playerKey=AQ~~,AAAAPLMIP6E~,BRrRHTAljlF40NofMDxsColEK-8KEsxy&amp;domain=embed&amp;dynamicStreaming=true" /><param name="base" value="http://admin.brightcove.com" /><param name="seamlesstabbing" value="false" /><param name="allowFullScreen" value="true" /><param name="swLiveConnect" value="true" /><param name="allowScriptAccess" value="always" /><param name="src" value="http://c.brightcove.com/services/viewer/federated_f9?isVid=1" /><param name="flashvars" value="videoId=681778943001&amp;playerID=651974715001&amp;playerKey=AQ~~,AAAAPLMIP6E~,BRrRHTAljlF40NofMDxsColEK-8KEsxy&amp;domain=embed&amp;dynamicStreaming=true" /><param name="allowfullscreen" value="true" /><param name="swliveconnect" value="true" /><param name="allowscriptaccess" value="always" /><param name="pluginspage" value="http://www.macromedia.com/shockwave/download/index.cgi?P1_Prod_Version=ShockwaveFlash" /><embed id="flashObj" width="486" height="412" type="application/x-shockwave-flash" src="http://c.brightcove.com/services/viewer/federated_f9?isVid=1" flashVars="videoId=681778943001&amp;playerID=651974715001&amp;playerKey=AQ~~,AAAAPLMIP6E~,BRrRHTAljlF40NofMDxsColEK-8KEsxy&amp;domain=embed&amp;dynamicStreaming=true" base="http://admin.brightcove.com" seamlesstabbing="false" allowFullScreen="true" swLiveConnect="true" allowScriptAccess="always" flashvars="videoId=681778943001&amp;playerID=651974715001&amp;playerKey=AQ~~,AAAAPLMIP6E~,BRrRHTAljlF40NofMDxsColEK-8KEsxy&amp;domain=embed&amp;dynamicStreaming=true" allowfullscreen="true" swliveconnect="true" allowscriptaccess="always" pluginspage="http://www.macromedia.com/shockwave/download/index.cgi?P1_Prod_Version=ShockwaveFlash" /></object></p>
<p>Ook is hij verantwoordelijk voor alle kaarten, grafieken en andere visuele weergaven van, bijvoorbeeld, technische details. ‘Ik ben heel visueel ingesteld,’ zegt Nutt. ‘Het heeft me enorm geholpen om naar foto’s te kijken of naar de video van Malok. Ook luisteren is belangrijk. Het helpt om je verhaal hardop te lezen, om te zien of het ritme klopt. Ik heb een geweldige eindredacteur, die naast zijn journalistieke werk ook gedichten schrijft. Hij zegt niet alleen: dit stuk moet meer naar achteren, of naar voren, maar ook dingen als: hier moet je langzamer gaan – of juist sneller. Niets helpt zoveel bij het schrijven van een literair-journalistiek verhaal als poëzie.’</p>
<p>Heeft haar verhaal nog iets opgeleverd? Heeft het invloed gehad, bijvoorbeeld op de kustwacht, op veiligheidsregels? Nutt moet even goed nadenken. Dan: ‘Ja. Bij een vergelijkbaar incident, later, is het betrokken vrachtschip onderzocht in de eerstvolgende haven die het aandeed. En niet, zoals bij de Cap Beatrice, het schip dat vermoedelijk de Lady Mary heeft geramd, pas na twee maanden.’</p>
<p>_____________</p>
<p><em><a href="http://www.denieuwereporter.nl/colofon/609-wit-2/" rel="attachment wp-att-22529"><img class="size-full wp-image-22529 alignright" title="609-wit" src="http://static.denieuwereporter.nl/wp-content/uploads/2005/12/609-wit.jpg" alt="" width="150" height="150" /></a></em></p>
<p><em>Dit artikel is ook gepubliceerd in <a href="http://www.mediafonds.nl/609">609</a>, het magazine van het Mediafonds.</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/spoorzoeken-op-volle-zee/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>De grens tussen publiek en privé</title>
		<link>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/de-grens-tussen-publiek-en-prive/</link>
		<comments>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/de-grens-tussen-publiek-en-prive/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 01 May 2012 13:00:20 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Henk Blanken</dc:creator>
				<category><![CDATA[Analyse]]></category>
		<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[Facebook]]></category>
		<category><![CDATA[privacy]]></category>
		<category><![CDATA[social media]]></category>
		<category><![CDATA[sociale media]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.denieuwereporter.nl/?p=25337</guid>
		<description><![CDATA[Wat is publiek en wat is privé? Mogen de media foto’s en informatie van Facebook klakkeloos overnemen of schenden ze dan de privacy? De Vlaamse Raad voor de Journalistiek heeft na de stroom van kritiek op de berichtgeving over het busongeluk in het Zwitserse Sierre een streep getrokken. In een nieuwe richtlijn stelt de Raad dat social media in principe tot het privé-domein behoren, ook als die door iedereen vrij kunnen worden bekeken.]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Wat is publiek en wat is privé? Mogen de media foto’s en informatie van Facebook klakkeloos overnemen of schenden ze dan de privacy? De Vlaamse Raad voor de Journalistiek heeft na de stroom van kritiek op de berichtgeving over het busongeluk in het Zwitserse Sierre een streep getrokken. In een <a href="http://www.rvdj.be/sites/default/files/pdf/journalistieke-code.pdf" target="_blank">nieuwe richtlijn</a> <a href="http://www.knack.be/belga-algemeen/raad-voor-journalistiek-voert-richtlijn-in-voor-gebruik-beeldmateriaal-van-sociale-media/article-4000085436355.htm" target="_blank">stelt</a> de Raad dat social media in principe tot het privé-domein behoren, ook als die door iedereen vrij kunnen worden bekeken.</p>
<p>Dat is nogal een uitspraak. Niet vanwege de specifieke zaak: Belgische kranten als Het Belang van Limburg en Het Laatste Nieuws drukten foto’s van slachtoffertjes van Sierre af. Daarmee schonden ze hun privacy. En dat was ook het geval geweest als die foto’s niet van Facebook waren geplukt. Maar door zo diep in te gaan op de herkomst van de foto’s, <a href="http://www.mediakritiek.be/blog/2012/04/zijn_alle_sites_publiek.html?7addda05552ee45fa3404584daaa7faa2c51c9f2=tau1653li94r4i3f15r779omp5" target="_blank">probeert</a> de Vlaamse Raad ook een van de grootste ethische paradoxen van internet op te lossen.</p>
<p>Vroeger, voor internet dus, was tamelijk duidelijk wat privé was en wat openbaar, wat persoonlijk was en wat publiek. De media – de massamedia – behoorden tot het publieke domein. Brieven, dagboeken en diapresentaties van een schoolreisje waren privé. Nu we elkaar van onze reizen vertellen op social media, is dat veranderd. Die verslagen zijn bedoeld voor onze kleine kring van vrienden, maar kunnen door iedereen worden gevolgd. Ze zijn duidelijk minder privé, maar zijn ze nu ook publiek?</p>
<p><strong>Schemerdomein</strong></p>
<p>In <em>Mediamores</em> heb ik beweerd dat internet een nieuw schemerdomein heeft doen ontstaan dat half-openbaar is, een domein waar het oude onderscheid tussen privé en publiek niet meer zo eenvoudig te maken valt. Het simpele feit dat informatie op internet staat, maakt die nog niet openbaar. Tegelijkertijd zijn we heel anders gaan denken over privacy. We zijn minder terughoudend, laten meer van ons privé-leven zien. Delen, heet dat op social media.</p>
<p>De vraag of informatie – foto’s, video, tekst – op niet afgeschermde social media tot het publieke domein behoort is niet zo categorisch te beantwoorden. Dat iedereen een foto op internet kan zien, betekent nog niet dat er niets verandert als een grote krant hem ook afdrukt. Kennelijk speelt er meer mee. De bedoeling van de maker: gebruikt hij internet om familie en vrienden op de hoogte te houden of zoekt hij een zo groot mogelijk bereik? En het effect van publicatie: wie zijn foto op Facebook zet, is niet meteen een publieke persoonlijkheid – wie op de voorpagina staat van een grote krant staat, is dat wel.</p>
<p><strong>Tripoli</strong></p>
<p>De nieuwe richtlijn van de Vlaamse Raad is goed te vergelijken met de ambtshalve uitspraak van de Nederlandse Raad voor de Journalistiek in de Tripoli-zaak. Met belangrijke verschillen. Zo oordeelde de Nederlandse Raad dat de media de foto mochten laten zien van Ruben, de 9-jarige jongen die als enige de vliegramp overleefde. Met die foto werd zijn privacy geschonden, maar de nieuwswaarde woog zwaarder.</p>
<blockquote><p>De Raad is () van mening dat publicatie van de beelden van Ruben in het ziekenhuisbed,hoezeer ook gemaakt in een besloten ruimte en gepubliceerd zonder toestemming, in dit geval is gerechtvaardigd door de uitzonderlijk grote nieuwswaarde en zeggingskracht van het beeld van de enige overlevende van de vliegramp bij Tripoli. Het beeld van een kleine jongen als enige overlevende van een ramp symboliseert niet alleen de uitzonderlijke tragedie, maar tegelijk de hoop van het overleven. Daarbij speelt ook een rol dat deze beelden via internet al wereldwijd verspreid waren.</p></blockquote>
<p>De Nederlandse uitspraak trok bovendien de aandacht door wat de Raad zei over het telefoongesprek dat De Telegraaf met Ruben voerde. De verslaggeefster kreeg de jongen bij toeval aan de lijn en publiceerde een ‘interview’. Dat ging veel te ver, vond de Raad. De privacy van Ruben werd hier geschonden, en met name zijn recht met rust gelaten te worden.</p>
<p><strong>Hyves</strong></p>
<p>Over het derde element van de ambtshalve uitspraak werd minder geschreven. Juist dat deel gaat over het overnemen van foto’s van social media. In de berichtgeving rond Tripoli werden van Hyves gehaalde portretten gepubliceerd van enkele omgekomen Nederlanders. Dat vond de Raad te ver gaan. Dat de foto’s op Hyves staan, betekent niet per se dat de afgebeelde personen ‘bekende Nederlanders’ zijn geworden.</p>
<p>Anders dan de Vlaamse Raad had de Nederlandse Raad geen nieuwe richtlijn nodig om te besluiten dat de media hier te ver gingen. Privacy is voor de Nederlandse Raad altijd al een <a href="http://www.henkblanken.nl/?p=1480" target="_blank">relatief begrip</a> geweest. De bekendheid die iemand al heeft speelt een rol, net als de grotere bekendheid die hij krijgt doordat zijn foto of naam opduikt in de media. Daarbij kan het gaan om klassieke massamedia, maar ook om internet, ook om social media, waarbij telkens opnieuw ook wordt <a href="http://www.denieuwereporter.nl/2012/03/het-gaat-om-de-afweging-tussen-nieuwswaarde-en-privacy/" target="_blank">afgewogen</a> wat de bedoeling van een site was en het effect van publicatie.</p>
<p>In hun strekking komen de Vlaamse richtlijn en de Nederlandse uitspraak heel dicht bij elkaar. Journalisten moeten terughoudend zijn als het gaat om de privacy van slachtoffers en nabestaanden. Maar de categorische aanpak van de Vlaamse Raad (overnemen van foto’s van social media mag alleen als de journalist aantoont dat er een groot maatschappelijk belang is), is mij te rigoureus. Het is een ‘nee, mits’, waar ik meer zie in een ‘ja, tenzij’.</p>
<p>[Full disclosure: ik ben lid van de Nederlandse Raad voor de Journalistiek en schrijf dit stuk op persoonlijke titel]</p>
<p><em>Dit stuk verscheen eerder op het <a href="http://www.henkblanken.nl/?p=1695" target="_blank">weblog van Henk Blanken</a>.</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/de-grens-tussen-publiek-en-prive/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>4</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Datajournalistiek in Nederland, al twee decennia oud</title>
		<link>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/datajournalistiek-in-nederland-al-twee-decennia-oud/</link>
		<comments>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/datajournalistiek-in-nederland-al-twee-decennia-oud/#comments</comments>
		<pubDate>Tue, 01 May 2012 11:34:10 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Dick van Eijk</dc:creator>
				<category><![CDATA[Achtergrond]]></category>
		<category><![CDATA[609]]></category>
		<category><![CDATA[computer assisted reporting]]></category>
		<category><![CDATA[database_journalistiek]]></category>
		<category><![CDATA[datajournalistiek]]></category>
		<category><![CDATA[seriedatajournalistiek]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.denieuwereporter.nl/?p=25200</guid>
		<description><![CDATA[De serie over datajournalistiek valt wel heel snel van het ene uiterste – ‘datajournalistiek is eeuwenoud’ – in het andere: ‘het idee om in databases naar nieuws te graven werd in Nederland al in 2008 geopperd’ en ‘Deze opkomst van datajournalistiek in Nederland werd ongeveer een jaar geleden ingeluid door de vacature van NU.nl voor een datajournalist’. Daartussen wordt een héél groot stuk geschiedenis overgeslagen. Dat is jammer, want juist in Nederland heeft datajournalistiek een behoorlijke traditie. Wie denkt op nul te moeten beginnen, mist een uitgelezen kans om daarvan te leren.]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>De <a href="http://www.denieuwereporter.nl/tag/seriedatajournalistiek/">serie over datajournalistiek</a> valt wel heel snel van het ene uiterste – ‘datajournalistiek is eeuwenoud’ – in het andere: ‘het idee om in databases naar nieuws te graven werd in Nederland al in 2008 geopperd’ en ‘Deze opkomst van datajournalistiek in Nederland werd ongeveer een jaar geleden ingeluid door de vacature van NU.nl voor een datajournalist’. Daartussen wordt een héél groot stuk geschiedenis overgeslagen. Dat is jammer, want juist in Nederland heeft datajournalistiek een behoorlijke traditie. Wie denkt op nul te moeten beginnen, mist een uitgelezen kans om daarvan te leren.</p>
<p>Wat we nu veelal datajournalistiek noemen stond tot voor kort bekend als <em>computer assisted reporting</em>. De geschiedenis daarvan gaat in Nederland in elk geval terug tot 1993. Nederlandse journalisten behoorden in Europa tot de pioniers op dit terrein, ver voordat hun Britse vakgenoten aan data begonnen te snuffelen. Sterker nog, sommigen hebben dat van hun Nederlandse collega’s geleerd.</p>
<p><strong>Amerikaanse pioniers</strong></p>
<p>Maar het begon in Amerika. De eerste pioniers analyseerden in de tweede helft van de jaren zestig met computers grote hoeveelheden data ten behoeve van nieuwsverhalen. Let wel, dit is bijna vijftien jaar voor de introductie van de IBM PC. De analyses werden ’s nachts en in de weekeinden uitgevoerd op de computers waarop de abonnementenadministratie draaide. Gestaag gingen steeds meer journalisten daarmee aan de gang en zochten ze elkaar op om kennis en data uit te wisselen.</p>
<p>In 1989 leidde dit tot de oprichting van het <a href="http://www.ire.org/nicar/">National Institute for Computer Assisted Reporting</a> (NICAR), een initiatief van de Amerikaanse vereniging van onderzoeksjournalisten IRE (<a href="http://www.ire.org/">Investigative Reporters and Editors</a>). IRE en NICAR organiseren jaarlijks een conferentie over datajournalistiek en verzorgen tientallen trainingen op dit terrein. Die vierdaagse conferenties werden en worden massaal bezocht, soms door meer dan duizend journalisten. In San Jose in 1994 was ik een van de circa 550 deelnemers, en een van de <em>vijf</em> Europeanen. De andere vier kwamen uit Scandinavië.</p>
<p><strong>Datajournalistiek bij NRC Handelsblad</strong></p>
<p>Ik was door <a href="http://www.nrc.nl/"><em>NRC Handelsblad</em></a> naar die conferentie gestuurd, omdat ik daar sinds het voorjaar van 1993 bezig was met datajournalistiek, naast mijn andere werkzaamheden op de binnenlandredactie. Het eerste project ging over het onbekende netwerk van bestuurders in de sociale zekerheid en leidde tot twee grote verhalen in de krant, en later tot een hoofdartikel onder de prachtige kop ‘<a href="http://archief.nrc.nl/index.php/1993/Mei/18/Overig/9/De+wereld+van+Klompien/check=Y">De wereld van Klompien</a>’.</p>
<p>Het tweede project betrof de analyse van verkiezingsuitslagen, die onder meer resulteerde in een pagina met kaarten in de krant op de dag na de Tweede Kamerverkiezingen in mei 1994. Vandaag de dag zijn zulke kaarten gemeengoed, ook in andere media, maar destijds was daarvoor veel inventiviteit en eigen programmeerwerk nodig én vergden ze het uiterste van de rekenkracht van de toenmalige computers. Een commando intikken en dan drie kwartier moeten wachten tot het resultaat was berekend, was niet uitzonderlijk. Gelukkig zijn die tijden voorbij.</p>
<p>In de loop der jaren heeft NRC Handelsblad vele grote en kleine datajournalistieke projecten gedaan, onder meer over het <a href="http://retro.nrc.nl/W2/Lab/EuroVerkiezingen/stemgedrag.html">stemgedrag van Europarlementariërs</a>, de <a href="http://retro.nrc.nl/W2/Nieuws/2000/04/28/Vp/02.html">toekenning van koninklijke onderscheidingen</a>, de spectaculaire <a href="http://vorige.nrc.nl/dossiers/werk_en_loopbaan/nieuwsarchief_tm_2003/article1615628.ece">banengroei in de twee helft van de jaren negentig</a>, <a href="http://vorige.nrc.nl/krant/article1527091.ece">collegevorming na gemeenteraadsverkiezingen,</a> en <a href="http://retro.nrc.nl/W2/Lab/Profiel/Buurten/inhoud.html">goede en slechte buurten in Nederlandse steden</a>. Dit laatste leidde onder meer tot het boek <em>Een atlas van de Nederlandse steden, 2049 buurten vergeleken</em>. Later was ik niet meer de enige bij de krant die zich met zulke projecten bezighield. Met name Arlen Poort heeft mooi werk gedaan, bijvoorbeeld aan de <a href="http://vorige.nrc.nl/dossiers/woningmarkt/achtergronden_en_reportages/article1595935.ece">analyse van de woningmarkt</a>.</p>
<p><strong>Datajournalistiek bij andere media</strong></p>
<p>NRC Handelsblad was de eerste, maar bleef niet lang de enige. <em>Trouw</em> maakt ook al in de jaren negentig naam met datajournalistieke projecten. Marjan Agerbeek werd in 1998 genomineerd voor de Prijs voor Dagbladjournalistiek voor haar project <a href="http://www.trouw.nl/tr/nl/5009/Archief/archief/article/detail/2636867/1997/10/25/Trouw-onderzoek-brengt-werkelijke-prestaties-voortgezet-onderwijs-in-beeld.dhtml">Schoolprestaties</a>. Zij liep die prijs zelf mis – is mijn taxatie – omdat de jury niet begreep wat ze had gedaan. Ook de segregatie in het basisonderwijs en de kwaliteit van het beheer van museumcollecties zijn voorbeelden van haar dataprojecten bij Trouw.</p>
<p>De projecten van <em>Elsevier</em> worden in de serie wel genoemd, maar ook <em>de Volkskrant</em> (onder meer over de honorering van topbestuurders in het bedrijfsleven, en over de kwaliteit van verpleeg- en verzorgingshuizen), het <em>AD</em> en <em>het Onderwijsblad</em> (onder meer ‘<a href="http://www.hoerijkismijnschoolbestuur.nl/protected/archief.php">Hoe rijk is mijn schoolbestuur</a>’, goed voor de Nationale Prijs voor Onderwijsjournalistiek in 2009) timmerden serieus aan de weg met dataprojecten.</p>
<p><strong>Trainingen en opleidingen</strong></p>
<p>Zelf heb ik sinds 1994 in diverse landen trainingen gegeven aan journalisten in het analyseren van data. In de collegezalen van City University in Londen kwamen Britse journalisten zich eind jaren negentig enkele malen laven aan de datakennis van Nederlandse, Zweedse en Deense collega’s. Tot de Europese pioniers behoren behalve ondergetekende Fredrik Laurin en Helena Bengtsson in Zweden, John Bones in Noorwegen, en Nils Mulvad, Tommy Kaas en Flemming Svith in Denemarken.</p>
<p>In sommige journalistenopleidingen in Nederland zit al meer dan tien jaar een component data-analyse, zij het doorgaans facultatief. Peter Verweij aan de School voor de Journalistiek in Utrecht liep hierin voorop. Hij publiceerde samen met Peter Vasterman al in 1994 al een boekje over <em>computer assisted reporting</em>. Ook de postdoctorale opleiding journalistiek aan de Erasmusuniversiteit (PDOJ) bevat al heel lang een of meer dagen training in datajournalistiek.</p>
<p>Dit doet allemaal niets af aan het prachtige werk dat <a href="http://www.guardian.co.uk/"><em>The Guardian</em></a> de laatste jaren heeft laten zien. Maar deze krant was zeker geen voorloper.</p>
<p>Op de eerste Global Investigative Journalism Conference, in 2001 in Kopenhagen, werden vele trainingen en presentaties verzorgd in datajournalistiek. De meeste docenten waren ingevlogen uit Amerika, maar de Nederlandse journalistiek stond met twee sprekers op dit terrein beslist zijn mannetje. Hun presentaties hebben in diverse landen vruchten afgeworpen. Zo is het project Schoolprestaties in nagenoeg identieke vorm herhaald in Finland, en is de analyse van de lintjesregen herhaald in Noorwegen. De Nederlandse datajournalistiek heeft aantoonbaar invloed gehad in andere Europese landen.</p>
<p><strong>Vereniging van Onderzoeksjournalisten</strong></p>
<p>De ervaringen op deze conferentie leidde onder meer tot de oprichting van de <a href="http://www.vvoj.nl/cms/">Vereniging van Onderzoeksjournalisten</a>, de VVOJ, in het voorjaar van 2002. Deze vereniging, die inmiddels ruim zeshonderd leden telt, organiseert elk jaar een tweedaagse conferentie waarin van meet af aan veel aandacht is geweest voor het analyseren van data ten behoeve van nieuwsverhalen.</p>
<p>Sinds vorige jaar wordt de conferentie voorafgegaan door een extra dag die geheel is gewijd aan datajournalistiek. Dit zal ook bij de <a href="http://www.vvoj.nl/cms/conferentie-archief/2012-conferentie-antwerpen/">komende conferentie</a>, midden november in Antwerpen, weer het geval zijn. De vereniging publiceerde in 2003 een <a href="http://www.fondspascaldecroos.org/uploads/documentenbank/1852e70e055bc8615728b85e3d5fe0de.pdf">rapport over lesmethoden voor computer assisted reporting</a>, waarvoor onder meer is onderzocht in hoeverre Amerikaans en Scandinavisch materiaal in Nederland bruikbaar was (en is).</p>
<p><strong>Het verhaal</strong></p>
<p>Tenslotte nog een opmerking over de datavisualisatie. Ik gebruik die term expres om die te onderscheiden van datajournalistiek, omdat een cruciaal aspect van journalistiek ontbreekt in zulke visualisaties: het verhaal. Wat is het nieuws? Dit geldt bijvoorbeeld voor de <a href="http://www.guardian.co.uk/news/datablog/interactive/2011/sep/07/norway-breivik-manifesto-mapped">interactieve graphic</a> die The Guardian maakte van het surfgedrag van Anders Behring Breivik. Prachtig, zonder meer, zowel in esthetisch als in technisch opzicht. Maar wat is de conclusie?</p>
<p><a href="http://www.denieuwereporter.nl/2006/07/waarom-een-goede-definitie-van-journalistiek-belangrijk-is/">Journalistiek is waarheidzoekend verhalen vertellen, primair gericht op burgers</a>. De analyse van data kan daar beslist een waardevolle bijdrage aan leveren. Daarvan zijn ook in Nederland al twintig jaar talloze fraaie voorbeelden te vinden. Het is verheugend dat er de laatste twee jaar weer een paar media bij zijn gekomen die mensen willen vrijmaken voor data-analyse en geloven in de journalistieke mogelijkheden daarvan, zoals <em>Twentsche Courant Tubantia</em>, <em>RTL Nieuws</em> en <em>NU.nl</em>.</p>
<p>Maar het is erg jammer dat degenen die die kansen krijgen zo weinig historisch besef aan de dag leggen en de geschiedenis van hun vak zo veronachtzamen. Want er valt veel te leren van wat reeds gedaan is: over analyse, over gereedschap en data, maar vooral ook over hoe je uit cijfers nieuws haalt voor journalistieke verhalen die ertoe doen, die op de voorpagina staan, en waarover gesproken wordt. Misschien moeten de journalistiekopleidingen maar eens een vak ‘Geschiedenis van de journalistiek’ invoeren.</p>
<p>_____</p>
<p><em><a href="http://www.denieuwereporter.nl/colofon/609-wit-2/" rel="attachment wp-att-22529"><img class="alignright size-full wp-image-22529" title="609-wit" src="http://static.denieuwereporter.nl/wp-content/uploads/2005/12/609-wit.jpg" alt="" width="150" height="150" /></a></em><em>Dit artikel is een reactie op de serie over datajournalistiek die De Nieuwe Reporter in samenwerking met het <a href="http://www.mediafonds.nl/">Mediafonds</a> en <a href="http://www.persinnovatie.nl">Persinnovatie.nl</a> publiceerde.  De serie is voortekomen uit een artikel over datajournalistiek in <a href="http://www.mediafonds.nl/609">609</a>, het magazine van het Mediafonds. De andere delen in deze serie zijn <a href="http://www.denieuwereporter.nl/tag/seriedatajournalistiek/">hier</a> te vinden.</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.denieuwereporter.nl/2012/05/datajournalistiek-in-nederland-al-twee-decennia-oud/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>1</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>Het Data Journalism Handbook is nu beschikbaar</title>
		<link>http://www.denieuwereporter.nl/2012/04/het-data-journalism-handbook-is-nu-beschikbaar/</link>
		<comments>http://www.denieuwereporter.nl/2012/04/het-data-journalism-handbook-is-nu-beschikbaar/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 28 Apr 2012 07:49:25 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Jerry Vermanen</dc:creator>
				<category><![CDATA[Aankondiging]]></category>
		<category><![CDATA[Blog]]></category>
		<category><![CDATA[data journalism handbook]]></category>
		<category><![CDATA[datajournalistiek]]></category>
		<category><![CDATA[ebooks]]></category>
		<category><![CDATA[EJC]]></category>
		<category><![CDATA[Liliana Bounegru]]></category>
		<category><![CDATA[OKF]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.denieuwereporter.nl/?p=25249</guid>
		<description><![CDATA['Hoe kan ik het beste beginnen met datajournalistiek?' Tot nu toe heb ik die vraag moeten beantwoorden met talloze linkjes naar online tutorials, lijsten met tools, een aantal losse adviezen en 'mail me maar als je nog meer vragen hebt'. Vanaf vandaag kan ik die beginnende datajournalisten naar het Data Journalism Handbook verwijzen.]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>&#8216;Hoe kan ik het beste beginnen met datajournalistiek?&#8217; Tot nu toe heb ik die vraag moeten beantwoorden met talloze linkjes naar <a href="http://www.jerryvermanen.nl/2012/01/tutorial-fusion-tables/" target="_blank">online tutorials</a>, <a href="http://www.jerryvermanen.nl/datajournalismlist/" target="_blank">lijsten met tools</a>, <a href="http://www.denieuwereporter.nl/2012/02/vier-lessen-voor-beginnend-datajournalisten/" target="_blank">een aantal losse adviezen</a> en &#8216;mail me maar als je nog meer vragen hebt&#8217;. Vanaf vandaag kan ik die beginnende datajournalisten naar het <a href="http://www.datajournalismhandbook.org/" target="_blank">Data Journalism Handbook</a> verwijzen. En wat kost dat boek? Helemaal niets.</p>
<p>Datajournalisten van onder meer de BBC, the Chicago Tribune, the Guardian, the Financial Times en the New York Times hebben meegeschreven. De Nederlandse inbreng &#8211; over het <a href="http://www.denieuwereporter.nl/2011/09/regiohack-datajournalistiek-in-de-regio-2/" target="_blank">datajournalistieke project RegioHack</a> &#8211; is van ondergetekende.</p>
<p>De webversie van het boek is <a href="http://www.datajournalismhandbook.org/" target="_blank">gratis te lezen</a>. Mocht je toch behoefte hebben aan een papieren versie, dan kun je die later via <a href="http://shop.oreilly.com/product/0636920025603.do" target="_blank">O&#8217;Reilly</a> aanschaffen.</p>
<p>Het Data Journalism Handbook wordt onder gepubliceerd onder <a href="http://creativecommons.org/licenses/by-sa/3.0/" target="_blank">Creative Commons Attribution-ShareAlike</a>. Dat betekent je de inhoud van het boek mag delen en aanpassen als je verwijst naar het origineel en jouw eigen product onder diezelfde licentie vrijgeeft.</p>
<p>Het project begon officieel in <a href="http://www.denieuwereporter.nl/2011/11/mozfest-meeschrijven-aan-het-data-journalism-handbook/" target="_blank">november 2011 tijdens Mozilla Festival</a>, toen het <a href="http://www.ejc.net/" target="_blank">European Journalism Centre</a> en <a href="http://okfn.org/" target="_blank">Open Knowledge Foundation</a> een sessie organiseerden waarin de indeling van het boek werd bepaald. Projectcoördinator <a href="https://twitter.com/#!/bb_liliana" target="_blank">Liliana Bounegru</a> legt uit wat het doel van dit handboek is.</p>
<p><iframe src="http://www.youtube.com/embed/saOqvMt9Xwc" frameborder="0" width="500" height="284"></iframe></p>
<p>Het Data Journalism Handbook is in het Engels geschreven, maar er wordt nog naar vertalers gezocht om het ook in andere talen te publiceren. Interesse in die vertaalklus? <a href="https://docs.google.com/spreadsheet/viewform?formkey=dFl2cDREbUhKN1J2WjhTd1JqRkZmX1E6MQ#gid=0" target="_blank">Je kunt je hier opgeven</a>.</p>
<p>Hieronder de inhoudsopgave van het Data Journalism Handbook.</p>
<p><a href="http://datajournalismhandbook.org/1.0/en/introduction.html" target="_blank"><strong><span style="color: #2e9afe;">INTRODUCTION</span></strong></a></p>
<ul>
<li>What Is Data Journalism? (Paul Bradshaw, Birmingham City University)</li>
<li>Why Journalists Should Use Data (Mirko Lorenz, Deutsche Welle)</li>
<li>Why Is Data Journalism Important? (Various Contributors)</li>
<li>Some Favourite Examples (Various Contributors)</li>
<li>Data Journalism in Perspective (Liliana Bounegru, European Journalism Centre)</li>
</ul>
<p><a href="http://datajournalismhandbook.org/1.0/en/in_the_newsroom.html" target="_blank"><strong><span style="color: #2e9afe;">IN THE NEWSROOM</span></strong></a></p>
<ul>
<li>The ABC’s Data Journalism Play (Wendy Carlisle, Australian Broadcasting Corporation)</li>
<li>Data Journalism at the BBC (Bella Hurrel, BBC News)</li>
<li>How the News Apps Team at Chicago Tribune Works (Brian Boyer, Chicago Tribune)</li>
<li>Behind the Scenes at the Guardian Datablog (Simon Rogers, Guardian)</li>
<li>Data Journalism at the Zeit Online (Sascha Venohr, Zeit Online)</li>
<li>How to Hire a Hacker (Lucy Chambers, Open Knowledge Foundation)</li>
<li>Harnessing External Expertise Through Hackthons (Jerry Vermanen, NU.nl)</li>
<li>Following the Money: Data Journalism and Cross-Border Collaboration (Paul Radu, Organized Crime and Corruption Reporting Project)</li>
<li>Our Stories Come As Code by Lorenz Matzat (OpenDataCity.de)</li>
<li>Kaas &amp; Mulvad: Semi-finished Content for Stakeholder Groups (Mark Lee Hunter and Luk N. Van Wassenhove, INSEAD)</li>
<li>Business Models for Data Journalism (Mirko Lorenz, Deutsche Welle)</li>
</ul>
<p><a href="http://datajournalismhandbook.org/1.0/en/case_studies.html" target="_blank"><strong><span style="color: #2e9afe;">CASE STUDIES</span></strong></a></p>
<ul>
<li>The Opportunity Gap (Scott Klein, ProPublica)</li>
<li>A 9 Month Investigation into European Structural Funds (Cynthia O&#8217;Murchu, Financial Times)</li>
<li>The Eurozone Meltdown (Sarah Slobin, Wall Street Journal)</li>
<li>Covering the Public Purse with OpenSpending.org (Lucy Chambers and Jonathan Gray, Open Knowledge Foundation)</li>
<li>Finnish Parliamentary Elections and Campaign Funding (Esa Mäkinen, Helsingin Sanomat)</li>
<li>Electoral Hack in Realtime (Hacks/Hackers Buenos Aires)</li>
<li>Data in the News: Wikileaks (Simon Rogers, The Guardian)</li>
<li>Mapa76 Hackathon (Mariano Blejman, Hacks/Hackers Buenos Aires)</li>
<li>The Guardian Datablog’s Coverage of the UK Riots (Farida Vis, University of Leicester)</li>
<li>Illinois School Report Cards (Brian Boyer, Chicago Tribune)</li>
<li>Hospital Billing (Steve Doig, Walter Cronkite School of Journalism of Arizona State University)</li>
<li>Care Home Crisis (Cynthia O&#8217;Murchu, Financial Times)</li>
<li>The Tell-All Telephone (Sascha Venohr, Zeit Online)</li>
<li>Which Car Model? MOT Failure Rates (Martin Rosenbaum, BBC)</li>
<li>Bus Subsidies in Argentina (Angélica Peralta Ramos, La Nacion (Argentina))</li>
<li>Citizen Data Reporters (Amanda Rossi, Friends of Januária)</li>
<li>The &#8220;Big Board&#8221; for Election Results (Aron Pilhofer, New York Times)</li>
<li>The Price of Water (Nicolas Kayser Bril, Journalism++)</li>
</ul>
<p><a href="http://datajournalismhandbook.org/1.0/en/getting_data.html" target="_blank"><strong><span style="color: #2e9afe;">GETTING DATA</span></strong></a></p>
<ul>
<li>A Five Minute Field Guide (Various Contributors)</li>
<li>Your Right to Data (Various Contributors)</li>
<li>Wobbing works. Use it! (Brigitte Alfter, Journalismfund.eu)</li>
<li>Getting Data from the Web (Friedrich Lindenberg, Open Knowledge Foundation)</li>
<li>The Web as a Data Source (Pete Warden, Independent Data Analyst and Developer)</li>
<li>Crowdsourcing Data at the Guardian Datablog (Marianne Bouchart, Bloomberg News)</li>
<li>Using and Sharing Data: the Black Letter, Fine Print, and Reality (Mike Linksvayer, Creative Commons)</li>
<li>Anecdotes and War Stories (Various Contributors)</li>
</ul>
<p><a href="http://datajournalismhandbook.org/1.0/en/understanding_data.html" target="_blank"><strong><span style="color: #2e9afe;">UNDERSTANDING DATA</span></strong></a></p>
<ul>
<li>Become Data Literate in 3 Simple Steps (Nicolas Kayser-Bril, Journalism++)</li>
<li>Tips for Working with Numbers in the News (Michael Blastland, Freelance Journalist)</li>
<li>Basic Steps in Working with Data (Steve Doig, Walter Cronkite School of Journalism of Arizona State University)</li>
<li>The £32 Loaf of Bread (Claire Miller, WalesOnline)</li>
<li>Start With the Data, Finish With a Story (Caelainn Barr, Citywire)</li>
<li>Data Stories (Martin Rosenbaum, BBC)</li>
<li>Data Journalists Discuss Their Tools of Choice (Various Contributors)</li>
<li>Using Data Visualisation to Find Insights in Data (Gregor Aisch, Open Knowledge Foundation)</li>
</ul>
<p><a href="http://datajournalismhandbook.org/1.0/en/delivering_data.html" target="_blank"><strong><span style="color: #2e9afe;">DELIVERING DATA</span></strong></a></p>
<ul>
<li>Presenting Data to the Public (Various Contributors)</li>
<li>How to Build a News App (Chase Davis, Center for Investigative Reporting)</li>
<li>News Apps at ProPublica (Scott Klein, ProPublica)</li>
<li>Data Visualisation in Journalism: An Introduction (Sarah Cohen, Duke University)</li>
<li>Using Visualisations to Tell Stories (Geoff McGhee, Stanford University)</li>
<li>Different Charts Tell Different Tales (Brian Suda, (optional.is))</li>
<li>Data Visualisation DIY: our Top Tools (Simon Rogers, The Guardian)</li>
<li>How Data Visualisation is Used at the Most Read Daily Newspaper in Norway (John Bones, Verdens Gang)</li>
<li>Public Data Goes Social (Oluseun Onigbinde, BudgIT Nigeria)</li>
<li>Engaging People Around Your Data (Duncan Geere, Wired UK)</li>
</ul>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.denieuwereporter.nl/2012/04/het-data-journalism-handbook-is-nu-beschikbaar/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
		</item>
		<item>
		<title>De journalistiek redden? Data!</title>
		<link>http://www.denieuwereporter.nl/2012/04/de-journalistiek-redden-data/</link>
		<comments>http://www.denieuwereporter.nl/2012/04/de-journalistiek-redden-data/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 27 Apr 2012 14:22:04 +0000</pubDate>
		<dc:creator>Laura Wismans</dc:creator>
				<category><![CDATA[Verslag]]></category>
		<category><![CDATA[datajournalistiek]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://www.denieuwereporter.nl/?p=25246</guid>
		<description><![CDATA[Kan datajournalistiek redacties redden? Misschien. Maar dan moeten redacties wel hun benadering van nieuws en data veranderen. Zoals het nu gaat wordt het niks. Het expertpanel op de tweede ochtend van de School of Data Journalism op het International Journalism Festival 2012 is het opvallend met elkaar eens.]]></description>
			<content:encoded><![CDATA[<p>Kan datajournalistiek redacties redden? Misschien. Maar dan moeten redacties wel hun benadering van nieuws en data veranderen. Zoals het nu gaat wordt het niks. Het <a href="http://datadrivenjournalism.net/news_and_analysis/how_can_data_journalism_save_your_newsroom">expertpanel</a> op de tweede ochtend van de <a href="http://www.journalismfestival.com/news/the-ijf-school-of-data-journalism/">School of Data Journalism</a> op het International Journalism Festival 2012 is het opvallend met elkaar eens.</p>
<p><a href="http://twitter.com/#!/mirkolorenz">Mirko Lorenz</a> vertelt snel en opgewonden, lijkt zelfs een beetje kwaad. Hij geeft vaak workshops op redacties en is teleurgesteld over de aanpak van datajournalistiek. Hij noemt een aantal tools op waarin je data kunt opslaan waaronder <a href="http://ckan.org/">CKAN</a>. &#8220;Ik kan heel veel tools opnoemen, maar dat heeft geen zin, niemand zal ze gaan gebruiken.&#8221;</p>
<p>Waarom vind hij dit zo jammer? De data gaan verloren nadat ze in een artikel zijn gebruikt. &#8220;En als er dan weer iets gebeurt waarvoor het gebruikt kan worden, blijkt het op de computer van de freelancer te staan die er deze week even niet is. Jammer dan.&#8221; Data moeten toegankelijk opgeslagen worden, zo mogelijk bijgewerkt en gedeeld. Niet alleen kan het dan het efficiëntst gebruikt worden door de redacteuren, maar ook kan het als een bron voor anderen dienen. Een medium moet investeren in betrouwbaarheid. Als men weet dat betrouwbare data bij jou te vinden is, gaat een medium steeds meer als &#8216;hub&#8217; fungeren. Goede data zorgt voor veel siteverkeer. &#8220;Journalism will be a place where you can find trusted data. With that, you can make money. Not easily, but it can.&#8221;</p>
<p><strong>Huzarenstukjes</strong></p>
<p>Aan grote jongens als de New York Times valt voor kleine redacties niet te tippen. Maar <a href="http://twitter.com/#!/pilhofer">Aron Pilhofer</a> vertelt dat ook zij klein zijn begonnen, met drie programmeurs. Ze hebben stevig geïnvesteerd en nu maken ze samen met 14 coders huzarenstukjes waar anderen jaloers naar kijken.</p>
<p>Arons team werkt op de redactievloer, maar de technische CEO is hun baas. De Times bekijkt data niet alleen vanuit journalistiek oogpunt maar ook vanuit een businessperspectief. Hoe? Hij heeft drie voorbeelden.</p>
<p>(1) Ze bouwen hun tools die ze gebruiken voor verhalen uit, zodat het kant en klaar op veel plekken ingezet kan worden. Ideaal voor allerlei verkiezingen.</p>
<p>(2) Ze maken data van bijvoorbeeld belangrijke evenementen toegankelijk, hij vertelt over hun data over de Olympische Spelen. De databoer die dit normaalgesproken verkoopt biedt het rommelig aan. Zij doen dit beter, en verkopen het zelf.</p>
<p>(3) &#8220;Big fat expensive ads.&#8221; Hier noemt hij de Super Bowl als voorbeeld. Ze maakten een interactive en daarnaast maakten ze ruimte voor een advertentie. Ze bleken voor veel mensen een belangrijke bron om real time data te raadplegen. Er volgde veel verkeer. Heel veel. En dat gaf de mogelijkheid om een dikke dure advertentie te plaatsen.</p>
<p>Conclusie: een datacultuur is in opkomst. Het is nog niet af, maar het ontwikkelt wel. En er zijn zeker mogelijkheden voor media. Een ultiem antwoord op de vraag hoe de journalistiek gered kan worden er niet, maar als de houding ten opzichte van data verandert, zullen data een belangrijk deel van het antwoord zijn.</p>
<p><em>Deze post verscheen ook op </em><a href="http://sargasso.nl/?p=151148"><em>Sargasso.nl</em></a><em>.</em></p>
]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://www.denieuwereporter.nl/2012/04/de-journalistiek-redden-data/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
		</item>
	</channel>
</rss>

<!-- Performance optimized by W3 Total Cache. Learn more: http://www.w3-edge.com/wordpress-plugins/

Page Caching using disk: enhanced
Content Delivery Network via static.denieuwereporter.nl

Served from: www.denieuwereporter.nl @ 2012-05-17 04:56:59 -->
